‘Veel meer geld nodig om extreem weer op te vangen’ (NOS journaal)

Er is veel meer geld nodig om landen en gemeenschappen aan te passen aan de gevolgen van klimaatverandering. Het bedrag dat landen wereldwijd daar nu voor uitgetrokken hebben zal moeten vertienvoudigen tot 300 miljard dollar per jaar. Dat staat in het rapport State and Trends in Adaptation, dat is gepubliceerd in aanloop naar een internationale klimaattop die Nederland komende maandag organiseert.

In het rapport van het klimaatinstituut Global Center on Adaptation (GCA) klinkt bezorgdheid over de impact die de coronacrisis heeft op klimaatbeleid. "Klimaatverandering stopt niet als gevolg van covid-19, en dat zou ook niet moeten gelden voor de urgente taak om de mensheid voor te bereiden op een leven met de vele gevolgen van een opwarmende planeet", aldus het rapport. Want klimaatverandering is een "nog grotere existentiële dreiging dan covid-19".

Het GCA is sinds enkele jaren in Nederland gevestigd. Het signaleert dat er afgelopen jaar minder geld werd uitgetrokken voor wat klimaatadaptatie wordt genoemd. Dit wil zeggen: het aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering die sowieso optreden, ook al proberen landen hun uitstoot terug te dringen. Het afgelopen jaar waren ruim 50 miljoen mensen slachtoffer van een recordaantal weersextremen als langdurige droogte, stormen of overstromingen.

'Geen vaccin voor klimaat'

Oud-secretaris-generaal van de VN Ban Ki-moon is betrokken bij het GCA. Op een online briefing voor internationale media deed hij een oproep aan politici om meer actie te ondernemen. "Het klimaat verandert veel sneller en ingrijpender dan we dachten. We zien ernstige bosbranden, langdurige droogte, hevige regenval, smeltend ijs op Antarctica en de Noordpool, en we hebben geen tijd te verliezen."

Ook zei Ban Ki-moon zeer bezorgd te zijn dat de herstelplannen na corona zullen leiden tot een toename van de uitstoot van broeikasgassen. "We moeten goed onthouden: er is geen vaccin om het klimaatprobleem op te lossen."

Unieke kans

Volgens directeur Patrick Verkooijen van het Global Center on Adaptation is het belangrijk om de periode na de coronacrisis goed te benutten. "Nu regeringen biljoenen dollars beginnen te investeren om te herstellen van de pandemie, hebben we een unieke kans om een veerkrachtige en klimaatbestendige toekomst op te bouwen, door klimaatadaptatie te integreren in fiscale stimulerings- en herstelplannen."

Bovendien, zegt hij, betaalt het geld voor adaptatie zich dubbel en dwars terug. "Elke dollar, pond, of euro die wordt geïnvesteerd in klimaatbestendige infrastructuur, vroegtijdige waarschuwingssystemen voor extreem weer, of het herstellen van mangrovebossen levert een hoger investeringsrendement op dan de kosten."

De urgentste uitdaging voor het komend jaar ligt volgens het nieuwe rapport in Afrika. Dat continent heeft ten zuiden van de Sahara problemen met de voedselvoorziening. Als gevolg van onder meer extreem weer en sprinkhanenplagen komt ondervoeding hier het meest voor. Ruim 670 miljoen mensen, oftewel meer dan de helft van de Afrikaanse bevolking, leed afgelopen jaar onder voedselonzekerheid. Dat wil zeggen dat ze niet altijd konden rekenen op voldoende gezond voedsel.

Jongeren en wetenschappers

Buiten de publicatie van het nieuwe rapport doen vandaag ook enkele duizenden wetenschappers een oproep aan de politiek om het klimaat serieuzer te nemen. De mens heeft zich in de geschiedenis altijd al aangepast aan veranderende omstandigheden, zeggen ze. Maar nu is de wereld eenvoudigweg nog onvoldoende voorbereid op de klimaateffecten die zich zullen voordoen.

Ze waarschuwen voor groeiende armoede, watertekorten en toenemende migratie als er te weinig actie wordt ondernomen. De verklaring van de wetenschappers, waar ook vijf Nobelprijswinnaars bij betrokken zijn, wordt verspreid door de Rijksuniversiteit Groningen.

Ook meer dan een miljoen jongeren, afkomstig uit 115 landen, wenden zich tot de politiek. Zij vinden dat er een 'decennium van actie' moet volgen om de oorzaak van klimaatverandering aan te pakken en de wereld klimaatbestendiger te maken. Juist jongeren zullen gedurende hun leven het meest met de gevolgen van klimaatverandering te maken krijgen, zeggen ze.

http://feeds.feedburner.com/~r/nosjournaal/~4/xx-pdfHQkPI

http://feeds.nos.nl/~r/nosjournaal/~3/xx-pdfHQkPI/2365441

Adrienne zit al een week in de rook (Omroep Zeeland)

Voor Adrienne Verburg uit Kortgene is de rust nog niet teruggekeerd. Vorige week vertelde ze over de bosbranden waar ze met haar man middenin zit. Ook deze dagen heeft ze er haar handen vol aan. "We zitten al een week in de rook."

https://www.omroepzeeland.nl/nieuws/125068/Adrienne-zit-al-een-week-in-de-rook

Wissel Van Dissel (Joop)

https://joop.bnnvara.nl/content/uploads/2020/12/ANP-424797625-370x228.jpg

RIVM-directeur Jaap van Dissel komt dit jaar met regelmaat negatief in het nieuws. Zijn eigen RIVM heeft toegegeven dat hij de Tweede Kamer warme broodjes heeft verkocht over veilig onderwijs. Ook de suggestie dat verplegend personeel gebrek aan bescherming te danken heeft aan gebrek aan opleiding streek veel mensen tegen de haren in. Maar de voorzitter van het OMT diskwalificeerde zich al veel eerder.

Professor Van Dissel is de belichaming van het Nederlandse beleid van “maximale controle”. Deze in januari 2020 gekozen strategie werd achter de voordeur “gecontroleerd uitrazen” genoemd. De aanpak komt neer op het tolereren van vlotte verspreiding van het virus, zolang de gezondheidszorg maar toegankelijk blijft en de meest kwetsbare mensen afgeschermd worden van infectie. Mensen die Covid-19 gehad hebben bouwen immuniteit op. Zo ontstaat weerstand in de bevolking, wat op termijn hopelijk controlemaatregelen overbodig maakt.

Deze strategie heeft ons land al zo’n 20.000 doden doen betreuren door miljoenen mensen te laten besmetten. Zelfs de bescheiden beleidsdoelstellingen worden niet gehaald, nu voor de tweede keer ziekenhuizen vol liggen en ouderen in groten getale het leven laten. Het leger wordt ingeschakeld in de verpleeghuizen, en privéklinieken is gevraagd patiënten over te nemen. Een snelle blik op landen als Noorwegen, Nieuw-Zeeland of Zuid-Korea laat zien dat zoveel schade niet nodig is, en ook ons buurland Duitsland verloor relatief maar een fractie van het Nederlandse aantal doden.

De strategie van topwetenschapper Van Dissel is ook nooit wetenschappelijk geweest. Internationale virologen en epidemiologen hebben al vanaf februari in groten getale het verspreidingsbeleid veroordeeld omdat verspreiding teveel sterfte en andere gezondheidsschade veroorzaakt. Controle op een uitbraak bij een hoge infectiegraad is nooit geprobeerd, en dus ook nooit gelukt. Bij luchtweginfecties worden mensen zelden lang immuun, en viruscirculatie brengt mutaties die immuniteit kunnen overwinnen, of zelfs vaccins. Geen van deze wetenschappelijke inzichten was of is controversieel. Althans, in landen waar Van Dissel niet de pandemie-tsaar is.

Van Dissel draagt ook de verantwoordelijkheid voor de inrichting van het Outbreak Management. Hij koos in januari voor een eenzijdig team van vooral microbiologen, de toppers van de ziekenhuislaboratoria. Epidemiologen, economen, gedragswetenschappers of projectmanagementexperts werden niet uitgenodigd in het OMT-kernteam. Het OMT zelf is al een weeffout, want het vervult de rol van wetenschapsraad én van beleidsraad. De voorzitter is ook nog eens RIVM-directeur en stuurt zo de GGD-en aan qua tests, contactonderzoek en vaccinatie (allemaal reuzenprojecten die ook door bijvoorbeeld huisartsen, strijdkrachten of commerciële partijen gedaan hadden kunnen worden). En hij verdedigt het beleid dat het kabinet koos (met Van Dissel als “kompas waarop wij varen”) in de Tweede Kamer en de media. OMT-adviezen waren tot ver in 2020 slechts beschrijvingen van beslissingen die Van Dissel voorbereidde, ’s weekends met het kabinet afstemde en daarna in het OMT bekrachtigde.

De door Van Dissel in het OMT gezette microbiologen Ann Vossen, Jan Kluytmans en Marc Bonten hebben tot ver in de herfst de Covid-tests kunnen concentreren in de kleinere laboratoria van de ziekenhuizen, in plaats van grote commerciële laboratoria. Meerderen van hen hebben daar ook persoonlijk financieel van geprofiteerd. Ondertussen zijn de notulen van het OMT geheim en moeten de leden een geheimhoudingsverklaring tekenen. De minister houdt het RIVM en OMT uit de wind door in de zomer de Wet Openbaarheid Bestuur op te schorten en uiteindelijk in december met grotendeels zwarte pagina’s over de strategiekeuze op de proppen te komen.

Zo ontstond een ongekende concentratie van macht en middelen die goed projectmanagement, openheid en rekenschap onmogelijk maken. Zelfs als Van Dissel briljante strategiekeuzes maakt en begenadigd gezondheidsdiensten kan aansturen, is zoveel petten dragen teveel voor een mens, en falen ingebouwd. En een OMT van microbiologie-labmanagers onder de GGD-opperbaas is niet in staat de beste adviezen te geven voor ons land in zo’n complexe crisis, al zijn ze de besten in hun vak.

Ook heeft Van Dissel al meteen na de keuze (rond 20 januari 2020) om het virus niet te gaan stoppen een moeizame relatie met de waarheid opgebouwd. Zijn opmerkingen dat het virus niet naar Nederland zou komen “omdat er geen directe vlucht naar Wuhan is” klonk toen al even onwaarachtig als de bewering dat carnaval veilig was “omdat je het in kleine groepen viert”. Meerdere keren presenteerde Van Dissel grafieken in het parlement die met trucs lieten zien dat Nederland het relatief goed doet in deze coronacrisis.

Maar de grootste desinformatie betreft de combinatie van asymptomatische besmetting en aerosolen. In de Kamer vertelde Van Dissel dat hij besloot het virus uit te laten razen omdat de data uit China in januari wees op besmettingen die vooral door mensen die weinig tot geen klachten hebben, die dus door uitgeademde zwevende deeltjes ontstaan (want asymptomatische mensen hoesten niet). Omdat je daarom niet weet wie ziek is, is indammen van de uitbraak bijna onmogelijk, en omdat bijna iedereen nauwelijks ziek wordt, is uitrazen relatief onschadelijk. De ervaringen in andere landen toonden echter al gauw aan dat indammen van zo’n taai virus in de 21e eeuw wél kan, en ook dat dit een gevaarlijk virus is dat procenten van de bevolking doodt of zwaar beschadigt.

Van Dissel zat niet alleen fout met die keuze, hij heeft zelfs daarna structureel de rol van mensen zonder klachten en zwevende virusbolletjes ontkend. Al in februari wist de wereld dat mensen zonder klachten vaak infecties opleverden, en de 2 dagen voor het begin van symptomen juist de meest besmettelijke zijn. Het RIVM blijft hier tot op de dag van vandaag afstand houden van de wetenschap. Toen Van Dissel gevraagd werd waarom zei hij “als we asymptomatische besmetting erkennen moeten de restaurants dicht”.

Het patroon van ontkennen van wat hij heel goed wist zien we ook bij gezichtsmaskers en kinderen. In januari zei Van Dissel nog dat maskers kunnen helpen, vooral door mensen voorzichtiger te maken. Na zijn keuze voor het verspreidingsbeleid sloeg dat om naar “geen bewijs voor maskers” en “schijnveiligheid”. Het tegenwerken van maskers ging zelfs zo ver dat het RIVM op de dag dat Nederland eindelijk een maskerplicht kreeg nog de uitvoering probeerde te belemmeren. Kinderen zijn bij luchtweginfecties meestal de belangrijkste verspreiders en de afgelopen maanden waren scholen ook grote infectiehaarden. Maar Van Dissel beweert tot op de dag van vandaag dat kinderen en scholen een beperkte rol spelen in de verspreiding. Een rechtszaak was nodig om het RIVM daarin wat in beweging te krijgen.

De misleiding en desinformatie die in dit dossier vanuit het RIVM en haar directeur Van Dissel zijn gekomen komen niet uit de lucht vallen, en komen ook niet omdat onze overheid vol foute mensen zit. De goedbedoelde (maar goed onverstandige) keuze het griepdraaiboek van stal te halen betekent dat niet het virus het grootste probleem is, maar angst voor het virus. Als mensen massaal bang zijn gaan ze zich isoleren. Ook bij een extreme griepuitbraak kan dat grote schade aan de economie aanbrengen, bijvoorbeeld als elektriciteitscentrales uitvallen door gebrek aan paraat personeel.

Daarmee is het ontkennen van besmetting zonder klachten onderdeel van het beleid, en ruim sterfte en infecties tellen zeker niet. Dat “verontschuldigt” daarmee ook in zekere zin de desinformatie: bij een enorme crisis als deze is liegen goed te verdedigen als het de natie redt. In dit geval dient het helaas een onverstandige en overmoedige beleidskeuze. En zo ontstaat ook schade aan het vertrouwen in het RIVM, dat als verantwoordelijke voor het Rijksvaccinatieprogramma juist drijft op vertrouwen.

De OMT-voorzitter heeft zo ontegenzeggelijk een spoor van vernieling door de maatschappij getrokken. Alles wat hij als OMT-voorzitter en RIVM-directeur heeft gedaan valt onder de directe verantwoordelijkheid van de minister van Volksgezondheid, Hugo de Jonge. Die moet dan ook op een dag verantwoording afleggen over de strategiekeuze en alle schade die daaruit ontstond aan een op enig moment wakker geworden parlement.

Maar Van Dissel is zó bepalend voor het beleid dat hij toch alle kritische aandacht verdient. Zolang hij blijft zitten maakt een serieuze omschakeling in het beleid weinig kans. Zo’n omschakeling zou ook niet geloofwaardig zijn als Van Dissel die uitvoert. Want met de erkenning dat het beleid anders moet volgt de herkenning van de onnodige fouten en schade. Ook is het kabinet erg gevoelig voor politieke druk uit de samenleving, en dus is aantasting van de populariteit van Van Dissel een goede manier om het beleid te doen kantelen. Premier Rutte is politiek vergroeid met Van Dissel en zal hem niet vrijwillig dumpen, maar misschien dat de huidige politieke chaos en de dalende populariteit van het coronabeleid kansen bieden.

https://joop.bnnvara.nl/opinies/wissel-van-dissel

Hoe de steenkoolindustrie de kans op bosbranden in Australië vergroot (NOS Buitenland)

2019 was het warmste jaar ooit gemeten in Australië. In combinatie met de droogte leidde het tot de ergste bosbranden in de geschiedenis van het land. En dat hebben mens èn dier geweten. Er ging een gebied ter grootte van 2,5 keer Nederland in vlammen op. Meer dan 30 mensen en mogelijk 1 miljard dieren kwamen om. De oorzaak: klimaatverandering, zeggen deskundigen.

Van alle landen wereldwijd wordt juist Australië door de klimaatverandering heel kwetsbaar voor natuurrampen. Werk aan de winkel, zou je zeggen, voor de Australische regering. Maar die steekt vooralsnog de kop in het zand.

Want een van de belangrijkste veroorzakers van de CO2-uitstoot daar is heilig: de steenkoolindustrie. De exportcijfers en politieke belangen zijn voor de regering van premier Scott Morrison zo belangrijk, dat ze het klimaatprobleem voor zich uit schuiven.

Correspondent Eva Gabeler gaat een jaar later terug naar het getroffen gebied:

http://feeds.feedburner.com/~r/nosnieuwsbuitenland/~4/BhCJCbS6b8w

http://feeds.nos.nl/~r/nosnieuwsbuitenland/~3/BhCJCbS6b8w/2364611