Stel ecocide strafbaar en stop de vernietiging van de planeet (Joop)

Nu de klimaat- en ecologische crisis wereldwijd om zich heen grijpt, is het tijd het recht daarop aan te passen. Na de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog werden internationale misdrijven als genocide voor het eerst vastgelegd en vervolgd. In 1998 werden in het Statuut van Rome genocide, misdrijven tegen de menselijkheid en oorlogsmisdrijven vastgelegd. In 2002 werd het Internationaal Strafhof in Den Haag ingesteld om deze misdrijven te vervolgen. En in 2010 werd het misdrijf van agressie toegevoegd aan het Statuut van Rome. Om de bedreiging van de klimaat- en ecologische crisis het hoofd te bieden is het tijd ecocide te erkennen als vijfde misdrijf tegen de vrede. Bescherm de Aarde en verander de wet.

https://joop.bnnvara.nl/content/uploads/2020/12/Schermafbeelding-2020-12-28-om-09.28.58-370x260.png

cc-foto: jbdodane

“De planeet kan wel een goede advocaat gebruiken” was het motto van de vorig jaar overleden advocaat Polly Higgins. Haar levenswerk was het internationaal strafbaar stellen van ecocide: “De grootschalige beschadiging, de vernietiging of het verlies van ecosystemen van een bepaald gebied in zodanige mate dat het vreedzaam gebruik van dit gebied door de inwoners ernstig verminderd is of zal worden.” Om dit voor elkaar te krijgen startte zij in 2017 samen met Jojo Mehta de internationale campagne ‘Stop Ecocide’ die sinds 2019 geleid wordt door de in Nederland gevestigde Stop Ecocide Foundation. Stop Ecocide helpt staten die als eerste getroffen worden door de gevolgen van de klimaat- en ecologische crisis met juridisch, strategisch en praktisch advies in de procedure om ecocide strafbaar te stellen.

Hoewel politici al decennia weten van de klimaat- en ecologische crisis nemen ze niet de maatregelen om haar te bestrijden. De wetten van onze landen zijn compleet losgezongen van de wetten van de natuur. Ecocidewetgeving herstelt deze verbinding. Het strafbaar stellen van ecocide zorgt dat bedrijven en overheden wel twee keer zullen nadenken voor ze de planeet schade toebrengen. De belangrijkste functie van ecocidewetgeving is dan ook niet het straffen van degenen die de planeet vervuilen en vernietigen, maar het afschrikken van hen die dit overwegen. Internationale ecocidewetgeving is dé manier om vernietigende en vervuilende bedrijven tot de orde te roepen en overheden te dwingen onze planeet en haar bewoners te beschermen.

Oorspronkelijk zou ecocide gewoon een onderdeel worden van het Statuut van Rome. Maar onder druk van Frankrijk, Engeland en Nederland werd ecocide geschrapt. Frankrijk is hier dit jaar na een burgerberaad van teruggekomen en president Macron pleit nu actief voor ecocidewetgeving. In Nederland heeft Lammert van Raan, Kamerlid voor de Partij voor de Dieren, voor de kerst een initiatiefnota voor het strafbaar stellen van ecocide ingediend in de Tweede Kamer.

Nederland is één van de landen die ecocidewetgeving eerder heeft geblokkeerd en de plek waar het Internationaal Strafhof zetelt. Het zou van grote symbolische waarde zijn als Nederland zich internationaal gaat inzetten voor het strafbaar stellen van ecocide.

Deze zomer kende de wereld hittegolven, droogte, bosbranden, smeltende gletsjers, stormen en overstromingen. Ook de onder andere door ontbossing en onze omgang met dieren veroorzaakte pandemie die over de wereld raast, drukt ons met de neus op de feiten. Actie om de planeet te beschermen kan niet langer op zich wachten. Zoals de Tweede Wereldoorlog leidde tot de oprichting van de Verenigde Naties, de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en internationale gerechtshoven, dwingen de klimaat- en ecologische crises ons om onze planeet juridisch te beschermen. Stel ecocide strafbaar en stop de vernietiging van de planeet!

https://joop.bnnvara.nl/opinies/stel-ecocide-strafbaar-en-stop-de-vernietiging-van-de-planeet

Om de klimaatcrisis aan te pakken moeten docenten aan de slag met de klimaatidentiteit van studenten (Erasmus Magazine)

Onderwijsexpert Ginie Servant-Miklos (EUC) vindt dat studenten meer de natuur in moeten. “Nu we toch niet binnen mogen samenkomen, waarom zetten we de colleges dan niet buiten voort, in plaats van de hele dag naar een beeldscherm te staren?”

https://files.erasmusmagazine.nl/app/uploads/2020/11/19114826/Paper.Project.54-875x656.png

Veel studenten lopen rond met gewetenswroeging en een gevoel van onbehagen, ondanks hun utilitaire redeneringen over duurzaamheid, schrijft onderwijsexpert Ginie Servant-Miklos. Ze denkt dat het helpt als studenten vaker de natuur ingaan. “We moeten ervoor zorgen dat onze studenten vaker naar het bos, de duinen en de hei gaan.”

Met feiten alleen win je de strijd tegen de rampzalige aantasting van het milieu, pandemieën en natuurbranden niet. Ze botsen met onze westerse middenklasse-identiteit. Je verdiepen in klimaatverandering is niet genoeg. Zelfs als je je bewust bent van de invloed van onze identiteit op ons gedrag kom je er niet. Onderwijs dat bijdraagt aan het opnieuw vormen van onze klimaat-identiteit is de enige succesvolle oplossing. Dat blijkt uit mijn postdoctoraal onderzoek dat nu is gepubliceerd in een artikel dat ik samen met mijn EUC-collega Gera Noordzij schreef voor het Journal of Cleaner Production.

Ingrijpende gedragsveranderingen

Ik begon in 2017 aan mijn onderzoeksproject aan de universiteit van Aalborg, vlak na het warmste jaar ooit gemeten. In die tijd hadden we nog niet van Greta gehoord en zeker nog niet van het coronavirus, maar het was wel al duidelijk dat ons een stortvloed aan crises stond te wachten die om ingrijpende gedragsverandering zou vragen. Dat veel ouderen weinig interesse tonen in milieuproblematiek is zorgwekkend, maar niet erg verrassend. Het idee van solidariteit tussen generaties ziet er op papier leuk uit, maar de generatie die bijna alles in de schoot geworpen heeft gekregen – economische welvaart, betaalbare huisvesting, gesubsidieerde zorg – zet geen zoden aan de dijk en zal zijn verdwenen wanneer het klimaatprobleem echt de spuigaten uit begint te lopen. Maar het feit dat veel jonge mensen nog steeds individuele en gezamenlijke keuzes maken die ertoe leiden dat de planeet tijdens hun leven gevaarlijk uit balans zal raken, is iets moeilijker te bevatten.

Ik heb twee groepen studenten onderzocht die onderwijs hebben genoten over de do’s-and-don’ts van een duurzame leefwijze. Eén groep maakte deel uit van een milieuplanningsprogramma van een projectgerichte opleiding in Denemarken. De andere groep bestudeert hier aan EUR duurzaamheid aan de hand van een interdisciplinaire, probleemgerichte leermethode. Ik dacht dat als we de invloed van duurzaamheidsonderwijs op de veranderingen in mentaliteit en gedag bekijken, we conclusies kunnen trekken over jongeren die geen toegang hebben tot dergelijk onderwijs.

Bucketlist

Eerst het goede nieuws: een interdisciplinaire, probleemgerichte, humanistische kijk op de aantasting van het milieu zorgt er zeker voor dat studenten systematisch over hun gedrag gaan nadenken. Studenten die op deze manier over duurzaamheid leerden, waren minder snel geneigd zich te laten meeslepen door technofix-fantasieën en andere groengewassen manieren om de crisis op te lossen. Maar dan het slechte nieuws: zelfs wanneer studenten zich bewust waren van de milieuproblemen en inzicht hadden in de raciale en socio-economische ongelijkheden die ermee samenhangen, waren ze toch niet bereid hun schadelijkste gedrag aan te passen.

Wat gezegd moet worden is dat de meeste van deze studenten duurzamere eetgewoonten ontwikkelden. Ze wilden echter absoluut niets horen over hun reisgewoonten. Het idee dat er een huis, kinderen en een (elektrische) auto moet komen is springlevend, maar komt nu met een Instagramvriendelijke lijst met reisbestemmingen en een bucketlist die voor veel adrenaline en veel milieuvervuiling gaat zorgen. De studenten kwamen met rechtvaardigingen waar de grondleggers van de neoklassieke economie trots op zouden zijn: letterlijke kosten-batenanalyses in termen van nut.

Westerse middenklassehabitus

https://files.erasmusmagazine.nl/app/uploads/2020/11/19114659/Climate-Aware-656x875.png

Welke conclusies heb ik getrokken? De studenten maken zich zorgen om het milieu als onderdeel van een ‘morele identiteit’. Deze morele identiteit is deel van een groter identiteitspakket dat hen met de paplepel is ingegoten. In de sociologie noemen we dit pakket een ‘habitus’. Dit pakket wordt versterkt door al onze interacties op alle vlakken van ons leven: familie, school, verenigingen, enzovoort. Omdat het handig is als we dit pakket een naam geven, noemen we het de ‘westerse middenklassehabitus’. Het is geen klasse in de klassieke Marxistische betekenis van het woord, maar meer een klasse in de praktijk, omdat die het resultaat is van de sociale interacties die we in de loop van de tijd doormaken.

Gezien worden als een moreel persoon, een persoon die goede dingen voor de wereld doet, een persoon die goed is, is een belangrijk onderdeel van dat identiteitspakket. Maar datzelfde geldt voor gezien worden als een kosmopolitisch, werelds, bereisd persoon met een hele reeks interessante ervaringen.

Gewetenswroeging

Wat gebeurt er als die twee in conflict komen? Dat is heel simpel: het wordt een rekensom. Het enige wat de studenten hoeven te doen, is slecht gedrag (d.w.z. vervuilend gedrag) compenseren met goed gedrag, zoals vegetarisch eten. Zelfs dingen die helemaal niets met het milieu te maken hebben tellen mee, zoals een goede vriendin zijn of een goede broer.

Dit proces noem ik ‘onderhandelen’ en er wordt heel, heel veel onderhandeld. Bedrijven weten dat ook en daarom biedt KLM je de mogelijkheid om te compenseren voor je vlucht door bomen te planten. Je weet niet of die bomen ook daadwerkelijk of op een duurzame manier worden geplant, maar deze mogelijkheid is fijn voor de morele rekensom. Maar terwijl we op de knop ‘Compenseren’ klikken, weten we dat er toch iets niet helemaal goed zit.

https://files.erasmusmagazine.nl/app/uploads/2020/11/19114747/Paper.Journal.10-875x656.png

Uit mijn onderzoek blijkt dat studenten wel degelijk met gewetenswroeging en een gevoel van onbehagen rondlopen, ondanks hun utilitaire redeneringen. We weten heus wel dat dit soort gedrag de catastrofale vernietiging van het milieu binnen de komende decennia niet gaat voorkomen. Wat wel gaat helpen zijn grootschalige veranderingen in het systeem, in de gemeenschap en in ons eigen gedrag. Om dat voor elkaar te krijgen, moeten we op elk niveau actief betrokken zijn. Mijn studenten zijn zich bewust van de gigantische kloof tussen de dingen die zij zelf kunnen veranderen en de grote, gezamenlijke veranderingen die moeten plaatsvinden en raken daar vaak van in paniek. Ik probeer die kloof te overbruggen door ze te laten zien dat ze de stap niet in één keer hoeven te maken: er zijn andere manieren die beginnen bij lokale gezamenlijke actie (een gedeelde tuin aanleggen of lid worden van een lokale groene partij bijvoorbeeld) en wereldwijde individuele actie (klimaatwetenschapper, klimaatjournalist of -filmmaker worden) en het makkelijker maken om de stap naar wereldwijde gezamenlijke actie te zetten. We hoeven niet allemaal in één dag in Greta te veranderen.

Buiten college geven

Weten op welke gebieden je betrokken kunt zijn, is niet genoeg. Het identiteitsprobleem moet echt worden opgelost. Mijn suggestie, in navolging van het werk van Susan Clayton, is om studenten te helpen te stoppen morele berekeningen te maken over het milieu. We moeten studenten helpen oprecht om de natuur te gaan geven. En dan heb ik het niet over genieten van de natuur als consument, maar de natuur gaan zien als iets waar wij zelf onderdeel van uitmaken en een betekenisvolle relatie mee kunnen opbouwen. Dat is voor veel van onze jonge stedelingen die nog nooit de handen in de aarde hebben gestoken heel moeilijk.

Een van de reviewers die over ons artikel schreef, vroeg zich af of studenten niet op slag depressief zouden worden als ze zien hoe slecht het met het klimaat is gesteld. Ik denk daar heel anders over. Ik laat me inspireren door bewegingen van inheemse groepen en hoe sterk hun identiteit is verbonden met hun omgeving, de kracht van hun milieuactivisme en hun inzet om veranderingen op ieder niveau door te voeren. Vaak worden hun stemmen niet gehoord, niet in de laatste plaats vanwege racistische vooroordelen (en in sommige gevallen verwoesting die naar genocide neigt, zoals in Brazilië). Maar hun protest dringt in sommige klimaatonderwijskringen door. Ik raad het boek As We Have Always Done van Leanne Simpson ten zeerste aan als je wilt lezen over de klimaatidentiteit en het activisme van inheemse groepen.

https://files.erasmusmagazine.nl/app/uploads/2020/11/19114905/Running-out-of-time-CLIMATE-656x875.png

Onze gesprekken over de verwoesting van het milieu moeten niet theoretisch blijven. We moeten ervoor zorgen dat onze studenten vaker naar het bos, de duinen, de hei en de prairies gaan. Ze moeten zich actief gaan bezighouden met het herstel van de natuur, planten met hun eigen handen opkweken en wilde dieren observeren. Initiatieven als Edible EUR zijn een goed begin, maar er zijn systematische veranderingen in de hele universiteit nodig. En als we toch niet meer binnen mogen samenkomen, waarom zetten we de colleges dan niet buiten voort, in plaats van de hele dag naar een beeldscherm te staren en de natuur nog verder uit het oog te verliezen? Als mijn ideeën over klimaatidentiteit juist zijn, dan is aan het werk gaan in de tuin geen vervanging van persoonlijke en politieke actie, maar een opstap.

Ginie Servant

https://www.erasmusmagazine.nl/2020/11/20/om-de-klimaatcrisis-aan-te-pakken-moeten-docenten-aan-de-slag-met-de-klimaatidentiteit-van-studenten/

Moet de directeur van Shell straks de gevangenis in voor ‘ecocide’? (OneWorld)

https://www.oneworld.nl/app/uploads/2020/10/136226_Bodo-Nigeria--875x492.jpg

Burgers gaan steeds vaker bij de rechter de strijd aan met overheden en bedrijven die het milieu beschadigen. En de Stop Ecocide Foundation wil dat ‘milieumisdaden’ internationaal erkend worden. ‘Wie bij vervuilende bedrijven aan de knoppen draait, kan dan persoonlijk worden vervolgd.’

In Nigeria lekt al zestig jaar lang, elke dag olie op het land en in de rivieren: de grootste olieramp ter wereld. Shell en andere oliebedrijven die deze vervuiling hebben veroorzaakt, hebben tot op de dag van vandaag niets opgeruimd. Van de aanbevelingen voor schadeherstel die de VN negen jaar geleden aan Shell deed, is weinig terecht gekomen. Zou zo’n grootschalige milieubeschadiging strafbaar zijn, dan zaten de bazen van Shell allang achter slot en grendel.

Medewerkers van bedrijven die ecocide plegen kunnen nu niet strafrechtelijk aansprakelijk worden gesteld

Dat is precies waar de Stop Ecocide Foundation voor pleit: misdaden tegen het milieu strafbaar stellen onder de term ‘ecocide’. Volgens Katy Olivia van Tergouw, waarnemend directeur bij de stichting, is de wereldwijde wetgeving er op dit moment niet op gericht de natuur en de ecosystemen effectief te beschermen. “Het is mijn doel om van ecocide een internationale misdaad te maken en de aarde, en al haar bewoners, te beschermen”, zegt Van Tergouw.

De vijfde misdaad

Een grote natuurramp veroorzaakt door de mens, zoals de olieramp in Nigeria, wordt op dit moment niet gezien als een internationaal misdrijf – in tegenstelling tot genocide, oorlogsmisdrijven, misdrijven tegen de menselijkheid en het misdrijf agressie, allen wél internationale misdrijven. Medewerkers van bedrijven die ecocide plegen kunnen dus niet strafrechtelijk aansprakelijk worden gesteld. Als het aan de Stop Ecocide Foundation ligt verandert dat, en wordt ecocide als vijfde internationale misdaad aan dat rijtje toegevoegd. “De mensen die binnen die vervuilende bedrijven op knopjes drukken en verantwoordelijk zijn, kunnen dan persoonlijk worden vervolgd”, legt Van Tergouw uit.

De totstandkoming van het internationaal strafrecht (1998)

Waarom valt ecocide niet al onder het strafrecht? Toen begin jaren 90 de verdragspartijen van het Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof binnen het kader van de Verenigde Naties onderhandelden, werd ecocide wel degelijk overwogen. Uiteindelijk werd het uit het concept geschrapt. De misdaden die nu in het internationale verdrag staan, gelden voor 123 landen. Om ecocide als misdrijf toe te voeren, moet een van deze landen eerst een amendement indienen bij het internationaal strafrecht. De Stop Ecocide Foundation bekijkt momenteel hoe de wet het beste kan worden vormgegeven.

De sneeuwbal blijft rollen

De Stop Ecocide Foundation staat niet alleen in hun missie; van verschillende kanten komt bijval. Vorig jaar riep Paus Franciscus uit dat het vernietigen van de aarde een zonde is en een misdaad zou moeten zijn. Ook hij vindt dat ecocide moet worden opgenomen in het Statuut van Rome. Andere invloedrijke personen als Paul McCartney sloten zich als ‘Aardebeschermer’ aan bij Stop Ecocide, om de campagne te steunen. Topmodel Cara Delevingne moedigt mensen in een video aan om zich aan te melden bij de campagne.

En al die aandacht werpt z’n vruchten af, vertelt Van Tergouw. “Het proces gaat nu heel hard. Er rolt een gigantische sneeuwbal van de berg die we bijna niet meer hoeven te duwen.” Ze is optimistisch over de weg naar nieuwe wetgeving en verwacht dat de ecocide-wetgeving er over drie tot vijf jaar zal zijn.

De overheid doet gewoon te weinig en komt haar verplichtingen niet na

Ondertussen zijn ook andere organisaties bezig om ecologische misdaden via de juridische weg te bestrijden. Belangrijk, vindt ‘klimaatjurist’ Dennis van Berkel; we moeten niet achteroverleunen totdat de ecocidewetgeving er is. Zelf werkt hij aan de klimaatzaak van Urgenda, met als doel om Nederland duurzamer te maken. In juni 2015 won Urgenda, samen met 900 mede-eisers, de zaak tegen de Nederlandse staat. Nederland moet daarom dit jaar 25 procent minder broeikasgassen hebben uitgestoten dan in 1990. Zo’n zaak was nodig, zegt Van Berkel. “De overheid doet gewoon te weinig en komt haar verplichtingen niet na.”

Het succes van de klimaatzaak heeft volgens Van Berkel drie oorzaken. Allereerst legden de advocaten precies uit hoe groot de gevaren van klimaatverandering zijn wanneer er geen verdere maatregelen genomen zouden worden. Daarnaast stelden ze dat het een schending van de mensenrechten is, wanneer de overheid de verplichtingen niet nakomt om de inwoners te beschermen. “Dat argument had nog nooit eerder iemand in de rechtbank gemaakt.” Tot slot benadrukte Urgenda dat de overheid zelf had erkend dat de uitstoot met minimaal 25 procent moest worden verminderd om de opwarming van de aarde tegen te gaan. “Inmiddels weten we dat de gevaarlijke grens veel meer richting de 1,5 graden Celsius ligt. We moeten dus eigenlijk nog sneller naar beneden dan we toen wisten.”

Jongeren

Ook burgers staan niet stil. Zes Portugese jongeren tussen de 8 en 21 jaar oud stapten begin september naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens met een aanklacht tegen 33 landen, waaronder Nederland. Een bijzondere stap, omdat veel klimaatzaken bij de rechter in eigen land beginnen en niet meteen bij het Europees Hof.

De jongeren vinden dat de 33 Europese landen hun toekomst in gevaar brengen en zich te weinig aan het Parijs-akkoord houden. Daarin staat dat landen de opwarming van de temperatuur op aarde moeten beperken tot 2 graden Celsius en daarvoor hun CO2-uitstoot moeten terugdringen.

De jongere generatie ervaart de grootste impact van klimaatverandering

De jongeren begonnen zich te verdiepen in het klimaat na dodelijke bosbranden die Portugal in 2017 teisterden, veroorzaakt door hoge temperaturen. Ze vinden dat landen hun recht op leven schenden door te weinig te doen tegen de klimaatcrisis. Logisch dat jongeren nu naar de rechter stappen, vindt Van Berkel.

“Vooral de jongere generatie ervaart de grootste impact van klimaatverandering.” De politiek wordt bovendien gedreven door kortetermijnbelangen en de belangen en rechten van jongeren worden te weinig behartigd, voegt hij toe. “Maar die rechten hébben ze wel, dat maakt dit een ontzettend krachtige beweging.”

Kolencentrales sluiten

Wat kunnen dergelijke klimaatzaken concreet opleveren? In het geval van het Urgenda-vonnis is het duidelijk: nog dit jaar heeft de staat extra maatregelen doorgevoerd om aan de uitspraak te voldoen. De overheid maakt daarvoor gebruik van het maatregelenpakket dat Urgenda voorlegde; 30 van de 54 maatregelen worden overgenomen en geïmplementeerd.

Als de Portugese jongeren hun zaak winnen, moeten de 33 aangeklaagde landen verplicht actie ondernemen tegen klimaatverandering

Zo worden onder meer kolencentrales gesloten en gaat er meer geld naar hernieuwbare energie. “Hiermee zou het doel gehaald moeten kunnen worden”, zegt Van Berkel. Toch zijn we er nog niet, vindt hij. “Steken we het geld om de economie na de coronacrisis te verbeteren in KLM of in de duurzame economie? De overheid heeft de macht en de middelen om de verandering door te voeren die noodzakelijk is.”

In de Portugese klimaatzaak doen de jongeren een beroep op de mensenrechten en de plicht van het Europees Hof om die na te streven. Dat is nog nooit eerder voorgekomen: een klimaatzaak op grond van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Als de jongeren deze zaak winnen, zullen alle 33 landen verplicht worden om actie te ondernemen tegen klimaatverandering.

Troep opruimen

Met de olieramp in Nigeria als hoofdreden zal ook Shell in december voor de rechter verschijnen. Volgens aanklager Milieudefensie is Shell de grootste vervuiler van Nederland; ze eist daarom dat Shell de olie opruimt en een schadevergoeding betaalt aan de vele getroffen boeren. Het lek heeft namelijk verwoestende effecten gehad op de voedselvoorziening, maar ook de huisvesting en het drinkwater van veel Nigerianen. Naast de schade aan het milieu wordt hier dus ook het mensenrecht geschonden.

De uitspraak in dit proces zal naar verwachting begin 2021 volgen. Als Milieudefensie de zaak wint, zal Shell een schadevergoeding moeten betalen die de boeren compenseert voor de schade. Ook wil Milieudefensie dat Shell haar pijpleidingen beter onderhoudt en de verantwoordelijkheid niet langer afschuift op anderen. ‘Shell moet zelf zijn troep in Nigeria opruimen’, aldus Milieudefensie.

Het nieuwe normaal

Volgens Van Tergouw is het hoog tijd voor de overstap van het huidige systeem naar een groen systeem. “Mensen zijn bang dat de economie zal instorten door grote veranderingen op het gebied van klimaatmaatregelen. Maar het tegendeel is waar”, zegt ze. Het zou juist een enorme positieve impact hebben als alle subsidies die nu nog naar de fossiele industrie gaan (ruim 8 miljard euro per jaar), naar groene energie zouden stromen. Het zal overheden en ceo’s dwingen om beter te handelen. “Als er niet meer op grote schaal ontbost mag worden, dan moeten we wel op zoek gaan naar andere manieren om geld te verdienen.”

Weinig plastic gebruiken, minder lang douchen: daar gaan we het niet mee redden

We zullen moeten wennen aan dat ‘nieuwe normaal’, zegt Van Tergouw. En een nieuw systeem dwingt overheden om hun verantwoordelijkheid te nemen. “De focus ligt nu nog erg op de consument: weinig plastic gebruiken, minder lang douchen. Daar gaan we het niet mee redden, want de echte grote vervuiler is de industrie.”

Van Berkel is het daarmee eens; de coronacrisis laat zien dat er ontzettend veel maatregelen genomen kunnen worden als de urgentie maar groot genoeg is, ziet hij. “De overheid heeft de middelen. Het probleem is veel te groot om zomaar bij de burgers neer te leggen. Ze kunnen dit zelf nooit helemaal oplossen. Vanaf nu moeten we elk jaar zeggen: hoe kunnen we nog een stapje verder?”

‘De natuur vernietigen moet strafbaar worden’

Vandaag in de rechtbank: het klimaat vs de Staat

Nienke Taalman

Het bericht Moet de directeur van Shell straks de gevangenis in voor ‘ecocide’? verscheen eerst op OneWorld.

https://www.oneworld.nl/lezen/klimaat/moet-de-directeur-van-shell-straks-de-gevangenis-in-voor-ecocide/

’Montmartre aan zee’ (Telegraaf)

Wie op het strand van Schoorl aan Zee zit, waant zich niet in de hoofdstad van de provincie Noord-Holland. Dat is de gemeente Bergen ook niet. Toch vergaderen Provinciale Staten van Noord-Holland vanaf augustus in Hotel Zuiderduin in een van Bergens kernen, Egmond aan Zee.

In thuisbasis Paviljoen Welgelegen in Haarlem is het onmogelijk om de 55 statenleden bijeen te laten komen met de door corona voorgeschreven afstand tot elkaar. De Zuiderduinzaal in Egmond aan Zee biedt die gelegenheid wel. „Ook zij zijn ’veilig welkom’, dat is ons motto deze maanden”, vertelt burgemeester Peter Rehwinkel van de gemeente Bergen op het strand van Schoorl aan Zee, een van de andere kernen. Hij is „reuzeblij” met de komst van de provinciale politici.

Kunstenaars

Zo is hij ook verguld met het momenteel volgeboekte hotel Merlet en zijn restaurant met Michelinster in Schoorl van Martin en Carla van Bourgonje. Zij zijn de tweede generatie van een familie die al sinds 1984 velen welkom heette. Graag geziene gasten waren en zijn schrijvers en kunstenaars als Saskia Noort, Joost Zwagerman, Ronald Giphart, Michel Poort, Bart Chabot en Judith Wiersema. Op het strand ontmoet Rehwinkel schilder Peter Smit die met dit tropische weer elke dag vrolijke strand- en zeetaferelen schildert. „Het is net Montmartre aan zee.” Smit heeft momenteel een expositie in Merlet.

Smit maakt net als elke andere strandbezoeker daartoe eerst een prachtige fietstocht door een uniek duingebied, het breedste van ons land. Het klimduin in het centrum van Schoorl, met een hoogte van 51 meter, is door heel Nederland bekend. „Maar weet iedere gast van het dorp ook dat er een tweede klimduin is? En dat het strand van Schoorl aan Zee dat alleen per fiets of lopend te bereiken, misschien wel het allermooiste deel is van de 24 kilometer aan kustlengte van de Noord-Hollandse gemeente? De variëteit tussen de kernen van Bergen is enorm”, vertelt Rehwinkel die zich een waardig ambassadeur toont.

„Ik hou van het minder gepolijste Egmond, waar in deze coronacrisis trots een reuzenrad op de boulevard prijkt. De cultuur van Bergen met zijn prachtige museum Kranenburgh, is me nog veel langer vertrouwd. Nu is er de tentoonstelling Lucht met internationaal spraakmakende kunstenaars als Yoko Ono en de Chinese dissident Ai Weiwei. En evenzeer geniet ik al jaren van het lieflijke Schoorl en Groet, en de soms ruige stranden van Camperduin en Hargen aan Zee.”

Martin van Bourgonje lijkt door te hebben dat de burgemeester door corona ook nog veel níet van zijn gemeente heeft kunnen zien. Hij wijst hem op de immer zichtbare gevolgen van een reeks plaatselijke duinbranden een tiental jaar geleden. Alsof het noodlot ermee speelt, komt juist op deze middag opnieuw een melding van duinbrand binnen. Gelukkig blijkt het dit keer mee te vallen, en kunnen ook bij de burgemeester de schoenen uit en de blote voeten in het zand.

Na de uitbraak van corona opende Merlet al op 24 april weer de deuren. Van Bourgonje was een voorloper in Nederland door voor een roomservice methode te kiezen: à la carte ontbijt, maar ook lunch en viergangendiner werden tot aan de kamerdeur gebracht. Een intelligente heropening, noemde hij het en in dezelfde weken stortte hij zich ook op een speciaal Bevrijdingsdag-project. Met andere restaurateurs realiseerde hij zich dat 75 jaar vrijheid thuis moest worden gevierd. In het Stan Huygens Journaal was te lezen hoe bij zo’n 900 inwoners van de gemeente Bergen luxe 3-gangen-maaltijden werden bezorgd. Ook daarvoor wist hij burgemeester Peter Rehwinkel te charteren. Het hotel is tot september 100 procent vol!

„Martin heeft ondernemen in zijn vingers. Hij steekt de handen uit de mouwen, en weet een coronacrisis te overwinnen met inderdaad intelligente overlevingsstrategieën. En zo draaiden ook andere zaken binnen de kortste keren weer als vanouds. Dat enorme Zuiderduin hotel bezochten we in juni met het college van B&W en had toen al weer nachten op rij een bezettingsgraad van 100 procent. En juist dit slag ondernemers is vaak erg betrokken bij de lokale samenleving.”

Zo blijkt Van Bourgonje ook het Bankje van Joost te hebben gesponsord, op de plek waar de bijna vijf jaar geleden overleden schrijver Joost Zwagerman vaak zat te schrijven. Burgemeester Rehwinkel eert ook de Egmondse ondernemersfamilie De Groot van het Zuiderduin hotel, „omdat zij onlangs een pand casco voor een hospice schonken.”

De zon gaat al bijna onder, wanneer we aan tafel gaan op het terras met adembenemend uitzicht over een pas gemaaide weide en bebossing waarachter Alkmaar moet schuilgaan. Het team van chefkok Jonathan Zandbergen en maître/sommelier Stefan Wierda blijken ook hard te kunnen werken. „Ja, hard werken kunnen ze in deze streek wel”, beaamt Rehwinkel, die zes maanden geleden als waarnemend burgemeester aantrad. „Ik moet in het college en de raad wel eens op de rem trappen. Maar het mooie is dat men met elkaar de afgelopen maanden voor wat bestuurlijke rust heeft gezorgd. En daar krijg ik alleen maar positieve reacties van inwoners en ondernemers op.” De zon ging vervolgens daadwerkelijk onder met rode gloed.

https://www.telegraaf.nl/financieel/316604692/montmartre-aan-zee

De Hazenhut (Wikipedia – Recente wijzigingen)

Nieuwe pagina aangemaakt met '<nowiki>'''De Hazenhut'''</nowiki> was de naam van een boerderij (met logement en tapperij) die vroeger in de Peel was gelegen aan de...'

Nieuwe pagina

<nowiki>'''De Hazenhut'''</nowiki> was de naam van een boerderij (met logement en tapperij) die vroeger in de [[Peel (Nederland)|Peel]] was gelegen aan de oude weg tussen [[Venray (plaats)|Venray]] en [[Bakel]], ter hoogte van [[Vredepeel|Vepeel]].

<br />

== Geschiedenis ==
Omstreeks [[1820]] werd door "Peter van Haesenhorst" uit [[Venray (plaats)|Venray]] een boerderijtje gebouwd op de provinciegrens met [[Noord-Brabant]] en [[Limburg (Nederland)|Limburg]]. Vermoedelijk was het eerder een schaapskooi geweest, die nu tot boerderij werd verbouwd opgetrokken uit stenen, stro en plaggen.

De boerderij was gelegen aan de weg tussen [[Venray (plaats)|Venray]] en [[Bakel]], ter hoogte van de aftakking richting [[Gemert (Gemert-Bakel)|Gemert]]. Deze weg was destijds een van de weinige plaatsen waar men de [[Peel (Nederland)|Peel]] kon oversteken. Vandaar dat "Van Haesenhorst" naast het boerenleven tevens een logement met tapperij startte, waar vele [[Peel (Nederland)|Peelreizigers]] gebruik van maakten. In de kelder van het pand werd illegale jenever gestookt. Al gauw kreeg het pand de bijnaam "Hazenhut".


Na het overlijden van Van Haesenhorst, nam zijn dochter de zaak over en in [[1902]] werd het pand verlaten. Toen in [[1903]] een heidebrand ontstond, vatte de inmiddels leegstaande boerderij vlam en brandde geheel uit. De restanten bleven nog een aantal jaren liggen.

In [[1917]] werd de boerderij circa 1000 meter oostelijker herbouwd door "Johannes Ruypers" uit [[Klimmen (Limburg)|Klimmen]]. Het logement met tapperij werd echter niet voortgezet. Na "Ruypers" werd de boerderij achtereenvolgens bewoond door de families "Hagenaars", "Jacobs" en "Van Vegchel".

Tijdens de [[Tweede Wereldoorlog]] raakte de boerderij ernstig beschadigd. Na herstel van de schade werd het nog bewoond door de familie "Van Tilburg-Emonds" tot de onteigening in het jaar [[1954]].


In dat jaar werd de boerderij en omgeving door de gemeente [[Venray (gemeente)|Venray]] aan het [[Ministerie van Defensie (Nederland)|Ministerie van Defensie]]. Het beboste gebied werd bouwrijp gemaakt voor aanleg van een militair vliegveld, de latere [[Luitenant-generaal Bestkazerne]]. De boerderij werd niet gesloopt, maar verbouwd tot cultuurtechnisch kantoor van de [[ARCADIS|Heidemij]], kantine en opslagplaats.
<br />

== Externe links ==

* [https://www.blikkenemmer.nl/upload/nieuwsbrief%20heemkunde%20rips%2018062010.pdf Nieuwsbrief van Heemkunde De Rips, o.a. over de Hazenhut]
* [http://peelenmaas.rooynet.nl/issue/PEM/1980-10-24/edition/0/page/17?query=MAGERE%20RUNDERLAPPEN%20500%20Gram&sort=pagenumber%20descending&f_issuedate%5B0%5D=1900-01-01T00:00:00Z--%2B100YEARS Krantenartikel over de Hazenhut. Peel en Maas, 7 november 1980]


[[Categorie:Venray]]
[[Categorie:Gemert-Bakel]]
{{DEFAULTSORT:Hazenhut}}
https://nl.wikipedia.org/w/index.php?title=De_Hazenhut&diff=56192235&oldid=0