Brandweer: natuurbranden in Nederland worden onbeheersbaar door klimaatverandering (NOS Binnenland)

Natuurbeheerders moeten hun natuurgebieden de komende jaren anders gaan inrichten. Anders kan de brandweer natuurbranden niet meer onder controle krijgen. Daarvoor waarschuwt Jelmer Dam, nationaal coördinator natuurbrandbeheersing van het Instituut Fysieke Veiligheid. "Het is niet de vraag of natuurbranden in ons land onbeheersbaar worden. Maar wanneer", aldus Dam in Nieuwsuur.

Door de klimaatverandering neemt de brandbaarheid van de natuur toe. De jaartemperaturen liggen hoger, het groeiseizoen wordt langer en er ligt meer dood hout in de bossen. Ook groeit er nu meer dan voorheen vegetatie dat snel vlamvat.

Grote natuurbranden komen vaak tegelijkertijd voor, legt Dam uit. Zoals vorig jaar eind april in de Deurnese Peel in Noord-Brabant, het Nationaal Park De Meinweg in Limburg en een bosbrand in de buurt van Tilburg. "Bij meerdere natuurbranden, die soms dagen kunnen duren, hebben we niet voldoende mensen, niet voldoende water in de buurt en kunnen we nu niet goed ter plekke komen.''

Hierdoor kunnen grote stukken bos of heide in de vlammenzee verloren gaan. Maar het is ook gevaarlijk voor mensen, want de natuur wordt in Nederland druk bezet. "Er staan verpleeghuizen in het bos, campings en psychiatrische inrichtingen'', vult Anton Slofstra aan, commandant Gelderland-Midden en portefeuillehouder natuurbranden bij Brandweer Nederland. "Soms met brandbaar struikgewas tot aan de voordeur. Dat moet echt anders.''

De brandweer probeert grote natuurbranden als het kan te vertragen. Dat ziet er zo uit:

Er moet veel meer gedaan worden aan preventie, benadrukken beiden. Slofstra wil dat er wettelijke voorschriften komen voor natuurgebieden op het gebied van brandveiligheid. "Bij de bouw van huizen, kantoren en fabrieken zijn er strenge regels. Maar voor natuurgebieden ligt er niets.''

In sommige gebieden zijn natuurbeheerders al bezig om aanpassingen te maken. Slofstra waarschuwt dat het niet vrijblijvend moet zijn. "Dit onderwerp moet urgentie krijgen. Ook in politiek Den Haag." Eerder kaartte de Rekenkamer aan dat er te weinig specialisten zijn en materieel om branden in de natuur goed te bestrijden.

Betere bereikbaarheid voor de brandweer kan worden bereikt door de aanleg van bijvoorbeeld meer verharde paden waarover het zware brandweermaterieel kan rijden. Ook het verwijderen van hout en het planten van loofbomen in een naaldbos kan zorgen dat een brand minder snel om zich heen kan slaan en onbeheersbaar wordt.

"Het is een enorme opgave om dit overal voor elkaar te krijgen'', erkent Slofstra. "Zoiets realiseer je niet in een paar maanden of een paar jaar. Daarom zijn er regels nodig. Je wil niet dat iemand over vijf jaar besluit dat het toch niet zo belangrijk is."

'Dood hout zit vol insecten'

Bij Staatsbosbeheer inventariseert Marc Brosschot welke aanpassingen nodig zijn in de natuurgebieden. Hij is doordrongen van de noodzaak maar geeft ook aan dat de wensen van de brandweer soms pijn doen. "Dood hout zit vol met insecten, pissebedden en mossen. Een van onze doelstellingen is biodiversiteit dus we gaan het zeker niet allemaal weghalen.'' Hij zegt dat maatwerk nodig is omdat natuurgebieden (zand, veen en bos) onderling erg verschillen. "Dat vang je niet in één wet.''

Volgens Slofstra is duidelijke wetgeving de oplossing en moet de minister van Veiligheid en Justitie de eindverantwoordelijkheid krijgen. Het ministerie van Veiligheid en Justitie laat weten met het ministerie van LNV te bekijken welke preventieve maatregelen nodig zijn. Dit doen ze samen met provincies, de veiligheidsregio's en natuureigenaren. Ook wordt nagegaan of 'nadere regelgeving bij het beheer van natuurgebieden passend is', aldus een woordvoerder.

NOS op 3 dook afgelopen zomer in het groeiende gevaar van bosbranden in Nederland:

http://feeds.feedburner.com/~r/nosnieuwsbinnenland/~4/zT16tq2Cg18

http://feeds.nos.nl/~r/nosnieuwsbinnenland/~3/zT16tq2Cg18/2383750

Brandweer: natuurbranden in Nederland worden onbeheersbaar door klimaatverandering (Nieuwsuur)

Natuurbeheerders moeten hun natuurgebieden de komende jaren anders gaan inrichten. Anders kan de brandweer natuurbranden niet meer onder controle krijgen. Daarvoor waarschuwt Jelmer Dam, nationaal coördinator natuurbrandbeheersing van het Instituut Fysieke Veiligheid. "Het is niet de vraag of natuurbranden in ons land onbeheersbaar worden. Maar wanneer", aldus Dam in Nieuwsuur.

Door de klimaatverandering neemt de brandbaarheid van de natuur toe. De jaartemperaturen liggen hoger, het groeiseizoen wordt langer en er ligt meer dood hout in de bossen. Ook groeit er nu meer dan voorheen vegetatie die snel vlamvat.

Grote natuurbranden komen vaak tegelijkertijd voor, legt Dam uit. Zoals vorig jaar eind april in de Deurnese Peel in Noord-Brabant, het Nationaal Park De Meinweg in Limburg en een bosbrand in de buurt van Tilburg. "Bij meerdere natuurbranden, die soms dagen kunnen duren, hebben we niet voldoende mensen, niet voldoende water in de buurt en kunnen we nu niet goed ter plekke komen.''

Hierdoor kunnen grote stukken bos of heide in de vlammenzee verloren gaan. Maar het is ook gevaarlijk voor mensen, want de natuur wordt in Nederland druk bezet. "Er staan verpleeghuizen in het bos, campings en psychiatrische inrichtingen'', vult Anton Slofstra aan, commandant Gelderland-Midden en portefeuillehouder natuurbranden bij Brandweer Nederland. "Soms met brandbaar struikgewas tot aan de voordeur. Dat moet echt anders.''

De brandweer probeert grote natuurbranden als het kan te vertragen. Dat ziet er zo uit:

Er moet veel meer gedaan worden aan preventie, benadrukken beiden. Slofstra wil dat er wettelijke voorschriften komen voor natuurgebieden op het gebied van brandveiligheid. "Bij de bouw van huizen, kantoren en fabrieken zijn er strenge regels. Maar voor natuurgebieden ligt er niets.''

In sommige gebieden zijn natuurbeheerders al bezig om aanpassingen te maken. Slofstra waarschuwt dat het niet vrijblijvend moet zijn. "Dit onderwerp moet urgentie krijgen. Ook in politiek Den Haag." Eerder kaartte de Rekenkamer aan dat er te weinig specialisten zijn en materieel om branden in de natuur goed te bestrijden.

Betere bereikbaarheid voor de brandweer kan worden bereikt door de aanleg van bijvoorbeeld meer verharde paden waarover het zware brandweermaterieel kan rijden. Ook het verwijderen van hout en het planten van loofbomen in een naaldbos kan zorgen dat een brand minder snel om zich heen kan slaan en onbeheersbaar wordt.

"Het is een enorme opgave om dit overal voor elkaar te krijgen'', erkent Slofstra. "Zoiets realiseer je niet in een paar maanden of een paar jaar. Daarom zijn er regels nodig. Je wil niet dat iemand over vijf jaar besluit dat het toch niet zo belangrijk is."

'Dood hout zit vol insecten'

Bij Staatsbosbeheer inventariseert Marc Brosschot welke aanpassingen nodig zijn in de natuurgebieden. Hij is doordrongen van de noodzaak maar geeft ook aan dat de wensen van de brandweer soms pijn doen. "Dood hout zit vol met insecten, pissebedden en mossen. Een van onze doelstellingen is biodiversiteit dus we gaan het zeker niet allemaal weghalen.'' Hij zegt dat maatwerk nodig is omdat natuurgebieden (zand, veen en bos) onderling erg verschillen. "Dat vang je niet in één wet.''

Volgens Slofstra is duidelijke wetgeving de oplossing en moet de minister van Veiligheid en Justitie de eindverantwoordelijkheid krijgen. Het ministerie van Veiligheid en Justitie laat weten met het ministerie van LNV te bekijken welke preventieve maatregelen nodig zijn. Dit doen ze samen met provincies, de veiligheidsregio's en natuureigenaren. Ook wordt nagegaan of 'nadere regelgeving bij het beheer van natuurgebieden passend is', aldus een woordvoerder.

NOS op 3 dook afgelopen zomer in het groeiende gevaar van bosbranden in Nederland:

https://nos.nl/l/2383750

Monitor Brede Welvaart moet ons een spiegel blijven voorhouden (Joop)

https://joop.bnnvara.nl/content/uploads/2020/01/bosbrand-370x247.jpg

cc-foto: skeeze

Vorige week publiceerde het CBS voor de vierde keer de jaarlijkse Monitor Brede Welvaart. Ook de belangrijkste bedrijvenkoepel van Nederland, VNO-NCW, gaf zijn nieuwe visie de titel van ‘Brede Welvaart’. Zowel de overheid als bedrijven laten daarmee zien dat ze zich bewust zijn van de gevolgen van Nederlands beleid en handelen op welzijn en klimaat in de wereld. Immers, brede welvaart kijkt naar de effecten van onze handelseconomie ‘hier en nu’ en ‘daar en later’. Juist omdat deze brede blik heel goed laat zien dat de Nederlandse impact op de rest van de wereld groot is en overwegend negatief, moet dit instrument dicht bij de opdracht blijven. En zoals altijd als de analyses van planbureaus pijnlijke waarheden blootleggen, wordt de spiegel die de Monitor ons voorhoudt elk jaar troebeler. De conclusie uit 2018, “Nederland legt druk op de brede welvaart van mensen in andere landen”, is bijvoorbeeld verdwenen in de 2021-editie, terwijl er geen wezenlijke veranderingen in ons brede buitenlandbeleid hebben plaatsgevonden. Hoog tijd om aan de bel te trekken.

Vergeleken met andere EU-landen voert Nederland relatief veel grondstoffen in, en dan vooral vanuit ontwikkelingslanden, stond in de Monitor van 2018. Hierdoor legt Nederland een relatief groot beslag op het natuurlijk kapitaal van deze landen. Hier staat tegenover dat Nederland in vergelijking met andere EU-landen relatief veel uitgeeft aan ontwikkelingshulp. Het rapport uit 2018 stelde ook vast dat er een sterke link was tussen onze handel in soja, palmolie en andere bulkproducten en de grootschalige ontbossing in Brazilië, Indonesië en Maleisië. In de editie van 2021 is daar nauwelijks iets over te lezen. Er wordt gerept over ‘een stabiele tot positieve ontwikkeling’, maar eigenlijk is de ecologische voetafdruk van Nederland nog steeds groot en worden milieu-impacts nog steeds afgewenteld op andere landen. Zo bungelt Nederland bij de milieu-impact van invoer van fossiele grondstoffen en bulkproducten onderaan het lijstje vergeleken met andere Europese landen, maar de Monitor maakt dit nu niet duidelijk. Het planbureau staat duidelijk voor een duivels dilemma: hoe vertellen we een boodschap die in het huidige politieke landschap moeilijk zal vallen? Wat is de beste manier om aan een breed publiek te vertellen dat dat onze welvaart – hier en nu – ten koste gaat van het welzijn van de rest van de wereld en toekomstige generaties – daar en later?

Nederland heeft een eerlijke spiegel nodig, hoe pijnlijk dat ook is. Alleen dan kunnen we bewust bijdragen aan een betere wereld. We moeten voorkomen dat de Monitor Brede Welvaart het zoveelste instrument wordt om onszelf op de borst te kloppen over onze rol in armoedebestrijding, klimaatbeleid en het behoud van biodiversiteit. Pas als we erkennen waar de pijn zit, kunnen we er iets aan doen. Het is hoog tijd voor écht nieuw leiderschap, niet de lege term die in Den Haag momenteel volop wordt gebezigd, maar leiderschap dat in die spiegel kijkt, dat leert van gemaakte fouten, zich verbindt met mensen hier en elders, en dat durft te kijken voorbij het eigen korte-termijn gewin en daarnaar handelt. Leiderschap voor de mooist mogelijke toekomst. Hier en daar.

Danielle Hirsch, directeur Both ENDS
Jan van de Venis, wnd. Ombudspersoon Toekomstige Generaties
Tineke Lambooy, Professor Corporate Law Nyenrode Business Universiteit en academisch adviseur van het Lab Toekomstige Generaties

https://joop.bnnvara.nl/opinies/monitor-brede-welvaart-moet-ons-een-spiegel-blijven-voorhouden

Sustainable The Hague: duurzame initiatieven om de hoek (Dagblad 070)

Hoe draag je lokaal je steentje bij aan duurzaamheid? Studenten van de Universiteit Leiden verzamelden 150 duurzame initiatieven in en om Den Haag op een overzichtelijke interactieve website. Op SustainableTheHague.nl vind je gemakkelijk een duurzame winkel, restaurant of een vrijwilligersinitiatief bij jou om de hoek.

Temperaturen naar recordhoogte, bosbranden, plasticsoep. Nog nooit stond de aarde zo onder druk. Dit zorgt bij veel jonge mensen voor een gevoel van onmacht, zijn er wel oplossingen? Verandering is mogelijk, vooral op lokaal niveau en dat kan leiden tot nieuwe hoop en motivatie in de zoektocht naar duurzame oplossingen.

Duurzaam in Den Haag
Op de website SustainableTheHague.nl zijn 150 duurzame initiatieven in Den Haag en omgeving verzameld. De site is gemaakt door studenten van Leiden University College (LUC) in Den Haag onder toeziend oog van Thijs Bosker, hoofddocent Milieuwetenschappen. Het doel is het laagdrempelig toegankelijk maken van duurzame initiatieven bij jou in de buurt. Een beter milieu begint in je eigen achtertuin.

Dicht bij huis beginnen
Om dit probleem aan te pakken en dicht bij huis te beginnen, hebben studenten duurzame initiatieven gerelateerd aan milieuproblematiek in kaart gebracht en beschreven. Bosker: ‘Hierbij hebben we het begrip duurzaam breed opgevat: initiatieven die werken aan sociale, economische of milieuduurzaamheid waren allemaal prima. Dit konden winkels zijn, of restaurants, vrijwilligersorganisaties of acties vanuit de gemeente. Zolang er maar een duidelijk raakvlak met duurzaamheid is.’

Mondiale problemen
Lena Bickel en Yente Reiniers zijn twee van de studenten die meewerkten aan het project. Bickel: ‘Op het Leiden University College bestuderen we ‘Global Challenges’ om de internationale vraagstukken van vandaag te begrijpen en bij te dragen aan oplossingen voor de problemen van morgen. Natuurlijk zijn de achteruitgang van het milieu, de klimaatverandering en het massale verlies aan biodiversiteit belangrijk en zorgwekkende processen. Toch gaat het bij het oplossen van mondiale problemen niet alleen om mondiale actie - je kunt al dingen veranderen in je directe omgeving.’

Makkelijker kiezen voor duurzaam initiatief
Uiteindelijk zijn er 150 initiatieven op de kaart gezet: deze zijn opgenomen op de website en in een brochure. Reiniers: ‘Nu de winkels weer open zijn, is het tijd om duurzaam te gaan shoppen. Door dit project heb ik ook een heleboel nieuwe duurzame bedrijven en winkels in Den Haag leren kennen, dus dat is zeker mooi meegenomen. Ik hoop natuurlijk dat we met SustainableTheHague.nl een duurzame levensstijl en een verantwoorde consumptie kunnen promoten, en dat we het de mensen in Den Haag gemakkelijker kunnen maken om daadwerkelijk voor deze opties te kiezen.’

https://dagblad070.nl/den%20haag%20%26%20regio/sustainable-the-hague-duurzame-initiatieven-om-de-hoek-

Verzekeraars keren jaarlijks 277 miljoen uit aan weerschade (Dagblad 070)

Verzekeraars keren sinds 2007 gemiddeld 277 miljoen euro uit aan weergerelateerde schade aan gebouwen en auto's. Dat meldt het Verbond van Verzekeraars op basis van cijfers uit de Klimaatmonitor.

Gemiddeld genomen is Noord-Brabant de provincie met de meeste schade die te maken heeft met weersomstandigheden, gevolgd door Zuid-Holland. Schade door storm, die bijna de helft van weergerelateerde schade vormt, is vooral groot in de kustgebieden met dichte bebouwing. Ook veroorzaken eenmalige weersextremen als een enorme hagelbui veel schade.

De Klimaatmonitor combineert gegevens over storm, hagel, neerslag, vorst en natuurbranden met de totale schade aan huizen, bedrijfspanden en voertuigen. De monitor moet verzekeraars helpen bij het beter inschatten van de risico's op schade voor hun klanten. Zo wil het verbond de schade door extreem weer en klimaatverandering tegengaan of beter kunnen ondervangen.

Algemeen directeur Richard Weurding wil met de monitor ook het debat over de kosten van klimaatverandering in een breder perspectief plaatsen. Volgens hem moet er een gerichte investering komen waardoor Nederland zich nu, maar zeker ook in de toekomst staande kan houden. "Als wij niets doen, dan kan dit bedrag toenemen met meer dan 250 miljoen euro", aldus de directeur.

In de eerste editie van de monitor is gebruikgemaakt van goed vergelijkbare schadecijfers: gebouwen en auto’s. Omzetschade zit daar nog niet bij, dat bijvoorbeeld kan ontstaan als gevolg van verminderd transport over de grote rivieren door lage waterstanden. Ook agrarische schade wordt niet meegeteld. Daarnaast is er onverzekerde schade, onder meer door een versterkte bodemdaling, overstroming van de grote rivieren, of schade aan natuur. In de komende jaren krijgen deze schadetypes ook een plek in de Klimaatmonitor, waar onder andere het KNMI, Wageningen University & Research en Rijkswaterstaat aan meewerken.

https://dagblad070.nl/landelijk/verzekeraars-keren-jaarlijks-277-miljoen-uit-aan-weerschade