Onderzoek: Albert Heijn verdient circa 40 miljoen per jaar aan dubieuze soja uit Brazilië (Greenpeace)

FrieslandCampina en veevoedergigant ForFarmers volgen met 28 en 26 miljoen

Amsterdam, 25 oktober 2020 – Albert Heijn verdient van Nederlandse bedrijven verreweg het meest aan geïmporteerde Braziliaanse soja, naar schatting zo’n 40 miljoen euro per jaar. Dat blijkt uit onderzoek van Profundo in opdracht van Greenpeace Nederland. De sojateelt is in Brazilië een van de belangrijkste aanjagers van ontbossing, bosbranden en grootschalige vernietiging van waardevolle natuur. Producten zoals vlees en zuivel in de schappen van Albert Heijn komen van dieren die gevoerd zijn met soja.

Na Albert Heijn verdienen in Nederland veevoerbedrijf ForFarmers en zuivelbedrijf FrieslandCampina volgens het onderzoek het meest aan de controversiële soja, naar schatting respectievelijk 28 en 26 miljoen euro per jaar. Vanwege de aanhoudende milieu- en mensenrechtenproblemen bij de teelt van soja voor veevoer, pleit Greenpeace voor minder vlees en zuivel in de supermarktschappen.

Ontbossingsvrije soja: loze beloftes

Al decennialang is bekend dat de sojateelt voor veevoer leidt tot grootschalige ontbossing en schending van mensenrechten. Ook op dit moment staan er in Brazilië enorme gebieden bos in brand. Ahold Delhaize en FrieslandCampina hebben jaren geleden al beloofd hun productie volledig ontbossing-vrij te hebben in 2020. Afgelopen jaar erkenden de bedrijven dat ze hun eigen doelen niet gaan halen, zonder daar consequenties aan te verbinden. Ze blijven van de dubieuze sojahandel profiteren en schermen met keurmerken die helaas geen garanties bieden. “Van alle Nederlandse bedrijven verdienen Albert Heijn, FrieslandCampina en veevoedergigant ForFarmers hieraan naar schatting het meest. Daarmee hebben ze ook de grootste verantwoordelijkheid om hun bijdrage aan de ontbossing en bosbranden door soja te stoppen,” stelt Hilde Stroot, hoofd Biodiversiteit van Greenpeace Nederland. “Zij kunnen na 15 jaar mooie woorden, nog steeds niet garanderen dat er geen ontbossing, bosbranden of schending van mensenrechten plaatsvindt bij de productie van de soja. Nog jaren aanmodderen is geen optie meer. Het is tijd voor minder vlees en zuivel in de supermarktschappen.”

Plantaardige opties

Het onderzoek richt zich op soja, dat voor veevoer is gebruikt en zo verwerkt is in vlees, zuivel en eieren. Over plantaardige soja-producten voor menselijke consumptie hoeven we ons geen zorgen te maken, benadrukt Greenpeace. De hoeveelheden soja die hiervoor gebruikt worden vallen in het niet bij de hoeveelheden die de vee-industrie verbruikt.

De controversiële soja vervangen voor veevoer van andere gewassen is geen oplossing. “Je verschuift daarmee het probleem naar andere gebieden. Al dat veevoer legt een enorm beslag op land en verergert de klimaatcrisis. Alleen door minder vlees en zuivel te produceren komen we verder. Van supermarkten en toeleveranciers verwachten we daarom actie. Producten vervangen door plantaardige opties, en al helemaal geen kiloknallers meer”, zegt Stroot.

Onmisbaar bij bestrijding klimaatcrisis

De Amazone en andere Braziliaanse natuurgebieden zijn cruciaal om de klimaat- en biodiversiteitscrisis op te lossen. Wetenschappers waarschuwen dat de Amazone op een kantelpunt dreigt te komen, waarbij het tropisch regenwoud verandert in een droog savannebos. Dit zal verstrekkende gevolgen hebben voor het mondiale klimaat. De kans dat we onder de 1,5 graad opwarming blijven lijkt dan verkeken. “Er is geen tijd meer te verliezen, bedrijven en overheden moeten deze laatste kans met beide handen aangrijpen”, aldus Stroot.

Europese Bossenwet

Naast minder vlees en zuivel pleit Greenpeace samen met andere milieuorganisaties voor een effectieve en solide Europese Bossenwet die bedrijven verplicht om hun ketens op te schonen. Deze wet moet ervoor zorgen dat er geen producten meer op de Europese markt komen, waarvoor bos is verdwenen. Zodat consumenten ervan op aan kunnen dat ze producten kopen die vrij zijn van ontbossing en mensenrechtenschendingen. Het Europees Parlement wil ook dat die wetgeving er komt. Het is nu aan de Europese Commissie om te zorgen dat er effectieve wetgeving komt die de bossen daadwerkelijk beschermt.

PDF onderzoeksrapport Profundo: Who’s profiting from Brazilian soy? An analysis of the Dutch soy supply chain

PDF Nederlandse leeswijzer: Verdienen aan verwoesting. Import van Braziliaanse soja: Certificering geen oplossing

https://www.greenpeace.org/nl/natuur/43254/albert-heijn-verdient-40-miljoen-per-jaar-aan-dubieuze-soja-uit-brazilie/

Sojahandel: wel de lusten, niet de lasten (Greenpeace)

Albert Heijn, veevoedergigant ForFarmers en FrieslandCampina verdienen van alle Nederlandse bedrijven het meeste aan de dubieuze handel in Braziliaanse soja voor veevoer. Soja waarvoor in Brazilië mogelijk kostbare natuur wordt platgebrand. Het is hoog tijd dat deze Nederlandse bedrijven niet alleen de lusten, maar ook de lasten van de handel in Braziliaans soja voor veevoer gaan dragen.   

* Voordat je verder leest: het gaat om soja voor veevoer, niet over soja voor in je kopje koffie of vegaburger

Nederland sojaland

Dankzij onze havens in Rotterdam en Amsterdam is Nederland de belangrijkste Europese importeur van soja. Veruit de meeste soja wordt gebruikt als veevoer voor de intensieve veeteelt. Ongeveer ⅔ van alle import gaat naar de rest van Europa, het overige deel wordt gevoerd aan onze eigen Hollandse koeien, kippen en varkens om er uiteindelijk eieren, melk of karbonades van te maken. 

Nu weten we al jaren dat de sojateelt in onder andere Brazilië kan leiden tot grootschalige ontbossing. Ook de bedrijven die deze soja inkopen en verwerken, weten dat. Daarom beloofden zij jaren geleden beterschap. 

Niet weten waar de soja vandaan komt

Helaas komen deze bedrijven hun beloftes niet na. Want nog steeds weten de bedrijven niet precies waar hun soja vandaan komt. “Maar als je niet weet waar je soja vandaan komt, hoe kun je die soja dan duurzaam noemen?” vroeg één van de Braziliaanse Inheemse leiders vorig jaar terecht aan mensen van Albert Heijn en Friesland Campina. Daar kwam de aap uit de mouw; de bedrijven kopen gecertificeerde soja. En die noemen ze duurzaam. Maar certificeringssystemen zoals RTRS-soja doen niet wat het zou moeten doen; namelijk ontbossing voor onze producten stoppen!  

https://storage.googleapis.com/planet4-netherlands-stateless/2020/10/3f0d3bed-gp0sttekv_web_size.jpg

Sojaplantage in de Cerrado, Brazilië

Het groene sausje dat certificering heet

Hoe het werkt? Nederlandse bedrijven kunnen via het meest gebruikte RTRS-systeem zogenaamde credits kopen. Met die credits verzekert het bedrijf zich ervan, dat zijn extra geld voor zijn ‘duurzame’ inkoop terecht komt bij een boerderij die niet bij ontbossing is betrokken. Maar het zegt niks over de daadwerkelijke sojabonen die zij inkopen: die kunnen nog steeds overal vandaan komen. 

In dit systeem stimuleer je weliswaar de ‘goede’ boeren, maar je kunt de ‘foute’ boeren niet weren. Die branden in de schitterende Pantanal? Wellicht zijn ze aangestoken door sojaboeren die aan Nederlandse bedrijven leveren. Jij en ik kunnen hoogstwaarschijnlijk nog steeds producten kopen waarvoor in Brazilië bos wordt gekapt en in de brand gestoken.  

De lusten….

Wij wilden weten welke bedrijven het meeste verdienen aan deze schmmige sojahandel. Want wie het meest verdient, heeft wat ons betreft ook de grootste verantwoordelijkheid om ontbossing en bosbranden voor soja te stoppen. Onderzoeksbureau Profundo heeft het voor ons in kaart gebracht. Daaruit blijkt dat Albert Heijn, Forfarmers en FrieslandCampina het meest verdienen aan deze ‘ingebedde soja’ die via het veevoer in producten als melk, eieren en vlees terecht komt. 

Wij vinden dat álle bedrijven in de sojaketen, met grootverdieners Albert Heijn, FrieslandCampina en Forfarmers voorop, moeten stoppen om zich te verschuilen achter vrijwillige certificeringssystemen als RTRS- soja om hun duurzaamheid te claimen. Wij willen échte actie die ontbossing voor onze producten stopt. En we willen snel actie. Want we hebben geen tijd- en geen bos- meer te verliezen om de klimaat- en natuurcrisis het hoofd te kunnen bieden. 

Ook de lasten! 

Wat moeten bedrijven, met grootverdieners Albert Heijn, Frieslandcampina en ForFarmers doen?

  • Breng het gebruik van zogenoemde ingebedde soja, die via veevoer bij de productie van vlees en zuivel wordt gebruikt, onmiddellijk fors terug. Als je je medeverantwoordelijkheid voor misstanden niet kunt uitsluiten, dan moet je zo’n grondstof niet meer gebruiken. Voor het resterende aandeel van ingebedde soja geldt: enkel soja waarvan de daadwerkelijk duurzame teelt onomstotelijk vaststaat zou nog door deze bedrijven gebruikt mogen worden.
  • Hiermee kunnen de bedrijven ook gelijk werk maken van de Europese klimaat- en biodiversiteitsdoelen, waarvoor binnen tien jaar een vermindering van 70 procent van de Europese vlees- en zuivelconsumptie is vereist.
  • Laat bosvernietigers vallen: stop elke handels- of financiële band met leveranciers die in verband worden gebracht met vernietiging van het milieu, corruptie of mensenrechtenschendingen in de Amazone of andere Braziliaanse natuurgebieden. Daarvoor is volledige transparantie en traceerbaarheid van de handelsketen noodzakelijk. 
  • Respecteer de afspraken voor nul-ontbossing – maak volledige transparantie en traceerbaarheid van de toeleveringsketen een handelsvoorwaarde, waarbij een open en transparant controlesystemen uiterlijk op 1 januari 2021 moeten zijn ingevoerd.
  • Verdedig Inheemse rechten: steun Inheemse volkeren om de erkenning en bescherming te krijgen van hun land waarop zij wettelijk recht hebben.

Politiek aan zet

Daarnaast moet er een effectieve en solide Europese Bossenwet komen die alle bedrijven verplicht om hun ketens op te schonen. Deze wet moet ervoor zorgen dat er geen producten meer op de Europese markt komen, waarvoor bos gekapt is. Zodat jij en ik ervan op aan kunnen dat we producten kopen die vrij zijn van ontbossing en mensenrechtenschendingen.

Wat kun jij doen? 

Op dit moment kan ook jij je uitspreken voor een Europese Bossenwet! De Europese Unie vraagt via deze zogenaamde Consultatieronde aan iedereen wat zij vinden wat er moet gebeuren om de wereldwijde bossen te beschermen. Doe ook mee en teken voor een Europese bossenwet!

Meer lezen? Hier vind je het Profundo-rapport Who is profiting from Brazilian Soy en de bijbehorende Greenpeace Analyse Verdienen aan verwoesting.

https://www.greenpeace.org/nl/greenpeace/43198/sojahandel-wel-de-lusten-niet-de-lasten/

Pandemie en lockdown versnellen wereldwijd de ontbossing (Elsevier)

De gevolgen van de COVID19-pandemie en lockdowns versnellen wereldwijd de ontbossing. Het ecotoerisme is ingestort en bosbeschermers kunnen hun werk niet doen. Tropische bossen moeten beter worden beschermd, zegt Henriette Walz, programmaleider biodiversiteitsbescherming bij de Rainforest Alliance. Ook Europese bedrijven en landen kunnen hieraan bijdragen.

Al heeft de COVID-19-lockdown overal ter wereld toeleveringsketens lamgelegd en gemeenschappen getroffen, er zijn ook een paar onverwachte pluspunten: de wereldwijde broeikasuitstoot is drastisch gedaald (schattingen lopen uiteen van 5 tot 8 procent), vervuiling in China en Europa is afgenomen en de natuur leeft op, soms zelfs in stedelijke gebieden.

Bossen lijden enorm onder lockdown

Maar hoe zit het met bossen? Hebben die ook gefloreerd tijdens de lockdown? Helaas ziet het ernaar uit dat het tegenovergestelde het geval is. Ontbossing lijkt in 2020 te versnellen en dat is verontrustend, aangezien er in 2019 al elke 6 seconden één voetbalveld aan primair regenwoud verloren is gegaan.

Uit voorlopige rapportages van het Braziliaanse Nationale Instituut voor Ruimteonderzoek (INPE) blijkt dat ontbossing in het Braziliaanse Amazonegebied in de eerste helft van het jaar hoger was vergeleken met vorig jaar. (Alleen in april was het bijna 64 procent hoger.) Het Wereldnatuurfonds constateerde een toename van 150 procent van ontbossing in achttien landen in maart ten opzichte van dezelfde kalendermaand vorig jaar.

https://cdn.prod.elseone.nl/uploads/2020/10/Henriette-Walz-01-400x600.jpg

Henriette Walz (1982) is programmaleider biodiversiteitsbescherming bij de  Rainforest Alliance. Ze behaalde een doctoraat in biologie en een MSc in milieumanagement, waarna ze werkte voor de Nederlandse non-profitorganisatie UTZ, die in 2018 met Rainforest Alliance fuseerde. Ze ondersteunt het certificeringsprogramma en diverse projecten wereldwijd, met een focus op klimaatverandering en ontbossing. Walz komt uit Duitsland, maar woont sinds zeven jaar in Amsterdam.

Ingezonden opinieartikelen worden geselecteerd door de redactie, maar vertegenwoordigen niet noodzakelijkerwijs het standpunt van Elsevier Weekblad.

Er zijn allerlei redenen voor deze onrustbarende piek. De Braziliaanse regering was bijvoorbeeld al bezig met het ontmantelen van milieuorganisaties en milieubeleid, wat heeft geleid tot een vernietiging van bossen die alleen maar is verergerd door de pandemie.

De reisbeperkingen die zijn opgelegd om de verspreiding van COVID-19 te vertragen, hebben er in Brazilië en elders toe geleid dat bosbeheerorganisaties en natuurbeschermers ontbossing niet konden monitoren. Uit onderzoek van natuurbeschermingsorganisaties blijkt dat 85 procent tijdens de lockdown geen veldwerk kon doen. Vanuit veel beschermde gebieden overal ter wereld werd gemeld dat ze vanwege lockdown-maatregelen problemen hebben met hun budget, beheerscapaciteit en effectiviteit.

Ecotoerisme is wereldwijd ingestort

De toegenomen ontbossing is vooral zorgwekkend in Brazilië, omdat die ontbossing de oorzaak was van de bosbranden die het Amazonegebied vorig jaar teisterden. Bovendien kunnen illegale houtkappers het nieuwe coronavirus verspreiden naar de inheemse gemeenschappen die deze gebieden bewonen en kan de rook van bosbranden de plaatselijke bevolking nog kwetsbaarder maken voor COVID-19.

Van Costa Rica tot Kenia tot Indonesië is het ecotoerisme ingestort. Ecotoerisme bezorgt gemeenschappen niet alleen inkomsten, maar bekostigt ook natuurbescherming. Geld dat zou helpen bij het monitoren en bewaken van beschermde gebieden en stroperij zou tegengaan, is er niet meer. Vanwege de verstoorde toeleveringsketens is er kans dat de economische nood zo hoog stijgt dat bewoners van bosgebieden geen andere keuze hebben dan hun natuurlijke hulpbronnen te misbruiken.

1,6 miljard mensen zijn afhankelijk van bos

Het feit dat ontbossing sneller toeneemt, is slecht nieuws voor ons allemaal, want we hebben de bossen nodig om de klimaatverandering te vertragen. Gezonde tropische regenwouden (net als andere natuurlijke klimaatoplossingen) kunnen ons helpen om 37 procent van de uitstootvermindering – die nodig is om de opwarming van de aarde tot 1,5 graden te beperken – te realiseren; behoud van bossen kan zorgen voor een afname van 7 miljard ton CO2-equivalenten. Ook reguleren bossen microklimaten en brengen ze neerslag voort, waardoor boeren de impact van het klimaat beter kunnen tegengaan. Opgeteld is het inkomen van wereldwijd 1,6 miljard mensen afhankelijk van bossen.

Wat kunnen we doen tegen de huidige piek in ontbossing? Op de korte termijn moeten we waar mogelijk op afstand bossen monitoren en ontbossing compenseren. Onlangs heeft de Rainforest Alliance ontbossingsrisico’s beoordeeld op basis van locatiegegevens van gecertificeerde cacaoboeren in Ghana en Ivoorkust en hun bevindingen doorgegeven aan diezelfde boerengemeenschappen. Met deze informatie kunnen zij nu een toename van ontbossing voorkomen. Waar natuurbeschermingsorganisaties ter plaatse partners hebben,  kan begeleiding en ondersteuning ook op afstand worden voortgezet.

Europese bedrijven zetten Brazilië onder druk

Ook is het onmiddellijk collectief handelen van bedrijven, overheden, consumenten en beleidsmakers cruciaal. Financiële ondersteuning moet landgrenzen overstijgen en de boeren- en bosbeherende gemeenschappen in landen die onze favoriete producten verbouwen, vooruithelpen.

De private sector kan ook zijn aanmerkelijke macht aanwenden om overheden te dwingen tot verantwoordelijker gedrag. Tientallen Europese bedrijven hebben bijvoorbeeld Brazilië gedreigd met een boycot als er een wetsvoorstel wordt aangenomen dat verdere ontbossing van het Amazonegebied aanwakkert. Ook de burgermaatschappij kan een rol spelen. Financiële noodsteun geven aan lokale organisaties in de frontlinie, die gebukt gaan onder verstoorde toeleveringsketens, is bijvoorbeeld een goede stap. Overal ter wereld zijn zulke inspanningen nodig en op een veel grotere schaal.

De economie moet slim opnieuw worden opgebouwd

Terwijl de kiem wordt gelegd voor economisch herstel moeten we zorgen voor een verbeterde wederopbouw (building back better), met meer duurzame, veerkrachtige en rechtvaardige toeleveringsketens. Stimuleringspakketten kunnen bestaan uit belastingprikkels voor een transitie naar een groene economie of kunnen het voldoen aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord van Parijs als voorwaarde stellen voor financiële injecties, zoals in het geval van Franse en Oostenrijkse luchtvaartmaatschappijen. De Europese Unie heeft 30 procent van haar recente herstelpakket bestemd voor groene projecten en de rest hoort klimaatdoelen ‘niet te schaden’. Dat is een goed begin, maar instituties zullen zich moeten verantwoorden voor het implementeren van deze toezegging.

Ten slotte moeten we veerkrachtige economieën ontwikkelen die niet duizenden mensen in armoede storten – en ecosystemen op het spel zetten – zodra ze worden getroffen door een schok zoals de COVID-19-pandemie. Dit omvat ook het scheppen van bloeiende lokale economieën waarin gemeenschappen zichzelf kunnen onderhouden, terwijl tegelijkertijd het grondgebied waarvan ze leven wordt beschermd.

Deze crisis illustreert eens te meer de onderlinge verbindingen tussen sociale, ecologische en economische uitdagingen. We moeten bijvoorbeeld niet vergeten dat het intact houden van bossen en andere natuurlijke ecosystemen essentieel is voor het voorkomen van toekomstige pandemieën. Een verbeterde wederopbouw betekent een goed evenwicht tussen mensenrechten, milieuwaarden en economisch welzijn – en het betekent dat bosbehoud dringende prioriteit moet krijgen.

Dit artikel is vertaald vanuit het Engels en verscheen eerder al op de website van Reuters.

The post Pandemie en lockdown versnellen wereldwijd de ontbossing appeared first on EWmagazine.nl.

https://www.ewmagazine.nl/opinie/achtergrond/2020/10/corona-ontbossing-781689/

Amerikanen lanceren ‘waterprijs’ op de beurs. Hoe werkt dat en wie heeft er wat aan? (NOS journaal)

Nu water op sommige plekken steeds schaarser wordt door klimaatverandering, kan er binnenkort voor het eerst in worden gehandeld op de beurs. De grootste derivatenbeurs ter wereld, CME in Chicago, wil later dit jaar als eerste een 'waterprijs' lanceren.

Het gaat om een markt voor zogenoemde termijncontracten. Dat zijn contracten waarin kopers en verkopers een prijs - van in dit geval water - op een bepaalde datum in de toekomst vastleggen. Grootverbruikers van water en beleggers kunnen zich op deze manier indekken tegen droogte en daarmee duurder water in de toekomst, is het idee. Of erop speculeren.

De waterprijs op de beurs in Chicago wordt 'afgeleid' van daadwerkelijke transacties met water in Californië. De beleggers kopen het water dus niet fysiek, maar kopen het risico op een prijsstijging wel af. Het Engelse woord voor afgeleid is derived. Daarom worden dit soort contracten ook wel derivaten genoemd.

Het is in de grondstoffenhandel en op de financiële markten heel gebruikelijk om met derivaten te werken. Zo is 'de' olieprijs ook gebaseerd op termijncontracten.

Nog wel wat obstakels

De eerste reactie van een beurswaakhond is positief. "Derivaten gelinkt aan de prijs van water worden voor bedrijven en beleggers essentieel om de toenemende risico's van klimaatverandering het hoofd te bieden", zei een belangrijke Amerikaanse toezichthouder deze week tegen de Financial Times.

Maar er zijn nog wel een aantal obstakels voordat de waterprijs op de financiële markten een rol van betekenis gaat spelen. "Er is geen wereldmarkt voor water", zegt Mary Pieterse-Bloem van ABN Amro. Als een reservoir in Californië leeg is, bijvoorbeeld omdat er bosbranden geblust worden, betekent dat niet dat we hier in Nederland ook een probleem hebben, redeneert Pieterse-Bloem.

"Ik vermoed dat de waterprijs op basis van Californië dus niet universeel bruikbaar is. Dat is best wel jammer, maar het nut voor bedrijven in Californië zal er zeker zijn."

"Bij olie heb je ook Noordzee en Amerikaanse olie, reageert Thijs Knaap van pensioenbelegger APG, dat honderden miljarden pensioengeld van onder andere ambtenarenfonds ABP belegt. De prijzen van deze twee soorten olie lopen geregeld een paar dollar per vat uit elkaar. Op termijn zouden er denkt hij ook verschillende waterprijzen kunnen komen.

Morele bezwaren

APG handelt in onder andere olie-, koffie-, metaal- en suikerderivaten. "Dat zijn fijne stukjes in een beleggingsportefeuille", zegt Knaap, maar APG heeft vooralsnog geen plannen om ook in waterderivaten te gaan handelen. "Er zitten belangrijke morele bezwaren aan. Het laatste dat je wil is dat je profiteert terwijl mensen doodgaan van de dorst."

Een ander probleem bij water is dat het vaak lastig is om te bepalen van wie het water daadwerkelijk is, zegt Knaap. "Bij koffie en olie is dat makkelijker."

Euronext dat onder meer de beurs in Amsterdam uitbaat, is niet van plan de waterderivaten in Europa te introduceren. "We zien binnen onze markt niet de voordelen ervan in om financiële producten te ontwikkelen door een prijskaartje te hangen aan een ongrijpbaar product als water", zegt Dirk Donker, hoofd derivaten van Euronext Amsterdam.

Positieve punten

Toch ziet Knaap ook positieve punten aan de introductie van water op de beurs. "Als water makkelijker te verhandelen is, kun je zeggen dat bedrijven die heel veel gebruiken een motivatie hebben om water te besparen als de prijs stijgt. Dat zie je ook bij CO2", noemt hij als voorbeeld.

Ook kan een hogere waterprijs volgens Knaap investeringen in nieuwe bronnen stimuleren.

http://feeds.feedburner.com/~r/nosjournaal/~4/EdK-d1Qg_d8

http://feeds.nos.nl/~r/nosjournaal/~3/EdK-d1Qg_d8/2349874

Deze man ‘leest’ hoe een brand is ontstaan (NPO Radio 1)

https://www.nporadio1.nl/images/2020/09/21_0487b5a905_timothy-eberly-iSmLxCzkoH0-unsplash.jpg

Het afgelopen weekend woedde er op en aantal plekken in Nederland een grote brand. In Amsterdam moesten er woningen worden ontruimd vanwege een grote fik in een kringloopwinkel en in Zeeland brandde een keukenwinkel tot de grond toe af. Maar wat gebeurt er na afloop, als de brand meester is? Hoe kom je achter de oorzaak van die brand?

Folkert van der Ploeg is een zogeheten brandlezer bij de Twentse brandweer. Hij doet, als de vlammen eenmaal zijn gedoofd, met zijn collega's onderzoek in huizen, winkelpanden en auto's, op zoek naar de aanjager van het vuur. In Stax&Toine vertelt hij zijn verhaal. Er zijn in Nederland 25 brandweerregio's en elke afdeling heeft zo’n vijf brandonderzoekers in dienst. Zij gaan als een ware detective op speurtocht als de vlammen eenmaal zijn gedoofd. 

Op zoek naar patronen

Als Folkert een afgebrand pand binnenstapt gaat hij eerst op zoek naar brandpatronen. Zo heb je bijvoorbeeld een V-vorm: het vuur gaat, als het eenmaal aan is, omhoog, en dat leidt dan tot een patroon van de letter V. Gemiddeld duurt het zo'n twee uur om een zaak op te lossen, maar soms is hij ook binnen een halfuur al klaar. Andere klussen daarentegen duren weer langer. "In industriepanden moet je soms wel twee dagen zoeken, en dan werk je ook nauw samen met de politie en verzekeringsmaatschappijen", vertelt Folkert in Stax&Toine

In tachtig procent van de onderzoeken is na afloop helder waar het vuur is ontstaan en in zestig procent van de onderzoeken is de oorzaak van de brand duidelijk aan te wijzen. En dat is belangrijk, want met een oorzaak is ook vaak duidelijk of een brand is aangestoken, of dat er sprake was van een ongeluk. Met die informatie kan de politie vervolgens verder onderzoek doen als dat nodig is. 

Hoe voorkom je brand?

In Folkert’s regio staan schoorsteenbranden met stip op nummer 1 als meestvoorkomende brandoorzaak, gevolgd door branden die in de keuken ontstaan. Ook ontstaat er vaak brand in technische apparaten. Folkert is dan ook heel duidelijk. "Ik trek altijd alle opladers van telefoons uit de stekker, want die heb ik te vaak in de fik zien vliegen."

Ook raadt Folkert aan om een rookmelder te installeren: zo detecteer je eerder een brand, waardoor de kans groter is dat de schade beperkt blijft. "En wat ook goed is om te weten: brand discrimineert. Mensen die rommelig zijn en de zaken minder goed op orde hebben, hebben vaker last van brand dan mensen die dat niet zijn."

Stax&Toine

Het middagmagazine Stax&Toine hoor je van maandag tot en met donderdag tussen 14.00 en 16.00 uur. Dionne Stax en Toine van Peperstraten nemen de luisteraar op een ontspannen eigenzinnige manier mee door het nieuws van de dag en spreken met gasten die iets bijzonders gaan doen. Muziek en lifestyle spelen een belangrijke rol in het programma.

{articles "Opnieuw meer bosbranden, meestal veroorzaakt door de mens" id="26037" }

{articles "Podcast De Dag: Over dor hout en de Amerikaanse bosbranden" id="26497" }

https://www.nporadio1.nl/binnenland/26542-deze-man-leest-hoe-een-brand-is-ontstaan