Satellieten speuren naar gaslekken en ontbossing (Elsevier)

Steeds preciezer houden satellieten de aarde in de gaten. Vanuit de ruimte speuren ze naar gaslekken, stiekeme vervuilers en illegale bomenkap. Nederlandse innovaties spelen daarbij een belangrijke rol vooral in de ontwikkeling van meetinstrumenten. En die ontwikkelingen gaan in razend tempo door.

Amerikanen konden eind ­jaren vijftig horen hoe de Sovjet-Unie ze in de ruimte voorbijstreefde. Hun radio’s vingen de pieptoon op die de Spoetnik uitzond, de allereerste satelliet.

Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. De volgende cookies zijn nodig: marketing. Wijzig uw instellingen om deze content te zien.

Ruim zestig jaar later is het leven onvoorstelbaar zonder de circa zesduizend navolgers van Spoetnik. Dankzij satellieten navigeren we met gps en kunnen we wereldwijd communiceren. Maar de apparaten houden ook de aarde in de ­gaten. Dat is handig wanneer observatie vanaf de grond onpraktisch is. Of wanneer je ergens niet kan of mag komen.

Minder luchtvervuiling tijdens lockdown

Satellieten kwijten zich steeds beter van hun spionnentaak. Wetenschappers zien preciezer dan ooit waar bomen worden omgehakt. Ze krijgen elke dag verse gegevens over luchtvervuiling. En jaarlijks lanceren ze nieuwe satellieten met nog meer mogelijkheden.

Afname van luchtvervuiling in Nederland door Corona-maatregelen:
Tropomi NO2-metingen van 22-26 maart 2020 vergeleken met 23-27 februari 2019 (een periode met vergelijkbare meteorologische omstandigheden).https://t.co/JmX57zGFeT pic.twitter.com/WV234uSlWf

— Helga van Leur ☀ (@helgavanleur) March 28, 2020

Nederland speelt hierin een belangrijke rol. Aan het begin van de coronapandemie gingen kaartjes de wereld over met daarop de door de lockdown extreem afgenomen luchtvervuiling in Wuhan en Noord-Italië. De kaartjes waren gemaakt met Tropomi, van Tropospheric Monitoring Instrument, een apparaat grotendeels bedacht en gebouwd in Nederland. In 2017 ging de meetapparatuur met een satelliet van het Europese ruimtevaart­agentschap ESA de ruimte in.

Vooral de technologie zet stappen vooruit

Dat satellieten steeds krachtiger worden, is vooral te danken aan technologische vooruitgang, zegt Ilse Aben (56), ­verantwoordelijk voor Tropomi bij het Nederlands ruimtevaartinstituut SRON en hoogleraar aan de Vrije Universiteit.

Elke keer als er een satelliet met een nieuw of verbeterd snufje de ruimte in gaat, groeien de mogelijkheden. Tropomi is daarvan een goede illustratie. Voorheen kon de luchtkwaliteit maar beperkt worden gemeten, maar Tropomi gaat dagelijks de hele wereld af voor metingen op stadsniveau. ‘Buitenlandse collega’s noemen Tropomi een game changer,’ zegt Aben. Zij en haar team gebruiken het instrument om enorme gaslekken op te sporen (zie ‘Zoeken naar gaslekken vanuit de ruimte’).

Een app helpt oerwoudbeschermers in Congo

Naast de ‘hardware’ verbeteren wetenschappers ook de analyse van data en weten ze deze slim te combineren. Zo worden radarsatellieten, waarmee je ontbossing door de wolken heen kunt zien, steeds nauwkeuriger. Het aantal pixels dat die naar de aarde sturen, neemt toe. En wetenschappers lukt het steeds beter om die gegevens te analyseren met kunstmatige intelligentie.

Johannes Reiche (37) en zijn team aan Wageningen University & Research maakten een algoritme dat ontbossing opspoort. Vorig jaar lanceerden zij het Radar Meldingen Systeem voor Detectie van Ontbossing (RADD) dat palmolie­leveranciers als Unilever een melding stuurt als er in Indonesië oerwoud wordt gekapt of platgebrand. In januari volgde een alarmsysteem voor het Congobekken (zie ‘Automatische melding als bomen worden gekapt’ ).

Maar ook de technische innovatie blijft doorgaan. SRON werkt momenteel onder meer aan de Sentinel-5. Die moet volgend jaar 817 kilometer de lucht in en vervangt de Sentinel-5P. De satelliet meet door middel van Nederlandse technologie de troposfeer, het laagste deel van de atmosfeer. Zo meet het methaan, koolmonoxide en andere broeikasgassen. ‘Dit is belangrijke informatie over de aarde en het klimaat,’ zegt Aaldert van Amerongen (43), hoofd van het aard­observatieprogramma van SRON.

In de ruimte wordt het steeds drukker

Weer een andere satelliet – SPEXone – gaat het stof in de lucht analyseren. ‘Door uitvindingen in samenwerking met onder meer de Universiteit Leiden, Airbus Defence and Space Netherlands, en TNO Delft kunnen we nu fijnstof met een factor 10 nauwkeuriger meten,’ zegt Van Amerongen. ‘We zien nu niet alleen het stof, maar ook wat voor stof het is: zeezout, zand of roet.’ In 2023 moet de SPEXone de lucht in, zo’n 676 kilometer.

Het is in de ruimte wel drukker dan in de tijd van de Spoetnik. Al lang lanceren niet meer alleen overheden de satellieten, maar ook commerciële partijen, zoals SpaceX, het ruimtevaart­bedrijf van Tesla-topman Elon Musk. Zijn ruim zeshonderd satellieten (op 346 kilometer hoogte) maken internet mogelijk, en dat worden er nog duizenden meer.

Voorbeeld 1: Zoeken naar gaslekken vanuit de ruimte

In Turkmenistan was in 2019 iets vreemds aan de hand. Een Canadees bedrijf zag met een proefsatelliet enorme wolken methaan – het voornaamste bestanddeel van aardgas – de lucht in gaan. Midden in de woestijn, waar niemand woont. En niemand had enig idee hoelang dit al gaande was.

Dus klopten de Canadezen bij Nederland aan. Hier hadden wetenschappers een jaar eerder het Tropomi-instrument gelanceerd, dat naast luchtvervuiling ook methaan kan ‘zien’. Uit de gegevens bleek dat in de Centraal-Aziatische woestijn al veel langer methaan lekte, zegt Ilse Aben (56), hoogleraar aan de Vrije Universiteit en onderzoeker bij ruimtevaartinstituut SRON. Boosdoener was een pijpleiding bij een compressorstation. Deze informatie werd doorgespeeld aan de Turkmenen, en warempel, vanuit de ruimte zagen Aben en haar collega’s dat het lekken stopte.

‘Lekken zijn vaak geen kwade opzet’

Het dichten van zulke lekken is nuttig, zegt Aben. Veel methaan komt vrij bij de gaswinning – uit lekke leidingen of bij boorputten en compressors die niet goed werken. Dit kost bedrijven geld. ‘Veel lekken zijn geen kwade opzet,’ zegt Aben. ‘Ze weten het gewoon niet.’ Dat komt doordat infrastructuur vaak afgelegen ligt en na de aanleg zelden wordt gecheckt. En de kennis is beperkt. Recent onderzoek in Mexico, zegt Aben, liet zien dat daar bij olie- en gaswinning op zee veel minder methaan lekt dan op het land. Terwijl de Mexicaanse overheid het tegenovergestelde dacht.

Groot methaanlek gedicht na ontdekking vanuit de ruimte door o.a. het Nederlandse @tropomi instrument: https://t.co/jD8iPqaW8g pic.twitter.com/efzjXo5L4f

— SRON Space Research (@SRON_Space) November 22, 2019

Ook voor het klimaat is het dichten slim. Methaan is over twintig jaar bezien zo’n 86 keer zo effectief als CO2 in het vasthouden van warmte. Na CO2 is methaan het voornaamste broeikasgas. De hoeveelheid in de atmosfeer groeit, deels door onnodige lekkages. Al komt ook methaan vrij door boerende koeien en uit moerassen.

Al weer tal van nieuwe lekken gevonden

Na Turkmenistan werkt Abens team nog altijd met het Canadese bedrijf. Tropomi houdt de hele wereld in de gaten. Als ze iets verdachts zien, seinen ze hun collega’s in. De nieuwe Canadese satelliet observeert maar kleine oppervlakten, maar kan lekken wel tot op 30 meter nauwkeurig lokaliseren. Aben vond al diverse nieuwe lekken, maar ze werkt nog aan de officiële publicatie.

Omdat Tropomi elke dag de wereld afgaat, is het geschikt om kortdurende lekken te spotten. Een voorbeeld is de Ohio blowout, een immens lek dat in 2018 ontstond na een ongeluk. In een kleine drie weken stootte het meer methaan uit dan de Nederlandse olie- en gassector in een jaar. Tropomi was de enige die kon meten hoeveel methaan de lucht in ging.

Voorbeeld 2: Klimaatbeleid: vertrouwen is goed, controle is beter

De ambities zijn ­af­gelopen jaar flink opgevoerd in het klimaatbeleid. Steeds meer landen willen in 2050 geen broeikasgassen meer uitstoten – zelfs China wil in 2060 naar nul. Nu moet blijken of die woorden worden omgezet in ­daden.

Om hun voortgang te volgen, houden landen een immense klimaatboekhouding bij. Daarin staat hoeveel steenkool er de hoogovens in gaat, hoeveel kilometers auto’s rijden, hoeveel gas cv-ketels verstoken en nog veel meer. Alle broeikasgassen die zo vrijkomen, tellen op tot de totale uitstoot. Die dus veel sneller moet gaan dalen.

Veel landen werken met tegenzin aan klimaatbeleid

Tot dusver moeten landen elkaar ‘op hun blauwe ogen geloven’. Naast de boekhouding zijn er geen onafhankelijke metingen van de CO2-uitstoot. Ook niet voor landen die met frisse tegenzin meewerken aan het klimaatbeleid, zoals Rusland en Brazilië. Of die, zoals China, geen goede reputatie hebben bij het aanleveren van statistieken.

Er zijn diverse initiatieven om de CO2-uitstoot vanuit de ruimte te gaan meten. Een van de meer ambitieuze is van de ­Europese Commissie. Vanaf 2025 gaan er drie CO2M-satellieten de ruimte in om de uitstoot van CO2 te meten. Dat levert nuttige inzichten op voor de welwillenden. Welk beleid helpt de uitstoot succesvol naar beneden? Waar neemt de ­natuur weer CO2 op?

Vals spelen gaat steeds meer lonen voor klimaatbeleid

Maar er kan ook worden gekeken of landen hun beloftes nakomen. En ook of er bedrijven zijn die zich niet aan de regels houden. Naarmate het klimaatbeleid meer tanden krijgt, loont het steeds meer om vals te spelen. Het verleden illustreert dat. Een paar jaar geleden betrapten wetenschappers nog Chinese ­fabrieken op het produceren van cfk’s. Deze stoffen tasten de ozonlaag aan en zijn al decennia verboden.

Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. De volgende cookies zijn nodig: marketing. Wijzig uw instellingen om deze content te zien.

De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA heeft al ervaring met het meten van CO2. In 2014 lanceerde zij een satelliet, genaamd OCO-2. Deze bewees dat compacte steden per inwoner echt minder broeikasgassen uitstoten. Ook kon de satelliet inschatten hoeveel CO2 vrijkwam bij een grote bosbrand.

Ambities zijn wel heel groot

Aangezien de EU-plannen veel ambi­tieuzer zijn, moet er nog flink wat vooruitgang worden geboekt. Zelfs veel experts zijn sceptisch of het gaat lukken om de klimaatboekhouding te doen met echte waarnemingen. En dan is er ook nog grote haast. Het lanceerjaar 2025 lijkt ver weg. ‘Maar voor satellietbouw is dat gevoelsmatig overmorgen,’ zegt Aaldert van Amerongen (43), hoofd van het aardobservatieprogramma bij ruimtevaartinstituut SRON.

Ook hier kan Nederland een bijdrage gaan leveren. Zo wordt de meting van CO2 op diverse manieren verstoord. Denk aan kleine deeltjes in de lucht. Door deze deeltjes precies te meten – iets wat Nederlandse ingenieurs goed kunnen – valt daarvoor te corrigeren en worden de CO2-metingen nauwkeuriger.

Voorbeeld 3: Automatische melding als bomen worden gekapt

In het Congobekken, een gebied dat zich uitstrekt over de Democratische Republiek Congo, de Republiek Congo, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Gabon en Kameroen, wil de strijd tegen de bomenkap nog niet zo lukken. Het tempo van ontbossing is sinds 1990 gelijk gebleven en de laatste jaren zelfs versneld.

De lokale autoriteiten hebben er een middel bij gekregen in hun strijd tegen illegale bomenkap: de app RADD (Radar Meldingen Systeem voor Detectie van Ontbossing). Twee jaar werkten de wetenschappers van Wageningen University & Research (WUR) daaraan onder leiding van ­Johannes Reiche, en in januari is de app gelanceerd.

De Europese radarsatelliet Sentinel-1 (die op 693 kilometer hoogte draait) kan door het wolkendek heen kijken, wat gunstig is boven een tropisch regenwoud. Elke zes tot twaalf dagen stuurt de satelliet foto’s op een schaal van 10 bij 10 meter. Het is niet te doen om deze beelden handmatig te controleren op gaten in het bosgebied. Dat proces is door de WUR nu geautomatiseerd. ‘Het systeem vergelijkt de nieuwe foto met de eerdere foto,’ legt Reiche uit. ‘Als er een afwijking is, stuurt het automatisch een alert die je krijgt in de app.’

‘Veel bomenkamp is illegaal’

Met de app is het mogelijk om tot op hectareniveau te zien wat er gebeurt. Zo worden specifieke boomsoorten gekapt omdat ze ‘tropisch hardhout’ op­leveren. En waar dat gebeurt, ontstaan opeens wegen. ‘Veel bomenkap is illegaal,’ zegt Reiche.

Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. De volgende cookies zijn nodig: marketing. Wijzig uw instellingen om deze content te zien.

Hij hoopt dat het alarmsysteem meer transparantie zal brengen. Een uitdaging in een land als Congo, dat op de corruptielijst op plaats 168 (van de 180) staat. ‘De gegevens zijn nu bijna realtime beschikbaar,’ zegt Reiche. Hij hoopt dat de ­lokale autoriteiten er daardoor sneller bij zijn. Door de samenwerking met Global Forest Watch, een onlineplatform dat de wereldwijde ontbossing laat zien, is de ontbossing voor ­iedereen te volgen.

Bevolking blijft maar groeien in het Congobekken

Volgens Reiche is het belangrijk om het Congobekken in de gaten te houden, omdat dit het grootste tropisch regenwoudgebied ter wereld is. Maar dat staat onder druk door de bevolkingsgroei. In Congo alleen al is de verwachting dat er in 2100 zo’n 362 miljoen mensen wonen, tegen nu 90 miljoen.

En al die mensen moeten eten. ‘Je ziet dat er bomen “verdwijnen” voor zelfvoorzienende landbouw,’ zegt Reiche. ‘Maar er is armoede. Dus wie zijn wij om te zeggen dat ze hun familie niet mogen voeden?’ Hij richt zich dus vooral op de illegale bomenkap en op mijnbouw, de derde belangrijke oorzaak van ontbossing in het Congobekken. Daarbij gaat het om kleine ­boeren die zoeken naar onder meer mineralen die worden gebruikt in telefoons. Vanuit de lucht is deze activiteit te herkennen aan wat Reiche open pit mining noemt. De handel in delfstoffen uit het Congobekken is schimmig, maar de vindplaatsen zijn nu goed te zien.

The post Satellieten speuren naar gaslekken en ontbossing appeared first on EWmagazine.nl.

https://www.ewmagazine.nl/kennis/achtergrond/2021/02/satellieten-speuren-naar-gaslekken-en-ontbossing-227594w/

Philip Hans Franses schildert gorilla’s en bosbranden in zijn Delfshavense atelier (Erasmus Magazine)

Wat doen EUR-medewerkers en -wetenschappers ter ontspanning, nu sporten lastiger is en uitgaan uit den boze? Deze maand: econometrist Philip Hans Franses.

https://files.erasmusmagazine.nl/app/uploads/2020/10/12155636/Franses-Schildert-875x584.jpeg

Hoe komen medewerkers van de Erasmus Universiteit deze coronatijd door? Pakken ze nieuwe hobby’s op? Houden ze balkon-staycations? Philip Hans Franses (57), hoogleraar toegepaste econometrie en hoogleraar marketingonderzoek aan Erasmus School of Economics, schildert in het atelier dat hem, na zijn afscheid als decaan, als dank werd aangeboden door de medewerkers van de economische faculteit. “Dit is geen hobby.”

Op de deur van het atelier van Philip Hans Franses staat dan wel ‘accountancy’, maar hier doet hij niets met cijfers of euro’s. Het bordje is van degene die kantoor houdt in de ruimte achter zijn atelier in Delfshaven. “Het rauwere deel, níét het toeristische deel”, zei Franses vooraf. Het pand moet ooit een winkeltje zijn geweest, de ramen zijn grotendeels afgeplakt tegen pottenkijkers. Aan de muur hangen schilderijen van Franses. Het decor van een Molukse treinkaping die veel indruk op hem maakte als kind, de ogen van een gorilla, abstracter werk dat doet denken aan een bosbrand. Sommige dreigend, andere wat dramatisch of verdrietig. Allemaal roepen ze een emotie op. Of dat proberen ze in ieder geval, zegt Franses. “Het is figuratief, soms tegen het abstracte aan.”

Pedel Marleen van Kester spot ijsvogels en raust onkruid in haar volkstuin

Franses schildert al twintig jaar. Hij begon in een atelier in Berkel en Rodenrijs met een aantal mensen en daar komt hij nog steeds. Op dinsdagavond, met een vaste groep. “Sinds februari 2019 gebruik ik ook deze ruimte. Het mooie is: hier kan ik alles laten staan. Ik werk met olieverf, maar ook met spuitbusverf en dan hangt er gewoon een nevel waar ik thuis geen ruimte voor heb.” Als hij hier werkt, werkt hij in stilte. De ramen zitten op het noordoosten, dat geeft het beste licht: noorderlicht. Waarom hij dit doet? “Tsja. Het is een deel van mijn leven. Ik ben wetenschapper en als wetenschapper ben je vrij en creatief. Ongebonden wetenschappelijk onderzoek, eigen creativiteit, zelf bedenken, soms wel succes hebben, dan weer niet. Die creativiteit vind ik ook in schilderen.”

Vloeken met Karel Appel

Zo zou het in ieder geval moeten zijn in de wetenschap, stelt Franses, maar het draait de laatste jaren teveel om impact. “Kijk naar die letters op de recent gerenoveerde, monumentale luchtbrug bij het carillon over being an erasmian – letters die vloeken met de tegels van Karel Appel op het Tinbergengebouw – en de strategie met impactgerichtheid die daarbij hoort. Je krijgt echt geen Nobelprijzen toegekend als je van tevoren denkt: ik ga eens even flink impact maken. Om de analogie met schilderen door te trekken: als ik bedenk dat ik eens even een schilderij ga maken dat voor 50.000 euro over de toonbank gaat, komt er ook niets uit mijn vingers.”

Franses komt niet dagelijks in zijn atelier. Het is net als met wetenschappelijk werk, legt hij uit. Je bent er 24 uur per dag mee bezig in je hoofd, maar niet fysiek. Het schilderij of het artikel kan in een ochtend op doek of papier staan. “’s Avonds om elf uur denk je ineens: ach, zo wil ik het doen. Dan onthoud je het en de volgende dag begin je aan een artikel of begin je aan een schilderij. De volgende dag kom ik hier een uur, of twee, en ga ik weer. Ik ga hier niet zitten turen naar een wit vel en heb ook geen vaste dag. Ook dat is net als de wetenschap, je kunt niet zeggen op de vrijdag: nu ga ik eens wetenschappelijk creatief worden.”

Applaus

Hij is een liefhebber van vrijheid en creativiteit, zoveel is duidelijk. Op de universiteit heeft Franses er, met de beheerders van de kunstcollectie Luuk Bode en Anne Clement (‘met een zeer bescheiden budget van 40.000 euro per jaar’, aldus Franses), mede voor gezorgd dat er twee grote werken van opkomende Rotterdamse kunstenaars in twee collegezalen in het Theilgebouw hangen. “Dat had nog behoorlijk wat voeten in de aarde kan ik je vertellen. Later gaf ik daar een keer college en zei ik dat tegen de studenten, kreeg ik applaus!” Dat vond hij mooi. Hij lacht: “Dat krijg ik nou nooit voor mijn colleges over econometrie.”

Coronazomer: Bianca Jadoenath (ISS) ontspant in Clingendael

Marko de Haan

https://www.erasmusmagazine.nl/2020/10/13/philip-hans-franses-schildert-gorillas-en-bosbranden-in-zijn-delfshavense-atelier/

Syntrus Achmea brengt klimaatrisico’s in beleggingsportefeuilles per adres in kaart (IVVD)

https://www.ivvd.nl/wp-content/uploads/2020/09/0.75-Klimaatrisico-beleggingsportefeuilles-400x250.jpg

Syntrus Achmea Real Estate & Finance zet een grote stap vooruit in het inzichtelijk maken van klimaatrisico’s. Eind dit jaar zijn van alle adressen in de vastgoed- en hypotheekportefeuilles de risico’s bekend van wateroverlast en oplopende temperaturen. Syntrus Achmea werkt hiervoor samen met de stichting Climate Adaptation Services (CAS).

‘De klimaatverandering kan grote gevolgen hebben voor de beleggingen die wij voor onze klanten beheren’, zegt Daan van der Werf, director Investor Relations bij Syntrus Achmea. ‘Het is belangrijk om de risico’s goed te doorgronden en integraal mee te nemen bij de implementatie van de beleggingsstrategieën. De toezichthouder verwacht dit ook van institutionele beleggers.’

Syntrus Achmea richtte zich in eerste instantie op maatregelen die de klimaatverandering tegengaan, zoals het verminderen van de CO2-uitstoot. Nu komt klimaatadaptatie daar bij.

Van der Werf: ‘Dat is nodig, omdat de effecten van de klimaatverandering steeds zichtbaarder worden.’

De risico’s die in kaart worden gebracht, gaan onder meer over wateroverlast door extreme neerslag, overstromingen, paalrot, hittestress en natuurbranden.

De samenwerking met CAS volgt op een eerste stap, waarin alle vastgoedobjecten met Blue Label zijn geclassificeerd op risico’s ten aanzien van onder meer wateroverlast, droogte en hitte. Voor de rapportage over de verder verfijnde klimaatrisico’s gaat Syntrus Achmea versneld de richtlijnen invoeren van de Task Force on Climate-related Financial Disclosures (TCFD), die na het Klimaatakkoord van Parijs in 2015 is opgericht door de Financial Stability Board.

Syntrus Achmea lanceerde vorig jaar een nieuwe ESG-strategie met twintig ambitieuze doelstellingen. Zo moet in 2030 100 procent van de vastgoedportefeuille energielabel A hebben. Uiterlijk in 2050 moet de portefeuille volledig CO2-neutraal zijn. In de hypothekenportefeuilles wil Syntrus Achmea tot 2025 ten minste 500 verduurzamingsmaatregelen treffen.

Voor meer informatie: Erik van der Struijs, manager Marketing & Communicatie, Syntrus Achmea Real Estate & Finance: tel. 06 1354 3102 en erik.van.der.struijs@achmeavastgoed.nl

Syntrus Achmea Real Estate & Finance
Namens meer dan zestig pensioenfondsen en andere institutionele beleggers beheert Syntrus Achmea Real Estate & Finance ruim 24 miljard euro in vastgoed en hypotheken. Wij kiezen voor duurzame investeringen met financieel én maatschappelijk rendement. Daarmee werken wij voor onze klanten (en hun klanten) aan een gezonde financiele basis en een aantrekkelijke leefomgeving. Voor nu, straks en later. www.syntrus.nl

The post Syntrus Achmea brengt klimaatrisico’s in beleggingsportefeuilles per adres in kaart appeared first on IVVD.

https://www.ivvd.nl/syntrus-achmea-brengt-klimaatrisicos-in-beleggingsportefeuilles-per-adres-in-kaart/

Grootste watervliegtuig maakt eerste vlucht boven zee (KIJK)

Het grootste watervliegtuig ter wereld, de Chinese AVIC AG-600 Kunlong, heeft onlangs zijn ‘maagdenvlucht’ boven zee gemaakt. Bekijk het filmpje.

De Chinezen proberen al een tijdje mee te doen met de grote jongens in de vliegtuigwereld, maar kennen een geschiedenis van vertragingen en problemen. Het amfibische vliegtuig AVIC AG-600 Kunlong, dat zowel vanaf een harde ondergrond als water kan opstijgen, moet ze een duwtje in de goede richting geven. In 2016 onthulde China dit grootste watervliegtuig ter wereld en in 2017 koos het voor het eerst het luchtruim, waarbij het toestel vanaf de grond opsteeg.

Maar een amfibisch vliegtuig mag pas zo heten als het ook vanaf het water kan opstijgen. In 2018 maakte de AG-600 al een testvlucht waarbij het omhoogkwam vanaf een waterreservoir. Maar dit weekend deed hij het echte werk: de amfibische reus steeg op vanaf de Gele Zee, maakte een vlucht van een half uur en landde weer veilig op wateroppervlak.

Lees ook:

Amfibische reus

De AG-600 is 36,9 meter lang, ongeveer even groot als een Boeing 737, en heeft een spanwijdte van 39 meter. Het toestel gebruikt vier WJ-6 turbopropmotoren waarmee hij 12 uur in de lucht kan blijven hangen en zo’n 4900 kilometer kan bereiken. 98 procent van de vliegtuigonderdelen zijn gemaakt in China.

Het amfibische vliegtuig, dat plek biedt aan 50 mensen, zal worden gebruikt voor onder andere brandbestrijding en zoek- en reddingsoperaties. Maar het toestel krijgt ongetwijfeld ook militaire toepassingen. De AG600 is niet uitgerust met wapens, maar kan in een militaire rol sensoren en wapens vervoeren.

Chinese staatsmedia zullen deze rol echter niet bevestigen. Ze beschrijven het watervliegtuig dan ook als geschikt voor “bosbrandbestrijding, reddingsoperaties op zee en andere kritieke noodreddingsmissies”. In de rol van brandweerman kan Kunlong in 20 seconden ruim 10.000 liter aan water verzamelen.

Hercules

De AVIC AG-600 Kunlong is overigens niet het grootste watervliegtuig dat ooit heeft gevlogen. Dit is de H4-Hercules, beter bekend als Spruce Goose. De H4-Hercules werd in 1940 gebouwd, maar was niet erg succesvol. Hij heeft namelijk maar een keer, in 1947, gevlogen. Het toestel was ontwikkeld voor militaire doeleinden.

Bekijk hier een filmpje van de AG-600 in actie:

Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. De volgende cookies zijn nodig: Marketing. Wijzig uw instellingen om deze content te zien.
De succesvolle eerste vlucht vanaf zee is een grote stap voorwaarts in de ontwikkeling van dit grote amfibievliegtuig, aldus staatsbedrijf Aviation Industry Corporation of China (AVIC).

Bronnen: Xinhua, Popular Mechanics

Beeld: Li Ziheng/Xinhua/eyevine/ANP

Ben je geïnteresseerd in de wereld van wetenschap & technologie en wil je hier graag meer over lezen? Word dan lid van KIJK! 

The post Grootste watervliegtuig maakt eerste vlucht boven zee appeared first on KIJK Magazine.

https://www.kijkmagazine.nl/tech/grootste-watervliegtuig-maakt-eerste-vlucht-boven-zee/

Formule 1 wijkt (vooralsnog) niet voor corona, Melbourne ook niet (NOS Sport)

Is de Formule 1 immuun voor COVID-19? Of verkijkt de sport die zo verweven is met risico zich op de gevaren die het coronavirus met zich meebrengt?

Het seizoen in de koningsklasse van de autosport gaat vooralsnog gewoon van start in Melbourne. Alsof er niets aan de hand is. Maar ondertussen rijst ook 'Down Under' de vraag of doorgang van het evenement wel verantwoord is.

Argusogen

Met argusogen wordt gekeken naar kuchende bezoekers die verdachte symptomen vertonen. Dat geldt ook voor de werknemers van de renstallen. Vier kwakkelende teamleden van Haas, Williams en McLaren zijn in Melbourne uit voorzorg getest en in quarantaine geplaatst.

Ook Max Verstappens team Red Bull Racing is alert. Bij een marketingevenement in de haven van Melbourne moesten camera's en journalisten letterlijk wijken voor de topprioriteit: de gezondheid van de coureurs. Iedereen moest verplicht twee meter afstand houden.

Ingrepen zijn onvermijdelijk. De grand prix-organisatie heeft alle officiële handtekeningensessies geschrapt en selfies met coureurs zijn verboden. Allemaal lapmiddelen om erger te voorkomen: een streep door de GP.

"It all starts here". De billboards met koeienletters op het vliegveld en in de stad liegen er niet om. Melbourne viert de 25ste verjaardag van de grand prix, maar niemand is uitbundig. Het jaarlijkse racefeest in Albert Park trekt doorgaans dik 300.000 toeschouwers, maar de kaartverkoop verloopt moeizaam. De openingsceremonie in het hart van de stad bleef zelfs achterwege.

"Het raceweekend is lang niet uitverkocht", zegt een circuitmedewerker die anoniem wil blijven. "Veel mensen hakken last minute de knoop door vanwege de onrust over het virus, maar er zijn ook fans met kaartjes die toch thuis blijven."

Schrappen geen optie

Dat de race doorgaat is voor 99 procent zeker. Melbourne kan zich het simpelweg niet permitteren het evenement te schrappen. In het prepareren van het semi-stratencircuit en plaatsen van de tribunes zit maanden werk. Dat kost jaarlijks miljoenen. En niemand zit te wachten op een scenario waarin sprake is van weggegooid geld.

"De race cancellen zou rampzalig zijn voor de deelstaat Victoria", zegt Felicia Mariani van het regionale toerismebureau. "Deze streek heeft veel te verduren gehad door de bosbranden. Het is een toeristisch rampjaar. We hebben de GP juist nodig om weer op te krabbelen. Onze economie drijft op grote sportevenementen."

Toch is editie 25 van de race omstreden. "Het is echt van de gekke. Ongelooflijk riskant. Zo lokken we het virus vanzelf naar de stad", zegt Janelle Trees. De arts ondertekende een petitie tegen de grand prix in Melbourne. Duizenden anderen deden dat ook.

'Streep door de race'

Initiatiefnemer van die petitie is Gena Kenny. De yogaleraar vindt dat de staat Victoria bewoners in de steek laat. "De overheid moet ons beschermen, maar laat dat achterwege. Ik wil dat er een streep door de race gaat."

Kenny maakt zich vooral zorgen over de Italiaanse renstallen Ferrari en Alpha Tauri en bandenleverancier Pirelli. "Tientallen werknemers vliegen uit het gebied dat het epicentrum van het virus is naar Australië. Plus de fans. Uit een land dat in quarantaine zit. Onverantwoord."

Racen zonder publiek is in Melbourne echter geen reële optie. Anders dan in Bahrein - waar de GP volgende week dankzij diepe zakken van het regime gewoon doorgaat zonder publiek - heeft Melbourne opbrengsten uit kaartverkoop nodig. De overheid draagt met circa 40 miljoen euro al circa de helft van de kosten. Zonder publiek wordt het een financieel fiasco.

Formule 1 zwijgt

"Ik ben sowieso niet degene die de race kan schrappen", zegt Andrew Westacott. De leider van de 'Australian Grand Prix Corporation' heeft een hotline met de overheid. "Het is aan hen om de risico's te beoordelen. We hebben geen moment overwogen de race uit te stellen, maar luisteren uiteraard naar adviezen van onze medische experts."

Ondertussen zwijgt de Formule 1 in alle talen. Althans over corona. Wel verscheen deze week een ronkend persbericht over een miljoenensponsordeal met de Saoedische oliemaatschappij Aramco. Het illustreert de spagaat: Formule 1 draait om GP-zeges, maar ook om omzet. De sport is beursgenoteerd en het schrappen van races is funest voor het rendement en het imago.

Het stoort Renault-teambaas Cyril Abiteboul mateloos. "De Formule 1 gaat te lichtzinnig met de coronadreiging om. Zijn we wel alert genoeg? Ik maak me zorgen om mijn werknemers en de fans."

Rondreizend circus

Abiteboul wijst op de gevaren van het circa vierduizend mensen tellende reizende F1-circus. "Wij vliegen de hele wereld over. Natuurlijk wil ik ook graag dat alle races doorgaan, maar het moet wel verantwoord blijven. Ik vind het een beetje beschamend hoe de F1-leiding zich opstelt. Ze lijken nogal laks."

Het wordt een uitdagend seizoen, erkent F1-topman Ross Brawn. "We kunnen niet alles stilleggen. Dat zou nog meer economische schade aanrichten dan het virus zelf."

De conclusie is duidelijk: 'the show must go on'. Totdat de overheid de verantwoordelijkheid op zich neemt. Want dat is waar het spel echt om draait: de Formule 1 zit niet te wachten op corona, maar ook niet op miljoenenclaims.

Binnen enkele dagen moet er een besluit vallen over de GP van Vietnam (op 5 april). Insiders denken dat de nieuwe race op de kalender uiteindelijk toch uitgesteld gaat worden.

https://nos.nl/l/2326720