De Portugal Post – Dierenkliniek in de Algarve is net Yab Yum (ThePostOnline)

https://tpo.nl/wp-content/uploads/2022/01/de-portugal-post-1.jpg

Vandaag geheime strandtips van Laetitia en Spanjeman Raúlito heeft weer een schitterend huis aan de Costa Dorada in de aanbieding en een leuke tip over een herenclub! Maar eerst mijn hartverscheurende hondenverhaal!

Nooit meer reclamebanners op TPO.nl? Klik dan hier!

Amigas e amigos!

De Portugese dierenkliniek is net de Yab Yum: alleen al bij binnenkomst ben je een meier kwijt.

Een van mijn gevleugelde uitspraken, lieve lezeressen, is de titel van uw kakelverse lijfbode. En ik maak geen gebbetje, zoals u van mij gewend bent: een Portugese dierenarts is wolla net de Yab Yum. En voor die meier hing een of andere aap bij die legendarische seksclub tenminste nog je jassie op en dat kan je bij de veterinario mooi schudden.

De chorizofabriek

Kijk, mijn honden zijn mijn kinderen en ze kunnen me niet duur genoeg zijn. En de kliniek waar ik nu topklant ben, is een van de beste van de Algarve kan ik proefondervindelijk stellen. Toen mijn liefste hondje Raya aan het einde van haar krachten was – ze had de vreselijke ziekte leishmaniasis reeds opgelopen in Paraguay maar de “zwarte koorts” heerst ook in de Algarve – nam ik een van de moeilijkste beslissingen uit mijn leven: euthanasie. U weet ongetwijfeld hoe erg honden dierenklinieken haten: ze ruiken bloed en angstpis van andere honden en niets is erger dan dat zo’n beessie zijn leven wordt beëindigd op een metalen tafel in een non-descript naar chemische troep stinkend hok.

Artikel gaat verder na afbeelding.

https://tpo.nl/wp-content/uploads/2022/04/Openingskiek-750x749.jpeg

Sommige eigenaren durven er zelfs niet bij te zijn als hun hond zijn spuitje krijgt! Schoftentuig! Zowel mijn vader als mijn moeder stierven in mijn armen en Raya dus ook. Ik wilde dat Raya thuis zou sterven, op haar vertrouwde bankje in haar vertrouwde omgeving. De dierenarts kwam, met een hele lieve assistente, en deed een infuusje in, eerst iets met methadon en dan nog iets dat een hartstilstand veroorzaakt. Ik meen dat ik dertig euro moest aftikken. Het is voor niks! Ik had reeds een graf gegraven in mijn moestuin en dat schijnt niet te mogen van de bizarre Portugese wet. De arts wilde mij zelfs nog helpen de toch nog zware hond naar zijn laatste rustplaats te dragen maar dat hoefde niet van mij. Hij vond het een goede keus want voor een klein bedrag kon hij het beest ook meenemen. Ik riep: zeker naar de chorizofabriek! Hij moest lachen en zei: je wilt inderdaad niet weten wat er met zo’n kadaver gebeurt bij dat afleverpunt. Enfin: tot zover het goede nieuws over de dierenarts. Ik had mijn dierbare nieuwe buurvrouw Dieuwertje – volg haar! – getipt over die dierenkliniek want zij en haar vent Bart hebben zo’n hond die tien jaar op je graf blijft liggen. Zo’n Japanse sledehond is natuurlijk niet helemaal ingesteld op de zinderende Portugese zomers en heeft de nodige vaccinaties nodig. Ik vertelde Dieuwertje over de Yab Yum en verdomd: ze moest bijna 2 meijer aftikken! Voor die poen kon je in de Yab Yum én je jas ophangen én een hoer op een glaasje bubbels fêteren. Neuken ho maar, dat ging richting een rug en dan verliet je die hut niet eens echt dronken hoor, hoogstens tipsy.

Een Portugees veganmiddeltje

Kijk, een consult kost bij vrijwel elke dierenarts in de Algarve (ik ken er een stuk of 10) rond de 25 euro. Maar daar blijft het nooit bij. Ik ben best wel redelijk onderlegd in potjeslatijn – een van mijn schaarse exen is chirurg – maar van de abracadabra en de hocus pocus die uiteindelijk op de rekening staat snap ik nooit een yota. Allerlei handelingen die verricht schijnen te zijn – ik stond er notabene naast – en als je een röntgenfoto laat maken ben je echt zwaar de sjaak. Ik ben op zo’n moment echt een schijtbak want ik wil die dierenarts – immers mijn beste vriend – niet schofferen. En Portugezen zijn toch al snel in hun eer aangetast, dat zal wel door hun Noord-Afrikaanse genen komen. Dus ik pik het, net als gore wijn van 6 euro per glas in een Amsterdams eetcafé, ingeschonken door een pokdalige Australiër die geen woord Nederlands spreekt en je bovendien schoffeert als je zegt: ober, mijn glas is nog vies, en hij dan zegt: dat is je wijn, fucking old bastard, and if you don’t like it: fuck off!

Bon. Nog een gouden tip van Tuur: koop nooit voer bij de dierenarts! Dat is nog duurder dan cocaïne in de Algarve en ik vraag me altijd af of dat het waard is. Dat speciale voer, bedoel ik. Mijn oudste hond Tita heeft artrose en ik kook regelmatig voor haar: groenten, rijst en hartjes, niertjes, levertjes en kipfilet, en op vrijdag koolvis want ze is zo rooms als de neten. Daarnaast, en dit is echt een geweldige tip, geef ik haar dagelijkse twee pillen KimiMove ultra, een Portugees veganmiddeltje dat uitstekend werkt, en ik geef haar een eetlepel Anima Strath, nog zo’n natuurlijk wondermiddel. Ik koop een liter van dat spul bij mijn favoriete winkel van sinkel Madeira & Madeira voor nog geen veertig euro. Laatst zag ik zo’n fles staan bij de Tibi – dat zijn echt gore afzetters, mijdt die keten als de pest – voor 55 euro.

Ik ben al met al dus heel tevreden met mijn kliniek maar ik hoor al jaren hele goede verhalen over de zeer sympathieke Ierse dierenarts Sara Langridge in Tavira en die schijnt ook nog eens heel schappelijke tarieven te hanteren.

Een dagje naar het strand van Olhão

Het ultieme uitje, beste lezers, want de reis naar het strand van Olhão is al een evenement op zich, waar een dagje Efteling naast verbleekt. Allereerst moet je weten dat Olhão aan de Ria Formosa – de Waddenzee van Portugal – ligt. Ria betekent onder andere baai in het Portugees. Het is een adembenemend gezicht vanuit het vliegtuig, tijdens de landing op Faro Airport; een wisselend moerasachtig landschap met een blauw kleurenpalet en spierwitte zandbanken.

Je kunt dan goed zien hoe je het natuurgebied van de Ria Formosa binnenvliegt. Het is een waddengebied dat begint bij Tavira en eindigt in Faro. In dit beschermde natuurgebied liggen een aantal waddeneilanden met eindeloze stille stranden, vergelijkbaar met bijvoorbeeld Terschelling of Texel.

Mijn woonplaats Olhão ligt ook vlakbij zo’n eiland. Om daar te komen moet je met de veerpont, die doet er ongeveer 30 minuten over. Door een vaargeul bereik je bijvoorbeeld de steiger Armona en loop je vervolgens in ca. 25 minuten naar een prachtig strand. Je waant je werkelijk in de Caribbean. Het is er altijd stil, want de meeste mensen die naar het strand willen, willen niet én op de veerboot én daarna nog eens een half uur lopen met een volle koelbox. Kortom: de meeste mensen vinden een uur reizen om naar een strand te komen teveel van het goede, dus de massatoerist vind je vooral aan de westelijke Algarve op 5 minuten lopen van je hotel, bij zeewater dat zelfs in de zomer om te gieren zo koud is. Ieder z’n ding…

Het paradijs bestaat nog

De veerboten die in Olhão hun dienstregeling draaien, stammen nog uit de tijd van Kruiningen-Perkpolder en werden waarschijnlijk aan Olhão geschonken omdat niemand meer interesse had in deze antieke schuitjes. Omdat hier niets wordt weggegooid, stoten ze gewoon nog steeds een flinke dosis diesel de lucht in (de stikstofcrisis bestaat hier niet) en zitten ondertussen de eilandbewoners met hun boodschappen heel tevreden te keuvelen aan boord van de Geertruida II. Want het motto in de Algarve is: als het maar rijdt of vaart.

Eenmaal afgemeerd in Armona zoekt iedereen zijn hutje op en kabbelt het leven verder. De toeristen lopen dagelijks voorbij de witte huisjes die soms maar uit 1 kamer bestaan. De kanarie hangt in een kooitje boven de deur, de hond is van alle bewoners en de poes ook. Niemand bezit hier iets. En je mag alleen maar op een eiland wonen als je visser bent. Auto’s zijn er niet. Fietsen mag niet. De totale rust. Het enige dat je hoort is de lokale bar, waar de rampenzender van de televisie verslag doet van de zoveelste bosbrand. Het paradijs bestaat nog (maar niet in juli en augustus).

Artikel gaat verder na afbeelding.

https://tpo.nl/wp-content/uploads/2022/04/rukbunker2-750x547.jpeg

Spanjeman Raúl

Vorige week heb ik getracht een verhaal te vertellen over één van de onverwachte hobby’s van onze geliefde Hoofdredacteur. Belangrijkste boodschap van dat verhaal was natuurlijk dat je die hobby op fantastische wijze kan beoefenen in het mooie Spanje. Vooral omdat je hier nooit geconfronteerd zult worden met het fenomeen ‘wintergreen’. Een andere hobby, die regelmatig terugkeert in verhalen van de Grote Roerganger, is niet geografisch gebonden en kan wereldwijd naar hartenlust worden beoefend. Mits een beetje discreet, zo dacht ik. Ik bedoel, fappen met publiek, ik moet er niet aan denken.

Nu viel mijn oog op een artikel in El País waarin melding wordt gemaakt van de opening van een club in Madrid. Een herenclub. Naar Amerikaans (zucht) voorbeeld. Een rukclub. Een fappotheek zogezegd. U leest het goed lieve lezeressen, lezers ook. Een club waar je als kerel gezellig met andere rukkers ook eens aan iets anders kan zitten trekken dan aan een Cubaanse, handgerolde sigaar. Als dát geen wervend nieuwtje is dat u acuut een ticket naar het Iberisch schiereiland doet boeken weet ik echt niet wat u wel zou kunnen enthousiasmeren. “Raúl,” zult u zeggen, “Je lult uit je nek! Het is ondenkbaar dat een keurig nieuwsmedium zoals El País met dergelijke vunzigheden de interesse van de websurfende leesconsument zou trachten te trekken.” Nou nee dus. Ze waren zelfs zo vriendelijk het artikel in het Engels te vertalen opdat de Nederlandse lezers van de Portugal Post die het Spaans (Castellano eigenlijk) niet meester zijn toch op de hoogte kunnen geraken van dit nieuwste toeristische pareltje in het toch al uitgebreide arsenaal van publiekstrekkers (no pun intended. Hoewel…)

Hier het artikel door onderzoeksjournalist Guillermo Alonso.

Artikel gaat verder na afbeelding.

https://tpo.nl/wp-content/uploads/2022/04/rukbunker1-750x390.jpeg

https://tpo.nl/wp-content/uploads/2022/04/rukbunker5-1-750x503.jpeg

Nu is het wachten op de overheidscampagne ‘Geniet maar ruk met mate’. Ik kan me zo voorstellen dat u geheel enthousiast bent geraakt over dit concept en aan een eigen aflevering van het programma ‘Ik vertrek’ zit te denken, daarom is Raúl tussen de drukke werkzaamheden door voor u op zoek gegaan naar een geschikt stukje onroerend goed om het avontuur handen en voeten te geven. Aarzel niet te lang, deze occasion is zeer in trek!Voor slechts 230.000 eurootjes bent u in het bezit van deze heerlijke rukbunker in Creixell met discrete tuin. Ik zou zeggen trek die portemonnee! Hou jullie haaks rakkers, ¡hasta luego!

https://tpo.nl/wp-content/uploads/2022/04/rukbunker3-1.jpeg

Discrete tuin.

Lees meer Portugal Post:

Pasen in Portugal en stinkende jonko’s op de golfbaan
De Vliegende Wijnmaker
Wijnsafari, camperaars en corrupte communistische politici

 

 

Doneer aan Arthur van Amerongen!

 

Weg met alle irritante banners, trackers en popups op TPO.nl! KLIK NU METEEN HIER!

 

De Portugal Post – Dierenkliniek in de Algarve is net Yab Yum

https://tpo.nl/2022/04/24/de-portugal-post-dierenkliniek-in-de-algarve-is-net-yab-yum/

Brandweer krijgt hulp vanuit de lucht (Nederlands Dagblad)

In Twente wordt geëxperimenteerd met de inzet van drones bij de bestrijding van calamiteiten. De mogelijkheden zijn groot, maar privacy is nog wel een punt. ‘Wat doet die drone boven mij?’Op de voormalige vliegbasis Twenthe zal de komende tijd geregeld zogenaamd een brand uitbreken of een verkeersongeval plaatsvinden. Geen reden voor paniek, want dat is precies de bedoeling van het vorige week gelanceerde proefproject Uiver op de Twente Safety Campus. Bij elke gesimuleerde calamiteit zal een onbemande drone opstijgen. Die brengt met camera’s en sensoren de situatie zo goed mogelijk in kaart. ‘De omgeving is zo ingericht dat we allerlei scenario’s kunnen toetsen’, zegt Martijn Zagwijn, drone-expert bij Brandweer Twente en projectleider van Uiver. ‘Op die manier kunnen we op een veilige manier onze techniek verder ontwikkelen.’Het doel is een dekkend drone-netwerk aanleggen dat in 2025 kan worden ingezet bij tal van situaties: van het monitoren van een brand tot het opsporen van een drugslab. ‘Zodra een melding binnenkomt bij de regionale meldkamer, kan de centralist een drone naar het incident sturen’, zegt Zagwijn. ‘Die vliegt daar automatisch naartoe. Vanuit de meldkamer kan live worden meegekeken.’drugslabsMet de vliegende camera krijgt de meldkamer snel overzicht. Voordat hulpdiensten ter plaatse zijn, verstrijken gemiddeld vier tot zes minuten. Een drone is er in minder dan de helft van de tijd. Terwijl politie en brandweer nog onderweg zijn, kan de drone al belangrijke informatie doorspelen. Bij brand: hoe groot is die, zijn er mensen in de buurt, breidt de brand zich uit, welke kleur heeft de rook? Bij een verkeersongeluk kan de drone een 3D-scan maken, waaruit valt op te maken hoeveel voertuigen erbij betrokken zijn en of er nog mensen in de auto’s zitten. ‘Dat vergroot ook de veiligheid van onze hulpverleners’, zegt Zagwijn. ‘Die weten wat ze zullen aantreffen en kunnen het juiste materieel inzetten.’In het proefproject wordt ook geëxperimenteerd met de inzet van drones bij het opsporen van drugslabs. Bij de fabricage van synthetische drugs komen stoffen vrij die het toestel kan detecteren.langzaam uitbreidenDoor hun zelflerende systeem zullen drones steeds slimmer worden en uiteindelijk zelfs volledig autonoom op incidenten af kunnen vliegen, zonder dat iemand op een knop hoeft te drukken. Maar dat is toekomstmuziek.Een eerste stap is dat halverwege volgend jaar vanaf het hightech droneplatform van de gloednieuwe brandweerkazerne in Glanerbrug de eerste operationele vluchten in de publieke ruimte worden gemaakt. ‘Vandaar uit willen we langzaam uitbreiden, door op meer strategische plekken in Twente een dronesysteem in te richten’, aldus Zagwijn. Daarvoor wordt subsidie aangevraagd bij het Europese fonds voor Regionale Ontwikkeling. De Brandweer Twente was in 2015 het eerste korps in Nederland dat beschikte over een drone voor hulp bij calamiteiten. Inmiddels experimenteren meer organisaties ermee. Onlangs introduceerde het Veluws Bosbrandweer Comité de met camera’s en infrarooddetectie uitgeruste drone Imbe, die bosbranden vroegtijdig moet opsporen.De politie maakt al langer gebruik van drones voor opsporing en handhaving, Rijkswaterstaat zet vliegende camera’s in voor de inspectie van bruggen, sluizen en waterkeringen. Deze toestellen worden gefabriceerd door het Chinese bedrijf Da Jiang Innovations (DJI), wereldwijd marktleider op het gebied van onbemande commerciële toestellen.Vorige maand onthulde het platform voor onderzoeksjournalistiek Investico dat niet valt uit te sluiten dat de data via deze drones op Chinese servers belanden. Zo zou gevoelige informatie bij de Chinese overheid terecht kunnen komen.Ook Brandweer Twente maakt gebruik van drones van deze Chinese fabrikant, maar Zagwijn maakt zich geen zorgen over de veiligheid. ‘Ons systeem is autonoom en werkt los van internetverbindingen.’Wel een punt van zorg is de regelgeving. De regels voor het vliegen met drones zijn vastgelegd in Europese wetgeving, die steeds soepeler is geworden. Nog maar een paar jaar geleden was het bijvoorbeeld verboden om met een drone boven bebouwing te vliegen, inmiddels mag dit wel. ‘Maar uiteraard moeten we ons aan de afspraken houden’, zegt Zagwijn. ‘Dat betekent dat we duidelijk moeten maken wat we met de informatie doen, wie inzage daarin hebben, hoe de gegevens van A naar B worden gestuurd en hoe we dit beveiligen.’privacyOmdat Brandweer Twente de beelden niet opslaat, zijn de regels hiervoor iets soepeler. Toch is het belangrijk om goed na te denken over de privacy, vindt Wiebe de Jager, oprichter van Dronewatch.nl. ‘Je kunt alles volgens het boekje doen, door gezichten te blurren en geen data op te slaan die herleidbaar zijn naar personen, maar dan nog kunnen mensen het als heel indringend ervaren als er een drone boven hun wijk vliegt.’Dit is volgens De Jager te ondervangen door met lichten duidelijk te maken bij welke hulpdienst een drone hoort. ‘Bijvoorbeeld: blauw knipperlicht is de politie, rood de brandweer. Je zou ook een app kunnen maken waarmee mensen via hun telefoon kunnen volgen van wie een drone is en wat die aan het doen is. Dan krijgen mensen in de gaten dat de drones worden ingezet om levens te redden.’Maatschappelijk draagvlak is belangrijk, beaamt Zagwijn. ‘Ik kan me voorstellen dat een burger denkt: wat doet die drone boven mij? We moeten de mensen goed informeren wat ons doel is, zodat ze niet denken dat we voor de lol rondjes vliegen.’ ◀achtergron...

https://www.nd.nl/nieuws/nederland/1068392/brandweer-krijgt-hulp-vanuit-de-lucht

Brandweer krijgt hulp vanuit de lucht. Maar hoe zit het met de privacy? (Nederlands Dagblad)

In Twente wordt geëxperimenteerd met de inzet van drones bij de bestrijding van calamiteiten. De mogelijkheden zijn groot, maar privacy is nog wel een punt. ‘Wat doet die drone boven mij?’Op de voormalige vliegbasis Twenthe zal de komende tijd geregeld zogenaamd een brand uitbreken of een verkeersongeval plaatsvinden. Geen reden voor paniek, want dat is precies de bedoeling van het vorige week gelanceerde proefproject Uiver op de Twente Safety Campus. Bij elke gesimuleerde calamiteit zal een onbemande drone opstijgen. Die brengt met camera’s en sensoren de situatie zo goed mogelijk in kaart. ‘De omgeving is zo ingericht dat we allerlei scenario’s kunnen toetsen’, zegt Martijn Zagwijn, drone-expert bij Brandweer Twente en projectleider van Uiver. ‘Op die manier kunnen we op een veilige manier onze techniek verder ontwikkelen.’Het doel is een dekkend drone-netwerk aanleggen dat in 2025 kan worden ingezet bij tal van situaties: van het monitoren van een brand tot het opsporen van een drugslab. ‘Zodra een melding binnenkomt bij de regionale meldkamer, kan de centralist een drone naar het incident sturen’, zegt Zagwijn. ‘Die vliegt daar automatisch naartoe. Vanuit de meldkamer kan live worden meegekeken.’drugslabsMet de vliegende camera krijgt de meldkamer snel overzicht. Voordat hulpdiensten ter plaatse zijn, verstrijken gemiddeld vier tot zes minuten. Een drone is er in minder dan de helft van de tijd. Terwijl politie en brandweer nog onderweg zijn, kan de drone al belangrijke informatie doorspelen. Bij brand: hoe groot is die, zijn er mensen in de buurt, breidt de brand zich uit, welke kleur heeft de rook? Bij een verkeersongeluk kan de drone een 3D-scan maken, waaruit valt op te maken hoeveel voertuigen erbij betrokken zijn en of er nog mensen in de auto’s zitten. ‘Dat vergroot ook de veiligheid van onze hulpverleners’, zegt Zagwijn. ‘Die weten wat ze zullen aantreffen en kunnen het juiste materieel inzetten.’In het proefproject wordt ook geëxperimenteerd met de inzet van drones bij het opsporen van drugslabs. Bij de fabricage van synthetische drugs komen stoffen vrij die het toestel kan detecteren.langzaam uitbreidenDoor hun zelflerende systeem zullen drones steeds slimmer worden en uiteindelijk zelfs volledig autonoom op incidenten af kunnen vliegen, zonder dat iemand op een knop hoeft te drukken. Maar dat is toekomstmuziek.Een eerste stap is dat halverwege volgend jaar vanaf het hightech droneplatform van de gloednieuwe brandweerkazerne in Glanerbrug de eerste operationele vluchten in de publieke ruimte worden gemaakt. ‘Vandaar uit willen we langzaam uitbreiden, door op meer strategische plekken in Twente een dronesysteem in te richten’, aldus Zagwijn. Daarvoor wordt subsidie aangevraagd bij het Europese fonds voor Regionale Ontwikkeling. De Brandweer Twente was in 2015 het eerste korps in Nederland dat beschikte over een drone voor hulp bij calamiteiten. Inmiddels experimenteren meer organisaties ermee. Onlangs introduceerde het Veluws Bosbrandweer Comité de met camera’s en infrarooddetectie uitgeruste drone Imbe, die bosbranden vroegtijdig moet opsporen.De politie maakt al langer gebruik van drones voor opsporing en handhaving, Rijkswaterstaat zet vliegende camera’s in voor de inspectie van bruggen, sluizen en waterkeringen. Deze toestellen worden gefabriceerd door het Chinese bedrijf Da Jiang Innovations (DJI), wereldwijd marktleider op het gebied van onbemande commerciële toestellen.Vorige maand onthulde het platform voor onderzoeksjournalistiek Investico dat niet valt uit te sluiten dat de data via deze drones op Chinese servers belanden. Zo zou gevoelige informatie bij de Chinese overheid terecht kunnen komen.Ook Brandweer Twente maakt gebruik van drones van deze Chinese fabrikant, maar Zagwijn maakt zich geen zorgen over de veiligheid. ‘Ons systeem is autonoom en werkt los van internetverbindingen.’Wel een punt van zorg is de regelgeving. De regels voor het vliegen met drones zijn vastgelegd in Europese wetgeving, die steeds soepeler is geworden. Nog maar een paar jaar geleden was het bijvoorbeeld verboden om met een drone boven bebouwing te vliegen, inmiddels mag dit wel. ‘Maar uiteraard moeten we ons aan de afspraken houden’, zegt Zagwijn. ‘Dat betekent dat we duidelijk moeten maken wat we met de informatie doen, wie inzage daarin hebben, hoe de gegevens van A naar B worden gestuurd en hoe we dit beveiligen.’privacyOmdat Brandweer Twente de beelden niet opslaat, zijn de regels hiervoor iets soepeler. Toch is het belangrijk om goed na te denken over de privacy, vindt Wiebe de Jager, oprichter van Dronewatch.nl. ‘Je kunt alles volgens het boekje doen, door gezichten te blurren en geen data op te slaan die herleidbaar zijn naar personen, maar dan nog kunnen mensen het als heel indringend ervaren als er een drone boven hun wijk vliegt.’Dit is volgens De Jager te ondervangen door met lichten duidelijk te maken bij welke hulpdienst een drone hoort. ‘Bijvoorbeeld: blauw knipperlicht is de politie, rood de brandweer. Je zou ook een app kunnen maken waarmee mensen via hun telefoon kunnen volgen van wie een drone is en wat die aan het doen is. Dan krijgen mensen in de gaten dat de drones worden ingezet om levens te redden.’Maatschappelijk draagvlak is belangrijk, beaamt Zagwijn. ‘Ik kan me voorstellen dat een burger denkt: wat doet die drone boven mij? We moeten de mensen goed informeren wat ons doel is, zodat ze niet denken dat we voor de lol rondjes vliegen.’ ...

https://www.nd.nl/nieuws/nederland/1068392/brandweer-krijgt-hulp-vanuit-de-lucht-maar-hoe-zit-het-met-de-privacy-

Waarom gaat ‘Stoptober’ niet over ontbossing en kinderarbeid? (OneWorld)

https://www.oneworld.nl/app/uploads/2021/10/iStock-1172880830-875x566.jpg

De Stoptober-campagnes reppen met geen woord over de klimaat- en sociale impact van roken.

De tabaksindustrie is verantwoordelijk voor kinderarbeid en grootschalige milieuvervuiling. Toch hebben we, ook tijdens ‘Stoptober’, nauwelijks aandacht voor die kant van het verhaal. ‘De helft van de ontbossing in Angola, Malawi, Tanzania en Zimbabwe komt door de tabaksindustrie.’

Het is de dodelijkste industrie ter wereld, nog fataler dan de wapenindustrie: de tabaksindustrie. Volgens Amnesty International sterven er wereldwijd jaarlijks een half miljoen mensen in gewapende conflicten. Roken jaagt jaarlijks wereldwijd maar liefst meer dan zeven miljoen mensen de dood in. In Nederland laten jaarlijks 20.000 mensen het leven door de gevolgen van roken. De helft van hen nog voordat zij met pensioen konden gegaan.

Voor de productie van sigaretten is een groter oppervlakte nodig dan Nederland

Niet zo vreemd dus dat er ontzettend veel aandacht is voor de gezondheidsrisico’s van roken. Deze maand, tijdens ‘Stoptober’, worden Nederlanders uitgedaagd te stoppen. De stopmaand is een initiatief van onder meer KWF Kankerbestrijding, de Hartstichting, het Longfonds, het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport en het Trimbos-instituut. Deze organisaties benadrukken dat stoppen met roken belangrijk is voor je gezondheid. Maar over de klimaat- en sociale impact van roken reppen zij in hun campagnes met geen woord. Waarom?

Ontbossing en andere milieuproblemen

Voor de productie van tabak wordt veel tropisch bos gekapt. Voor de productie van de 6 biljoen sigaretten, die de wereldbevolking jaarlijks oprookt, is bijvoorbeeld 5,3 miljoen hectare land nodig, meer dan de totale oppervlakte van Nederland. In de Miombo bossavanne – een enorm gebied verspreid over onder meer Angola, Malawi, Tanzania en Zimbabwe – wordt zeker de helft van de jaarlijkse ontbossing toegeschreven aan de tabaksindustrie.

De CO2-voetafdruk van de tabaksindustrie bijna zo groot als die van Peru of Israël

Behalve ontbossing veroorzaakte de industrie meer milieuproblemen. Voor het verbouwen van tabak zijn veel pesticiden nodig, die zowel slecht zijn voor de boer als voor de leefomgeving. Bij de productie van tabakswaar komt bovendien CO2 vrij, onder meer door het gebruik van fossiele grondstoffen. Onderzoekers van het Imperial College London berekenden in 2018 dat de tabaksindustrie jaarlijks 84 miljard kilo aan broeikasgassen uitstoot. Dat is ongeveer 0,2 procent van de jaarlijkse totale uitstoot van de hele wereld. Dat lijkt misschien weinig, maar, zo stellen de onderzoekers: “De CO2-voetafdruk van tabak is bijna net zo hoog als de uitstoot van hele landen, zoals Peru en Israël.”

Beperkte middelen en handelingsperspectief

Dat deze milieuvervuiling niet op de radar staat van goede doelen als KWF Kankerbestrijding en de Hartstichting, is begrijpelijk. Maar ook bij milieuorganisaties zoals Greenpeace, Milieudefensie en MilieuCentraal blijkt milieuschade van de tabaksindustrie buiten het vizier te vallen, zo blijkt uit navraag. Ondanks de vervuiling die de tabaksindustrie veroorzaakt, koppelt Milieudefensie roken vooral aan gezondheid. “In de eerste plaats is dit een gezondheidsissue en daar zijn andere ngo’s al mee bezig gelukkig”, aldus Jasperine Schupp, woordvoerder van Milieudefensie.

De anti-rokenlobby zorgde ervoor dat de tabaksindustrie geen reclame meer mag maken

Milieudefensie richt zijn pijlen vooral op industrieën met een grote CO2-uitstoot, zoals oliebedrijven en de zware industrie, net als Greenpeace. “Milieudefensie concentreert zich voornamelijk op onderwerpen waar grote klimaatwinst is te behalen”, verklaart Schupp. Zo besteedt de milieuorganisatie veel aandacht aan de Klimaatzaak tegen Shell. “Er zijn heel veel onderwerpen die onze aandacht verdienen, maar onze mensen en middelen zijn niet eindeloos. Wij focussen ons op de vervuilers met de allergrootste CO2-uitstoot, zoals de olie-industrie en bedrijven als Tata Steel, om zo de meeste impact te maken”, reageert Saskia van Aalst van Greenpeace. En dus belandt de tabaksindustrie op het bordje van goede doelen als KWF Kankerbestrijding, de Hartstichting en het Longfonds.

Van Aalst: “Gelukkig zijn er veel andere partijen die zich al met succes bezig houden met de lobby tegen roken.” Maar richten die zich niet te vaak op de consument in plaats van op de industrie? Nee, vindt Van Aalst: “De anti-rokenlobby heeft het voor elkaar gekregen dat de tabaksindustrie geen reclame mag maken en dat ze haar producten op steeds minder plekken mag verkopen. Ik weet zeker dat de industrie daar niet blij mee is. En wij als Greenpeace geloven in die aanpak van systeemverandering: niet de consument verantwoordelijk maken voor de omslag maar de industrie en de overheid.”

Voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal, die praktische tips geeft voor een duurzamer leven, rept met geen woord over de klimaatimpact van roken. “Als Milieu Centraal kijken wij naar de milieuaspecten waar wij voor consumenten handelingsperspectief zien. Bij het stoppen met roken denken wij dat dit weinig helpt.” Milieudefensie sluit zich daarbij aan. Schupp verwacht niet dat aandacht voor de vervuiling, die de tabaksindustrie veroorzaakt, rokers zou stimuleren om te stoppen. “Verslaving is heel complex en het is voor rokers erg moeilijk om te stoppen omdat nicotine zeer verslavend is. Stoppen hangt samen met vele factoren, zoals genen, omgeving en stress”, verklaart Schupp.

De productie van tabak vergroot voedsel- en watertekorten in kwetsbare gemeenschappen

“Wel is het in het kader van zwerfafval een zeer belangrijk onderwerp”, aldus Mariska Joustra van Milieu Centraal. En dat mag de consument oplossen. Want zo tipt Milieu Centraal op haar website: ‘gooi afval, ook kleine dingen zoals kauwgom, sigarettenpeuken of tissues, altijd in een openbare vuilnisbak’.

Kinderarbeid

De tabaksindustrie is niet alleen vervuilend maar vergroot ook de sociale onrechtvaardigheid in de wereld. 90 procent van de tabak wordt verbouwd in armere landen als India, Zimbabwe, Pakistan en Malawi. Het zijn vooral kwetsbare gemeenschappen die last hebben van de druk die de tabakssector op ecosystemen en natuurlijke hulpbronnen legt. De productie van tabak vergroot het voedsel- en watertekort waar deze landen onder gebukt gaan, terwijl de tabak vooral bedoeld is voor de export.

Op zeven van de tien plantages die de journalisten bezochten waren kinderen aan het werk

Bovendien vindt er op de tabaksplantages kinderarbeid plaats. Onderzoeksjournalisten van The Guardian ontdekten in 2018 dat kinderen in Malawi door hun straatarme ouders van school werden gehaald om op de tabaksvelden te werken. En op zeven van de tien plantages die de journalisten in Mexico bezochten waren kinderen aan het werk. Naar aanleiding van het onderzoek van The Guardian spanden Britse advocaten namens duizenden Malawese tabaksarbeiders en hun families eind 2020 een rechtszaak aan tegen British American Tobacco en Imperial Brands. Deze loopt nog.

Uitbuiting door de tabaksindustrie lijkt typisch een kwestie voor OxfamNovib, een non-profitorganisatie die strijdt voor een rechtvaardige wereld zonder armoede. Toch zijn er geen campagnes van OxfamNovb tegen de tabaksindustrie. “Wij richten ons vooral op de voedingsindustrie en de financiële sector. Het is een strategische keuze om ons te focussen op een beperkt aantal onderwerpen en hebben gekozen voor deze twee”, vertelt Anouk Franck, beleidsmedewerker bij Oxfam Novib.

Overeenkomsten met koffie- en cacao-industrie

Het nadeel daarvan is, dat terwijl tabak een blinde vlek blijft, er veel overlap op andere gebieden. Zo richten zowel OxfamNovib, Greenpeace als Milieudefensie zich op de misstanden rondom palmolie, waaronder ontbossing, kinderarbeid en het overmatig gebruik van pesticiden. Franck ziet veel overeenkomsten met de misstanden in de voedingsindustrie. Ook op koffie- en cacaoplantages werken bijvoorbeeld nog steeds vaak kinderen, krijgen de boeren slecht betaald en worden er bossen gekapt voor de plantages. “Maar omdat je tabak niet kunt eten, valt dat buiten onze focus”, aldus Franck.

De kwetsbaarste mensen betalen voor de vervuiling van de tabaksindustrie

Ze wijst wel op algemene campagnes van OxfamNovib die zich richten op een systeemverandering. Zo pleit OxfamNovib voor meer klimaatrechtvaardigheid omdat zij constateert dat machthebbers en vervuilers de prijs voor klimaatverandering vaak bij de kwetsbaarste mensen neerleggen, zoals ook gebeurt door de tabaksindustrie. OxfamNovib dringt dan ook bij de overheid aan op meer klimaatsteun voor kwetsbare landen, waarmee ze zich kunnen beschermen tegen extreem weer. Denk aan geld voor dijken of nieuwe zaden en gewassen.

Greenpeace sluit niet uit zich in de toekomst aan te sluiten bij een campagne tegen de tabaksindustrie. “Voor schone lucht, gezondheid of het klimaat, we kijken altijd waar we een verschil kunnen maken”, zegt woordvoerder Van Aalst. Franck van Oxfam Novib ziet nog wel een pijnpuntje. “Als we campagne voeren voor betere arbeidsomstandigheden in de tabaksindustrie, houden we daarmee ook een industrie in stand die jaarlijks miljoenen doden op haar geweten heeft. Dat is wel een dilemma.”

Elk jaar meer vuur (tot de bossen op zijn)

Als kinderarbeid oogluikend wordt toegestaan

Irene van den Berg

Het bericht Waarom gaat ‘Stoptober’ niet over ontbossing en kinderarbeid? verscheen eerst op OneWorld.

https://www.oneworld.nl/lezen/klimaat/nog-een-reden-voor-stoptober-kinderarbeid-en-milieuvervuiling/

IFV-VVBA-scriptieprijs 2021 voor scriptie over simulaties van vliegvuur (Beveiliging)

https://www.beveiliging.nl/wp-content/uploads/2021/06/IFV-VVBA-scriptieprijs-2021-80x80.jpg

Leo Willem Menzemer van de University of Maryland/Ghent University heeft met een scriptie over numerieke simulaties van vliegvuur bij grote buitenbranden de IFV-VVBA-scriptieprijs 2021 gewonnen.

“De sterke punten van de scriptie zijn de relevantie voor brandveiligheid, de wetenschappelijke onderbouwing en de actualiteit. Natuurbranden komen steeds vaker voor en ook het probleem van branduitbreiding als gevolg van vliegvuur is zeer actueel”, aldus de jury.

De studie introduceert een theoretische analyse van het probleem van verbranding en transport van vliegvuur. FDS (Fire Dynamics Simulator) wordt gebruikt om te voorspellen of vliegvuur(deeltjes) de lucht in gaan en welke afstand ze kunnen afleggen. Uit het pyrolysemodel wordt geconcludeerd dat het massaverlies het meest nauwkeurige criterium is om te bepalen of deeltjes nog branden of niet.

Het product van de soortelijke massa en de dikte van de vliegvuurdeeltjes zijn de bepalende factoren van de vliegvuurdynamica. Vliegvuurdelen met een factor groter dan 1 worden niet door de rookpluim meegenomen en vallen brandend op de grond op een maximale afstand van tien meter. Deeltjes met een lage factor (< 0,6) worden wel door de rookpluim meegenomen en kunnen grote afstanden afleggen met een minimum van vijftig meter.

De scriptieprijs van het IFV en de Vereniging van Brandveiligheidsadviseurs (VVBA) is op 10 juni uitgereikt tijdens het 13e Internationaal Congres Fire Safety & Science. De scriptieprijs is ingesteld voor de meest innovatieve, spraakmakende, relevante of fundamentele master- of bachelorthesis over brandveiligheid. Aan de prijs is een bedrag verbonden van 1200 euro, te besteden aan een FSE gerelateerd onderwerp, zoals een cursus, studiereis of studieboeken.

https://www.beveiliging.nl/nieuws/ifv-vvba-scriptieprijs-2021-voor-scriptie-over-simulaties-van-vliegvuur