Brazilië toont weer aan: maak inheemse volken prioriteit (Joop)

“De Braziliaanse regering zorgt ervoor dat de indianen in de jungle van Brazilië uitsterven,” aldus de Sunday Times.

Deze zomer is de wereld geschokt door wat zich afspeelt in het Amazonegebied van Brazilië. Door het beleid van de Braziliaanse president Bolsonaro verdwijnt in rap tempo regenwoud om plaats te maken voor landbouwgrond en mijnbouw. Grote delen van het bos staan in brand. Inheemse bewoners die hun leefgebied proberen te beschermen worden bedreigd, verjaagd of vermoord.

https://joop.bnnvara.nl/content/uploads/2016/07/AmazoneBrazil.jpg

cc-foto: CIFOR

Maar het citaat uit de Sunday Times is niet van dit jaar. Precies vijftig jaar geleden was de wereld ook geschokt door wat zich afspeelde in het Braziliaanse Amazonewoud. De Britse krant publiceerde toen een onderzoek en concludeerde dat de indianen daar systematisch werden uitgeroeid om plaats te maken voor commerciële belangen. De verontwaardiging leidde in Nederland tot oprichting van de WIZA, Werkgroep Indianen Zuid-Amerika, later omgevormd tot NCIV, Nederlands Centrum voor Inheemse Volken.

Is er in die vijftig jaar eigenlijk wel wat veranderd? Heeft de Nederlandse verontwaardiging en solidariteit zin gehad? Wat is de rol van de Nederlandse overheid?

Vijftig jaar geleden dachten velen dat indianen en andere oorspronkelijke volken waren uitgestorven en hooguit in een etnologisch museum te zien waren. Dat was eigenlijk vreemd, in een tijd dat juist veel volken zich losmaakten van hun Europese koloniale overheersers en zichzelf gingen besturen. Het universele recht op zelfbeschikking ging echter aan een groot deel van de volken voorbij: de inheemse volken.

Begin jaren zeventig groeide het bewustzijn dat ook indianen, Aboriginals, Maori’s en anderen, volken vormen die net zo goed rechten hebben: op land, cultuur en zelfbestuur. Vanuit Nederland kwam steun hiervoor: van de WIZA, maar bijvoorbeeld ook van de NANAI, Nederlandse Actiegroep Noord-Amerikaanse Indianen. Nederland steunde de eerste conferentie van de Verenigde Naties over discriminatie van indiaanse volken in 1977. WIZA en NANAI organiseerden vervolgens samen met anderen in 1980 het Vierde Russell Tribunaal over de Rechten van Indianen in Noord-, Midden- en Zuid-Amerika in Rotterdam. Ook toen waren er spanningen met Brazilië. De Braziliaanse regering weigerde aanvankelijk de indiaanse juryvoorzitter Mario Juruna naar Nederland te laten reizen. Juruna arriveerde pas op de laatste dag van het Tribunaal. Brazilië, de Verenigde Staten en andere landen werden veroordeeld voor grove mensenrechtenschendingen jegens indiaanse volken.

In Braziliaanse bossen waar indianen nog wonen, vinden geen bosbranden plaats
Binnen de VN ging vervolgens een werkgroep aan de slag waar inheemse vertegenwoordigers mee konden werken aan een verklaring die hun rechten zou gaan erkennen. Daarmee groeide de aandacht voor inheemse volken. In 1993 werden inheemse volken een prioriteit in het Nederlandse ontwikkelingssamenwerkingsbeleid. Ons land was daarmee voorloper in Europa. Nederland ratificeerde ook als één van de weinigen ILO Conventie 169, het enige multilaterale verdrag dat rechten van inheemse volken erkent. Na veel duwen en trekken door inheemse vertegenwoordigers – gesteund door NCIV – nam de VN uiteindelijk in 2007 de Verklaring over de Rechten van Inheemse Volken aan (UNDRIP). Hoewel daarmee een hoogtepunt werd bereikt in de strijd voor inheemse rechten, was het ook een dieptepunt voor de betrokkenheid van de Nederlandse regering. Nederland stemde nog wel voor de verklaring, maar voerde inheemse volken vervolgens af van de beleidsagenda en stopte de subsidie aan het NCIV.

Dat is een vreemde en onverstandige keuze, om verschillende redenen.

Ten eerste vanuit mensenrechtenperspectief. De VN-verklaring is van groot belang, maar zelfs na tien jaar staat de implementatie in de kinderschoenen. Op veel plaatsen in de wereld worden inheemse leiders die hun land en de natuur verdedigen met grof geweld geconfronteerd, zoals bijvoorbeeld in de VS en Canada bij de aanleg van oliepijpleidingen door hun heilige gebieden, in Brazilië bij het kappen en verbranden van regenwoud, maar ook in West-Papua en de Filipijnen. Hoe kan Nederland zich sterk maken voor SDG 16 (de duurzame ontwikkelingsdoelstelling van de VN over toegang tot rechtvaardigheid die door minister Kaag als prioriteit is gekozen) en tegelijkertijd rechten van zo’n vijfduizend gemarginaliseerde inheemse volken verspreid over de hele wereld niet belangrijk vinden?

Ten tweede kunnen wij veel leren van inheemse volken. In ons ‘westerse’ model lopen we tegen grenzen van duurzaamheid aan met de klimaatcrisis, uitputting van grondstoffen en vruchtbare gebieden, sterk afnemende biodiversiteit, en plastic soep in de oceanen. Inheemse volken zorgen voor de natuur, vanuit hun filosofie dat Moeder Aarde niet van ons is maar wij verantwoordelijk zijn haar te beheren voor toekomstige generaties. In die Braziliaanse bossen waar indianen nog wonen, vinden geen bosbranden plaats. Ruim 80% van de biodiversiteit op de aarde is te vinden in inheemse gebieden. Het recente VN-biodiversiteitsrapport concludeerde “dat alles met elkaar is verbonden”. Laat dat nu precies zijn wat inheemse volken ons al eeuwen proberen duidelijk te maken. Deze zomer erkende ook het VN-klimaatpanel de belangrijke rol van inheemse volken bij het bestrijden van de klimaatcrisis.

Steun aan inheemse volken is dus urgent, en betekent tegelijkertijd steun voor duurzaamheid en tegen klimaatverandering. Daarmee is iets cruciaals veranderd in de afgelopen vijftig jaar. Het begon vijftig jaar geleden met solidariteit; nu is het wederkerig. Wij moeten gelijkwaardige partnerschappen aangaan met inheemse volken en bereid zijn te leren van hun manier van omgaan met de aarde willen we als mensen overleven. Deze partnerschappen met inheemse volken zijn noodzakelijk voor hen en voor ons. Zo zijn een aantal maatschappelijke organisaties waaronder Greenpeace gestart met de ‘Alle ogen op de Amazone’-campagne om samen met inheemse volken het bos, haar bewoners en de rijke biodiversiteit te beschermen. Laten we hopen dat in de komende vijftig jaar de rechten van de VN-verklaring worden waargemaakt, de klimaatcrisis een halt is toegeroepen en de Braziliaanse indianen en andere inheemse volken hun leefgebieden in vrede kunnen beheren. Nederland kan en moet bijdragen door inheemse volken weer hoog op de prioriteitenlijst te zetten en bijvoorbeeld waarborging van hun rechten en bescherming van de Amazone een harde voorwaarde maken voor ratificatie van het Mercosur-handelsverdrag. Brazilië toont weer aan: maak inheemse volken prioriteit.

Leo van der Vlist, directeur NCIV, Anna Schoemakers, directeur Greenpeace Nederland, Serv Wiemers, auteur van het boek ‘Veerkracht, Indianen van nu over de wereld van morgen’

https://joop.bnnvara.nl/opinies/brazilie-toont-weer-aan-maak-inheemse-volken-prioriteit

Voor Bolsonaro zijn boeren belangrijker dan bomen (OneWorld)

President Brazilië geeft voorrang aan soja en vee

https://www.oneworld.nl/app/uploads/2018/11/06155200/branches-brazil-environment-1225236A-875x583.jpg

De gigantische bosbranden in de Amazone zijn geen toeval, maar aangestoken als vorm van illegale ontbossing. Bewust beleid van Bolsonaro, waarin regenwoud moet wijken voor soja en veeteelt.

Brazilië’s president Jair Bolsonaro die 1 januari in functie trad, is een man van extreme beslissingen, die er ook niet voor terugschrikt om van mening te veranderen als het protest te groot is. En dat gebeurde nadat hij verkondigde de ministeries van Landbouw en Milieu in één ministerie te willen samenvoegen. ‘s Lands bekendste supermodel Gisele Bündchen, tevens een nationaal ikoon van de natuurbescherming, klom in de pen: ‘De natuur is het belangrijkste goed dat we hebben op aarde en het behoud ervan is essentieel voor de toekomst van onze kinderen en toekomstige generaties’, schreef ze in een brief aan Bolsonaro.

Update (22 augustus 2019)

Afgelopen week gingen beelden van massale bosbranden in het Amazoneregenwoud de wereld over. Er komen rond deze tijd van het jaar altijd bosbranden voor in het gebied, maar nu is het aantal bosbranden drastisch gestegen: met 83 procent ten opzichte vorig jaar. Die toename is geen natuurlijk verschijnsel: de meeste branden zijn opzettelijk aangestoken door boeren, mijnbouwers en houthandelaren, als vorm van illegale ontbossing.

Vorige maand gaf het Braziliaanse agentschap voor ruimteonderzoek INPE een indicatie voor de ontbossingscijfers van het afgelopen jaar. De houtkap in het Amazoneregenwoud is met 88 procent toegenomen ten opzichte van juni 2018.

Als reactie op het onderzoek werd de directeur van INPE ontslagen door Bolsonaro; hij geloofde de cijfers niet, en beschuldigde de organisatie van het manipuleren van de cijfers. Ook worden NGO’s die pogen om illegale ontbossing tegen te gaan, actief tegengewerkt. De NGO’s krijgen minder middelen van de overheid, en openstaande boetes aan bedrijven worden kwijtgescholden.

Gevaar nog niet geweken

Bolsonaro heeft weliswaar een belangrijke concessie gedaan door de ministeries van Milieu en Landbouw niet samen te voegen. Ook beloofde hij uiteindelijk niet uit het Klimaatakkoord te stappen, iets dat hij eerder wel aankondigde van plan te zijn.

Brazilië ratificeerde het Klimaatakkoord van Parijs in september 2016 en verplicht zich daarmee om de uitstoot voor 2025 met 37 procent terug te brengen en voor 2030 met 43 procent, allebei in vergelijking met het niveau in 2005. Brazilië heeft als land de hoogste CO2-uitstoot van Latijns-Amerika.

Maar het gevaar voor de Amazone is nog niet geweken. Voor Bolsonaro gaan de belangen van de boeren voor de natuur. Hij wil dus ook de soevereiniteit over de Amazone behouden en verzet hij zich tegen plannen die onder andere worden gesteund door ex-president Santos van buurland Colombia om een groot oppervlak van de Amazone tot internationaal beschermd gebied te verklaren.

De ontbossing in Brazilië vormt bijna 3 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot

Fernando Ramos

Bolsonaro vindt bovendien dat er geen belemmering moet zijn voor het agrarische bedrijfsleven. “De explosieve bevolkingsgroei leidt tot ontbossing. Je kunt geen soja op het terras van je gebouw telen of vee houden in de tuin”, zo verklaarde hij tegen de pers.

Zelfs de agrosector was tegen, de landbouwbedrijven die met hun grootschalige soja- en veeteelt voor een groot deel verantwoordelijk zijn voor de ontbossing in Brazilië. De reden was weinig idealistisch. De boeren zijn bang dat ze hun producten niet meer kunnen verkopen als hun land straks bekendstaat als ontbosser.

Bos: ‘belangrijk om CO2 te verminderen’

Het handhaven van bos is in Brazilië verreweg het belangrijkste middel om de uitstoot van koolstofdioxide (CO2) te verminderen, aldus Fernando Ramos, senior-onderzoeker bij het INPE, het Braziliaanse instituut voor ruimteonderzoek in São José dos Campos in de deelstaat São Paulo, omdat Brazilië – de grootste CO2-uitstoter van Latijns-Amerika – relatief weinig vervuilende industrie heeft. Het land haalt het grootste deel van zijn stroom uit waterkrachtcentrales en niet uit vervuilende kolencentrales, zoals er in Europa nog veel staan.

Bomen laten staan of aanplanten is dus belangrijk, omdat die koolstofdioxide vasthouden. Ramos: “We spelen een belangrijke rol op wereldniveau, want de ontbossing in Brazilië neemt bijna 3 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot in beslag.” Het INPE brengt door middel van satellietbeelden de mate van ontbossing in Brazilië in kaart.

Ontbossing tegengaan

In de periode van 2002 tot 2014 was er relatief weinig ontbossing in het Latijns-Amerikaanse land, zo staat vermeld in een rapportage van klimaat en bosexperts uit 2014. Maar onder de tweede regering van de linkse president Dilma Rousseff (2014-2016), nam de illegale ontbossing weer toe nadat Rousseff het budget voor preventie tegen houtkap had verkleind.

Ramos: “Als we niks doen, gaat het terug naar de niveaus van voor de periode Lula” [president in Brazilië van 2003 tot en met 2010, red.]. Tijdens zijn regering werd er een reductie van de ontbossing van bijna 20.000 naar een kleine 6500 vierkante kilometer gehaald, zo staat in de rapportage.

In tien jaar zou er een bosgebied ter grootte van Groot-Brittannië verloren gaan

In een artikel op de website Mongabay leggen Ramos en een aantal andere auteurs uit wat er gebeurt als Brazilië niet meer optreedt tegen illegale ontbossing: de onderzoekers hebben met simulatiemodellen berekend dat het land dan 25.600 vierkante kilometer per jaar kwijtraakt, 265 procent meer dan in 2017. In tien jaar zou er een bosgebied ter grootte van Groot-Brittannië verloren gaan. Ramos: “Een deel hiervan bestaat uit natuurreservaten en territoria van de oorspronkelijke bewoners en dat is buitengewoon zorgwekkend.” Als Bolsonaro niet optreedt tegen ontbossing, neemt de emissie in Brazilië met 1,3 gigaton per jaar toe, aldus de auteurs van het artikel op Mongabay. Dat is precies de hoeveelheid die Brazilië in mindering moet brengen tot 2025.

Boskap: ‘helemaal niet nodig’

Volgens Fernando Ramos is het helemaal niet nodig om bos te kappen voor landbouw. “Dat is al lang berekend. Er is genoeg braakliggend land dat met behulp van moderne technologie gereed gemaakt kan worden voor soja of runderen.” Brazilië, een van de grootste landbouwproducenten ter wereld, kan de wereld makkelijk blijven voeden, aldus Ramos. Volgens hem is het een kwestie van goede wil.

Intussen gaan er ook stemmen op om een wereldwijd akkoord voor het behoud van biodiversiteit af te sluiten met dezelfde impact als het Klimaatakkoord van Parijs. Cristiana Paşca Palmer, hoofd biodiversiteit bij de Verenigde Naties, verklaarde tegen de Britse krant The Guardian: “Het verlies van biodiversiteit dat al hoog is door verwoesting van het leefgebied, verontreiniging en invasie van bedreigende soorten, wordt de komende dertig jaar nog groter door klimaatverandering en de groei van de wereldbevolking.” Ze prees de Franse president Emmanuel Macron, die verklaarde dat de klimaatkwestie niet kan worden opgelost zonder een halt toe te roepen aan het verlies aan biodiversiteit. Macron heeft zijn aanstaande Braziliaanse collega Bolsonaro opgeroepen om zich aan de afspraken van Parijs te houden.

Wat gaat Nederland als belangrijke handelsnatie doen?

Nederland is een van de belangrijkste handelspartners van Brazilië. Wat gaat de regering doen als Bolsonaro zijn ontbossingsplannen straks gaat doorvoeren?

“We wachten af wat de daadwerkelijke beleidsagenda van Bolsonaro wordt. We zullen hem en zijn regering beoordelen op hun daden”, zo laat een woordvoerder van minister Kaag van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking via e-mail weten aan OneWorld. Hij duidt dat het ministerie wil blijven investeren in een goede werkrelatie met Brazilië en wijst erop dat Nederland bijdraagt aan een Braziliaans actieplan voor mensenrechten en het bedrijfsleven. Ook steunt Nederland Braziliaanse boeren met kennis over intensivering van de landbouw, waardoor de boeren minder grond nodig hebben voor hun bedrijf.

Dit artikel verscheen eerder op OneWorld.nl op 6 november 2018.

 

Internationale wetenschappers: bos is beste techniek om klimaat te beheersen

De Trump van de tropen

Hoeveel is ons bos waard?

Wies Ubags

Het bericht Voor Bolsonaro zijn boeren belangrijker dan bomen verscheen eerst op OneWorld.

https://www.oneworld.nl/duurzaamheid/voor-bolsonaro-zijn-boeren-belangrijker-dan-bomen/