Kerken bieden naast zorg voor armen steeds vaker scheppingszorg. ‘Noem het een groene vorm van missionair zijn’ (Nederlands Dagblad)

Scheppingszorg wordt in de kerk steeds meer als een manier gezien om handen en voeten te geven aan je geloof. Het helpt Embert Messelink om zijn ‘kindje’, A Rocha Nederland, na negentien jaar los te laten.AmersfoortEmbert Messelink stopt eind deze maand als directeur van de Nederlandse afdeling van A Rocha, een internationale, christelijke natuurbeweging. Zondag wordt hij bevestigd als kerkelijk werker in de vrijgemaakt-gereformeerde Westerkerk in Amersfoort. Hij combineert deze nieuwe baan met een parttime studie theologie aan de Theologische Universiteit Kampen. Op termijn wil hij predikant worden. ‘Ik geniet ervan om met mensen op te trekken, in geloof betrokken te zijn bij elkaar en bij deze wereld. Dat heb ik binnen A Rocha ervaren, het lijkt me mooi om daaraan bij te dragen in een kerkelijke gemeente’, vertelt hij thuis in Amersfoort aan de grote houten eettafel. De muur achter hem is volledig bedekt door een boekenkast. De deur naar de tuin staat open. Die is groen en levend - hoe kan het ook anders. Embert Messelink was een van de mensen die in 2002 aan de wieg stonden van de Nederlandse afdeling van de internationale, christelijke natuurbeweging A Rocha.Wat is de meerwaarde van een christelijke natuurorganisatie?‘Mag het wat minder? Kunnen we leren genieten van genoeg?’‘In de eerste tien jaar kreeg ik bijna elke week een vraag over het bestaansrecht van A Rocha. ik denk dat veel mensen het idee hadden dat we een zuiltje wilden oprichten om met christenen onder elkaar aan natuurbehoud te doen. Dat was niet onze bedoeling. Wij wilden vanuit de kerk dienstbaar zijn aan de samenleving. Noem het diaconaat of een groene vorm van missionair zijn. De kerk heeft zich in de geschiedenis onderscheiden met ziekenzorg en armenzorg. Mag scheppingszorg ook een plek hebben in het handen en voeten geven van je geloof? Ik vind het opmerkelijk dat we als A Rocha zo vaak naar ons bestaansrecht zijn gevraagd. Je kunt net zo goed vragen: moet er een Tearfund zijn, een Woord en Daad, een ZOA, een Compassion? In de katholieke wereld worden alle parakerkelijke organisaties als kloosters gewoon als onderdeel van de totale kerk beschouwd, hoewel het afzonderlijke organisaties zijn. Ik zou het mooi vinden als dat in de protestantse wereld ook zo zou zijn. Kerk en christelijke organisaties hebben elkaar hard nodig.’Je kunt als christen ook in seculiere natuurorganisaties de handen uit de mouwen steken.‘Ik ben in gesprek geweest met een groepje christenen in Hardenberg die overwogen een lokale A Rocha-groep te beginnen, maar daarover twijfelden. Ze zeiden: ‘We zien elkaar zondags in de kerk en woensdag bij natuurorganisatie IVN.’ Daar zag ik geen noodzaak om dingen over te nemen. Maar ik heb ook heel veel mensen gesproken die zeggen: ‘Ik voel mij in de kerk eenzaam omdat ik vanuit mijn geloof betrokken ben op de natuur, maar er in de kerk nooit wat over hoor. In de natuurorganisaties voel ik me eenzaam omdat het niet over geloof gaat.’’Is A Rocha dan tijdelijk nodig, tot het in de kerk meer over de schepping en de klimaat- en biodiversiteitscrisis gaat? ‘A Rocha krijgt denk ik alleen maar meer bestaansrecht. Het zijn geen kleine problemen waarmee we te maken hebben. Wat hebben we een zomer achter de rug met bosbranden, overstromingen en het IPCC-rapport. Deze problemen vragen ons om uitdagende keuzes te maken, die tegen de cultuur in gaan. Mag het wat minder? Kunnen we leren genieten van genoeg? Als christen moet ik te rade gaan bij het evangelie van Jezus. Het evangelie is van toepassing op deze aarde. Het is een boodschap van hoop, van bevrijding uit patronen die we gewoon zijn gaan vinden, van gebruiken en verbruiken en de aarde overvragen. Het is ook een boodschap van schuld en vergeving. Deze tijd vraagt erom schuld en vergeving ook toe te passen op onze omgang met de aarde.’Doen de kerken nu meer aan scheppingszorg dan in de beginjaren van A Rocha Nederland?‘Theologisch is er de laatste jaren veel in ontwikkeling. De Theologische Universiteit Kampen is vorige week gestart met de minor theologische ecologie, over het bewust omgaan met Gods schepping en het milieuvraagstuk. Theoloog Gijsbert van den Brink is bezig met onderzoek naar geloof en schepping. Ik heb de openingsmomenten van verschillende theologische universiteiten gevolgd. Het viel mij op dat het telkens ging over de vraag hoe we ervoor zorgen dat theologie niet alleen waar is, maar ook relevant voor nu.De Christelijke Gereformeerde Kerken gaan voor het eerst een project financieel steunen dat natuurontwikkeling als primaire doelstelling heeft. In samenwerking met A Rocha is de keus gevallen op het Dry Forest Project van A Rocha Peru, dat zich richt op het herstel van bossen in de savanne-achtige kustzone in Noord-Peru.’Waarom bent u theologie gaan studeren?‘De behoefte aan meer theologische verdieping is binnen mijn werk bij A Rocha begonnen. Ik begon in 2018 aan de Evangelische Theologische Faculteit in Leuven met de bachelorvakken theologie, behalve de oude talen. Al studerend is het verlangen opgekomen om predikant te worden. Twee jaar geleden ben ik begonnen met een parttime studie aan de theologische faculteit in Kampen. Die studie duurt vier jaar, dus ik zit nu op de helft.’Vindt u het moeilijk A Rocha los te laten?‘Het loslaten van vriendschappelijke werkcontacten met vele tientallen collega’s en vrijwilligers, met wie ik jaren heb opgetrokken, is het moeilijkst. Maar ik heb al anderhalf jaar het gevoel dat ik aan A Rocha gegeven heb wat ik te geven heb. Het past wel bij mij om weer wat nieuws te doen. Ik denk dat het voor A Rocha ook goed is. Een belangrijke vraag voor de nieuwe directeur is hoe A Rocha een beweging kan worden van nog meer mensen. Ik kan mij voorstellen dat er nog andere manieren zijn om lokaal in verbinding met anderen met scheppingszorg aan de slag te gaan.’Gaat u de Westerkerk vergroenen?‘Ik ben wie ik ben, dus hoe ik mij heb ontwikkeld, neem ik mee. Ik neem niet de missie van A Rocha mee. Als je het iets verbreedt, is in mijn geloof het zoeken naar het koninkrijk van God in de wereld een belangrijke lijn. In mijn jeugd lag sterk het accent op zonde en vergeving, het ging meer over de toekomst. Ik houd mij nog altijd vast aan Gods goede toekomst. Maar wat ik veel mooier vind, is me bezighouden met de vraag hoe we nu op weg gaan naar het koninkrijk. Ik wil niet vastzitten in de status quo. Jezus is gekomen om in alles vrede te brengen, staat in Kolossenzen 1. Je kunt die vrede zoeken in alle relaties waarin je als mens leeft. Je kunt je inzetten voor het herstel van de schepping, de natuur. Je kunt ook gaan helpen in het verzorgingshuis naast de kerk of er zijn voor jongeren met depressiviteit.’ Er zijn christenen die zich niet met de klimaat- en biodiversiteitscrisis willen bezighouden. Vindt u dat teleurstellend?‘Ik ben weleens in discussie met het conservatieve kamp. Het thema duurzaamheid is links en verdacht. Dan denk ik weleens: hoe bestaat het dat je het niet pakt? Dat je op alle mogelijke manieren argumenten zoekt om te zeggen dat het geloof belangrijk is en de aardse dingen een heel stuk verderop komen? Dat staat haaks op mijn denken. Ik wil mijn leven niet langer opdelen in eerst God, dan mens, dan schepping. Ik heb er zelf zes, zeven jaar over gedaan om mijn liefde voor de natuur te verbinden met mijn geloof in God. Dat deed ik al lezend, pratend, studerend. Voor mij was het een verrijkende weg. We zeggen bij A Rocha weleens: als je je tot God hebt bekeerd, volgt daarna nog de bekering tot je medemens en de schepping.Wij gooien weleens een steen in de vijver. Zo heeft Koos van Noppen enkele jaren geleden zijn pamflet ‘Messentrekkers bij de Nachtwacht’ via onze website gelanceerd. Dit was een felle oproep aan christenen om de zorg voor de aarde serieus te nemen. Ik ben er niet vies van het af en toe heel scherp te zeggen. Maar hoe veranderen mensen? Ik denk niet door ze het mes op de keel te zetten. Het past meer bij A Rocha om te zeggen: leer met ons mee, haak maar aan, wij gaan alvast. Ik heb heel veel kwartjes zien vallen bij mensen die in een natuurweek gingen helpen en die in een paar dagen tijd zicht kregen op wat ons echt beweegt.’ <A Rocha werkt met lokale groepenEmbert Messelink leerde A Rocha in Zuid-Frankrijk kennen. ‘Met mijn vrouw Petra was ik een paar weken bij een veldstudiecentrum, waar een open, christelijke leefgroep professioneel natuuronderzoek en natuurbescherming combineerde met geloof. A Rocha was in die tijd in acht of negen landen actief, nu in 22 landen. A Rocha is begonnen in Portugal. De naam A Rocha verwijst naar het eerste veldstudiecentrum aan de ‘praia da rocha’, Portugees voor rotskust. De oprichter is daarna in Zuid-Frankrijk gaan wonen, waar hij een tweede veldstudiecentrum is begonnen.’Embert en Petra Messelink wilden met een paar Nederlanders die al bij A Rocha betrokken waren, onder wie milieudeskundige Martine Vonk, ook in Nederland een natuurcentrum beginnen. ‘We hebben een bestuur gevormd en verschillende locaties bekeken. Na vier, vijf jaar vergeefs zoeken naar een geschikte plek, hebben we de stap gezet om met lokale groepen te werken. Opeens kon iedereen A Rocha zijn. Groepjes kerkleden verbonden zich aan een natuurgebied en gingen daar de handen uit de mouwen steken.’ De afdeling in Amersfoort, Messelinks woonplaats, is bijvoorbeeld verbonden aan Landgoed Coelhorst. ‘We onderhouden daar het landschap op verzoek van Natuurmonumenten. We werken veel aan de houtsingels. Die moeten geregeld teruggezaagd worden, om ze soortenrijk te houden. We hebben op dit landgoed ook de broedvogels in kaart gebracht.’A Rocha heeft veertien lokale groepen in Nederland. ‘We doen veel voor Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en de 12Landschappen. We werken ook wel samen met burgerlijke gemeenten, private landgoederen en soms doen we wat op het boerenland. In Amerongen onderhouden we een ecologische moes- en pluktuin, die we hebben overgenomen van de zusters diaconessen. We hebben honderd langdurig aan ons verbonden vrijwilligers en 650 donateurs. Vier mensen zijn parttime in dienst bij A Rocha, onder wie ikzelf sinds 2011. Als lokale groepen een activiteit organiseren, bijvoorbeeld een schoonmaakactie, nodigen ze daar ook anderen voor uit. Ik schat dat er per jaar tweeduizend tot drieduizend vrijwilligers meedoen aan de acties van A Rocha in Nederland....

https://www.nd.nl/nieuws/nederland/1059566/kerken-bieden-naast-zorg-voor-armen-steeds-vaker-scheppingszorg-noem-het-een-groene-vorm-van-missionair-zijn-

Als je je tot God hebt bekeerd, volgt daarna nog de bekering tot je medemens en de schepping’ (Nederlands Dagblad)

Scheppingszorg wordt in de kerk steeds meer als een manier gezien om handen en voeten te geven aan je geloof. Het helpt Embert Messelink om zijn ‘kindje’, A Rocha Nederland, na negentien jaar los te laten.AmersfoortEmbert Messelink stopt eind deze maand als directeur van de Nederlandse afdeling van A Rocha, een internationale, christelijke natuurbeweging. Zondag wordt hij bevestigd als kerkelijk werker in de vrijgemaakt-gereformeerde Westerkerk in Amersfoort. Hij combineert deze nieuwe baan met een parttime studie theologie aan de Theologische Universiteit Kampen. Op termijn wil hij predikant worden. ‘Ik geniet ervan om met mensen op te trekken, in geloof betrokken te zijn bij elkaar en bij deze wereld. Dat heb ik binnen A Rocha ervaren, het lijkt me mooi om daaraan bij te dragen in een kerkelijke gemeente’, vertelt hij thuis in Amersfoort aan de grote houten eettafel. De muur achter hem is volledig bedekt door een boekenkast. De deur naar de tuin staat open. Die is groen en levend - hoe kan het ook anders. Embert Messelink was een van de mensen die in 2002 aan de wieg stonden van de Nederlandse afdeling van de internationale, christelijke natuurbeweging A Rocha.Wat is de meerwaarde van een christelijke natuurorganisatie?‘Mag het wat minder? Kunnen we leren genieten van genoeg?’‘In de eerste tien jaar kreeg ik bijna elke week een vraag over het bestaansrecht van A Rocha. ik denk dat veel mensen het idee hadden dat we een zuiltje wilden oprichten om met christenen onder elkaar aan natuurbehoud te doen. Dat was niet onze bedoeling. Wij wilden vanuit de kerk dienstbaar zijn aan de samenleving. Noem het diaconaat of een groene vorm van missionair zijn. De kerk heeft zich in de geschiedenis onderscheiden met ziekenzorg en armenzorg. Mag scheppingszorg ook een plek hebben in het handen en voeten geven van je geloof? Ik vind het opmerkelijk dat we als A Rocha zo vaak naar ons bestaansrecht zijn gevraagd. Je kunt net zo goed vragen: moet er een Tearfund zijn, een Woord en Daad, een ZOA, een Compassion? In de katholieke wereld worden alle parakerkelijke organisaties als kloosters gewoon als onderdeel van de totale kerk beschouwd, hoewel het afzonderlijke organisaties zijn. Ik zou het mooi vinden als dat in de protestantse wereld ook zo zou zijn. Kerk en christelijke organisaties hebben elkaar hard nodig.’Je kunt als christen ook in seculiere natuurorganisaties de handen uit de mouwen steken.‘Ik ben in gesprek geweest met een groepje christenen in Hardenberg die overwogen een lokale A Rocha-groep te beginnen, maar daarover twijfelden. Ze zeiden: ‘We zien elkaar zondags in de kerk en woensdag bij natuurorganisatie IVN.’ Daar zag ik geen noodzaak om dingen over te nemen. Maar ik heb ook heel veel mensen gesproken die zeggen: ‘Ik voel mij in de kerk eenzaam omdat ik vanuit mijn geloof betrokken ben op de natuur, maar er in de kerk nooit wat over hoor. In de natuurorganisaties voel ik me eenzaam omdat het niet over geloof gaat.’’Is A Rocha dan tijdelijk nodig, tot het in de kerk meer over de schepping en de klimaat- en biodiversiteitscrisis gaat? ‘A Rocha krijgt denk ik alleen maar meer bestaansrecht. Het zijn geen kleine problemen waarmee we te maken hebben. Wat hebben we een zomer achter de rug met bosbranden, overstromingen en het IPCC-rapport. Deze problemen vragen ons om uitdagende keuzes te maken, die tegen de cultuur in gaan. Mag het wat minder? Kunnen we leren genieten van genoeg? Als christen moet ik te rade gaan bij het evangelie van Jezus. Het evangelie is van toepassing op deze aarde. Het is een boodschap van hoop, van bevrijding uit patronen die we gewoon zijn gaan vinden, van gebruiken en verbruiken en de aarde overvragen. Het is ook een boodschap van schuld en vergeving. Deze tijd vraagt erom schuld en vergeving ook toe te passen op onze omgang met de aarde.’Doen de kerken nu meer aan scheppingszorg dan in de beginjaren van A Rocha Nederland?‘Theologisch is er de laatste jaren veel in ontwikkeling. De Theologische Universiteit Kampen is vorige week gestart met de minor theologische ecologie, over het bewust omgaan met Gods schepping en het milieuvraagstuk. Theoloog Gijsbert van den Brink is bezig met onderzoek naar geloof en schepping. Ik heb de openingsmomenten van verschillende theologische universiteiten gevolgd. Het viel mij op dat het telkens ging over de vraag hoe we ervoor zorgen dat theologie niet alleen waar is, maar ook relevant voor nu.De Christelijke Gereformeerde Kerken gaan voor het eerst een project financieel steunen dat natuurontwikkeling als primaire doelstelling heeft. In samenwerking met A Rocha is de keus gevallen op het Dry Forest Project van A Rocha Peru, dat zich richt op het herstel van bossen in de savanne-achtige kustzone in Noord-Peru.’Waarom bent u theologie gaan studeren?‘De behoefte aan meer theologische verdieping is binnen mijn werk bij A Rocha begonnen. Ik begon in 2018 aan de Evangelische Theologische Faculteit in Leuven met de bachelorvakken theologie, behalve de oude talen. Al studerend is het verlangen opgekomen om predikant te worden. Twee jaar geleden ben ik begonnen met een parttime studie aan de theologische faculteit in Kampen. Die studie duurt vier jaar, dus ik zit nu op de helft.’Vindt u het moeilijk A Rocha los te laten?‘Het loslaten van vriendschappelijke werkcontacten met vele tientallen collega’s en vrijwilligers, met wie ik jaren heb opgetrokken, is het moeilijkst. Maar ik heb al anderhalf jaar het gevoel dat ik aan A Rocha gegeven heb wat ik te geven heb. Het past wel bij mij om weer wat nieuws te doen. Ik denk dat het voor A Rocha ook goed is. Een belangrijke vraag voor de nieuwe directeur is hoe A Rocha een beweging kan worden van nog meer mensen. Ik kan mij voorstellen dat er nog andere manieren zijn om lokaal in verbinding met anderen met scheppingszorg aan de slag te gaan.’Gaat u de Westerkerk vergroenen?‘Ik ben wie ik ben, dus hoe ik mij heb ontwikkeld, neem ik mee. Ik neem niet de missie van A Rocha mee. Als je het iets verbreedt, is in mijn geloof het zoeken naar het koninkrijk van God in de wereld een belangrijke lijn. In mijn jeugd lag sterk het accent op zonde en vergeving, het ging meer over de toekomst. Ik houd mij nog altijd vast aan Gods goede toekomst. Maar wat ik veel mooier vind, is me bezighouden met de vraag hoe we nu op weg gaan naar het koninkrijk. Ik wil niet vastzitten in de status quo. Jezus is gekomen om in alles vrede te brengen, staat in Kolossenzen 1. Je kunt die vrede zoeken in alle relaties waarin je als mens leeft. Je kunt je inzetten voor het herstel van de schepping, de natuur. Je kunt ook gaan helpen in het verzorgingshuis naast de kerk of er zijn voor jongeren met depressiviteit.’ Er zijn christenen die zich niet met de klimaat- en biodiversiteitscrisis willen bezighouden. Vindt u dat teleurstellend?‘Ik ben weleens in discussie met het conservatieve kamp. Het thema duurzaamheid is links en verdacht. Dan denk ik weleens: hoe bestaat het dat je het niet pakt? Dat je op alle mogelijke manieren argumenten zoekt om te zeggen dat het geloof belangrijk is en de aardse dingen een heel stuk verderop komen? Dat staat haaks op mijn denken. Ik wil mijn leven niet langer opdelen in eerst God, dan mens, dan schepping. Ik heb er zelf zes, zeven jaar over gedaan om mijn liefde voor de natuur te verbinden met mijn geloof in God. Dat deed ik al lezend, pratend, studerend. Voor mij was het een verrijkende weg. We zeggen bij A Rocha weleens: als je je tot God hebt bekeerd, volgt daarna nog de bekering tot je medemens en de schepping.Wij gooien weleens een steen in de vijver. Zo heeft Koos van Noppen enkele jaren geleden zijn pamflet ‘Messentrekkers bij de Nachtwacht’ via onze website gelanceerd. Dit was een felle oproep aan christenen om de zorg voor de aarde serieus te nemen. Ik ben er niet vies van het af en toe heel scherp te zeggen. Maar hoe veranderen mensen? Ik denk niet door ze het mes op de keel te zetten. Het past meer bij A Rocha om te zeggen: leer met ons mee, haak maar aan, wij gaan alvast. Ik heb heel veel kwartjes zien vallen bij mensen die in een natuurweek gingen helpen en die in een paar dagen tijd zicht kregen op wat ons echt beweegt.’ <A Rocha werkt met lokale groepenEmbert Messelink leerde A Rocha in Zuid-Frankrijk kennen. ‘Met mijn vrouw Petra was ik een paar weken bij een veldstudiecentrum, waar een open, christelijke leefgroep professioneel natuuronderzoek en natuurbescherming combineerde met geloof. A Rocha was in die tijd in acht of negen landen actief, nu in 22 landen. A Rocha is begonnen in Portugal. De naam A Rocha verwijst naar het eerste veldstudiecentrum aan de ‘praia da rocha’, Portugees voor rotskust. De oprichter is daarna in Zuid-Frankrijk gaan wonen, waar hij een tweede veldstudiecentrum is begonnen.’Embert en Petra Messelink wilden met een paar Nederlanders die al bij A Rocha betrokken waren, onder wie milieudeskundige Martine Vonk, ook in Nederland een natuurcentrum beginnen. ‘We hebben een bestuur gevormd en verschillende locaties bekeken. Na vier, vijf jaar vergeefs zoeken naar een geschikte plek, hebben we de stap gezet om met lokale groepen te werken. Opeens kon iedereen A Rocha zijn. Groepjes kerkleden verbonden zich aan een natuurgebied en gingen daar de handen uit de mouwen steken.’ De afdeling in Amersfoort, Messelinks woonplaats, is bijvoorbeeld verbonden aan Landgoed Coelhorst. ‘We onderhouden daar het landschap op verzoek van Natuurmonumenten. We werken veel aan de houtsingels. Die moeten geregeld teruggezaagd worden, om ze soortenrijk te houden. We hebben op dit landgoed ook de broedvogels in kaart gebracht.’A Rocha heeft veertien lokale groepen in Nederland. ‘We doen veel voor Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en de 12Landschappen. We werken ook wel samen met burgerlijke gemeenten, private landgoederen en soms doen we wat op het boerenland. In Amerongen onderhouden we een ecologische moes- en pluktuin, die we hebben overgenomen van de zusters diaconessen. We hebben honderd langdurig aan ons verbonden vrijwilligers en 650 donateurs. Vier mensen zijn parttime in dienst bij A Rocha, onder wie ikzelf sinds 2011. Als lokale groepen een activiteit organiseren, bijvoorbeeld een schoonmaakactie, nodigen ze daar ook anderen voor uit. Ik schat dat er per jaar tweeduizend tot drieduizend vrijwilligers meedoen aan de acties van A Rocha in Nederland....

https://www.nd.nl/nieuws/nederland/1059566/als-je-je-tot-god-hebt-bekeerd-volgt-daarna-nog-de-bekering-tot-je-medemens-en-de-schepping-

Brandweer: natuurbranden in Nederland worden onbeheersbaar door klimaatverandering (NOS Binnenland)

Natuurbeheerders moeten hun natuurgebieden de komende jaren anders gaan inrichten. Anders kan de brandweer natuurbranden niet meer onder controle krijgen. Daarvoor waarschuwt Jelmer Dam, nationaal coördinator natuurbrandbeheersing van het Instituut Fysieke Veiligheid. "Het is niet de vraag of natuurbranden in ons land onbeheersbaar worden. Maar wanneer", aldus Dam in Nieuwsuur.

Door de klimaatverandering neemt de brandbaarheid van de natuur toe. De jaartemperaturen liggen hoger, het groeiseizoen wordt langer en er ligt meer dood hout in de bossen. Ook groeit er nu meer dan voorheen vegetatie dat snel vlamvat.

Grote natuurbranden komen vaak tegelijkertijd voor, legt Dam uit. Zoals vorig jaar eind april in de Deurnese Peel in Noord-Brabant, het Nationaal Park De Meinweg in Limburg en een bosbrand in de buurt van Tilburg. "Bij meerdere natuurbranden, die soms dagen kunnen duren, hebben we niet voldoende mensen, niet voldoende water in de buurt en kunnen we nu niet goed ter plekke komen.''

Hierdoor kunnen grote stukken bos of heide in de vlammenzee verloren gaan. Maar het is ook gevaarlijk voor mensen, want de natuur wordt in Nederland druk bezet. "Er staan verpleeghuizen in het bos, campings en psychiatrische inrichtingen'', vult Anton Slofstra aan, commandant Gelderland-Midden en portefeuillehouder natuurbranden bij Brandweer Nederland. "Soms met brandbaar struikgewas tot aan de voordeur. Dat moet echt anders.''

De brandweer probeert grote natuurbranden als het kan te vertragen. Dat ziet er zo uit:

Er moet veel meer gedaan worden aan preventie, benadrukken beiden. Slofstra wil dat er wettelijke voorschriften komen voor natuurgebieden op het gebied van brandveiligheid. "Bij de bouw van huizen, kantoren en fabrieken zijn er strenge regels. Maar voor natuurgebieden ligt er niets.''

In sommige gebieden zijn natuurbeheerders al bezig om aanpassingen te maken. Slofstra waarschuwt dat het niet vrijblijvend moet zijn. "Dit onderwerp moet urgentie krijgen. Ook in politiek Den Haag." Eerder kaartte de Rekenkamer aan dat er te weinig specialisten zijn en materieel om branden in de natuur goed te bestrijden.

Betere bereikbaarheid voor de brandweer kan worden bereikt door de aanleg van bijvoorbeeld meer verharde paden waarover het zware brandweermaterieel kan rijden. Ook het verwijderen van hout en het planten van loofbomen in een naaldbos kan zorgen dat een brand minder snel om zich heen kan slaan en onbeheersbaar wordt.

"Het is een enorme opgave om dit overal voor elkaar te krijgen'', erkent Slofstra. "Zoiets realiseer je niet in een paar maanden of een paar jaar. Daarom zijn er regels nodig. Je wil niet dat iemand over vijf jaar besluit dat het toch niet zo belangrijk is."

'Dood hout zit vol insecten'

Bij Staatsbosbeheer inventariseert Marc Brosschot welke aanpassingen nodig zijn in de natuurgebieden. Hij is doordrongen van de noodzaak maar geeft ook aan dat de wensen van de brandweer soms pijn doen. "Dood hout zit vol met insecten, pissebedden en mossen. Een van onze doelstellingen is biodiversiteit dus we gaan het zeker niet allemaal weghalen.'' Hij zegt dat maatwerk nodig is omdat natuurgebieden (zand, veen en bos) onderling erg verschillen. "Dat vang je niet in één wet.''

Volgens Slofstra is duidelijke wetgeving de oplossing en moet de minister van Veiligheid en Justitie de eindverantwoordelijkheid krijgen. Het ministerie van Veiligheid en Justitie laat weten met het ministerie van LNV te bekijken welke preventieve maatregelen nodig zijn. Dit doen ze samen met provincies, de veiligheidsregio's en natuureigenaren. Ook wordt nagegaan of 'nadere regelgeving bij het beheer van natuurgebieden passend is', aldus een woordvoerder.

NOS op 3 dook afgelopen zomer in het groeiende gevaar van bosbranden in Nederland:

http://feeds.feedburner.com/~r/nosnieuwsbinnenland/~4/zT16tq2Cg18

http://feeds.nos.nl/~r/nosnieuwsbinnenland/~3/zT16tq2Cg18/2383750

Brandweer: natuurbranden in Nederland worden onbeheersbaar door klimaatverandering (Nieuwsuur)

Natuurbeheerders moeten hun natuurgebieden de komende jaren anders gaan inrichten. Anders kan de brandweer natuurbranden niet meer onder controle krijgen. Daarvoor waarschuwt Jelmer Dam, nationaal coördinator natuurbrandbeheersing van het Instituut Fysieke Veiligheid. "Het is niet de vraag of natuurbranden in ons land onbeheersbaar worden. Maar wanneer", aldus Dam in Nieuwsuur.

Door de klimaatverandering neemt de brandbaarheid van de natuur toe. De jaartemperaturen liggen hoger, het groeiseizoen wordt langer en er ligt meer dood hout in de bossen. Ook groeit er nu meer dan voorheen vegetatie die snel vlamvat.

Grote natuurbranden komen vaak tegelijkertijd voor, legt Dam uit. Zoals vorig jaar eind april in de Deurnese Peel in Noord-Brabant, het Nationaal Park De Meinweg in Limburg en een bosbrand in de buurt van Tilburg. "Bij meerdere natuurbranden, die soms dagen kunnen duren, hebben we niet voldoende mensen, niet voldoende water in de buurt en kunnen we nu niet goed ter plekke komen.''

Hierdoor kunnen grote stukken bos of heide in de vlammenzee verloren gaan. Maar het is ook gevaarlijk voor mensen, want de natuur wordt in Nederland druk bezet. "Er staan verpleeghuizen in het bos, campings en psychiatrische inrichtingen'', vult Anton Slofstra aan, commandant Gelderland-Midden en portefeuillehouder natuurbranden bij Brandweer Nederland. "Soms met brandbaar struikgewas tot aan de voordeur. Dat moet echt anders.''

De brandweer probeert grote natuurbranden als het kan te vertragen. Dat ziet er zo uit:

Er moet veel meer gedaan worden aan preventie, benadrukken beiden. Slofstra wil dat er wettelijke voorschriften komen voor natuurgebieden op het gebied van brandveiligheid. "Bij de bouw van huizen, kantoren en fabrieken zijn er strenge regels. Maar voor natuurgebieden ligt er niets.''

In sommige gebieden zijn natuurbeheerders al bezig om aanpassingen te maken. Slofstra waarschuwt dat het niet vrijblijvend moet zijn. "Dit onderwerp moet urgentie krijgen. Ook in politiek Den Haag." Eerder kaartte de Rekenkamer aan dat er te weinig specialisten zijn en materieel om branden in de natuur goed te bestrijden.

Betere bereikbaarheid voor de brandweer kan worden bereikt door de aanleg van bijvoorbeeld meer verharde paden waarover het zware brandweermaterieel kan rijden. Ook het verwijderen van hout en het planten van loofbomen in een naaldbos kan zorgen dat een brand minder snel om zich heen kan slaan en onbeheersbaar wordt.

"Het is een enorme opgave om dit overal voor elkaar te krijgen'', erkent Slofstra. "Zoiets realiseer je niet in een paar maanden of een paar jaar. Daarom zijn er regels nodig. Je wil niet dat iemand over vijf jaar besluit dat het toch niet zo belangrijk is."

'Dood hout zit vol insecten'

Bij Staatsbosbeheer inventariseert Marc Brosschot welke aanpassingen nodig zijn in de natuurgebieden. Hij is doordrongen van de noodzaak maar geeft ook aan dat de wensen van de brandweer soms pijn doen. "Dood hout zit vol met insecten, pissebedden en mossen. Een van onze doelstellingen is biodiversiteit dus we gaan het zeker niet allemaal weghalen.'' Hij zegt dat maatwerk nodig is omdat natuurgebieden (zand, veen en bos) onderling erg verschillen. "Dat vang je niet in één wet.''

Volgens Slofstra is duidelijke wetgeving de oplossing en moet de minister van Veiligheid en Justitie de eindverantwoordelijkheid krijgen. Het ministerie van Veiligheid en Justitie laat weten met het ministerie van LNV te bekijken welke preventieve maatregelen nodig zijn. Dit doen ze samen met provincies, de veiligheidsregio's en natuureigenaren. Ook wordt nagegaan of 'nadere regelgeving bij het beheer van natuurgebieden passend is', aldus een woordvoerder.

NOS op 3 dook afgelopen zomer in het groeiende gevaar van bosbranden in Nederland:

https://nos.nl/l/2383750

3e nieuwsbrief natuurbranden: preventie natuurbranden van driemanschap naar Gebiedscommissie Natuurbeheersing (Gemeente Alphen Chaam)

Het driemanschap, bestaande uit de gemeenten Alphen-Chaam en Gilze en Rijen, Staatsbosbeheer en de brandweer heet voortaan ‘Gebiedscommissie Natuurbeheersing’. Zij houden u met een...

https://www.alphen-chaam.nl/nieuws/nieuws/actueel/news/3e-nieuwsbrief-natuurbranden-preventie-natuurbranden-van-driemanschap-naar-gebiedscommissie-natuurbe.html