Wees extra alert in de natuur (Gemeente Staphorst)

Een brandje in het bos of op de hei kan al snel uit de hand lopen. Natuurbranden zijn moeilijk te bestrijden. Vuur kan zich razendsnel verspreiden via kruinen van bomen en kan heel onverwachts op de grond opduiken.

https://www.staphorst.nl/inwoners/actuele-berichten_42822/item/wees-extra-alert-in-de-natuur_229486.html

Kans op snellere uitbreiding brand in natuur (Gemeente Staphorst)

Door aanhoudende droogte in de natuur is er vanaf vandaag een verhoogde kans op snelle uitbreiding van een natuurbrand in Overijssel. De brandweer is daarom extra alert en roept natuurbeheerders, terreineigenaren en inwoners op een brand snel te melden via 112.

https://www.staphorst.nl/inwoners/actuele-berichten_42822/item/kans-op-snellere-uitbreiding-brand-in-natuur_224843.html

Karel Smouter @kcsmouter en Michael Rhebergen doorkruisen Oost-Nederland op de fiets: ‘Tien miljoen mensen wonen niet in de Randstad’ @vandefiets #rouveen #overijssel (Villamedia)

Hoe zou het nieuws eruit zien als je het niet benadert vanaf een redactie in Hilversum of Amsterdam? Met dat idee trekken journalist Karel Smouter en fotograaf Michael Rhebergen vanuit standplaats Deventer door Oost-Nederland op zoek naar onvertelde verhalen. Op de fiets.

Met een nog slaperig hoofd zwiept Michael Rhebergen de deur open en verwelkomt Villa­media in een kleine, spartaans ingerichte bouwkeet. Achterin een kaal stapelbed. Voorin een tafel met twee stoeltjes. Op de tafel een exemplaar van Susan Sontags ‘On photography’ naast een analoge camera, een laptop en een opschrijfboekje. Deze keet op een boerencamping in het Overijsselse Rouveen is voor een paar dagen de thuisbasis van Rhebergen en journalist Karel Smouter. Samen gaan ze deze dagen op zoek naar verhalen in de omgeving van Staphorst. Echt uitgerust is het duo niet. Rhebergen tikt met zijn knokkels tegen het plafond van golfplaten. De regen die er vannacht met bakken tegelijk op neerkwam, heeft ze wakker gehouden. Er is alleen een pot oploskoffie om het leed te verzachten.

Je moet, kortom, iets over hebben voor je journalistieke idealen. Voor Rhebergen en Smouter bestaan die eruit om in de haarvaten van de Nederlandse samenleving te geraken en te onderzoeken op welke verhalen je stuit als je nu eens níet het nieuws maakt vanachter je bureau in Amsterdam of Hilversum. Najaar 2018 lanceerden ze daarvoor het journalistieke project Vandefiets.nl. Sindsdien doorkruisen de mannen Oost-Nederland op de pedalen.

Exotisch fenomeen

‘Het is niet te overschatten hoe belangrijk lokale en regionale journalistiek is. Het is voor ons ook een voortdurende inspiratiebron, op zoek naar nieuwe verhalen en invalshoeken. Tegelijk willen we er niet mee concurreren: wij bedrijven regionale journalistiek voor een landelijk publiek. Het overgrote deel van de journalisten en redacties zit in de Randstad. Daar wordt het nieuws gemaakt. Terwijl tien miljoen mensen niet in de Randstad wonen’, becijfert Rhebergen, die zelf, net als Smouter, in Deventer woont. ‘Wij waren benieuwd hoe het nieuws eruit zou zien als het vanuit Oost-Nederland zou worden verteld.’

Smouter: ‘Wat je – even generaliserend – veel ziet is dat journalisten af en toe ergens geparachuteerd worden en er korte tijd rondlopen. Dat levert al gauw wat stereo­type, probleem gedreven stukken op. Krimp. Vergrijzing. Conservatisme. Ze schrijven eigenlijk op wat ze achter hun bureau in Amsterdam al dachten te zullen aantreffen.’ Het is een journalistiek mechanisme dat Smouter meer is gaan opvallen sinds hij een paar jaar geleden vanuit Amsterdam naar Deventer verhuisde. Daar hoorde hij van mensen op straat en ouders op het schoolplein dat ze media steeds vaker links lieten liggen. ‘“Het gaat toch niet over ons”, zeiden ze dan. “En als het al een keer over ons gaat, dan zijn we een exotisch fenomeen.”’

Ze hebben een punt, vindt Smouter. ‘Als je kijkt naar dossiers als de Oostvaardersplassen, Lelystad Airport of de gaswinning in Groningen, dan zijn die pas vrij laat onder de aandacht van landelijke media gekomen. Lelystad Airport is wat dat betreft nog het beste voorbeeld. Dat werd eigenlijk pas groot toen een RTL Nieuwslezer die op de Veluwe woont – Jan de Hoop – zich er tegen uitsprak. Ik snap wel dat je geen abonnement op NRC Handelsblad afsluit als je in Oost-Nederland woont. Het gaat er simpelweg te weinig over.’

Wat Smouter en Rhebergen met hun project onder de aandacht willen brengen, is wat ze zelf de ‘emancipatie van de periferie’ zijn gaan noemen. Smouter: ‘Van oudsher bestaat er in deze hoek van het land een Calimero-complex ten opzichte van de Randstad. Mensen hebben het gevoel dat er een kliek is van politici, beleidsmakers én media, die bepaalt hoe we moeten leven en hoe we onze tradities vormgeven. Maar wat je ziet is dat er steeds meer zelfbewustzijn optreedt. De periferie gaat zich emanciperen. Kijk alleen al naar die duizenden boeren die op hun trekkers de weg op gaan omdat ze het zat zijn te worden weggezet als milieuvervuilers.’

Smouter en Rhebergen proberen dat overkoepelende thema te vangen in kleine reportages, grote series en uiteindelijk een boek (werktitel: ‘Daar moeten ook mensen wonen’). Daarvoor zetten de freelancers, die naast dit project ook allebei hun eigen werkzaamheden hebben, één dag per week een groot kruis in hun agenda: op die dag gaan ze samen de fiets op. Daarnaast proberen ze eens per maand een paar dagen op rij vrij te maken om wat langer in een regio te blijven, zoals ze dat nu doen in Staphorst. Hun producties verkopen ze aan verschillende landelijke media. Zo maakten ze een serie over de ­Provinciale Statenverkiezingen voor De Correspondent en een over de Bible Belt voor NRC. Ook De Groene Amsterdammer behoort inmiddels tot hun opdrachtgevers.

Zijweggetjes
Maar waarom moet dat op de fiets, is de vraag, terwijl de miezer tegen de ramen slaat. De twee herenfietsen die het duo groen met paars heeft laten spuiten – de kleuren die je krijgt als je de Gelderse en Overijsselse vlaggen met elkaar kruist – staan te druipen naast de bouwkeet. ‘Het brengt je op plekken waar je met de auto niet komt’, zegt Rhebergen. ‘En dan signaleer je andere dingen. Dat alles hier heel netjes aangeharkt is bijvoorbeeld. En dat er overal vormen in de heggen zijn geknipt.’
Smouter: ‘Soms kom je op de fiets ook letterlijk verhalen tegen. Vorige week fietste ik voor mijn eigen lol over de heide toen ik een boswachter tegenkwam. Ik raakte met hem aan de praat toen hij zei dat je de hele wereldproblematiek – van stikstof tot bosbranden in ­Brazilië – kunt aflezen aan de staat van de heide. Dat is een verhaal. En het viel me op dat er steeds meer mais op het veld staat. Hoe komt dat? Waarom al die mais? Dat is iets wat je alleen ziet als je niet alleen de hoofdwegen, maar ook de zijweggetjes pakt.’

Wat ze ook merken – en dat hadden ze van tevoren niet bedacht – is dat de fietsen snel het ijs breken. Overal waar ze komen, hebben ze direct aanspraak. Op de pont, bij de burgemeester en zelfs bij onwillige bronnen blijkt de fiets ontwapenend te werken. Smouter: ‘De vorige keer dat we in Staphorst waren, gingen we langs bij een man die na twaalf jaar wethouder te zijn geweest voor de SGP, was overgestapt naar Forum voor Democratie. Hij stond niet te springen om daar met ons over te praten. Maar door die fietsen hadden we toch meteen een leuk praatje. Hij wilde weten waar ze vandaan kwamen en of het niet koud was. Fietsen zijn onschuldig. Mensen denken al snel: deze jongens zijn oké, want ze komen op de fiets.’
Rhebergen: ‘Maar het doel van het fietsen is vooral om langzaam het landschap door te kunnen gaan. In de hoop dat we af en toe verrast worden door wat we aantreffen.’

Ook in zijn fotografie neemt Rhebergen dat tragere tempo letterlijk. Hij fotografeert het liefst analoog. Voor ­Villamedia maakt hij deze ochtend dan ook een zelfportret met een analoge Yashika camera uit de ­jaren 60. Zodra er een waterig zonnetje doorbreekt, stelt hij de camera handmatig in en checkt zijn lichtmeter voor het beste resultaat. Hij kocht het apparaat een aantal jaar geleden op Marktplaats en is sindsdien verkocht aan het toestel. Hij houdt van het zachte, analoge beeld ten opzichte van de harde, heldere beelden die digitale foto­grafie oplevert. ‘En het dwingt je langzamer te werken en kritischer te kijken naar wat je ziet. Eén rolletje heeft simpelweg maar twaalf beelden.’

Als het rolletje vol is, de wolken weer voor de zon schuiven en de eerste druppels beginnen te vallen, werpen de twee een vertwijfelde blik op de fietsen. Uiteindelijk stappen ze bij de verslaggever in de auto richting het centrum van Staphorst.

Idealen
‘Dit project is een constante zoektocht naar een balans tussen ideaal en de werkelijkheid’, beredeneert ­Smouter even later pragmatisch, als er in Museum Staphorst een fatsoenlijke kop koffie voor hem wordt ingeschonken. ‘In het ideaalbeeld zitten we op de fiets en maken we langzaam verhalen die we van tevoren niet hebben uitgetekend. De werkelijkheid is ook dat je artikelen moet pitchen van tevoren, dat je afspraken moet maken met bronnen, de analoge fotografie soms moet verruilen voor digitale en…’ Hij grijnst: ‘Als het weer tegenzit wel eens moet uitwijken naar andere vervoersmiddelen.’

Dan serieus: ‘Je kunt daar heel verdrietig over doen. Maar uiteindelijk zijn die fiets en de analoge fotografie ook maar een middel en niet het doel. Dit soort journalistieke projecten blijft een precaire bezigheid – dat zullen meer freelancers kunnen beamen. Daarbij is de grootste uitdaging nog niet eens of we onze rekeningen wel betaald krijgen. Dat lukt allemaal nog wel en bovendien is geld niet de reden waarom ik journalist ben geworden. De uitdaging is vooral: hoe deel je slim je tijd in, zodat je het gezond houdt voor jezelf? Hoe zorg je ervoor dat je niet te veel gaat werken.’

Rhebergen: ‘Fietsen helpt daar trouwens wel bij.’

Smouter: ‘Gisteren zaten we van 9.00 tot 12.00 uur op de fiets. Dan kom je inderdaad heel fit aan.’

Rhebergen: ‘Fit, maar bezweet.’

Smouter: ‘Voordat we de burgemeester onder ogen durfden te komen, hebben we ons in het toilet nog even gefatsoeneerd.’

Of ze in de toekomst ook buiten de Gelderse en Overijsselse provinciegrenzen gaan fietsen, durven ze niet te zeggen. ‘Ik kan me best voorstellen dat we dit ook in andere delen van Nederland zouden kunnen doen. Maar dat is vooralsnog toekomstmuziek’, zegt Smouter. ‘In het gebied dat we nu bestrijken wonen ruim vier miljoen Nederlanders. Van Culemborg naar Winterswijk zit je anderhalf uur in de auto , en dan ben je nog steeds in dezelfde provincie. We zijn nog lang niet klaar.’
Rhebergen: ‘Misschien is dat wel weggelegd voor ­anderen.’

Smouter, geamuseerd: ‘Dat zou ik misschien nog wel leuker vinden; dat andere mensen het stokje overpakken.’

Gegadigden genoeg, zo denkt hij. ‘Ik zie onze generatie journalisten steeds vaker de stad uittrekken richting Amersfoort en verder omdat de Randstad voor journalisten onbetaalbaar wordt. Dat komt de journalistiek uiteindelijk alleen maar ten goede want het zorgt ervoor dat we minder in typische journalistenkringen blijven hangen. Wat dat betreft denk ik dat de wal het schip wel zal keren.’

https://www.villamedia.nl/artikel/karel-smouter-en-michael-rhebergen-doorkruisen-oost-nederland-op-de-fiets-tien-miljoen-mensen-wonen-niet-in-de-randstad