‘Het vuur was immens en bleef maar groeien en groeien’ (Kennislink)

De enorme bosbranden in Zuidoost-Australië kwamen tot vlak aan de voordeur van Paul Bott, die in New South Wales woont. Hij bestrijdt ze als vrijwillige brandweerman – maar ook door zo duurzaam mogelijk te leven.

Satellietfoto van de Australische oostkust met bosbranden, gemaakt door de Copernicus Sentinel-2 satelliet. Bij de gele stip het dorpje Mongarlowe waar Paul Bott woont.

“De bosbrand verspreidde zich over een lengte van 170 km vanaf de kust landinwaarts. Het vuur brandde al 70 dagen. Het kwam dichter en dichter bij ons huis. Er waren dagen dat we niets anders konden doen dan ons huis en de directe omgeving ervan beschermen tegen het vuur. Uiteindelijk stopte het vuur amper een kilometer van ons huis. We hebben geluk gehad.”

Australiër Paul Bott (61) heeft het over de bosbranden in de zomer van 2019-2020, die in Australië bekend staat als ‘black summer’. Hij woont met zijn vrouw in het dorpje Mongarlowe – 20 huizen – in het zuidoosten van de staat New South Wales. Bott werkt als zelfstandig bouwvakker en daarnaast besteedt hij veel tijd aan de vrijwillige brandweer als commandant.

De enorme bosbrand van ‘19-‘20 was beangstigend, vertelt Bott, maar hij was niet onvoorbereid. Want elke zomer breken er bosbranden uit in het zuidoosten van Australië. “Onze lokale brigade van de vrijwillige brandweer bestaat uit 20 leden. We hebben twee trucks en als het nodig is, kunnen we ook een bulldozer gebruiken.” Bott vertelt dat ze vuur gebruiken om vuur te bestrijden: ze branden brede stroken bos af, waardoor een kale strook land ontstaat die het vuur niet kan passeren. Dat werk doen ze niet alleen als het vuur woedt. “We zijn het hele jaar bezig met de voorbereiding op het bosbrandseizoen.” Klimaatverandering verergert de bosbranden, zegt Bott. “De zomers voorafgaand aan deze bosbrand waren extreem warm en droog, wat het bos vatbaar voor brand maakt.” Een recent rapport van UNEP, het milieuagentschap van de VN, stelt dat mede door klimaatverandering het aantal bosbranden wereldwijd flink toeneemt.

In het thema Hoe klimaat je raakt duikt NEMO Kennislink de komende tijd in de wereld van klimaat en energie. We werken samen met de Studio van NEMO Science Museum, waar je vanaf 8 juni 2022 de tentoonstelling Energy Junkies kan bezoeken. In deze tentoonstelling maak jij keuzes voor de toekomst. Hoe zou jij de energieverslaving omvormen tot een gezonde gewoonte?.

Voor Bott is het reden om zo duurzaam mogelijk te leven. “We verbouwen onze eigen groenten en fruit en leven off-grid, met zonnepanelen voor elektriciteit en zonneboilers voor warm water.” Bott heeft altijd al milieuvriendelijk geleefd. “Het is ook iets wat ons leven betekenis geeft: we willen de planeet niet in een slechte toestand achterlaten voor onze kinderen.”

Voor het thema ‘Hoe klimaat je raakt’ hebben we een aantal mensen gevraagd naar de impact van klimaatverandering op hun leven. Lees hun verhalen door op de pictogrammen hierboven te klikken.

https://www.nemokennislink.nl/publicaties/het-vuur-was-immens-en-bleef-maar-groeien-en-groeien/

‘We moeten op zoek naar technologieën die de natuur omarmen’ (Kennislink)

Techniekfilosoof Vincent Blok schreef een boek waarin hij de aarde niet neerzet als passief object, maar als actief subject. Om de wereld te redden, moeten we niet langer de natuur tegenover de mens en cultuur plaatsen, maar uitgaan van één geheel, stelt hij.

In Noorwegen brak twee jaar geleden een stuk land van zo’n 600 bij 150 meter af. Het verdween in zee, inclusief de acht huizen die erop stonden. De klimaatverandering speelde daarbij een belangrijke rol. Door de stijgende temperaturen ontdooien in noordelijke gebieden bodemlagen die voorheen bevroren waren, met aardverschuivingen als gevolg.

In juni 2020 vond in het Noorse plaatsje Alta een aardverschuiving plaats waarbij acht huizen in zee verdwenen.

“Is het wel een haalbaar ideaal om de instabiele wereld weer onder controle te krijgen?” vraagt Vincent Blok zich af.

Voor Vincent Blok, universitair hoofddocent techniekfilosofie en verantwoord innoveren aan Wageningen University, is het voorval een voorbeeld van wat klimaatverandering ons laat ervaren: de wereld om ons heen is niet zo stabiel als we denken. Onlangs verscheen zijn boek Van wereld naar aarde. Filosofische ecologie van een bedreigde planeet. Daarin doet hij een aanzet tot een andere omgang met de aarde, waarin de aarde niet als passief object wordt gezien, maar als subject op zichzelf.

Dat is een heel andere omgang dan dat we nu gewoon zijn. Blok: “Als je in de auto zit, is de wereld een stabiele omgeving waar je doorheen rijdt. En zo is het eigenlijk altijd: de wereld vormt een vaststaande achtergrond voor de dingen die wij als mensen doen. Als je ervaart dat er sprake is van klimaatverandering – van je tuin die vanwege de hitte uitdroogt tot (beelden van) tsunami’s en bosbranden – merk je: die omgeving is helemaal niet stabiel, maar juist instabiel.”

Boemerang

Er is nu vaak nog sprake van een soort existentiële zekerheid: onze auto voor de deur, de bomen in de straat, de aangeharkte oprijlaan – die kunnen toch niet zomaar allemaal verdwijnen? “Nou, wel dus. Eerst hoefde je je nooit druk te maken over de wereld als achtergrond en kon je je richten op de dingen op de voorgrond. Je kon rustig de kinderen naar school brengen, zonder stil te staan bij het ecosysteem waar je deel van uitmaakt. Maar nu komt die achtergrond zelf naar voren. We merken dat elke vervuiling, elk plastic bekertje dat je op de grond gooit, als een boemerang bij ons terugkomt in de vorm van klimaatverandering. Daardoor ervaren we voor het eerst in een geheel te zitten waar we niet zomaar uit kunnen, een klimaat waarvan we van voor tot achter afhankelijk zijn.”

Wat moeten we daarmee? “De neiging die we nu hebben is om de vraag te stellen: hoe kunnen we die instabiele wereld weer stabiel maken? Dat is logisch, maar ik heb er twee kanttekeningen bij. De eerste is de vraag of het wel een haalbaar ideaal is om die instabiele wereld weer onder controle te krijgen. Moeten we misschien erkennen dat de mens niet langer een stabiele achtergrond heeft om zijn leven te leiden? Daarnaast is het de vraag of we als mens wel de manager van de planeet moeten willen zijn. Het idee is nu vaak: Moeder Aarde blijkt kreupel te zijn, de mens moet als haar kind nu het ecosysteem managen. Maar moeten we deze nieuwe rol van de mens wel willen?”

Wildheid toelaten

Blok zet er vraagtekens bij. “Toch zie je dat mensen bij klimaatverandering vaak meteen in een controlerende rol schieten. Bij de mensen die de crisis serieus nemen zie je grofweg twee houdingen. De ene groep kiest voor een eco-modernistische benadering, waarbij met technologie geprobeerd wordt om de boel op te lossen. Denk bijvoorbeeld aan zonnespiegels in de atmosfeer zetten om het licht van de zon te temperen. De andere groep neemt een ecologische houding aan en richt zich op consuminderen: minder plastic, geen dierlijke producten meer eten, niet meer vliegen. Door controle over zichzelf uit te oefenen, hoopt deze groep de wereld te beheersen.’”

Blok stelt juist voor om wat meer instabiliteit in ons leven toe te laten. “Daarmee bedoel ik geen destructieve benadering van: omarm de chaos, het is niet anders. Nee, ik denk aan manieren om natuur en wildheid – waar onvoorspelbaarheid inherent mee verbonden is – toe te laten in ons leven. Daarmee doorbreek je ook vaststaande tegenstellingen die nu voor problemen zorgen, zoals het idee dat de mens met zijn cultuur de tegenhanger is van de natuur. We kunnen onszelf ook zien als onderdeel van de natuur. Dan ga je van antropocentrisme, waarbij enkel van de mens wordt uitgegaan, naar ecocentrisme, waarbij je het ecosysteem als uitgangspunt neemt.”

Hybrides

Hoe doen we dat concreet? “Bijvoorbeeld door in te zetten op biomimetische technologie: technologie die een imitatie is van de natuur. Daarbij gaat het niet om de keurige wandelpaden die we op de Veluwe zien, maar om bijvoorbeeld een waterzuiveringsinstallatie die niet geheel technologisch is, maar waarbij je gebruikmaakt van een wild ecosysteem.”

In zijn onlangs verschenen boek Van wereld naar aarde. Filosofische ecologie van een bedreigde planeet doet Blok een aanzet tot een andere omgang met de aarde.

Deze zogenoemde living machines zuiveren ons afvalwater, maar maken daarbij gebruik van planten en vissen. “De mens zet dan techniek in, maar is niet volledig in controle: de planten en dieren die een rol spelen in de waterzuivering gaan relaties aan met elkaar en met planten en dieren in de omgeving. En in Europa zijn er weer heel andere lokale ecosystemen die een rol gaan spelen dan in bijvoorbeeld de Verenigde Staten. De mens sluit met dit soort technologie niet de buitenwereld uit, zoals gebruikelijk is, maar betrekt die er juist actief bij. Zo komen menselijke technologie en natuurlijke onbeheersbaarheid samen en wordt het schema natuur-cultuur doorbroken.”

Een ander voorbeeld zijn 3D-geprinte koraalriffen. “Door de klimaatverandering sterven koraalriffen nu af. Artificiële koraalriffen kunnen dat deels tegengaan. Als je die in zee plaatst, kunnen natuurlijke koraalriffen op hun structuur groeien. Zo ontstaat een hybride: deel natuur, deel techniek.”

Speelruimte

Dat we techniek nodig hebben om de klimaatcrisis tegen te gaan, is voor Blok evident. “Met enkel consuminderen gaan we het niet redden, al is dat natuurlijk ook belangrijk om te doen. Maar we moeten ook kijken naar nieuwe relaties tussen wat we vroeger natuur noemden en vroeger cultuur noemden.”

Daarbij ontstaat speelruimte. “We zitten in een wereld waarin we de neiging hebben om te totaliseren. We zijn steeds meer gericht op eco-efficiency: we proberen om alles maar in te passen in het ecosysteem, alles co2-neutraal te laten zijn. Hoe belangrijk dat ook is, we moeten niet vergeten dat de mens ook een spelend wezen is. Op zoek gaan naar nieuwe technologieën die de natuur omarmen past daar perfect bij.”

https://www.nemokennislink.nl/publicaties/we-moeten-op-zoek-naar-technologieen-die-de-natuur-omarmen/

Wéér een mislukte klimaattop. Hebben ze nog zin? (OneWorld)

Klimaatgezant Marcel Beukeboom: ‘Dankzij jongeren wereldwijd blijf ik hoopvol’

https://www.oneworld.nl/app/uploads/2017/11/190124-Marcel-Beukeboom-8698-875x583.jpg

Klimaatgezant Marcel Beukeboom was op de klimaatconferentie in Madrid

Terwijl de uitstoot van broeikasgassen toeneemt, keek de wereld hoopvol uit naar de klimaattop in Madrid. Maar daar kwam weinig uit. Klimaatgezant Marcel Beukeboom was er ook bij en geeft zijn visie op de zin en onzin van klimaatconferenties.

Op de top in Madrid (2 tot en met 15 december) zouden regeringsleiders de afspraken uit het Akkoord van Parijs verder uitwerken in een set van ‘spelregels’ waarmee de afgesproken doelstellingen gehaald moesten worden. Een van de belangrijkste punten op de agenda was het maken van nieuwe afspraken over het emissiehandelssysteem1. Die kwamen er niet. Wel was er de onduidelijke slotverklaring van de deelnemende landen dat ze hun ‘klimaatbeschermingsdoelen zullen aanscherpen’. Klimaatgezant Marcel Beukeboom, die op de top aanwezig was, vindt de onderhandelingen veel te langzaam gaan. Toch blijft hij hoopvol.

Even herhalen: wat ging er mis op de afgelopen klimaattop?
“Sommige landen konden niet instemmen met strengere regels rondom emissierechten. Ze zijn afhankelijk van fossiele energie en willen de binnenlandse ontwikkeling en productie beschermen. Australië, Brazilië, de VS en Saudi-Arabië liggen bijvoorbeeld dwars, om verschillende redenen. Die landen willen een akkoord tekenen waar ze zelf geen last van hebben. Zoals altijd met internationale onderhandelingen: er is een spanning tussen het eigenbelang op korte termijn en het collectieve belang op lange termijn.”

Marcel Beukeboom (47) studeerde Internationale Betrekkingen aan de Universiteit van Groningen en was tijdens zijn studietijd gemeenteraadslid. Erna bekleedde hij verschillende diplomatieke functies. Sinds 2016 is hij de klimaatgezant van Nederland. Als klimaatambassadeur vertegenwoordigt hij Nederland bij internationale klimaatconferenties, en is hij betrokken bij Nederlands klimaatbeleid. Eind 2019 werd hij door de Volkskrant op de 70e plaats genoemd in de lijst van de 200 meest invloedrijke Nederlanders.

Maar er waren toch ook lichtpuntjes?
“Geen afspraken over het emissiehandelssysteem betekent in elk geval dat er ook geen sléchte afspraken zijn gemaakt. Ik hoop dat we daar volgend jaar echt meer over kunnen afspreken. Maar het allerbelangrijkste is dat in 2020 de ambitie in de nationale klimaatplannen echt is verhoogd, zoals we eerder ook al in Parijs afspraken. We hebben een jaar voor de boeg van veel praten en druk op die landen uitoefenen.

Misschien wel het allerbelangrijkste: jongeren waren weer massaal aanwezig

Daarnaast is een klimaatconferentie veel meer dan een groep landen die aan het onderhandelen zijn. Er waren 25.000 mensen aanwezig, en maar een klein deel van hen waren onderhandelaars. De beweging rondom de conferentie was enorm; er waren bedrijven, financiële instellingen en maatschappelijke organisaties, die allemaal met elkaar bespraken hoe ze de Parijs-plannen kunnen uitvoeren, en die ongeacht de uitkomsten van de internationale onderhandelingen tot actie overgaan. Ook presenteerde de EU de Green Deal, met plannen om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Daarmee neemt Europa het voortouw en kan het een voorbeeld zijn voor de rest van de wereld.

En misschien wel het allerbelangrijkste: jongeren waren weer massaal aanwezig. Jongeren laten op veel manieren van zich horen, als demonstranten zijn ze het meest zichtbaar, maar ook als meedenkers over klimaatbeleid komen we ze steeds meer tegen. Deze invloed is steeds meer een factor van belang aan het worden.”

Sinds 1992 zijn er talloze klimaatconferenties geweest, maar het laatste Emissions Gap Report loog er niet om: het gat tussen wat landen moeten doen om Parijs te halen, en de plannen die ze hebben om er te komen, wordt steeds groter. Hebben klimaatconferenties wel zin?
“Het is zoals Churchill ooit zei over de democratie: het is een slecht systeem, maar we hebben niks beters. Zo is het ook met internationale onderhandelingen. We hebben elkaar nodig, we móéten afspraken maken. Die onderhandelingen gaan inderdaad veel te langzaam, maar dat wil niet zeggen dat er nog niets is bereikt.

Tijdens de eerste klimaattop werd nog een duidelijke scheiding gemaakt tussen arm en rijk, ingegeven door het koloniale denken. De rijke, geïndustrialiseerde landen waren met name verantwoordelijk voor de uitstoot, en die landen waren dan ook verplicht hun uitstoot te verminderen. Het betekende een vrijstelling voor armere landen. Voor China en India bijvoorbeeld, landen die nu een groot aandeel hebben in de mondiale uitstoot en zich erg ontwikkeld hebben en veel rijker zijn geworden.

Klimaatverandering is niet op te lossen door je terug te trekken binnen je eigen landsgrenzen

In Parijs zijn landen afgestapt van die oude scheiding, en heeft die plaatsgemaakt voor een solidariteitsprincipe. De landen zijn overeengekomen dat álle landen hun uitstoot moeten verminderen, maar dat rijkere landen armere landen financieel tegemoet moeten komen. Dat solidariteitsprincipe is een stap in de goede richting, maar moet nog wel uitgevoerd worden. Klimaat is hét voorbeeld van een internationaal vraagstuk dat niet is op te lossen door je terug te trekken binnen je eigen landsgrenzen.”

Komt het dan allemaal aan op de bereidheid van overheden?
“Nee, je ziet gelukkig ook veel initiatieven vanuit bedrijven, burgers en de financiële sector. Pensioenfondsen, banken en financiële instellingen willen bijvoorbeeld meer investeren in groen. Het Parijs Akkoord dient hierbij als inspiratie. Zonder dat Akkoord zou er een stuk minder beweging in de private sector en bij burgers zijn.

Verandering via de rechterlijke macht is een ander spoor. Ook daar worden tegenwoordig slagen gewonnen. Er lopen inmiddels wereldwijd veel zaken van burgers tegen bedrijven en overheden maar ook van overheden tegen bedrijven. De vrijdag bij de hoogste rechter gewonnen zaak van Urgenda is wereldwijd het bekendste voorbeeld. Deze zaak dient voor velen als inspiratie, al zal de Nederlandse jurisprudentie vast niet overal tot dezelfde uitkomst leiden. Desalniettemin heeft het juridische spoor iets toegevoegd en wordt ook op die manier de druk opgevoerd om met ambitieus klimaatbeleid te komen.”

Zijn die verschillende sporen zoals je het noemt, genoeg om de doelstellingen van Parijs, een maximale opwarming tussen 1,5 en 2 graden, nog te redden?
“Klimaatpanel IPCC heeft gezegd dat het nog steeds mogelijk is. Mijn inzet is er dus op gericht dat we het gaan halen. Er moeten alleen wel meer maatregelen genomen worden.”

Maar hoe zorgen we ervoor dat die er komen? Hebben we eerst nog meer ‘rampen’ nodig om tot die maatregelen te komen?
“Helaas werkt het vaak wel zo. Je ziet dat Australië deze keer de afspraken niet wilde tekenen, terwijl het land letterlijk in brand staat. De kolensector is er belangrijk voor energie en export, de gemiddelde uitstoot per inwoner is een van de hoogste ter wereld. Lang wilde Australië vooral die eigen activiteiten beschermen. Maar de wetenschap is duidelijk: de bosbranden waarmee het land geteisterd wordt houden verband met klimaatverandering. Het wordt er steeds warmer en droger. De mensen pikken daar niet langer dat politici de andere kant op kijken, en gaan de straat op, laten van zich horen. Dit zorgt uiteindelijk voor een groter draagvlak om klimaatmaatregelen te nemen.

En overal ter wereld werkt het zo: klimaatverandering wordt steeds zichtbaarder en het bewustzijn groeit. De smog die steden als Jakarta en New Delhi bijna onleefbaar maken, kunnen autoriteiten daar niet meer negeren. Ook de stikstofcrisis in Nederland is een voorbeeld van de grenzen aan de groei. De wal is het schip aan het keren.”

Toch keert het schip uiterst langzaam. Verlies je nooit de hoop?
“Natuurlijk kan ik ook weleens moedeloos raken van het besef dat we overal tegen de grenzen van ons ecosysteem aanlopen, van de voorspellingen die de wetenschap doet, en van de gevolgen die we nu al niet meer af kunnen wenden. We hebben al te maken met extremer weer, met een zeespiegelstijging die op eilandstaten en in deltalanden als Vietnam en Bangladesh kusterosie en verzilting veroorzaakt, en uiteindelijk stukken land opslokt. In de VS en landen in Centraal-Afrika heeft men juist steeds meer last van droogte, die de landbouw en voedselvoorziening voor heel veel mensen bedreigt. Klimaatverandering draagt hierdoor bij aan een verslechterende economische situatie en meer migratie.

Je ziet dat men kritisch kijkt naar het systeem en dat de verandering is ingezet

En hier in Nederland waar we altijd hebben gestreden tegen water en dat ook in toenemende mate zullen moeten blijven doen, dreigt er een gevaar voor de drinkwatervoorziening. We lopen echt aan alle kanten tegen grenzen aan, precies zoals de Club van Rome 2 in 1972 voorspeld had. En dan hoor ik om me heen nog steeds het mantra van eindeloze groei, en dat ‘de wetenschap het nog niet over klimaatverandering eens is’. Dus ja, natuurlijk is het dan frustrerend dat verandering langzaam en moeilijk gaat.

Toch ben ik nog steeds hoopvol en optimistisch. Want ook al gaat het langzaam, er gebeurt al veel. Groeiden de bomen in de jaren negentig nog tot in de hemel, nu zie je dat men kritisch kijkt naar het systeem en dat de verandering is ingezet. En de jongeren die wereldwijd van zich laten horen, zorgen ervoor dat ik de hoop niet verlies: zij zetten wereldleiders, bedrijven en de medemens onder druk, en laten zien dat het ook anders kan.”

Klimaatconferenties door de jaren heen
Op de eerste klimaatconferentie, in 1992 in Rio de Janeiro, Brazilië, tekenden 197 landen een verdrag waarin ze vastlegden dat de uitstoot van broeikasgassen omlaag moest om klimaatverandering een halt toe te roepen. Sindsdien is er elk jaar een klimaatconferentie gehouden.

De conferentie in 1997, in het Japanse Kyoto, was van grote betekenis in de internationale klimaatonderhandelingen. Met het verdrag van Kyoto (of het Kyoto Protocol) kwamen industrielanden, die bij elkaar verantwoordelijk waren voor 55 procent van de wereldwijde uitstoot, overeen dat ze de uitstoot van broeikasgassen wereldwijd met 5 procent wilden verminderen ten opzichte van 1990. Het verdrag werd in 1997 opgesteld en ging in 2005 van kracht, toen genoeg landen hun handtekening hadden gezet. Op deze conferentie werd ook een systeem van emissiehandels opgetuigd, waarmee landen een deel van de klimaatdoelstellingen kunnen realiseren in het buitenland, als daar de klimaatdoelstellingen al zijn gehaald.

Ook het akkoord dat gesloten werd op de conferentie in Parijs in 2015, werd met veel gejuich ontvangen. Daar sloten regeringsleiders een bindend akkoord waarin stond dat de opwarming van de aarde beperkt moest worden tot ten hoogste 2 graden, met een verwarming van maximaal 1,5 graden als streven. Details van het akkoord zouden later uitgewerkt worden. Ieder land mocht zelf bepalen hoe het de CO2-uitstoot zou beperken. Er was destijds al kritiek op dit akkoord: de vervuilende lucht- en scheepvaart waren bijvoorbeeld buiten schot gelaten.

De stem van jongeren klinkt luider dan ooit

Extinction Rebellion: vreedzaam, ongehoorzaam en wit

Loudi Langelaan

  1. Een emissiehandelssysteem is een markt waarin het recht om een eenheden CO2 uit te stoten wordt verhandeld. Door het terugbrengen van het totaal aantal rechten die in roulatie zijn en door het reguleren van de prijzen wordt het voor landen en bedrijven financieel aantrekkelijker om minder uit te stoten. ↩︎
  2. De Club van Rome is een groep Europese wetenschappers die bezorgd is om de toekomst van de aarde en de mensheid. De groep kwam voor het eerst bij elkaar in Rome in 1968. De Club bracht diverse rapporten uit over het milieu. Grenzen aan de groei (1972), waarin de wetenschappers een kritisch licht schenen op de groei van de wereldbevolking, is daarvan het bekendste voorbeeld. ↩︎

Het bericht Wéér een mislukte klimaattop. Hebben ze nog zin? verscheen eerst op OneWorld.

https://www.oneworld.nl/duurzaamheid/weer-een-mislukte-klimaattop-hebben-ze-nog-zin/

Jaagt klimaatverandering ons de stuipen op het lijf? (Kennislink)

Je leest steeds vaker over klimaatangst. Moeten we die term serieus nemen? Hoe reëel is die angst? We vroegen het psychiater en angstexpert Damiaan Denys. “We zijn alles wat oncontroleerbaar is eng gaan vinden. Klimaat is daar een voorbeeld van.”

Damiaan Denys, hoogleraar psychiatrie en filosoof: “Berichtgeving heeft een enorme impact op onze perceptie van de wereld.”
Wikimedia Commons, Universiteit van Nederland via CC BY 3.0

http://nederland20.duckdns.org/placeholders/medium.png

Wikimedia Commons, Universiteit van Nederland via CC BY 3.0

Bosbranden in de Amazone, olielekkages op zee, doden door overstromingen, dode dieren in megastallen, uitstervende diersoorten, weggevaagd tropisch regenwoud voor palmolieteelt. Het zijn geen berichten om blij van te worden. Sommige mensen worden er ronduit bang of somber van, afgaande op anekdotische verhalen.

Het Britse tabloid The Daily Telegraph schreef onlangs over het toenemende aantal kinderen dat in het Verenigd Koninkrijk behandeld wordt voor eco-anxiety. Er zou een ‘tsunami’ zijn van jongeren die hulp zoeken door alle apocalyptische waarschuwingen van protestgroepen als Extinction Rebellion en de heffende vinger van Greta Thunberg, concrete cijfers in het midden latend. In de Nederlandse kranten duikt het woord ‘klimaatangst’ ook steeds vaker op, alsof het fenomeen zich diep in de samenleving gemanifesteerd heeft.

Er speelt duidelijk iets in onze maatschappij, maar wat precies? Liggen we massaal wakker van ecologische rampen? Is klimaatangst een nieuw psychologisch fenomeen of gaat het hier gewoon om gezonde zorgen? De wetenschap heeft niet gevalideerd dat klimaatverandering een gevaar vormt voor onze psychische gezondheid, maar daar kan het ook nog te nieuw voor zijn. NEMO Kennislink vroeg de Vlaamse psychiater en filosoof Damiaan Denys om te duiden wat er aan de hand is. Denys is werkzaam aan het Amsterdam UMC en behandelt mensen met angststoornissen. Hij noemde bang zijn voor het klimaat in 2013 al in zijn theateroptreden Wat is angst?

Moet je als wetenschapper een term als ‘klimaatangst’ serieus nemen?

“Ja en nee. Nee, omdat zich nog niks voltrokken heeft. Het is onduidelijk of het klimaat te maken heeft met El Niño, de overstromingen in New Orleans. Bovendien spelen die dingen zich aan de andere kant van de wereld af. In Nederland is er in principe geen enkele concrete reden om nu bang te zijn voor het klimaat, daarom is die angst iets heel abstracts. Tegelijkertijd moeten we ons realiseren dat dit gevoel gemanipuleerd wordt. Angst voor klimaatverandering wordt gebruikt om ons gevoelig te maken voor de kwestie, om ons tot nadenken aan te zetten en iets te doen. Als jij iets wil bewerkstelligen, dan moet je iemand bang maken, dat doen wij allemaal continu. We zeggen tegen onze kinderen ‘als jij niet luistert, krijg je geen snoep van Sinterklaas’. Politici maken iedereen bang met hun programma, ‘als we dit niet doen gebeurt dat’. Klimaatangst zit in datzelfde rijtje.”

Wordt deze angst door milieugroeperingen doelbewust aangewakkerd?

“Ja, want angst is de grootste motivator voor gedragsverandering. Als iedereen in Nederland dertig procent minder zou eten, zouden we gezonder worden en het zou een grote impact op de CO2-uitstoot hebben. Maar dat doen we niet, omdat er geen enkele stimulans is om dat te doen. Waarom zou je? Als je mensen extreem bang maakt, ‘iedereen die dertig procent te veel eet hakken we de hand af’, dan zou ons gedrag meteen veranderen. Je maakt iemand niet wakker met gelukkige dingen.”

Heeft klimaatverandering het in zich om ons werkelijk depressief, getraumatiseerd of angstig te maken?

“Dat denk ik niet. Ik zie al twintig jaar mensen met angsten en ik kan me geen patiënt voor de geest halen die bang was voor het klimaat. Wel voor asbest, bliksem, vergiftiging of bacteriën. Ik ontken niet dat het bij sommige mensen zal bestaan. Mensen raken door de zotste dingen geobsedeerd. Je hebt mensen die nu al schuilkelders bouwen en blikken soep verzamelen, omdat ze denken dat er iets ergs gaat gebeuren. Dat zijn mensen die sowieso vatbaar zijn voor waanzin.”

Hoe zou een behandeling eruitzien?

“Als het een dwangstoornis is dan hebben we gedragstherapie om mensen van hun obsessie af te brengen. Wat bij bijna elke vorm van angst aanwezig is, is het gevoel van gebrek aan controle. Iemand is bang voor spinnen omdat je niet kan controleren dat een spin op je af komt. Hoogtevrees heeft meer te maken met het feit dat je op grote hoogte de situatie niet onder controle hebt, dat je eventueel zou kunnen springen, dan met de hoogte zelf. Heel weinig mensen zijn daarentegen bang dat er een meteoriet op ons hoofd valt, ook al hebben we daar absoluut de controle niet over. Een meteoriet is zoiets groots en de kans erop is zo klein, daar zijn we niet bang voor. De grootste angsten zijn voor dingen die het meest evident of onverwacht zijn of die heel nabij komen.”

Uitgelicht door de redactie

Biotechnologie
Navigeren op de tast en sterretjes zien: uitvindingen voor blinden

Geneeskunde
Experimentele therapie gaat Alzheimer te lijf met licht en geluid

Als we steeds meer gaan praten over klimaatangst als psychisch probleem, ontstaan de patiënten dan vanzelf?

“Absoluut. Mensen zijn heel gevoelig voor wat er in de media komt. Woorden als ‘angst’, ‘vrees’, ‘bedreiging’ en synoniemen daarvan komen steeds meer voor in kranten, meer dan pakweg twintig jaar geleden. Onderzoek laat zien dat mensen die veel tv kijken en kranten lezen over het algemeen ook banger zijn. In de media zit een bias voor negatieve berichtgeving. Kranten staan niet vol met berichten over hoe geweldig het gaat met het bos in Nieuw-Guinea, wel met verbrande koala’s in Australië. Daar zijn we gevoeliger voor. Berichtgeving heeft een enorme impact op onze perceptie van de wereld.”

Bedoelen we met klimaatangst eigenlijk niet gewoon dat mensen zich zorgen maken?

“Ja, het gaat het om zorgen, terechte zorgen. Er zijn geen mensen die paniekerig rondlopen voor het klimaat, dat lijkt me heel uitzonderlijk. Maar we praten elkaar nu wel – en dat is heel specifiek voor onze samenleving – schuld en schaamte aan omdat we niet bijdragen aan de overleving van de planeet. Dat zijn ook tactieken om mensen te bewegen tot iets, al werken die minder goed.”

Naast vlees- en vliegschaamte hoor je nu ook over baarschaamte: geen nieuwe mensen meer op de wereld zetten omdat het onduurzaam is.

“Bestaat dat ook al? Dat is wel heel somber en vergaand. Je kan ook denken: ik wil meer mensen op de wereld zetten die ervoor gaan zorgen dat we een beter klimaat hebben.”

Volgens u leven we in een angstmaatschappij en zijn we bang voor van alles en nog wat. Is klimaatangst daar een symptoom van?

“We hebben moeite met dingen aanvaarden. We hebben een samenleving gecreëerd met een absoluut geloof in de maakbaarheid. Het is een gewoonte geworden om buienradar te checken voor we naar buiten gaan. We weten precies op welke plek op de snelweg er file is, op welk tijdstip de trein naar Den Haag aankomt. Dankzij technologie zijn we gewend geraakt aan een voorspellende, controlerende manier van leven. We zijn extreem bang voor alles wat daar niet aan beantwoordt. Onze voorouders werden nog voortdurend verrast. Als je honderd jaar geleden ging wandelen kon het plotseling gaan regenen en werd je nat. De wereld was onvoorspelbaarder, harder, meedogenlozer, waardoor je een soort weerbaarheid ontwikkelde om daar mee om te gaan. Wij zijn volstrekt verwend omdat alles naar onze hand is gezet. We zijn zo afhankelijk van onze controleerbare wereld, dat we alles wat oncontroleerbaar is eng vinden. Klimaat is daar een voorbeeld van.”

Het bijzondere aan klimaatangst is dat mensen zich geen zorgen maken om zichzelf, maar om volgende generaties en de toekomst van de planeet.

“Ja, dat pre-apocalyptische gevoel, alsof de wereld op het punt staat te vergaan, is typisch voor onze tijd. Het is echt iets van de laatste zes, zeven jaar, waarin ook de jongere generatie zich realiseert: er gaat iets mis, we verbruiken te veel, gaan te veel op reis, eten te veel, maken dingen stuk en we hebben het niet in de hand.”

Helpt het om te handelen in lijn met je eigen waarden om dat gevoel af te zwakken? Bijvoorbeeld door minder te consumeren?

“Je eigen gedrag controleren is niet hetzelfde als het klimaat controleren. Als je nu netjes je afval scheidt, honderd rijdt en niet meer vliegt gaat het niet beter met het klimaat. In de Amazone verbranden nog steeds massaal bomen, ‘wat heeft het dan voor zin’ denk je dan. Die angst heeft daarmee te maken: ook al verander ik mijn gedrag, de uitkomst wordt door de hele wereld bepaald. Het is een globaal probleem. Voor de een is dat ontmoedigend, die gaat bij de pakken neer zitten. Een ander denkt: ik trek me er niks van aan. Ik leid mijn leven en daarna zie ik wel.”

Veel mensen zullen zich machteloos voelen vanwege het gebrek aan politieke wil om klimaatverandering aan te pakken.

“Ja, dat is dramatisch. Mensen voelen de urgentie en proberen het op de agenda te krijgen. Als iemand als Donald Trump dan verklaart dat het allemaal onzin is en olievelden wil gaan aanboren, dan doet dat alle campagnes om ons gedrag te veranderen teniet.”

Zou het niet goed zijn als we allemaal een beetje banger worden, zodat we actie gaan ondernemen?

“Ik zou klimaatverandering eigenlijk willen ontdoen van de angst en het concreet en reëel houden. De meeste mensen geloven het weerbericht en handelen ernaar. Ik zou willen dat er ook een instantie bestond met objectieve berichtgeving over het klimaat die accuraat zegt ‘dit is het probleem’ en dat we die informatie allemaal aannemen en ons gedrag er op aanpassen. Op dat moment kun je gaan kijken in welke mate angsten rond het klimaat reëel zijn. Wij wisselen continu onze aandacht voor angstwekkende aspecten, door wat we horen en door wat in de media komt. Als er een vulkaan uitbarst is iedereen ineens bang voor vulkanen, als er een tsunami is dan voor tsunami’s. Als er straks in Amsterdam een bom ontploft dan spreekt niemand over klimaat, alleen over terrorisme. We hebben een kort geheugen. Als je langdurige aandacht wil voor dit probleem, heeft het op de lange termijn denk ik meer effect als we het bij reële berichtgeving houden in plaats van angst aan te wakkeren.”

https://www.nemokennislink.nl/publicaties/jaagt-klimaatverandering-ons-de-stuipen-op-het-lijf/

Niet weer die ijsbeer (OneWorld)

Hoe breng je klimaatverandering in beeld?

https://www.oneworld.nl/app/uploads/2019/07/klimaat-10a-875x385.jpg

Een ijsbeer op een ronddrijvend stuk ijs, een uitgedroogde rivierbedding: sommige beelden hebben we al zo vaak gezien dat ze hun kracht verliezen. Drie beeldprofessionals leggen uit hoe zij de klimaatcrisis wél indringend in beeld blijven brengen.

‘Als je dit leest, dan ben je rokende schoorstenen, ijsberen en smeltende ijskappen waarschijnlijk beu en zoek je naar ander beeld om je klimaatboodschap te communiceren.’ Dit is te lezen op Climate Visuals, een beeldbank gespecialiseerd in klimaatverandering. De initiatiefnemers willen een nieuwe beeldtaal ontwikkelen voor de klimaatcrisis. Na onderzoek onder meer dan drieduizend deelnemers uit de VS, Groot-Brittannië en Duitsland stelden ze zeven principes op voor betere klimaatbeelden. Zoals, zet échte mensen op de foto – geen modellen of politici – en wees terughoudend met beelden van demonstranten.

Beelden van de lokale effecten van klimaatverandering op een individu of een groep mensen hebben de meeste impact, ontdekten de onderzoekers. Zoals een brandweerman die een bosbrand blust of een vader die zijn huis is kwijtgeraakt door een overstroming. Maar variatie is belangrijk: als je alleen lokale beelden laat zien, verliest het publiek het grotere plaatje uit het oog. Demonstranten in beeld brengen is een slecht idee wanneer je een groot publiek wil aanspreken. Beelden van demonstraties spraken alleen proefpersonen aan die zichzelf al als klimaatactivist zagen. ‘Beelden van protesten versterken het idee dat klimaatverandering vooral iets is waar ‘zij’ mee bezig zijn in plaats van ‘wij’.’

https://www.oneworld.nl/app/uploads/2019/07/klimaat-5b-827x875.jpg

Nog een belangrijke conclusie uit dit onderzoek: om een publiek te overtuigen van de ernst van de klimaatcrisis is het belangrijk om met nieuwe originele beelden te komen. ‘Vertrouwde voorstellingen kunnen nuttig zijn voor doelgroepen met beperkte kennis of interesse in klimaatverandering, maar kunnen ook cynisme en gelatenheid in de hand werken.

Minder bekende beelden stemmen meer tot nadenken dan rokende schoorstenen en ijsberen. De ijsbeer is trouwens niet alleen een cliché, het beest sluit ook nog eens slecht aan bij onze belevingswereld, betoogt klimaatexpert George Marshall in zijn boek Don’t even think about it, Why Our Brains Are Wired to Ignore Climate Change. ‘Een probleem dat te lijden heeft van een gebrek aan nabijheid, heeft als icoon een dier dat niet verder van het echte leven van de mens verwijderd kon zijn.’

Het mag duidelijk zijn: het publiek met beelden overtuigen van de ernst van de klimaatcrisis is geen gemakkelijke opgave. Beeldprofessionals Ronald van der Heide, Wendy Panders en Branko de Lang vertellen wat volgens hen wel werkt, en wat niet.

Beeld moet meer doen dan verontrusten

Ronald van der Heide maakt voor de overheid en gemeenten infographics over klimaatverandering. “De boodschap van klimaatverandering is groot en ingewikkeld. Om mensen tot actie aan te zetten, moet je meer doen dan alleen verontrusten. Dat wordt al snel drammerig en dan bereik je vaak juist het tegenovergestelde. Het kan helpen om het probleem juist klein en persoonlijk te maken. Zo maakte ik voor de gemeente Woerden een infographic over de gevolgen van klimaatverandering voor een jongetje wiens vader hovenier is. Ik liet zien dat zijn huis onder water kwam te staan. En dat zijn vader door de verstening van tuinen steeds minder werk kreeg. Maar ook dat hij daar vervolgens slim op inspringt door klimaatbestendige beplanting en groene daken aan te bieden.

Sommige burgers worstelen toch al erg met de complexiteit van deze tijd

Als ik een probleem constateer, wil ik ook een oplossing aandragen. Ik maak infographics over de energietransitie en leg dan ook uit wat mensen zelf kunnen doen. Sommige burgers worstelen toch al erg met de complexiteit van deze tijd. Je kan het probleem van klimaatverandering ook nog eens op hun bord gooien, maar het risico bestaat dat mensen afgestompt raken.

De overheid vraagt vaak maar kleine stappen van haar burgers. Een paar jaar geleden maakte ik een infographic over de bodemdaling van veenweidegrond die viraal ging. Er was toen nog weinig bekend over het probleem, dus de infographic stelde echt een probleem aan de kaak. De oplossingen die ik toen uitbeeldden waren nog niet goed uitgewerkt. Toch is die infographic nuttig geweest, daar kan de overheid nu weer op voort bouwen. Het is niet altijd nodig om die vuilnisbak in één keer over mensen leeg te kieperen.”

Clichés met een twist

Wendy Panders, illustrator van Palmen op de Noordpool, een kinderboek over klimaatverandering: “Tja, de ijsbeer… Ik heb geprobeerd zo min mogelijk ijsberen te gebruiken. Maar het blijft wel een boek voor kinderen. Die houden van dieren, en dan kun je in een boek over klimaatverandering toch niet helemaal om de ijsbeer heen. Ik heb geen moeite met clichés, mits met mate gebruikt of met een twist. Soms is een cliché nu eenmaal het sterkste beeld: een vloedgolf zegt meer dan een straat die blank staat.

https://www.oneworld.nl/app/uploads/2019/07/klimaat-3e-grafiek-875x439.jpg

Met de illustraties in het boek wil ik kinderen nieuwsgierig maken naar de tekst. Ze zijn nuchter en opgewekt, niet moraliserend, dwingend of somber. Ze passen bij de toon van het boek. Palmen op de Noordpool is in de eerste plaats bedoeld om te informeren; het is geen doe-boek. Maar het resultaat kan wel zijn dat mensen in actie komen. Als je begrijpt wat er aan de hand is, is het veel makkelijker bewuste keuzes te maken of dingen te laten.

Ik heb geen moeite met leuk als het om klimaatverandering gaat. Een grapje is een goede manier om te prikkelen of de aandacht vast te houden. Net zo goed bij volwassenen. Ook hou ik van speelse grafieken, anders wordt het al snel een schoolboek. Bevolkingsgroei door de jaren heen kun je in een curve laten zien met het aantal geboortes per minuut. Maar als je het aantal hoofdjes laat zien wordt meteen inzichtelijk hoe enorm de groei is.”

Moe van dezelfde beelden

Branko de Lang, nieuwsfotograaf voor onder meer Stichting Urgenda en persbureau ANP, met als hoofdthema’s energietransitie, duurzaamheid en klimaatverandering: “Moe word ik van steeds dezelfde beelden. Zelfs die rokende schoorsteen is vaak hetzelfde exemplaar. Door bezuinigingen in de journalistiek, kiezen media steeds vaker voor goedkoop beeld. Ook zijn er minder professionele beeldredacties die goede beelden selecteren. Andere trend: het beeld moet vaak sexy zijn want dat levert meer clicks op.

https://www.oneworld.nl/app/uploads/2019/07/klimaat-5f-875x517.jpg

Ik wil laten zien wat er gebeurt, ook als het minder sexy is. Zo fotografeer ik veel projecten in de energietransitie. Laatst was ik bij een gebouw met een ondergrondse thermische opslag. Een geraamte, dat qua vorm doet denken aan het Atomium in Brussel, wordt onder het oppervlak ingegraven en slaat in de zomer warmte op. Het is mooi om mensen te laten zien wat er allemaal kan op het gebied van de energietransitie. Dat is een positief verhaal. Zo heb ik voor de Borgingscommissie van het klimaatakkoord foto’s gemaakt die aantonen dat de energietransitie banen oplevert. Ik hoop dat mijn werk ook op die manier bijdraagt aan maatregelen om klimaatverandering tegen te gaan.

Ik wil laten zien wat er gebeurt, ook als het minder sexy is

Maar ik sluit mijn ogen zeker niet voor de negatieve kant. Het is belangrijk dat het publiek wordt geconfronteerd met de gevolgen van klimaatverandering. Dat origineel in beeld brengen, is niet eenvoudig. Ik werk veel in Nederland en de gevolgen zijn hier nog niet heel zichtbaar. Maar ik heb bijvoorbeeld foto’s van uitgedroogde akkers en wateroverlast in de stad gemaakt. Omdat ik me er allang in verdiep, heb ik inmiddels veel kennis van deze materie. Fotografen die dat niet hebben, zullen sneller aankomen met clichébeelden.”

Overtuigende en originele afbeeldingen vinden bij stukken over klimaatverandering is niet gemakkelijk, blijkt ook uit onderstaande artikelen die eerder op OneWorld verschenen. Maar onze redactie zal de komende tijd de adviezen uit dit artikel ter harte nemen.

 

 

Dit betekent het ‘klimaatakkoord’ echt

Wat gaat er om in het hoofd van klimaatontkenners?

Klimaatwetenschappers: spreek een taal die iedereen begrijpt

Irene van den Berg

Het bericht Niet weer die ijsbeer verscheen eerst op OneWorld.

https://www.oneworld.nl/interview/niet-weer-die-ijsbeer/