‘Erken milieuvervuiling als internationale misdaad’ (OneWorld)

https://www.oneworld.nl/app/uploads/2020/10/136226_Bodo-Nigeria--875x492.jpg

Predikant Christian Lekoya Kpandei bij zijn door olie verwoeste viskwekerij in de Nigerdelta.

Shell moet zijn milieubeleid drastisch aanpassen, oordeelde de rechter in een unieke uitspraak. Wat Katy Olivia van Tergouw, directeur van de Stop Ecocide Foundation, betreft blijft het daar niet bij. ‘Als ecocide een internationale misdaad is kunnen we de aarde, en al haar bewoners, beschermen.’

Update van de redactie, 2 juni 2021

Eind vorige maand deed de rechter uitspraak in een revolutionaire zaak van Milieudefensie tegen Shell. 17.379 mede-eisers en 6 milieuorganisaties sloten zich aan bij de eis dat Shell zich houdt aan de doelen van het klimaatakkoord van Parijs. De rechter stelde hen in het gelijk: Shell moet in 2030 45 procent minder CO2 uitstoten dan in 2019. Het is voor het eerst dat van een vervuilend bedrijf nieuw beleid wordt geëist om klimaatontwrichting tegen te gaan; voorheen draaide het altijd om geld.

Milieudefensie hoopte met deze uitspraak een precedent te scheppen, en dat lijkt gelukt. De Franse milieuorganisatie Notre Affaire à Tous (‘Onze gedeelde zaak’) is een soortgelijke zaak begonnen tegen het Franse oliebedrijf Total. Vier Zwitserse vrouwen, de ‘KlimaSeniorinnen’ (de jongste is 79, de oudste 89 jaar), spannen een rechtszaak aan tegen de Zwitserse staat. De vrouwen stellen dat het land onvoldoende bijdraagt aan het beperken van de opwarming van de aarde tot 1,5 graden, zoals is afgesproken in het Parijsakkoord.

De kernvraag in de zaak: maken landen die te weinig doen tegen klimaatverandering zich schuldig aan mensenrechtenschendingen? Daar gaat het Europees Hof voor de Rechten van de Mens zich over buigen.

In Nigeria lekt al zestig jaar lang elke dag olie op het land en in de rivieren. Inmiddels zijn zeker 11 miljoen vaten weggelekt, waarmee dit de grootste olieramp aller tijden is. Het lek heeft verwoestende effecten gehad op de voedselvoorziening, de huisvesting en het drinkwater van veel Nigerianen. Naast de schade aan het milieu wordt hier dus ook het mensenrecht geschonden.

Met deze olieramp als hoofdreden is Shell in december 2020 door de Nederlandse Milieudefensie voor de rechter gedaagd. Op 29 januari van dat jaar werd de oliegigant – in hoger beroep – veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding aan verschillende Nigeriaanse boeren. Het hof eist ook dat Shell in een van de gebieden een olielekdetectiesysteem aanlegt, waardoor toekomstige lekkages eerder worden ontdekt. Zoals Milieudefensie het verwoordt: ‘Shell moet zelf zijn troep in Nigeria opruimen.’

Zou zo’n grootschalige milieubeschadiging strafbaar zijn, dan zaten de bazen van Shell allang achter slot en grendel.

 

“Het is mijn doel om van ecocide een internationale misdaad te maken”

Dat is precies waar de Stop Ecocide Foundation voor pleit: misdaden tegen het milieu strafbaar stellen onder de term ‘ecocide’. Volgens Katy Olivia van Tergouw, directeur bij de stichting, is de wereldwijde wetgeving er op dit moment niet op gericht de natuur en de ecosystemen effectief te beschermen. “Het is mijn doel om van ecocide een internationale misdaad te maken en de aarde, en al haar bewoners, te beschermen”, zegt Van Tergouw.

De vijfde misdaad

Een grote natuurramp veroorzaakt door de mens, zoals de olieramp in Nigeria, wordt op dit moment niet gezien als een internationaal misdrijf – in tegenstelling tot genocide, oorlogsmisdrijven, misdrijven tegen de menselijkheid en het misdrijf agressie. Medewerkers van bedrijven die ecocide plegen kunnen dus niet strafrechtelijk aansprakelijk worden gesteld. Als het aan de Stop Ecocide Foundation ligt, wordt ecocide als vijfde aan dat rijtje toegevoegd. “De mensen die binnen die vervuilende bedrijven op knopjes drukken en verantwoordelijk zijn, kunnen dan persoonlijk worden vervolgd”, aldus Van Tergouw.

De totstandkoming van het internationaal strafrecht (1998)

Toen begin jaren 90 de verdragspartijen van het Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof binnen het kader van de Verenigde Naties onderhandelden, werd ecocide wel degelijk overwogen. Maar na bezwaren van verschillende landen, waaronder Nederland, werd het uiteindelijk geschrapt. De misdaden die nu in het internationale verdrag staan, gelden voor 123 landen. Om ecocide als misdrijf toe te voegen, moet een van deze landen een amendement indienen bij het Internationaal Strafhof. De Stop Ecocide Foundation bekijkt momenteel hoe de wet het beste kan worden vormgegeven.

De sneeuwbal blijft rollen

De Stop Ecocide Foundation krijgt van verschillende kanten bijval. In 2019 riep Paus Franciscus uit dat het vernietigen van de aarde een zonde is en een misdaad zou moeten zijn. Ook hij vindt dat ecocide moet worden opgenomen in het Statuut van Rome. Andere invloedrijke personen als Paul McCartney sloten zich als Aardebeschermer aan bij Stop Ecocide en steunden zo de campagne. Topmodel Cara Delevingne moedigt mensen in een video aan hetzelfde te doen.

En al die aandacht werpt z’n vruchten af, vertelt Van Tergouw. “Het gaat nu heel hard. Er rolt een gigantische sneeuwbal van de berg die we bijna niet meer hoeven te duwen.” Ze is optimistisch over de weg naar nieuwe wetgeving en verwacht dat de ecocide-wetgeving er over drie tot vijf jaar zal zijn.

De overheid doet te weinig en komt haar verplichtingen niet na

Ondertussen zijn ook andere organisaties bezig ecologische misdaden via de juridische weg te bestrijden. Want we moeten niet achteroverleunen totdat de ecocidewetgeving er is, zegt bijvoorbeeld ‘klimaatjurist’ Dennis van Berkel. Zelf werkt hij aan de klimaatzaak van Urgenda, een organisatie die tot doel heeft om Nederland duurzamer te maken. “De overheid doet gewoon te weinig en komt haar verplichtingen niet na”, aldus Van Berkel.

In juni 2015 won Urgenda, samen met 900 mede-eisers, een zaak tegen de Nederlandse staat. De uitspraak: Nederland moet in 2020 25 procent minder broeikasgassen hebben uitgestoten dan in 1990. Dankzij corona is dit doel mogelijk gehaald. In 2019 was de uitstoot nog slechts 17 procent lager.

Het succes van de klimaatzaak heeft volgens Van Berkel drie oorzaken. Allereerst legden de advocaten heel precies de gevaren van klimaatverandering uit wanneer er geen verdere maatregelen zouden worden genomen. Daarnaast stelden ze dat het een schending van de mensenrechten is wanneer de overheid haar verplichting om inwoners te beschermen niet nakomt. “Dat argument had nog nooit eerder iemand in de rechtbank gemaakt.”

Tot slot benadrukte Urgenda dat de overheid zelf had erkend dat de uitstoot met minimaal 25 procent moest worden verminderd om de opwarming van de aarde tegen te gaan. “Inmiddels weten we dat de gevaarsgrens veel meer richting de 1,5 graden Celsius ligt (dan bij 2 graden, zoals lang werd gedacht, red.). We moeten dus eigenlijk nog sneller naar beneden dan we toen wisten.”

Jongeren

Ook burgers staan niet stil. Zo stapten zes Portugese jongeren tussen de 8 en 21 jaar oud begin september 2020 naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens met een aanklacht tegen 33 landen, waaronder Nederland. De jongeren begonnen zich in het klimaat te verdiepen na dodelijke bosbranden die Portugal in 2017 teisterden, veroorzaakt door hoge temperaturen. Ze vinden dat de 33 Europese landen hun toekomst in gevaar brengen en zich te weinig aan het Parijs-akkoord houden. Ze doen een beroep op de mensenrechten en de plicht van het Europees Hof om die na te streven.

Een bijzondere stap, omdat veel klimaatzaken bij de rechter in eigen land beginnen en niet meteen bij het Europees Hof. Een klimaatzaak op grond van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens is bovendien nog nooit voorgekomen.

 

De jongere generatie ervaart de grootste impact van klimaatverandering

Logisch dat jongeren naar de rechter stappen, vindt Van Berkel. “De jongere generatie ervaart de grootste impact van klimaatverandering.” Doordat de politiek wordt gedreven door kortetermijnbelangen, worden de belangen en rechten van jongeren te weinig behartigd, voegt hij eraan toe. “Maar die rechten hébben ze wel, dat maakt dit een ontzettend krachtige beweging.”

Kolencentrales sluiten

Wat kunnen dergelijke klimaatzaken concreet opleveren? In het geval van het Urgenda-vonnis is het duidelijk: de staat heeft onmiddellijk extra maatregelen doorgevoerd om aan de uitspraak te voldoen, en maakt daarvoor gebruik van het maatregelenpakket dat Urgenda voorlegde; 30 van de 54 voorgestelde maatregelen voor CO2-reductie worden overgenomen en geïmplementeerd.

Als de Portugese jongeren hun zaak, die vorig jaar september van start ging, ook winnen, dan zullen alle 33 landen verplicht worden om actie te ondernemen tegen klimaatverandering. Zo zullen onder meer kolencentrales worden gesloten en zal er meer geld gaan naar hernieuwbare energie.

Weinig plastic gebruiken, minder lang douchen: daar gaan we het niet mee redden

“Hiermee zou het doel (van het Parijsakkoord, red.) gehaald moeten kunnen worden”, zegt Van Berkel. Toch zijn we er nog niet, vindt hij. “Steken we het geld om de economie na de coronacrisis te verbeteren in KLM of in de duurzame economie? De overheid heeft de macht en de middelen om de noodzakelijke verandering door te voeren.”

De overheid heeft de middelen

“Mensen zijn bang dat de economie zal instorten door grote veranderingen op het gebied van klimaatmaatregelen. Maar het tegendeel is waar”, zegt Van Tergouw. Het zou een enorme impact hebben als alle subsidies die nu nog naar de fossiele industrie gaan (in 2020 ruim 8 miljard euro per jaar), naar groene energie zouden stromen. Het zou bedrijven en CEO’s dwingen om beter te handelen.“De focus ligt nu nog erg op de consument: weinig plastic gebruiken, minder lang douchen. Daar gaan we het niet mee redden. De echte grote vervuiler is de industrie.”

Van Berkel is het daarmee eens; de coronacrisis laat zien dat ontzettend veel maatregelen mogelijk zijn, als de urgentie maar groot genoeg is. “Het probleem is veel te groot om bij de burgers neer te leggen. Ze kunnen dit nooit zelf oplossen. De overheid heeft bovendien de middelen. Vanaf nu moeten we elk jaar zeggen: hoe kunnen we nog een stapje verder?”

De oorspronkelijke versie van dit artikel verscheen in oktober 2020.

‘De natuur vernietigen moet strafbaar worden’

Vandaag in de rechtbank: het klimaat vs de Staat

Nienke Taalman

Het bericht ‘Erken milieuvervuiling als internationale misdaad’ verscheen eerst op OneWorld.

https://www.oneworld.nl/lezen/klimaat/klimaatonrecht/erken-milieuvervuiling-als-internationale-misdaad/

‘Het klimaat moet weer op 1 staan’ (Greenpeace)

Voor het klimaat zijn de Tweede Kamerverkiezingen misschien wel de belangrijkste ooit. Daarom lobbyt onze politiek campagneleider Arabella Bosscher met hart en ziel voor een urgent, eerlijk en daadkrachtig klimaatbeleid. Want de komende 10 jaar moeten we echt in actie komen om de aarde leefbaar te houden.

https://www.greenpeace.org/static/planet4-netherlands-stateless/2021/02/f2b213a3-arabella.jpg

Arabella Bosscher, politiek campagneleider

Eind december 2020 publiceerde het KNMI een alarmerende boodschap: Nederland warmt sneller op dan de rest van de wereld. Enkele weken later werd ook nog eens duidelijk dat 2020 in heel Europa het warmste jaar ooit was. Toch besloot de Nederlandse regering afgelopen jaar dat grote vervuilers nog even geen CO2-belasting hoeven te betalen. ‘Dat méén je niet’, dacht Arabella Bosscher. ‘We hebben nog 10 jaar de tijd om een klimaatramp te voorkomen.’

Zondag 14 maart komen we in actie met het Klimaatalarm. Samen met duizenden bezorgde burgers laten we ons horen voor een beter klimaat. Doe mee, want jouw stem, jouw geluid, jouw lawaai, is onmisbaar!

Nu al branden de bossen in de Amazone, Rusland en Australië. Miljarden dieren moeten vluchten of komen om in de vlammen, en inheemse volken raken hun thuis kwijt. Door de droogte ontstaan ook hongersnoden van Zimbabwe tot Kenia en 673 miljoen mensen werden getroffen door orkanen en overstromingen in het afgelopen decennium. Ook Nederland wordt, ondanks al ons water, steeds droger. We kunnen ons niet een nog warmere aarde permitteren, dus de CO2-uitstoot moet nú omlaag.

vinger aan de politieke pols

Arabella Bosscher is sinds 2 jaar politiek campagneleider bij Greenpeace. Dat betekent: lobbyen voor het milieu in Den Haag en, samen met Europese Greenpeace-collega’s, in Brussel. Arabella’s werk is enorm belangrijk, merken we telkens weer. Zonder haar vinger aan de pols bij politieke partijen, zouden onze campagneleiders minder goed weten welke milieuwinst waar te behalen valt. Omgekeerd heeft zij de kennis van de campagneleiders nodig om politici goed te informeren en ze te overtuigen.

Bijvoorbeeld van de noodzaak om grote, vervuilende bedrijven te laten betalen voor hun CO2-uitstoot. Dat is, ook volgens vrijwel alle topeconomen in Nederland, de enige manier om op tijd onze klimaatdoelen te halen. Pas als het pijn doet in hun portemonnee, zullen grote vervuilers hun uitstoot verminderen. Maar de regering wil er nog niet aan. Telkens weer kiest ze ervoor om mega-uitstoters als Shell, Unilever en Tata Steel uit de wind te houden. Hoe Arabella daar met uw steun een einde aan kan maken, leest u verderop. Maar eerst vroegen we haar waarom ze dit werk doet.

Lobbyen voor een groene wereld

‘Lobbyen vind ik super-interessant en spannend. Het is voor mij dé manier om echt iets bij te dragen aan een betere, groenere wereld. Voor sommige mensen is mijn drive moeilijk te begrijpen. Politici luisteren toch niet naar je, zeggen ze dan. Maar dat is niet waar. En ze luisteren ook naar burgers. Zeker als ze zo massaal in actie komen als tijdens de klimaatmars, 2 jaar geleden. Dat heeft echt geholpen om een beter Klimaatakkoord te krijgen.’

‘Die support is cruciaal voor mijn werk. Ik kan natuurlijk alleen iets voor elkaar krijgen in Den Haag als politici overduidelijk zien dat iets ‘leeft’ in de maatschappij. Wat dat betreft zijn politici net mensen: ze lezen kranten, kijken tv en volgen sociale media, en dat beïnvloedt hun meningen en prioriteiten. Een heel goed voorbeeld, ik noemde het al even, was de klimaatmars op 10 maart 2019, waar ruim 40.000 mensen demonstreerden voor een doortastend klimaatbeleid. Dat maakte wel indruk in Den Haag, kan ik je vertellen.’

‘Zo zijn er meer voorbeelden, waarbij ik merk hoe belangrijk het is dat onze supporters sámen met Greenpeace hun stem laten horen. Neem bijvoorbeeld het gigantische plasticprobleem. De regering weigerde bedrijven te verplichten tot statiegeld op plastic flesjes. Mijn milieucollega’s en ik hadden politici al heel vaak met onderzoeken om de oren geslagen en argumenten aangedragen voor een statiegeldregeling. Maar pas toen we samen met de Plastic Soup Surfer en de Statiegeldalliantie de publieke druk opvoerden, en veel supporters zich steeds openlijker boos maakten over walvissen en vogels met magen vol plastic, veranderden regeringspartijen van standpunt. En nu is er daadwerkelijk een statiegeldregeling die op 1 juli 2021 ingaat. Dat is echt het resultaat van onze gezamenlijke druk en invloed.’

Hoezo zijn alleen wíj verantwoordelijk?

Een van de dingen waar Arabella zich al een tijd zorgen over maakt, is dat de klimaatcrisis langzaam van de politieke agenda dreigt te verdwijnen. In Den Haag gaat het vooral over het herstel van de oude economie, als politici het over de tijd ná corona hebben. Een economie gericht op ongeremde groei en aandeelhouderswinst. Ze vindt dat een nieuwe regering juist nu met een daadkrachtig en rechtvaardig klimaatbeleid moet komen. Een beleid dat groene banen schept, de Nederlandse CO2-uitstoot drastisch verlaagt en de lasten eerlijk verdeelt. ‘We hebben geen tijd te verliezen. Het klimaat móet weer bovenaan de politieke agenda staan!’

‘Waar ik me in alle discussies over op kan winden’, zegt Arabella, ‘is dat burgers, en zeker onze supporters, al heel veel doen. Wij hebben onze huizen geïsoleerd, eten minder vlees, pakken vaker de trein. Of we dragen bij aan een van de talloze duurzame buurtinitiatieven die Nederland rijk is. Toch roept de overheid vooral óns op om verantwoordelijkheid te nemen als het gaat om klimaat. Grote vervuilende bedrijven blijven in alle opzichten hopeloos achter bij al deze goede voorbeelden. Sterker nog: zij dreigen met vertrek naar het buitenland en banenverlies, als ze gedwongen worden voor hun CO2- uitstoot te betalen. Terwijl De Nederlandsche Bank én 70 topeconomen om het hardst roepen dat een belasting op CO2-uitstoot juist goed is voor de economie.’

Grote vervuilers betalen níet

Greenpeace pleit samen met collega-organisaties al jaren voor zo’n CO2-heffing voor de industrie. Want grote reducties in de uitstoot van dit broeikasgas moeten onvermijdelijk van de grote vervuilende bedrijven komen. Daar kunnen wij met al onze zonnepanelen en hoogrendementsglas niet tegenop. Arabella is er dan ook trots op dat het Greenpeace en collega-organisaties, met veel geduldig lobbywerk bij alle politieke partijen, is gelukt om een CO2-heffing in het Klimaatakkoord én in een wet te krijgen. ‘Ideaal is de wet nog lang niet hoor’, tempert ze haar eigen enthousiasme. ‘Maar de grote winst is dat er voor het eerst een wettelijke basis ligt en dat biedt kansen voor een nieuw kabinet om de CO2-uitstoot echt aan te pakken.

Dat is hard nodig, want grote vervuilers zijn stelselmatig ontzien door opeenvolgende regeringen. Met als gevolg dat ruim 100 grote industriebedrijven zich gewoon niet houden aan hun afspraken over energiebesparing. Bovendien profiteren deze vervuilers al van de grote hoeveelheid gratis uitstootrechten die ze kregen én sponsort de overheid ze jaarlijks met € 8,3 miljard aan fossiele subsidies en belastingvrijstellingen, zo berekende Milieudefensie. Het zijn wij, burgers, en de bakker op de hoek die opdraaien voor de energierekening van grote vervuilers. Wij betalen belasting op onze brandstof, terwijl KLM niets betaalt. Onze energierekening gaat straks omhoog met een “opslag duurzame energie”, maar grote vervuilers als Tata Steel betalen géén en Shell heel weinig energiebelasting.’

Greenpeace vindt dat de Nederlandse regering deze rupsjes-nooit-genoeg moet dwingen tot effectieve klimaatactie. De overheid moet stoppen met de belachelijke subsidies op fossiele brandstoffen. En de huidige CO2-heffing, vol escaperoutes waardoor bedrijven pas vanaf 2026 gaan betalen, moet een belasting worden op álle CO2-uitstoot. Anders gaan we het klimaat niet redden. Om de temperatuurstijging onder de cruciale 1,5 ℃ te houden, moet de Nederlandse uitstoot in 2030 met 65 % omlaag. In het nieuwste onderzoek van onderzoeksbureau Ecorys laten we zien dat dit haalbaar én betaalbaar is; Nederland heeft de technologie, de industrie en de infrastructuur hiervoor al in huis.

Daadkrachtig klimaatbeleid

Arabella: ‘Dit soort wetenschappelijke onderzoeken leveren de onderbouwing voor mijn gesprekken met politieke partijen en Kamerleden. Ik leg politici bijvoorbeeld uit wat het verschil betekent tussen een temperatuurstijging van 1,5 en 2 ℃. Namelijk: hebben we straks nog koraalriffen ja of nee? Dan vraag ik of ze zich kunnen voorstellen dat er op aarde gewoon geen koraalriffen meer zijn. We staan echt op een keerpunt. Een opwarming van 2 ℃ betekent waarschijnlijk dat het smelten van de grote ijskappen niet meer te stoppen is. Het betekent méér verwoestende bosbranden, méér droogte en méér extreem weer.’

‘Dat is ook de opwekkende boodschap van onze nieuwe campagne Maak Toekomst. We willen zoveel mogelijk mensen ervan overtuigen dat zij zélf hun toekomst kunnen maken. Samen zetten we het klimaat weer bovenaan de politieke agenda. Zodat we over 10 jaar kunnen zeggen: het is ons gelukt, de klimaatcrisis is bezworen. En dat hebben we aan onszelf te danken.

Dit artikel verscheen in de lente-editie van Greenpeace Magazine.

https://www.greenpeace.org/nl/klimaatverandering/45073/het-klimaat-moet-weer-op-1-staan/

De politiek moet de klimaatcrisis als CRISIS gaan behandelen. Vandaag nog. (Greenpeace)

Vroeger voelde ik me vaak schuldig. Als ik op vakantie ging met het vliegtuig, of als ik vlees at. Deed ik wel genoeg om het noodlijdende klimaat te redden? Ook de aanhoudende stroom nieuwsberichten over bosbranden, hitterecords en de stijgende zeespiegel hielpen niet mee – wat kon ik daar in m’n eentje nou aan doen?

Door mijn werk bij Greenpeace, en alles wat ik inmiddels weet over de klimaatcrisis, is mijn schuldgevoel veranderd in boosheid. En in frustratie. Waarom doe ik van alles, en de overheid niets?

Natuurlijk is het goed om te kijken hoe je je eigen leven leidt. En echt, de fiets pakken en vegetariër worden helpt. Maar in je eentje, met je bamboe tandenborstel en linnen tasje, sta je machteloos.

Wat pas écht verschil maakt is als de fossiele industrie niet langer gereanimeerd wordt, de intensieve veehouderij wordt afgeschaft, en de heffing op CO2 er daadwerkelijk komt – vandaag nog. Maar met frustratie verander je niets. Met je stem laten horen wel.

https://www.greenpeace.org/static/planet4-netherlands-stateless/3cbbfd54-petitiefbshare-1024x538.png

In Den Haag zitten de mensen die de middelen en de macht hebben, alleen doet het huidige kabinet te weinig om de klimaatcrisis aan te pakken. Veel politici zien het klimaat als een probleem dat je beetje bij beetje aanpakt, als een agendapunt dat weinig prioriteit heeft.

De CO2-uitstoot van de grote industrie is hier een goed voorbeeld van. Na luid protest is er met veel pijn en moeite een CO2-heffing voor bedrijven zoals Tata Steel en KLM tot stand gekomen. Maar die belasting is inmiddels net zo hard weer uitgesteld. Onacceptabel vind ik, en oneerlijk bovendien: de bakker en de groenteman bij mij op de hoek betalen relatief gezien veel meer voor hun energie en uitstoot dan de grote vervuilers.

We kunnen de klimaatcrisis alleen oplossen als we korte metten maken met dit soort ongelijkwaardigheid. Om dat te bereiken zou de fossiele industrie niet langer mee mogen beslissen over klimaatbeleid. En ook de luchtvaart mag niet langer een uitzonderingspositie hebben. Schiphol moet – net als jij en ik – belasting gaan betalen over brandstof en CO2-uitstoot terugdringen. Ik wil dat de vervuiler betaalt in plaats van bepaalt.

Samen moeten wij, jij en ik, besluitvormers en beleidsmakers ervan doordringen dat de klimaatcrisis als CRISIS behandeld moet worden – dat er geen tijd meer is om te wachten, uit te stellen of stil te staan.

Als we ons laten horen met duizenden en duizenden tegelijk, zullen ze naar ons luisteren. Dat hebben eerdere acties van Greenpeace al bewezen. Na groot protest besloot Shell niet meer naar olie te boren in het Noordpoolgebied; vanaf dit jaar zit er statiegeld op kleine plastic flesjes; een oceanenverdrag en een bossenwet zijn in zicht. Dit laat zien dat het werkt om samen lef te tonen en op te komen voor je idealen.

Over een paar maanden kiezen we een nieuwe Tweede Kamer. En daarmee bepalen we onze toekomst. Een momentum van formaat waar ik als campaigner bij Greenpeace graag gebruik van maak. Dat doen wij, zowel voor als achter de schermen, door met politici te praten. En met feiten overtuigen we ze er allemaal – van links tot rechts, van christendemocraat tot conservatief-liberaal – dat klimaat prioriteit moet krijgen.

Jouw stem, jouw geluid, jouw lawaai, is onmisbaar. Laat je horen richting de verkiezingen. Laat politici weten dat onze toekomst niet langer in de wacht mag worden gezet. Luidt het klimaatalarm, teken onze petitie en doe mee met onze Toekomstmuziek sms-actie. Maak toekomst.

Is je tijd schaars en wil je maar 1 ding doen, teken dan de petitie:

https://www.greenpeace.org/static/planet4-netherlands-stateless/2021/02/f9db0aed-handtekening-1.gif

https://www.greenpeace.org/nl/klimaatverandering/44737/de-politiek-moet-de-klimaatcrisis-als-crisis-gaan-behandelen-vandaag-nog/

Moet de directeur van Shell straks de gevangenis in voor ‘ecocide’? (OneWorld)

https://www.oneworld.nl/app/uploads/2020/10/136226_Bodo-Nigeria--875x492.jpg

Burgers gaan steeds vaker bij de rechter de strijd aan met overheden en bedrijven die het milieu beschadigen. En de Stop Ecocide Foundation wil dat ‘milieumisdaden’ internationaal erkend worden. ‘Wie bij vervuilende bedrijven aan de knoppen draait, kan dan persoonlijk worden vervolgd.’

In Nigeria lekt al zestig jaar lang, elke dag olie op het land en in de rivieren: de grootste olieramp ter wereld. Shell en andere oliebedrijven die deze vervuiling hebben veroorzaakt, hebben tot op de dag van vandaag niets opgeruimd. Daarom moest Shell vandaag voor de rechter verschijnen. De oliegigant is – in hoger beroep – veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding aan verschillende Nigeriaanse boeren. Zou zo’n grootschalige milieubeschadiging strafbaar zijn, dan zaten de bazen van Shell allang achter slot en grendel.

Medewerkers van bedrijven die ecocide plegen kunnen nu niet strafrechtelijk aansprakelijk worden gesteld

Dat is precies waar de Stop Ecocide Foundation voor pleit: misdaden tegen het milieu strafbaar stellen onder de term ‘ecocide’. Volgens Katy Olivia van Tergouw, directeur bij de stichting, is de wereldwijde wetgeving er op dit moment niet op gericht de natuur en de ecosystemen effectief te beschermen. “Het is mijn doel om van ecocide een internationale misdaad te maken en de aarde, en al haar bewoners, te beschermen”, zegt Van Tergouw.

De vijfde misdaad

Een grote natuurramp veroorzaakt door de mens, zoals de olieramp in Nigeria, wordt op dit moment niet gezien als een internationaal misdrijf – in tegenstelling tot genocide, oorlogsmisdrijven, misdrijven tegen de menselijkheid en het misdrijf agressie, allen wél internationale misdrijven. Medewerkers van bedrijven die ecocide plegen kunnen dus niet strafrechtelijk aansprakelijk worden gesteld. Als het aan de Stop Ecocide Foundation ligt verandert dat, en wordt ecocide als vijfde internationale misdaad aan dat rijtje toegevoegd. “De mensen die binnen die vervuilende bedrijven op knopjes drukken en verantwoordelijk zijn, kunnen dan persoonlijk worden vervolgd”, legt Van Tergouw uit.

De totstandkoming van het internationaal strafrecht (1998)

Waarom valt ecocide niet al onder het strafrecht? Toen begin jaren 90 de verdragspartijen van het Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof binnen het kader van de Verenigde Naties onderhandelden, werd ecocide wel degelijk overwogen. Uiteindelijk werd het uit het concept geschrapt. De misdaden die nu in het internationale verdrag staan, gelden voor 123 landen. Om ecocide als misdrijf toe te voegen, moet een van deze landen eerst een amendement indienen bij het Internationaal Strafhof. De Stop Ecocide Foundation bekijkt momenteel hoe de wet het beste kan worden vormgegeven.

De sneeuwbal blijft rollen

De Stop Ecocide Foundation staat niet alleen in hun missie; van verschillende kanten komt bijval. Vorig jaar riep Paus Franciscus uit dat het vernietigen van de aarde een zonde is en een misdaad zou moeten zijn. Ook hij vindt dat ecocide moet worden opgenomen in het Statuut van Rome. Andere invloedrijke personen als Paul McCartney sloten zich als Aardebeschermer aan bij Stop Ecocide, om de campagne te steunen. Topmodel Cara Delevingne moedigt mensen in een video aan om zich aan te melden bij de campagne.

En al die aandacht werpt z’n vruchten af, vertelt Van Tergouw. “Het proces gaat nu heel hard. Er rolt een gigantische sneeuwbal van de berg die we bijna niet meer hoeven te duwen.” Ze is optimistisch over de weg naar nieuwe wetgeving en verwacht dat de ecocide-wetgeving er over drie tot vijf jaar zal zijn.

De overheid doet gewoon te weinig en komt haar verplichtingen niet na

Ondertussen zijn ook andere organisaties bezig om ecologische misdaden via de juridische weg te bestrijden. Belangrijk, vindt ‘klimaatjurist’ Dennis van Berkel; we moeten niet achteroverleunen totdat de ecocidewetgeving er is. Zelf werkt hij aan de klimaatzaak van Urgenda, met als doel om Nederland duurzamer te maken. In juni 2015 won Urgenda, samen met 900 mede-eisers, de zaak tegen de Nederlandse staat. Nederland moet daarom dit jaar 25 procent minder broeikasgassen hebben uitgestoten dan in 1990. Zo’n zaak was nodig, zegt Van Berkel. “De overheid doet gewoon te weinig en komt haar verplichtingen niet na.”

Het succes van de klimaatzaak heeft volgens Van Berkel drie oorzaken. Allereerst legden de advocaten precies uit hoe groot de gevaren van klimaatverandering zijn wanneer er geen verdere maatregelen genomen zouden worden. Daarnaast stelden ze dat het een schending van de mensenrechten is, wanneer de overheid de verplichtingen niet nakomt om de inwoners te beschermen. “Dat argument had nog nooit eerder iemand in de rechtbank gemaakt.” Tot slot benadrukte Urgenda dat de overheid zelf had erkend dat de uitstoot met minimaal 25 procent moest worden verminderd om de opwarming van de aarde tegen te gaan. “Inmiddels weten we dat de gevaarlijke grens veel meer richting de 1,5 graden Celsius ligt. We moeten dus eigenlijk nog sneller naar beneden dan we toen wisten.”

Jongeren

Ook burgers staan niet stil. Zes Portugese jongeren tussen de 8 en 21 jaar oud stapten begin september naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens met een aanklacht tegen 33 landen, waaronder Nederland. Een bijzondere stap, omdat veel klimaatzaken bij de rechter in eigen land beginnen en niet meteen bij het Europees Hof.

De jongeren vinden dat de 33 Europese landen hun toekomst in gevaar brengen en zich te weinig aan het Parijs-akkoord houden. Daarin staat dat landen de opwarming van de temperatuur op aarde moeten beperken tot 2 graden Celsius en daarvoor hun CO2-uitstoot moeten terugdringen.

De jongere generatie ervaart de grootste impact van klimaatverandering

De jongeren begonnen zich te verdiepen in het klimaat na dodelijke bosbranden die Portugal in 2017 teisterden, veroorzaakt door hoge temperaturen. Ze vinden dat landen hun recht op leven schenden door te weinig te doen tegen de klimaatcrisis. Logisch dat jongeren nu naar de rechter stappen, vindt Van Berkel.

“Vooral de jongere generatie ervaart de grootste impact van klimaatverandering.” De politiek wordt bovendien gedreven door kortetermijnbelangen en de belangen en rechten van jongeren worden te weinig behartigd, voegt hij toe. “Maar die rechten hébben ze wel, dat maakt dit een ontzettend krachtige beweging.”

Kolencentrales sluiten

Wat kunnen dergelijke klimaatzaken concreet opleveren? In het geval van het Urgenda-vonnis is het duidelijk: nog dit jaar heeft de staat extra maatregelen doorgevoerd om aan de uitspraak te voldoen. De overheid maakt daarvoor gebruik van het maatregelenpakket dat Urgenda voorlegde; 30 van de 54 maatregelen worden overgenomen en geïmplementeerd.

Als de Portugese jongeren hun zaak winnen, moeten de 33 aangeklaagde landen verplicht actie ondernemen tegen klimaatverandering

Zo worden onder meer kolencentrales gesloten en gaat er meer geld naar hernieuwbare energie. “Hiermee zou het doel gehaald moeten kunnen worden”, zegt Van Berkel. Toch zijn we er nog niet, vindt hij. “Steken we het geld om de economie na de coronacrisis te verbeteren in KLM of in de duurzame economie? De overheid heeft de macht en de middelen om de verandering door te voeren die noodzakelijk is.”

In de Portugese klimaatzaak doen de jongeren een beroep op de mensenrechten en de plicht van het Europees Hof om die na te streven. Dat is nog nooit eerder voorgekomen: een klimaatzaak op grond van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Als de jongeren deze zaak winnen, zullen alle 33 landen verplicht worden om actie te ondernemen tegen klimaatverandering.

Troep opruimen

Met de olieramp in Nigeria als hoofdreden is Shell in december voor de rechter verschenen. Volgens aanklager Milieudefensie is Shell de grootste vervuiler van Nederland; ze eist daarom dat Shell de olie opruimt en een schadevergoeding betaalt aan de vele getroffen boeren. Het lek heeft namelijk verwoestende effecten gehad op de voedselvoorziening, maar ook de huisvesting en het drinkwater van veel Nigerianen. Naast de schade aan het milieu wordt hier dus ook het mensenrecht geschonden.

De uitspraak in dit proces volgde op 29 januari. Milieudefensie heeft de zaak gewonnen, wat betekent dat Shell een schadevergoeding zal moeten betalen die de boeren compenseert voor de schade. De hoogte van deze schadevergoeding wordt later bekendgemaakt. Het hof eist ook dat Shell in een van de gebieden een olielekdetectiesysteem aanlegt, waardoor toekomstige lekkages eerder worden ontdekt. ‘Shell moet zelf zijn troep in Nigeria opruimen’, aldus Milieudefensie.

Het nieuwe normaal

Volgens Van Tergouw is het hoog tijd voor de overstap van het huidige systeem naar een groen systeem. “Mensen zijn bang dat de economie zal instorten door grote veranderingen op het gebied van klimaatmaatregelen. Maar het tegendeel is waar”, zegt ze. Het zou juist een enorme positieve impact hebben als alle subsidies die nu nog naar de fossiele industrie gaan (ruim 8 miljard euro per jaar), naar groene energie zouden stromen. Het zal overheden en ceo’s dwingen om beter te handelen. “Als er niet meer op grote schaal ontbost mag worden, dan moeten we wel op zoek gaan naar andere manieren om geld te verdienen.”

Weinig plastic gebruiken, minder lang douchen: daar gaan we het niet mee redden

We zullen moeten wennen aan dat ‘nieuwe normaal’, zegt Van Tergouw. En een nieuw systeem dwingt overheden om hun verantwoordelijkheid te nemen. “De focus ligt nu nog erg op de consument: weinig plastic gebruiken, minder lang douchen. Daar gaan we het niet mee redden, want de echte grote vervuiler is de industrie.”

Van Berkel is het daarmee eens; de coronacrisis laat zien dat er ontzettend veel maatregelen genomen kunnen worden als de urgentie maar groot genoeg is, ziet hij. “De overheid heeft de middelen. Het probleem is veel te groot om zomaar bij de burgers neer te leggen. Ze kunnen dit zelf nooit helemaal oplossen. Vanaf nu moeten we elk jaar zeggen: hoe kunnen we nog een stapje verder?”

De oorspronkelijke versie van dit artikel verscheen in oktober 2020.

‘De natuur vernietigen moet strafbaar worden’

Vandaag in de rechtbank: het klimaat vs de Staat

Nienke Taalman

Het bericht Moet de directeur van Shell straks de gevangenis in voor ‘ecocide’? verscheen eerst op OneWorld.

https://www.oneworld.nl/lezen/klimaat/klimaatonrecht/moet-de-directeur-van-shell-straks-de-gevangenis-in-voor-ecocide/

Om de klimaatcrisis aan te pakken moeten docenten aan de slag met de klimaatidentiteit van studenten (Erasmus Magazine)

Onderwijsexpert Ginie Servant-Miklos (EUC) vindt dat studenten meer de natuur in moeten. “Nu we toch niet binnen mogen samenkomen, waarom zetten we de colleges dan niet buiten voort, in plaats van de hele dag naar een beeldscherm te staren?”

https://files.erasmusmagazine.nl/app/uploads/2020/11/19114826/Paper.Project.54-875x656.png

Veel studenten lopen rond met gewetenswroeging en een gevoel van onbehagen, ondanks hun utilitaire redeneringen over duurzaamheid, schrijft onderwijsexpert Ginie Servant-Miklos. Ze denkt dat het helpt als studenten vaker de natuur ingaan. “We moeten ervoor zorgen dat onze studenten vaker naar het bos, de duinen en de hei gaan.”

Met feiten alleen win je de strijd tegen de rampzalige aantasting van het milieu, pandemieën en natuurbranden niet. Ze botsen met onze westerse middenklasse-identiteit. Je verdiepen in klimaatverandering is niet genoeg. Zelfs als je je bewust bent van de invloed van onze identiteit op ons gedrag kom je er niet. Onderwijs dat bijdraagt aan het opnieuw vormen van onze klimaat-identiteit is de enige succesvolle oplossing. Dat blijkt uit mijn postdoctoraal onderzoek dat nu is gepubliceerd in een artikel dat ik samen met mijn EUC-collega Gera Noordzij schreef voor het Journal of Cleaner Production.

Ingrijpende gedragsveranderingen

Ik begon in 2017 aan mijn onderzoeksproject aan de universiteit van Aalborg, vlak na het warmste jaar ooit gemeten. In die tijd hadden we nog niet van Greta gehoord en zeker nog niet van het coronavirus, maar het was wel al duidelijk dat ons een stortvloed aan crises stond te wachten die om ingrijpende gedragsverandering zou vragen. Dat veel ouderen weinig interesse tonen in milieuproblematiek is zorgwekkend, maar niet erg verrassend. Het idee van solidariteit tussen generaties ziet er op papier leuk uit, maar de generatie die bijna alles in de schoot geworpen heeft gekregen – economische welvaart, betaalbare huisvesting, gesubsidieerde zorg – zet geen zoden aan de dijk en zal zijn verdwenen wanneer het klimaatprobleem echt de spuigaten uit begint te lopen. Maar het feit dat veel jonge mensen nog steeds individuele en gezamenlijke keuzes maken die ertoe leiden dat de planeet tijdens hun leven gevaarlijk uit balans zal raken, is iets moeilijker te bevatten.

Ik heb twee groepen studenten onderzocht die onderwijs hebben genoten over de do’s-and-don’ts van een duurzame leefwijze. Eén groep maakte deel uit van een milieuplanningsprogramma van een projectgerichte opleiding in Denemarken. De andere groep bestudeert hier aan EUR duurzaamheid aan de hand van een interdisciplinaire, probleemgerichte leermethode. Ik dacht dat als we de invloed van duurzaamheidsonderwijs op de veranderingen in mentaliteit en gedag bekijken, we conclusies kunnen trekken over jongeren die geen toegang hebben tot dergelijk onderwijs.

Bucketlist

Eerst het goede nieuws: een interdisciplinaire, probleemgerichte, humanistische kijk op de aantasting van het milieu zorgt er zeker voor dat studenten systematisch over hun gedrag gaan nadenken. Studenten die op deze manier over duurzaamheid leerden, waren minder snel geneigd zich te laten meeslepen door technofix-fantasieën en andere groengewassen manieren om de crisis op te lossen. Maar dan het slechte nieuws: zelfs wanneer studenten zich bewust waren van de milieuproblemen en inzicht hadden in de raciale en socio-economische ongelijkheden die ermee samenhangen, waren ze toch niet bereid hun schadelijkste gedrag aan te passen.

Wat gezegd moet worden is dat de meeste van deze studenten duurzamere eetgewoonten ontwikkelden. Ze wilden echter absoluut niets horen over hun reisgewoonten. Het idee dat er een huis, kinderen en een (elektrische) auto moet komen is springlevend, maar komt nu met een Instagramvriendelijke lijst met reisbestemmingen en een bucketlist die voor veel adrenaline en veel milieuvervuiling gaat zorgen. De studenten kwamen met rechtvaardigingen waar de grondleggers van de neoklassieke economie trots op zouden zijn: letterlijke kosten-batenanalyses in termen van nut.

Westerse middenklassehabitus

https://files.erasmusmagazine.nl/app/uploads/2020/11/19114659/Climate-Aware-656x875.png

Welke conclusies heb ik getrokken? De studenten maken zich zorgen om het milieu als onderdeel van een ‘morele identiteit’. Deze morele identiteit is deel van een groter identiteitspakket dat hen met de paplepel is ingegoten. In de sociologie noemen we dit pakket een ‘habitus’. Dit pakket wordt versterkt door al onze interacties op alle vlakken van ons leven: familie, school, verenigingen, enzovoort. Omdat het handig is als we dit pakket een naam geven, noemen we het de ‘westerse middenklassehabitus’. Het is geen klasse in de klassieke Marxistische betekenis van het woord, maar meer een klasse in de praktijk, omdat die het resultaat is van de sociale interacties die we in de loop van de tijd doormaken.

Gezien worden als een moreel persoon, een persoon die goede dingen voor de wereld doet, een persoon die goed is, is een belangrijk onderdeel van dat identiteitspakket. Maar datzelfde geldt voor gezien worden als een kosmopolitisch, werelds, bereisd persoon met een hele reeks interessante ervaringen.

Gewetenswroeging

Wat gebeurt er als die twee in conflict komen? Dat is heel simpel: het wordt een rekensom. Het enige wat de studenten hoeven te doen, is slecht gedrag (d.w.z. vervuilend gedrag) compenseren met goed gedrag, zoals vegetarisch eten. Zelfs dingen die helemaal niets met het milieu te maken hebben tellen mee, zoals een goede vriendin zijn of een goede broer.

Dit proces noem ik ‘onderhandelen’ en er wordt heel, heel veel onderhandeld. Bedrijven weten dat ook en daarom biedt KLM je de mogelijkheid om te compenseren voor je vlucht door bomen te planten. Je weet niet of die bomen ook daadwerkelijk of op een duurzame manier worden geplant, maar deze mogelijkheid is fijn voor de morele rekensom. Maar terwijl we op de knop ‘Compenseren’ klikken, weten we dat er toch iets niet helemaal goed zit.

https://files.erasmusmagazine.nl/app/uploads/2020/11/19114747/Paper.Journal.10-875x656.png

Uit mijn onderzoek blijkt dat studenten wel degelijk met gewetenswroeging en een gevoel van onbehagen rondlopen, ondanks hun utilitaire redeneringen. We weten heus wel dat dit soort gedrag de catastrofale vernietiging van het milieu binnen de komende decennia niet gaat voorkomen. Wat wel gaat helpen zijn grootschalige veranderingen in het systeem, in de gemeenschap en in ons eigen gedrag. Om dat voor elkaar te krijgen, moeten we op elk niveau actief betrokken zijn. Mijn studenten zijn zich bewust van de gigantische kloof tussen de dingen die zij zelf kunnen veranderen en de grote, gezamenlijke veranderingen die moeten plaatsvinden en raken daar vaak van in paniek. Ik probeer die kloof te overbruggen door ze te laten zien dat ze de stap niet in één keer hoeven te maken: er zijn andere manieren die beginnen bij lokale gezamenlijke actie (een gedeelde tuin aanleggen of lid worden van een lokale groene partij bijvoorbeeld) en wereldwijde individuele actie (klimaatwetenschapper, klimaatjournalist of -filmmaker worden) en het makkelijker maken om de stap naar wereldwijde gezamenlijke actie te zetten. We hoeven niet allemaal in één dag in Greta te veranderen.

Buiten college geven

Weten op welke gebieden je betrokken kunt zijn, is niet genoeg. Het identiteitsprobleem moet echt worden opgelost. Mijn suggestie, in navolging van het werk van Susan Clayton, is om studenten te helpen te stoppen morele berekeningen te maken over het milieu. We moeten studenten helpen oprecht om de natuur te gaan geven. En dan heb ik het niet over genieten van de natuur als consument, maar de natuur gaan zien als iets waar wij zelf onderdeel van uitmaken en een betekenisvolle relatie mee kunnen opbouwen. Dat is voor veel van onze jonge stedelingen die nog nooit de handen in de aarde hebben gestoken heel moeilijk.

Een van de reviewers die over ons artikel schreef, vroeg zich af of studenten niet op slag depressief zouden worden als ze zien hoe slecht het met het klimaat is gesteld. Ik denk daar heel anders over. Ik laat me inspireren door bewegingen van inheemse groepen en hoe sterk hun identiteit is verbonden met hun omgeving, de kracht van hun milieuactivisme en hun inzet om veranderingen op ieder niveau door te voeren. Vaak worden hun stemmen niet gehoord, niet in de laatste plaats vanwege racistische vooroordelen (en in sommige gevallen verwoesting die naar genocide neigt, zoals in Brazilië). Maar hun protest dringt in sommige klimaatonderwijskringen door. Ik raad het boek As We Have Always Done van Leanne Simpson ten zeerste aan als je wilt lezen over de klimaatidentiteit en het activisme van inheemse groepen.

https://files.erasmusmagazine.nl/app/uploads/2020/11/19114905/Running-out-of-time-CLIMATE-656x875.png

Onze gesprekken over de verwoesting van het milieu moeten niet theoretisch blijven. We moeten ervoor zorgen dat onze studenten vaker naar het bos, de duinen, de hei en de prairies gaan. Ze moeten zich actief gaan bezighouden met het herstel van de natuur, planten met hun eigen handen opkweken en wilde dieren observeren. Initiatieven als Edible EUR zijn een goed begin, maar er zijn systematische veranderingen in de hele universiteit nodig. En als we toch niet meer binnen mogen samenkomen, waarom zetten we de colleges dan niet buiten voort, in plaats van de hele dag naar een beeldscherm te staren en de natuur nog verder uit het oog te verliezen? Als mijn ideeën over klimaatidentiteit juist zijn, dan is aan het werk gaan in de tuin geen vervanging van persoonlijke en politieke actie, maar een opstap.

Ginie Servant

https://www.erasmusmagazine.nl/2020/11/20/om-de-klimaatcrisis-aan-te-pakken-moeten-docenten-aan-de-slag-met-de-klimaatidentiteit-van-studenten/