Hoe we de onzichtbare vijand met een hamer platslaan (Kennislink)

In de persconferenties van premier Rutte en minister De Jonge komen ontzettend veel metaforen en frames voorbij. Welke zijn succesvol en welke niet? Dragen ze bij aan de begrijpelijkheid? En kunnen we misschien nog wat leren van complottheorieën?

Persconferentie van premier Mark Rutte en minister Hugo de Jonge (VWS) op 17 november 2020: ‘Sinterklaas doet de inkopen alleen’/ ‘We wedden op zoveel mogelijk paarden’ (vaccins).

In maart was het virus nog met een ‘gevaarlijke opmars’ bezig, daarna werd het een ‘mammoettanker’, en nu hebben we een ‘grote hamer’ nodig om hem ‘plat te slaan’. Politici gebruiken allerlei metaforen in de communicatie over het coronavirus. Jaap de Jong, hoogleraar journalistiek en nieuwe media aan de Universiteit Leiden, kan er veel over vertellen. Voor het tijdschrift Onze Taal maakte hij een analyse van alle coronapersconferenties tot nu toe.

In die verzameling van 140 duizend woorden viel hem vooral op hoeveel variatie er is in het metafoorgebruik van de politici. Bovendien zag hij een ontwikkeling: werden we in het begin nog overvallen door een onzichtbare vijand, gedurende de coronacrisis kregen we steeds meer grip op de zaak. Althans, als we de frames mogen geloven.

Eerste golf: ‘intelligente lockdown’

Tijdens de eerste golf wisten we nog heel weinig over het virus, en dat zie je terug in de taal. Volgens De Jong gebruikten de sprekers in de eerste persconferenties daarom vooral oorlogs- en plaagmetaforen. Dat zijn veelgebruikte metaforen die je door kunt trekken tot een heel netwerk van gelijke woorden. Op dat moment ontstaat een frame. Het virus was een ‘onzichtbare vijand’, een ‘gevaarlijke tegenstander’ die bovendien menselijke eigenschappen krijgt toegekend: ‘Als we verslappen slaat het virus zijn slag’. Het is ook een virus dat zomaar over kan springen als je te dicht bij elkaar komt – als een plaag.

Dat oorlogsframe kom je ook veel tegen in andere landen, met name Frankrijk, Engeland en de Verenigde Staten. Opvallender was het frame van de ‘intelligente lockdown’, waarmee Nederland zich onderscheidde. De Jong: “Daarbij hoort het beeld van slimme Nederlanders. Dat is ook wat Rutte zegt in een van de eerste persconferenties: ‘Wij zijn een nuchter volkje. We zitten niet te wachten op symboolmaatregelen.’ En eind maart paait hij ons wanneer hij Nederlanders ‘volwassen trotse mensen’ noemt. Maar opvallend: na de zomer verdween het begrip ‘intelligente lockdown’, en ook de kwalificatie ‘slim’ hebben ze niet meer in de mond genomen.”

Zomerstop: reis- en watermetafoor

Wat De Jong ook opviel, was dat de premier graag metaforen gebruikt die passen bij de tijd van het jaar. In augustus zegt Rutte ‘ik hoop van harte dat het virus het rugzakje pakt en vertrekt, maar op dit moment wijst niets daarop’. En op 1 september: ‘het virus heeft geen paspoort; het gaat over alle grenzen heen’. Ook het frame van een bosbrand is populair in de zomer: het virus kan zomaar weer oplaaien. Minister De Jonge zegt: ‘We moeten het virus uitstampen waar het oppookt’.

In diezelfde zomer gebruikte De Jonge ook nog een oer-Hollandse metafoor, weet De Jong. Op 24 juni zegt hij: ‘vergelijk het met onze eeuwenlange strijd tegen het water, die heeft ons de reputatie gegeven de voeten droog te kunnen houden. Dat deden we door dijken te bouwen. Vandaag zijn wij samen die dijk die de tweede golf buiten de deur kan houden’. “Framing-technisch gezien is dat natuurlijk een hele mooie. Je weet: er hoeft maar één klein stukje door te breken en dan is het meteen gedaan. De boodschap is helder: je bent op je kleine plaatsje zelf verantwoordelijk voor je eigen gedrag – en dat heeft grote gevolgen.”

De metafoor van de hamer komt voort uit een beroemd geworden artikel van de Frans-Spaanse schrijver en onderzoeker Tomas Pueyo, De hamer en de dans, waarin hij zegt dat we het virus eerst zo hard mogelijk moeten raken, en in de periode die volgt het virus in bedwang moeten houden door te dansen: balanceren tussen economische- en gezondheidsmotieven. Op de vooravond van de strengere maatregelen werd hij hierover geïnterviewd bij EenVandaag.

Tweede golf: routekaart en gereedschapskist

Inmiddels zitten we in de tweede golf en wordt de indruk gewekt van controle over de situatie. “Die routekaart is ook al in de eerste golf genoemd, maar toen werd nog vooral de onzekere route benadrukt. Rutte zegt in maart: ‘er is geen tomtom die zegt waar de volgende straat precies is’ en ‘we varen op zicht’. Maar in oktober is die routekaart veel verder uitgewerkt, en verschijnen er uitgebreide schema’s in de kranten. Dus we zien een verschuiving van onzekerheid naar controle.”

In hetzelfde rijtje van controlemiddelen past het ‘coronadashboard’, de ‘gereedschapskist’ van de ‘man met de hamer’, zegt De Jong. Hij verwijst daarmee naar Rutte en zijn uitspraak op 20 oktober, de vooravond van de strengere maatregelen: ‘De hamer waarmee we het virus moeten platslaan, moet groot genoeg zijn om dat nu ook echt te bereiken’. “Daarmee zegt Rutte eigenlijk: het is nu klaar met de hamertjes tik en de kleine hamers. Strengere maatregelen zijn nu noodzakelijk.”

Begrijpelijke taal?

Naar aanleiding van de hamer-metafoor brak er een discussie los in de media of de taal van de politici wel duidelijk genoeg is. De Jong is het niet eens met die kritiek: “Mijn analyse is dat de persconferenties niet te moeilijk zijn. De zinnen zijn niet te lang en er is weinig jargon te horen. Als Rutte wel een term noemt als het ‘reproductiegetal r’ dan licht hij dat toe. Wel gaan ze nogal los met de creatieve uitdrukkingen, de metaforen. Daar hebben ze niet op bezuinigd.”

Is dat eigenlijk een probleem? Zijn die metaforen wel voor iedereen even begrijpelijk? De Jong ziet wel een risico voor laaggeletterden en migranten die de taal nog niet volledig beheersen. “Maar die discussie heb je ook altijd na de troonrede, en die ga je toch ook niet voorlezen in kleutertaal. Bovendien staat er na elke persconferentie een samenvatting in eenvoudige taal op rijksoverheid.nl.”

Rob Jetten, de fractievoorzitter van D66, herhaalde in een interview met RTL Nieuws over dividendbelasting in 2018 drie keer hetzelfde antwoord. Dat kwam hem op kritiek te staan over zijn manier van communiceren.
Publiek Domein

De Jong: “Ze doen iedere persconferentie wel hun best om één frame te kiezen, dat zowel in het verhaal van Rutte als De Jonge terugkomt. Dat is waarschijnlijk het werk van hun speechschrijvers. Bovendien moeten ze toch elke keer weer antwoord geven op dezelfde soort vragen. En je wilt niet als een Rob Jetten steeds het hetzelfde antwoord herhalen, want dan krijg je de bijnaam Robot Jetten. Je kunt er alles over zeggen, maar Rutte en De Jonge zijn wel creatief met taal.”

Niet elk frame is even succesvol

Sarah Gagestein – auteur van meerdere boeken over framing – vindt dat er ook wel iets te zeggen is voor één vaste metafoor. “Dan heb je tenminste één duidelijk verhaal. Bovendien waren niet alle frames die tot nu toe voorbijkwamen even sterk.” Gagestein adviseert bedrijven en organisaties in de manier waarop zij framing in kunnen zetten in hun communicatie. Ze dacht mee aan een advies voor het Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) over de coronacommunicatie. De kern was: vertel vooral wat je wél wilt dat mensen doen, en minder wat je niet wilt. “Als je tegen kinderen zegt ‘niet rennen op de gang’, dat gaan ze geheid rennen op de gang. Dat werkt niet alleen bij kinderen zo, het is hoe ieders brein werkt.”

En sommige metaforen werken beter dan andere. De routekaart die nu veel langskomt is bijvoorbeeld wel een sterke metafoor volgens Gagestein. “Je weet waar je naartoe gaat en dat je onderweg de route kunt aanpassen, door een kortere of veiligere route te nemen. Die metafoor heeft manoeuvreerruimte, je kunt er meerdere kanten mee op.” De oorlogsmetafoor vindt ze minder geschikt, dus ze is blij dat Nederland daarvan af is gestapt: “Het beeld van een vijand die we moeten verslaan komt niet echt binnen als het enige wat je kunt doen is thuis op de bank hangen en afwachten. En er komt natuurlijk helemaal geen beslissende eindstrijd. Het doet me iets te veel denken aan de ‘war on terror’ en de ‘war on drugs’, die we ook nooit hebben gewonnen. Hij is al met al best wel tricky, want hoe strijd je tegen een onzichtbare vijand? Dat kan mensen wanhopig maken, en dan haken ze af.”

Uitgelicht door de redactie

Geesteswetenschappen
Hoe kunnen we leren van discriminerende algoritmes?

Leren van complottheorieën

Dat er ook een groep mensen is die afhaakt, zagen we de afgelopen periode met protestacties in Den Haag en socialmedia-acties als #ikdoenietmeermee. Hoe kun je communicatie zo inzetten dat mensen niet afhaken? Gagestein benadrukt dat taal nu ook weer niet zo sturend is, dat het allesbepalend is (‘gelukkig niet’). Maar er schuilt wel een gevaar in het niet goed uitleggen van frames, want dan gaan mensen er hun eigen invulling aan geven. “Neem het ‘nieuwe normaal’, dat vind ik een typisch rookgordijn-woord: dat is voor iedereen wat anders. Voor veel mensen is het een schrikbeeld: het staat voor alle fijne dingen die ze niet meer mogen en die in hun ogen nooit meer terugkomen. Gezellig in een kring koffiedrinken of iemand die je lang niet gezien hebt, stevig in de armen vallen.”

Als je als politicus een frame gebruikt, moet je deze dus wel goed ‘uitpakken’, duidelijk de ingrediënten van het verhaal op tafel leggen. In die zin kunnen politici eigenlijk wel wat leren van complottheorieën, denkt Gagestein. “Die maken heel duidelijk gebruik van storytelling: je hebt een duidelijk issue, een slechterik – vaak de overheid – en een slachtoffer. Het zijn moderne sprookjes. Ik zeg niet dat je zulke sprookjes moet gaan vertellen. Maar wat je ervan kunt leren is dat je niet moet beginnen met die nuances, maar met een helder verhaal. En daar kan je dan de mitsen en maren aan vastplakken. Dan heb je meer kans dat het verhaal ook echt blijft hangen bij het grote publiek.”

https://www.nemokennislink.nl/publicaties/hoe-we-de-onzichtbare-vijand-met-een-hamer-platslaan/

‘We vertrouwen op aarde ongemerkt steeds meer op ruimtevaarttechnologie’ (Rijksoverheid)

Veilige communicatie tussen militairen, het voorspellen van bosbranden, realtime beelden van luchtverontreiniging, precies weten hoeveel water gewassen nodig hebben, en snelle signalering van dreigende dijkverzakkingen. Dit is een selectie van toepassingen die mogelijk gemaakt worden door satellieten die in een baan om de aarde cirkelen.

https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2020/11/10/%E2%80%98we-vertrouwen-op-aarde-ongemerkt-steeds-meer-op-ruimtevaarttechnologie%E2%80%99

Voerendaal gaat oplaten ballonnen verbieden (ZO-NWS Loo TV)

http://www.zo-nws.nl/sites/default/files/imagecache/webpips/images/7/ballonnen%20iStock-134421529.jpg

Ook in Voerendaal wordt het oplaten van ballonnen bij evenementen in de ban gedaan. De gemeente gaat, in navolging van veel andere gemeenten in de regio, een verbod opnemen in de APV.

Opgelaten ballonnen komen in de natuur terecht en dat slecht voor natuur en milieu. Wensballonnen kunnen bovendien natuurbranden veroorzaken.

In 2014 nam de Tweede Kamer een motie aan waarin gemeenten werden opgeroepen om het oplaten van ballonnen actief tegen te gaan.

Wethouder Verbraak zegde toe een verbod in de eerstvolgende wijziging van de APV mee te nemen. Een motie van de PvdA daarover in de gemeenteraad werd vanwege de toezegging aangehouden.

 

https://www.zo-nws.nl/images/banners/banner5_bericht.jpg

https://live.staticflickr.com/65535/50289874871_157876362b_z.jpg

https://www.loo-tv.nl/content/voerendaal-gaat-oplaten-ballonnen-verbieden

INGEZONDEN BRIEF: Koers 2030: weinig groei maar veel bloei (Sliedrecht24)

Pamflet

(Foto LinkedIn Johan Lavooi)

De inleiding
Pats …..burgemeester en wethouders van Sliedrecht gooien olie op de veenbrand , die al vanaf 1975 smeult, toen burgemeester Van Hofwegen voorstelde om Sliedrecht te laten groeien naar 40.000 inwoners. Het college heeft namelijk de Kadernota 2021 uitgebracht. Dit belangrijke stuk gaat voornamelijk over woningbouwopgaven en de verdeling van maar liefst 23 miljoen van de Enecogelden. Het belangrijkste voorstel is: bouw 2500 nieuwe woningen in Sliedrecht; de helft binnen de huidige grenzen en de andere helft ten noorden van de spoorlijn. Voor alleen al het maken van de ruimtelijke ordeningsplannen door ambtenaren en bureaus wil men 2,3 miljoen + 1,7 miljoen = 4 miljoen euro uittrekken. Zo’n voorstel met zulke gevolgen heb ik in Sliedrecht nog nooit gelezen.

Bedoeling van het college is om deze nota in één keer ( a.s. dinsdag ) door de gemeenteraad te laten vaststellen. Nog niet zo lang geleden werd over dit soort zaken eerst gediscussieerd in de gemeenteraad, maar nu wordt duidelijk een andere weg gekozen. Er ligt een concreet voorstel en als de gemeenteraad daarmee instemt is er geen weg meer terug. Voor zover ik weet is er ook niet of nauwelijks met maatschappelijk betrokken organisaties, zoals de woningcorporatie Tablis Wonen, over gesproken. Het is eenrichtingverkeer. Lef kan dit college – van vooral van buitenaf ingevlogen bestuurders – niet ontzegd worden. Over de onwenselijkheid en de onmogelijkheid van hun voorstellen gaat dit pamflet.

De aanleiding
De aanleidingen zijn helder. Pro Sliedrecht is uit het college verdwenen en met name het CDA ziet kans om een aloude wens te realiseren. Het CDA wil al sinds jaar en dag richting Wijngaarden bouwen en wethouder Ton Spek heeft zijn zinnen gezet op de bouw van één of meer tunnels. De SGP is wat voorzichtiger, maar wil ook eigenlijk wel. En de PvdA is aan het twijfelen gebracht door zijn nieuwe wethouder. Maar de SGP en de PvdA willen wél de voetbalvelden verplaatsen naar het gebied ten noorden van de spoorlijn. Nog steeds een goede gedachte trouwens. Tenminste als onderdeel van een recreatief gebied, zoals ooit de bedoeling was. Echter, de grond die de gemeente nu nodig heeft is in handen van een enkele boer en projectontwikkelaar. Die laatste wil wel meewerken, mits hij dan rondom die voetbalvelden zo’n 1000 woningen mag bouwen. En zo vond dit college elkaar .

Onmogelijke aantallen
1. Allereerst over bouwen ten noorden van de spoorlijn en dat gekke aantal. Het is of het één of het ander . Of niet bouwen, of juist heel veel bouwen. Het is een volstrekte illusie om te veronderstellen dat als we gaan bouwen ten noorden van de spoorlijn, we ons kunnen beperken tot 1250 woningen. Alleen al vanwege de ontsluitingsproblemen (A-15, spoorlijn én Betuwespoorlijn ) zijn er miljoenen nodig om dit gebied bereikbaar te maken. Spek wil dat geld proberen los te peuteren van hogere overheden en zelfs uit Brussel ! Leuk voor de bühne, maar dit soort projecten kan alleen maar worden gerealiseerd als er veel woningen worden gebouwd om die kosten te dragen.

Geen illusie : als we gaan bouwen, dan betekent dat bouwen tot aan Wijngaarden en dus in 2050 een gemeente van 40.000 inwoners. 

2.Dan binnen de grenzen. Na Baanhoek-west is Sliedrecht zo goed als vol. Sliedrecht is nu al dichtbebouwd . Hoe het college denkt nog 1250 woningen te kunnen realiseren en tegelijk b.v. in Sliedrecht -Oost ( ? ) een “leefbare en toegankelijke, groen-dooraderde wijk met een mix van allerlei woningtypes en prijsniveaus“ (letterlijk citaat ) is mij een compleet raadsel. Zo’n aantal is volstrekt onmogelijk. Op wat er nog wél zou kunnen kom ik later terug.

Kortom: ten noorden van de spoorlijn kunnen we ons nooit beperken tot 1250 woningen. We gaan óf massaal bouwen of we gaan niet bouwen. En binnen de grenzen van Sliedrecht kunnen we nooit 1250 woningen proppen.

Onwenselijke aantallen.
De plannen zijn ook onwenselijk en om veel meer redenen.
1.Het college zet in op de bouw van het midden- en het hogere segment, “waardoor ook doorstroming uit het lagere segment mogelijk wordt “ . Dat schrijft men tegen beter weten in. Zo werkt het de laatste jaren in Nederland niet. Er worden nog steeds veel te veel grote eengezinswoningen gebouwd. En er is nauwelijks doorstroming. Maar er komt juist steeds meer behoefte aan betaalbare woningen voor ouderen, starters en gebroken gezinnen. En huurwoningen worden nog maar nauwelijks gebouwd, terwijl de inkomensongelijkheid enorm toeneemt. Een voorbeeld van verkeerd beleid : op de plaats van het oude ziekenhuis bouwt men straks dure appartementen. Men moet zelfs in landelijke kranten als de NRC adverteren om de huizen kwijt te raken. Hoezo bouwen voor Sliedrechters? Hoezo
doorstroming?
2.De bescherming van het Groene Hart , maar ook van de kleine dorpen in de Alblasserwaard die niet leeggezogen moeten worden.
3.Tablis- de huurdersvereniging- vraagt al jaren grond voor meer sociale woningen maar krijgt nul op het rekest.
4.Sliedrecht wordt nergens toe verplicht. Anders dan men doet vermoeden ligt er geen opdracht van de kant van de hoge overheden. Binnen de Drechtsteden is ook een aantal van 25.000 woningen een eigen leven gaan leiden. buurgemeenten zoals Papendrecht trekken zich daar niks van aan. Die hebben het ook niet over kreten als stilstand is achteruitgang.
5.Sliedrecht heeft nu al weinig “lucht”. Het is nu al arm aan bomen en ander groen, speelplekken, recreatiemogelijkheden , terrassen, ruimte voor fietsers, kortom : leefbaarheid. En dat terwijl de milieudruk ( A 15, spoorlijnen, de Merwede, de overkant ) groot is.

Moet er dan niks gebeuren ?
Zeker niet. De bevolkingsgroei in Nederland blijft nog wel even doorgaan , hoewel vooral in de Randstad door de trek naar de steden. Maar Sliedrecht kan daar maar een klein beetje aan meewerken. Mogelijkheden zijn er echter heus wel. Zelfs met behoud van de kleinschaligheid van de dijk ( met de lintbebouwing verdraagt dat authentiek stukje Sliedrecht zich niet met hoogbouw – dus ook niet op het Watertorenterrein).

Om te beginnen Het Oog van Hardinxveld-Giessendam. Ooit door de Provincie aangewezen als buffer voor het geval er grootschalige woningbouw nodig zou zijn. Nu door Hardinxveld-Giessendam – op een stukje bedrijfsterrein na- feitelijk in de koelkast gezet. Een gigantisch gebied tussen de spoorlijn en de Betuwelijn. Maakt geen onderdeel meer uit van het Groene Hart! Een perfecte woonlocatie met nu al een station. Er is bij mijn weten na 2014 nog nooit serieus met Hardinxveld-Giessendam over dit gebied gesproken. En dat terwijl Hardinxveld-Giessendam tegenwoordig deel is van de Drechtsteden. Waarom wordt er niet wat groter, wat regionaler, gedacht ?

Omdat we willen dat onze kinderen in Sliedrecht kunnen blijven wonen ? Wat vinden onze kinderen van die wens ? Gaat het hen om kwaliteit of om gemeentegrenzen ? Als je in Hardinxveld woont en je moeder in Sliedrecht zit je binnen een kwartier op de fiets op de koffie.

Dan het centrum. Het Burgemeester Winklerplein leent zich bij uitstek om hoogbouw. Eén of twee architectonisch mooie hoge gebouwen (waarom bouwen we dat soort dingen in Sliedrecht nooit?) met onder het plein een parkeergarage. Waardoor op het plein ook weer meer mogelijkheden zijn, zoals de herleving van een grote weekmarkt tot een regionale trekker zoals die vroeger was; de kermis, terrassen. En natuurlijk het dorpshuis waar zo’n behoefte aan is in het centrum van ons dorp. Wist u dat men in 1957 al met die gedachte speelde?

En natuurlijk De Kerkbuurt. Een winkelpromenade die nooit meer op het oude niveau zal terugkomen. Het winkelbestand is tot de helft ingekrompen en staat deels leeg . Durf daar nog meer af te breken, zolas aan het oostelijk eind naast Kramer. En bouw op de vrijgekomen plekken middelhoge appartementen voor ouderen, starters en eenoudergezinnen.

Bruisen, bloeien
Dit pamflet heet “weinig groei, maar veel bloei “ . Het bestaande Sliedrecht kan nog maar een beetje groeien , maar dat hoeft de bloei niet in de weg te staan. Daarvoor is natuurlijk meer nodig dan bouwen. Het college vraagt daar terecht aandacht voor. Sliedrecht mag wat meer bruisen, schrijft men. Maar het wordt in tegenstelling tot de ruimtelijke ordening wat mager uitgewerkt. Het zou mooi zijn als het college en de raad daar apart bij stil staan. De behandeling van de Kadernota zou wel eens teveel in beslag genomen kunnen worden door de ambitie van het college om te groeien en het uitgeven van de 23 miljoen van de Enecogelden. Over de keuzes die daarin worden gemaakt zou trouwens ook een apart pamflet geschreven kunnen worden. Nieuwe voetbalvelden en een dorpshuis kunnen er makkelijk uit betaald worden.

Meer maatschappelijke discussie over alle elementen van de Kadernota is zeer wenselijk. Want het is op zichzelf een mooie steen in de vijver. Als de bevolking wél gevraagd wordt naar de gewenste eigenschappen van de nieuwe burgemeester ( wat zinloos is omdat de benoeming daarvan één groot politiek spel in de duisternis is ) , waarom dan geen brede maatschappelijke discussie over deze Kadernota?

Toeristisch havenfront, afbreken brandweerkazerne, gemeentehuis met horeca ,Elektra verbouwen, 23 miljoen verdelen; noem maar op… de nota is prikkelend genoeg.

Zit de bevolking en de raad er voor Spek en bonen bij?

Sliedrecht, 24 september 2020
Johan Lavooi

Brieven worden 1 op 1 overgenomen. De redactie is niet verantwoordelijk voor de inhoudelijke juistheid van een ingezonden brief. Plaatsing houdt niet in dat de redactie achter de inhoud van het bericht staat. Een brief wordt uitsluitend geplaatst als de bron bij ons bekend is. De naam van de afzender wordt onder het artikel geplaatst. NAW- en e-mailgegevens worden niet openbaar gemaakt. Een ingezonden brief plaatsen we onverkort, soms ook omdat er geen artikel over het onderwerp op online krant Sliedrecht24 is verschenen.

Redactie Sliedrecht24

Het bericht INGEZONDEN BRIEF: Koers 2030: weinig groei maar veel bloei verscheen eerst op Sliedrecht24.

https://sliedrecht24.nl/ingezonden-brief-koers-2030-weinig-groei-maar-veel-bloei/

Kamer stuurt minister Blok weg vanwege rampzalige situatie buitenland (De Speld)

De Tweede Kamer heeft onverwacht minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken naar huis gestuurd. Een meerderheid rekent het de minister zwaar aan dat het op veel plaatsen in het buitenland ontzettend slecht gaat.

‘‘Jemen, Syrië, Venezuela, Noord-Korea, Iran, Wit-Rusland, moet ik nog doorgaan?’’ vraagt SP-Kamerlid Sadet Karabulut. ‘‘Deze minister is verantwoordelijk voor Buitenlandse Zaken. Ik constateer dat hij daar weinig van bakt. Hij heeft jarenlang de kans gehad, maar eigenlijk is het alleen maar erger geworden.’’

Voor veel partijen waren het coronavirus en hevige bosbranden de druppel die de emmer deed overlopen. ‘‘We hebben wantoestanden gezien in landen waar het voorheen nog redelijk goed ging, zoals Italië en het Verenigd Koninkrijk’’, zegt D66-woordvoerder Sjoerd Sjoerdsma. ‘‘En grote delen van Brazilië, Australië, de Verenigde Staten en Rusland zijn onder Blok afgebrand. Als parlement nemen we onszelf niet serieus als we zo’n minister laten zitten.’’

Sjoerdsma wijst erop dat Blok in het buitenland ook maar weinig aanzien geniet. ‘‘Hij laat zich te weinig zien aan de gewone Masai, de Oeigoer die het moeilijk heeft, of de Indiër die door het coronavirus z’n inkomsten heeft zien verdampen. Terwijl Stef Blok de aangewezen man is om de wereldbevolking een beetje gerust te stellen. In Frankrijk schijnen de meeste mensen zelfs nog nooit van ‘m te hebben gehoord. Dat kun je ze ook niet kwalijk nemen, want wat heeft hij voor hen betekend?’’ 

De VVD moet nu op korte termijn iemand zoeken die orde op zaken kan stellen in het buitenland. Verwacht wordt dat de partij uitkomt bij bewezen puinruimer Johan Remkes.

https://speld.nl/2020/09/23/kamer-stuurt-minister-blok-weg-vanwege-rampzalige-situatie-buitenland/