GGD-directeur gelooft niet in vaccinatiedwang: ‘Medici en de overheid moeten vertrouwen wekken’ (Omroep Brabant)

Ellis Jeurissen ziet in het coronavaccin dé stip op de horizon om ‘vrij’ te zijn. Tegelijkertijd maakt de directeur van GGD Brabant-Zuidoost zich zorgen om polarisatie: “Wat gaat het met een samenleving doen als je privileges krijgt als je bent ingeënt?”

Het is juni 2021. Na een jaar zonder Groots met een zachte G van Guus Meeuwis, is het tijd om dubbel zo hard het Philips Stadion uit haar voegen te laten barsten. Wie naar binnen mag, is afhankelijk van wie ingeënt is tegen het coronavirus. GGD-directeur Ellis Jeurissen in Brabant-Zuidoost vreest voor dit scenario in dit door haar aangehaalde fictieve voorbeeld.

“Stel, je krijgt zo’n maatschappij: dat het vaccinatieboekje bepaalt waar je naartoe mag. Daar ben ik angstig voor: wat gaat het met een samenleving doen als je privileges krijgt als je bent ingeënt? Daar vind ik moreel wat van.”

Jeurissen, nu drie jaar directeur, vertelt digitaal via Teams over de stand van zaken bij ‘haar’ GGD. Over 24/7 ‘aan’ staan, de complexiteit van corona en het veelbesproken vaccin. Om daarmee te beginnen: volgens haar zijn GGD’s dé organisaties die Nederland moeten inenten. Althans: degenen die willen. Veel Nederlanders zijn sceptisch over het coronavaccin.

Snapt u dat mensen twijfelen over het vaccin?
Ik denk in maart corona te hebben gehad en ik hoop echt nooit meer zo ziek te worden. Dus ik sta vooraan zo gauw ik aan de beurt ben, ook omdat ik niet weet of ik nu immuun ben. Daarnaast kan ik niet tegen vaccineren zijn als Directeur Publieke Gezondheid. We vergeten weleens: mazelen is een dodelijke ziekte voor kinderen. Maar we zijn nu zo rijk dat er eigenlijk niemand meer aan dood hoeft te gaan, omdat we dit goed geregeld hebben. Hoe minder mensen zich vaccineren, hoe minder effectief dat is om groepsimmuniteit te krijgen.

Maar ik snap wel dat het echt een vraagstuk is. Toen mijn dochter 13 werd, heb ik me heel erg verdiept in de vaccinatie tegen baarmoederhalskanker. Ik dacht: wat ga ik nou doen? Er was veel twijfel over de betrouwbaarheid ervan. Ik merk dat dit nu ook weer opspeelt. Het is heel gemakkelijk om als Directeur Publieke Gezondheid te zeggen: dat gaan we doen. Ieder moet daar zelf over nadenken.

Er wordt gesproken over indirecte dwang om mensen te laten vaccineren. Wat vindt u daarvan?
Het is en blijft een persoonlijke afweging die je voor jezelf en je kinderen maakt. Dat past ook wel bij hoe ik denk over vrijheid die je in dit land hebt. Ik geloof niet in een verplichting. Het vaccin kan op die manier polarisatie in de hand werken.

Misschien duurt het nog een jaar voordat het vertrouwen groeit en dat meer mensen die stap zetten. Later die keuze maken mag, maar het betekent wel iets voor de virusbestrijding en de immuniteit. Als straks vijftig procent is ingeënt, dan hebben we er niets aan.

Wat is er nodig hen over de streep te trekken?
Medici en de overheid moeten vertrouwen wekken. We zullen heel goed in lekentaal moeten uitleggen welke stappen er zijn gezet, waardoor we zeker zijn dat het betrouwbaar is en het op de markt komt. Je moet er eerlijk over zijn. Al ga je sommigen nooit overtuigen.

Voor het zover is, gaat er eerst nog een poos overheen. We zitten in de tweede golf. Hoe gaat het met u en GGD Brabant-Zuidoost?
Het houdt niet op, het is hartstikke druk. We hebben nu als het ware twee GGD’s: de ‘gewone’ GGD en een soort corona-GGD. Dat is een parallelle organisatie.

Het wordt steeds complexer, omdat het volume enorm toeneemt. We openen binnenkort een XL-coronateststraat, waar meer tests gedaan worden dan we nu in alle teststraten in ons gebied doen. Gisteren hebben we met mijn twee coronamanagers staan glunderen: dat ons ook dat lukt. Ook al rekt het onze organisatie enorm uit. We kunnen iedereen testen en binnen 24 uur de uitslag geven. Daarnaast zitten we middenin de overname van jeugdgezondheidszorg en reorganiseren we. Ik sta ervan te kijken wat deze organisatie aankan. Dat geeft ook rust.

Hiervoor was u politiechef in Oost-Brabant. Wat is het grootste verschil met de GGD?
De politiewereld bestaat eigenlijk uit twee hoofdprocessen: handhaven en opsporen. De GGD er meer: seksuele gezondheid, toezicht kinderopvang, jeugdgezondheidszorg, infectieziekten, ambulancezorg. Wat het ook complexer maakt, is dat de GGD een bestuur heeft van 21 zorgwethouders. Het is een gemeenschappelijke regeling en dat maakt dat het op- en afschalen bij GGD’s trager gaat. In de zorgkolom gaat het meer om samenwerken en coördineren.

De politie is juist een command & control-gerichte, nationale organisatie. Dat was duidelijk te zien na de tramaanslag in Utrecht. Ik reed toen over de snelweg en op álle op- en afritten stond een politieauto. Dat is mogelijk door te nationaliseren.

Wat kan de GGD daar van leren?
Infectieziektebestrijding moet meer uitgewerkt worden naar zo’n command & control-structuur. Dat zullen we nationaler moeten oppakken. Normaal gesproken moeten GGD’s alleen maar bezuinigen. Nu zitten we in een unieke situatie: wat we ook doen, we krijgen het vergoed. Zo bouwen we een paviljoen in de XL-teststraat in Eindhoven. Dat kost een paar ton en het wordt gewoon betaald.

Laatst was het een weekje rustiger in onze teststraat. Dan vraagt iedereen: zoveel mensen in de teststraat hoef je toch niet te laten werken? Dat vond ik zo’n gekke vraag. De brandweer is ook zo georganiseerd. Niemand moppert op de brandweer die ook betaald wordt als er geen brand is. Dit virus moet je ook zien als een brand, een veenbrand waar wij voor aan de lat staan.

Daarover gesproken, de testcapaciteit: minder mensen lieten zich vorige week testen. Goed nieuws?
Dat weten we niet. Inspelen op het gedrag van mensen is lastig. Zo steeg de testvraag in de zomer eerder dan verwacht. Maar als je kijkt naar het reguliere snotter- en griepseizoen, dan is november normaal ook een dalende maand. Pas halverwege december krijgen mensen normaal gesproken weer klachten. Het is een valkuil om te denken dat een afname aan tests positief is.

Tot slot: een vooruitblik. Waar staan we over een jaar?
Ik hoop dat sommige dingen blijven. We rijden nu veel minder kilometers met z'n allen. Thuiswerken moeten we blijven stimuleren. Verder hoop ik dat we steeds minder ziek worden van Covid als het zich muteert. Ik zie het zo voor me, dat als je over een jaar corona hebt, je gewoon naar de apotheek kunt gaan en een testje haalt, je dan zelf kan testen, een paar dagen thuis blijft als je het hebt en een paracetamol neemt. Ik hoop dat het ‘normaal’ wordt en dat we er ook zo mee om kunnen gaan.

LEES OOK:

Ziekenhuisdirecteur in crisistijd: 'corona heeft iets van een mindfuck in zich'

'Er is een periode van voor en na corona, zoals mijn ouders spraken over voor en na de oorlog'

https://www.omroepbrabant.nl/nieuws/3296723/ggd-directeur-gelooft-niet-in-vaccinatiedwang-medici-en-de-overheid-moeten-vertrouwen-wekken

Dit jaar flink meer natuurbranden in provincie Utrecht (RTV Utrecht)

PROVINCIE UTRECHT - Er woekerden dit jaar tot nu toe 40 natuurbranden in de provincie Utrecht. Dat zijn er 13 meer ten opzichte van 2019, blijkt uit een analyse van een database met alle natuurbranden door LocalFocus. Landelijk waren er dit jaar tot nu toe 643 natuurbranden in heel Nederland, bijna honderd meer dan in heel 2019.

De Veiligheidsregio Utrecht telde ook meer natuurbranden dan de jaren ervoor, maar merkt daarbij wel op dat die vaak kleiner in omvang waren. Mensen zijn de belangrijkste veroorzaker van natuurbranden. Zo laten mensen soms een smeulende sigarettenpeuk achter, maar is er ook weleens sprake van opzettelijke brandstichting. De droogte van de afgelopen jaren speelt ook een rol bij de kans op een natuurbrand.

De database wordt bijgehouden door Brandweer Nederland, het Instituut voor Fysieke Veiligheid (IIFV) en Wageningen University & Research (WUR). De meeste natuurbranden in deze regio waren in de bossen rond de Utrechtse Heuvelrug zoals Zeist (23), Soest (20) en de gemeente Utrechtse Heuvelrug (19).

[Localfocus:https://localfocuswidgets.net/5fb4e60b9c407]

In de provincie Noord-Brabant moest de brandweer dit jaar het vaakste uitrukken voor brandende natuur. In totaal ging er bijna duizend hectare aan Nederlands groen in vlammen op.

In Utrecht lijkt het bosbrandseizoen dit jaar wel zo'n beetje voorbij tenzij het weer drastisch omslaat. De VRU: "Het natuurbrandrisico is op dit moment laag. Dit komt door de hoeveelheid vocht in de vegetatie en fase waarin de natuur zich bevindt. Het natuurbrandrisico beperkt zich niet tot de zomermaanden, maar in de herfst is het risico meestal laag." LocalFocus heeft ook het aantal bosbranden vanaf januari 2017 in kaart gebracht:

https://rtvu.nl/n/2112449/

Wat merk jij van het extremere weertype? Het veranderende weer zorgt in onze provincie voor uitdagingen. Flinke plensbuien zette… (Provincie Utrecht Facebook)

Wat merk jij van het extremere weertype? Het veranderende weer zorgt in onze provincie voor uitdagingen. Flinke plensbuien zetten kelders blank of zorgen voor akkers die te nat zijn. Soms binnen enkele weken gevolgd door langdurige droogte en hitte, met meer risico op natuurbranden of gezondheidsklachten. Samen met inwoners willen wij aan de slag, zodat Utrecht ook in de toekomst een veilige en mooie provincie blijft. Lees snel door: https://bit.ly/2T6bUdv

https://scontent-amt2-1.xx.fbcdn.net/v/t1.0-0/p480x480/121977475_3433204936757924_9063897428712679338_o.jpg?_nc_cat=111&_nc_sid=8024bb&_nc_ohc=AAaUyzLxMEcAX89RQn6&_nc_ht=scontent-amt2-1.xx&tp=6&oh=8be69beee4f968dd39e45827c05c76cf&oe=5FAF4451

https://www.facebook.com/1237207133024393/posts/3433201620091589/

Provincie wil beter voorbereid zijn op gevolgen extremer weer (RTV Utrecht)

PROVINCIE UTRECHT - De provincie Utrecht investeert vier miljoen in maatregelen om beter voorbereid te zijn op de gevolgen van extremer weer. Provinciale Staten hebben plannen daarvoor voor de komende vier jaar goedgekeurd.

Nederland, en dus ook Utrecht, krijgt steeds vaker te maken met de gevolgen van extremere weersomstandigheden, zoals wateroverlast of hittestress. De provincie zet daarom in op een 'toekomstbestendige en waterveilige regio'. Dat gebeurt door het stimuleren van slimmere manieren van wonen, werken en bouwen, schrijft de provincie.

Gedeputeerde Hanke Bruins Slot is opgetogen dat de provincie nu aan de slag kan met de plannen: "Het extremere weer zorgt ook in onze provincie voor uitdagingen. Flinke plensbuien zetten kelders blank of zorgen voor akkers die te nat zijn. Soms binnen enkele weken gevolgd door langdurige droogte en hitte, met meer risico op natuurbranden of gezondheidsklachten bij mensen tot gevolg. Samen met bewoners, waterschappen, gemeenten, bedrijven en maatschappelijke organisaties willen we aan de slag, zodat Utrecht ook in de toekomst een veilige en mooie provincie blijft."

In 2050 wil de provincie Utrecht klimaatbestendig en waterveilig zijn. De provincie heeft in het nu aangenomen Programmaplan Klimaatadaptatie de ambities voor de komende vier jaar uitgewerkt. Waar mogelijk moeten woningen, kantoren en infrastructuur anders aangelegd worden, ter voorkoming van wateroverlast en hittestress. Verder moeten inwoners van de provincie Utrecht bewuster worden gemaakt 'dat zij kunnen bijdragen aan een klimaatbestendige woon- en werkomgeving'. Dat kan volgens de provincie "door meer ruimte te maken voor beplanting, het opvangen van regenwater of door meer schaduw te creëren".

https://rtvu.nl/n/2099275/