Nieuwe sloten, tweets, een brandbrief: moeten media elk detail rond FvD verslaan? (NPO Radio 1 Cultuur & Media)

https://www.nporadio1.nl/images/2020/11/26_fb63eb68bf_ANP-424537715.jpg

De heisa bij Forum voor Democratie duurt voort. Thierry Baudet trad af als lijsttrekker na publicaties van Het Parool over nazisympathieën en antisemitische en homofobe uitingen bij de jongerentak van de politieke partij. Vervolgens stelde Baudet zich weer verkiesbaar, schreef een lijsttrekkersverkiezing uit, maar kandidaat-Kamerleden en bestuursleden van de partij keren zich nu één voor één tegen de FvD-oprichter. Er wordt zelfs gesproken over het royeren van Baudet als lid.

{prepr_video nid="b2700a14-948e-4743-b2f3-e83221f51f87" caption="Het Mediaforum met Ronald Ockhuysen en Bert Huisjes" image=""}

"Dit heeft alle kenmerken van een Griekse tragedie, waarin iemand omgeven lijkt te zijn door mensen die hem op het schavot willen hebben. Alles komt samen, Rome staat in brand, instortende zuilen, Brutus om je heen, een echte tragedie", zegt Bert Huisjes, hoofdredacteur van WNL in Spraakmakers.

In de uitzending van Goedemorgen Nederland van WNL werd Baudet donderdagochtend live geconfronteerd met reacties uit te partij. Met name op het verhaal in de Telegraaf waarin partijprominent Nicki Pouw vertelt dat Baudet allerlei antisemitisme uitspraken deed tijdens een partijetentje afgelopen vrijdag. Ook Eva Vlaardingerbroek reageerde in de uitzending en schaarde zich achter Nicki Pouw. En daarmee tegen Baudet. Ze noemde de acties van Baudet 'paniekvoetbal'.

{twitter url="https://twitter.com/AlexanderNL/status/1331877581520576513" }

"Er kwamen ook voor-sprekers aan het woord", zegt Bert Huisjes, doelend op sprekers die de kant van Baudet kozen. "Dus het was geen tribunaal. Je zag een man die diep gekwetst was. Dit was echt een 'ook jij Brutus?-moment' voor hem denk ik", aldus Huisjes.

Huisjes, die net uit de uitzending kwam van Goedemorgen Nederland, legt uit hoe dat eraan toe gaat. "Dit ontwikkelt zich tijdens een uitzending. We laten die reacties live horen, maar je wil niet alle aanklagers op een rij zetten." Huisjes zegt ook dat Baudet van te voren wist dat er reacties zouden komen. "En je wil een mix hebben van mensen die de boedelscheiding begrijpen en mensen die hem weg willen. Anders zet je iemand op een tribunaal waarbij de uitkomst bij voorbaat kenbaar is. Dat mag niet gebeuren." 

Hét etentje

Ronald Ockhuysen, hoofdredacteur van Het Parool, reageert ook op het optreden van Baudet vanmorgen bij Goedemorgen Nederland. Hij vindt het vooral opmerkelijk dat Baudet de uitspraken die tijdens het partij-etentje vrijdag zouden zijn gedaan, niet ontkent in de uitzending van WNL. "Hij roept van alles, maar hij zegt niet: dat heb ik niet gezegd. Hij zegt dat hij een andere herinnering heeft aan die avond, maar dat is wat anders." Huisjes vult aan. "Hij heeft wel gezegd hij niet antisemitisch is en dat er geen verschil tussen mensen is, dus dat heeft hij duidelijk benoemd."

Trial by Media

De media fungeert als "doorgeefluik van een machtsstrijd binnen die partij", noemt Huisjes het. "Dit is een machtsstrijd pur sang, dit gaat om de leden, wie is Forum, wie mag aan het stuur zitten? Dit is een burgeroorlog binnen de partij. Dat Baudet in de uitzending zit, is een aandeel in die oorlog."

Van journalistiek naar een soap

Hoe lang blijft dit journalistiek belangrijk en wanneer wordt het een soap? "Dat is heel ingewikkeld", zegt Ockhuysen. Nieuws gaat als een veenbrand en gaat maar door. Op elke redactie is de vraag 'Wat publiceren we wel en wat niet?'. Op een gegeven moment zijn er verhalen over sloten die zijn vervangen, steeds moet je die afweging maken. En bij WNL ontstond het nieuws ter plekke."

De hoofdredacteur van Het Parool legt uit waarom FvD veel nieuwswaarde heeft. "Deze partij speelt een belangrijke rol, veel Nederlanders hebben erop gestemd. Hij heeft een gevoel losgemaakt in Nederland, veel mensen voelen zich niet vertegenwoordigd door de gevestigde orde. Die mensen kan hij bereiken. Dat zo'n nieuwe partij zichzelf in korte tijd weer opblaast, dat is groot nieuws."

{prepr_audio nid="20daaecb-f68c-4bad-9ac6-7c4f7ed2bf20" caption="Het Mediaforum met Ronald Ockhuysen en Bert Huisjes" }

{articles "Baudet stelt 'boedelscheiding' voor" id="27938" } 

Download de NPO Radio 1-app

Met onze app mis je niks. Of het nou gaat om nieuws uit binnen- en buitenland, sport, tech of cultuur; met de NPO Radio 1-app ben je altijd op de hoogte. Download 'm hier voor iOS en hier voor Android.

{articles "'Forum voor Democratie ís Thierry Baudet, dat is een probleem voor de partij'" id="27888" }

https://www.nporadio1.nl/cultuur-media/27939-media-analyse-fvd-dit-is-een-burgeroorlog-binnen-de-partij

Storm, bosbrand, auto-ongeluk… Adriënne had in Australië een bewogen week (Omroep Zeeland)

Je denkt een rustig weekje te hebben, maar blikt uiteindelijk terug op een storm die de schuur van je buren verwoestte, een bosbrand 'om de hoek' en een ernstig auto-ongeluk voor je deur. Gelukkig zijn afstanden in West-Australië, waar Adrienne Verburg uit Kortgene tegenwoordig woont, iets groter dan in het Zeeuwse.

https://www.omroepzeeland.nl/nieuws/123966/Storm-bosbrand-auto-ongeluk-Adrienne-had-in-Australie-een-bewogen-week

Om de klimaatcrisis aan te pakken moeten docenten aan de slag met de klimaatidentiteit van studenten (Erasmus Magazine)

Onderwijsexpert Ginie Servant-Miklos (EUC) vindt dat studenten meer de natuur in moeten. “Nu we toch niet binnen mogen samenkomen, waarom zetten we de colleges dan niet buiten voort, in plaats van de hele dag naar een beeldscherm te staren?”

https://files.erasmusmagazine.nl/app/uploads/2020/11/19114826/Paper.Project.54-875x656.png

Veel studenten lopen rond met gewetenswroeging en een gevoel van onbehagen, ondanks hun utilitaire redeneringen over duurzaamheid, schrijft onderwijsexpert Ginie Servant-Miklos. Ze denkt dat het helpt als studenten vaker de natuur ingaan. “We moeten ervoor zorgen dat onze studenten vaker naar het bos, de duinen en de hei gaan.”

Met feiten alleen win je de strijd tegen de rampzalige aantasting van het milieu, pandemieën en natuurbranden niet. Ze botsen met onze westerse middenklasse-identiteit. Je verdiepen in klimaatverandering is niet genoeg. Zelfs als je je bewust bent van de invloed van onze identiteit op ons gedrag kom je er niet. Onderwijs dat bijdraagt aan het opnieuw vormen van onze klimaat-identiteit is de enige succesvolle oplossing. Dat blijkt uit mijn postdoctoraal onderzoek dat nu is gepubliceerd in een artikel dat ik samen met mijn EUC-collega Gera Noordzij schreef voor het Journal of Cleaner Production.

Ingrijpende gedragsveranderingen

Ik begon in 2017 aan mijn onderzoeksproject aan de universiteit van Aalborg, vlak na het warmste jaar ooit gemeten. In die tijd hadden we nog niet van Greta gehoord en zeker nog niet van het coronavirus, maar het was wel al duidelijk dat ons een stortvloed aan crises stond te wachten die om ingrijpende gedragsverandering zou vragen. Dat veel ouderen weinig interesse tonen in milieuproblematiek is zorgwekkend, maar niet erg verrassend. Het idee van solidariteit tussen generaties ziet er op papier leuk uit, maar de generatie die bijna alles in de schoot geworpen heeft gekregen – economische welvaart, betaalbare huisvesting, gesubsidieerde zorg – zet geen zoden aan de dijk en zal zijn verdwenen wanneer het klimaatprobleem echt de spuigaten uit begint te lopen. Maar het feit dat veel jonge mensen nog steeds individuele en gezamenlijke keuzes maken die ertoe leiden dat de planeet tijdens hun leven gevaarlijk uit balans zal raken, is iets moeilijker te bevatten.

Ik heb twee groepen studenten onderzocht die onderwijs hebben genoten over de do’s-and-don’ts van een duurzame leefwijze. Eén groep maakte deel uit van een milieuplanningsprogramma van een projectgerichte opleiding in Denemarken. De andere groep bestudeert hier aan EUR duurzaamheid aan de hand van een interdisciplinaire, probleemgerichte leermethode. Ik dacht dat als we de invloed van duurzaamheidsonderwijs op de veranderingen in mentaliteit en gedag bekijken, we conclusies kunnen trekken over jongeren die geen toegang hebben tot dergelijk onderwijs.

Bucketlist

Eerst het goede nieuws: een interdisciplinaire, probleemgerichte, humanistische kijk op de aantasting van het milieu zorgt er zeker voor dat studenten systematisch over hun gedrag gaan nadenken. Studenten die op deze manier over duurzaamheid leerden, waren minder snel geneigd zich te laten meeslepen door technofix-fantasieën en andere groengewassen manieren om de crisis op te lossen. Maar dan het slechte nieuws: zelfs wanneer studenten zich bewust waren van de milieuproblemen en inzicht hadden in de raciale en socio-economische ongelijkheden die ermee samenhangen, waren ze toch niet bereid hun schadelijkste gedrag aan te passen.

Wat gezegd moet worden is dat de meeste van deze studenten duurzamere eetgewoonten ontwikkelden. Ze wilden echter absoluut niets horen over hun reisgewoonten. Het idee dat er een huis, kinderen en een (elektrische) auto moet komen is springlevend, maar komt nu met een Instagramvriendelijke lijst met reisbestemmingen en een bucketlist die voor veel adrenaline en veel milieuvervuiling gaat zorgen. De studenten kwamen met rechtvaardigingen waar de grondleggers van de neoklassieke economie trots op zouden zijn: letterlijke kosten-batenanalyses in termen van nut.

Westerse middenklassehabitus

https://files.erasmusmagazine.nl/app/uploads/2020/11/19114659/Climate-Aware-656x875.png

Welke conclusies heb ik getrokken? De studenten maken zich zorgen om het milieu als onderdeel van een ‘morele identiteit’. Deze morele identiteit is deel van een groter identiteitspakket dat hen met de paplepel is ingegoten. In de sociologie noemen we dit pakket een ‘habitus’. Dit pakket wordt versterkt door al onze interacties op alle vlakken van ons leven: familie, school, verenigingen, enzovoort. Omdat het handig is als we dit pakket een naam geven, noemen we het de ‘westerse middenklassehabitus’. Het is geen klasse in de klassieke Marxistische betekenis van het woord, maar meer een klasse in de praktijk, omdat die het resultaat is van de sociale interacties die we in de loop van de tijd doormaken.

Gezien worden als een moreel persoon, een persoon die goede dingen voor de wereld doet, een persoon die goed is, is een belangrijk onderdeel van dat identiteitspakket. Maar datzelfde geldt voor gezien worden als een kosmopolitisch, werelds, bereisd persoon met een hele reeks interessante ervaringen.

Gewetenswroeging

Wat gebeurt er als die twee in conflict komen? Dat is heel simpel: het wordt een rekensom. Het enige wat de studenten hoeven te doen, is slecht gedrag (d.w.z. vervuilend gedrag) compenseren met goed gedrag, zoals vegetarisch eten. Zelfs dingen die helemaal niets met het milieu te maken hebben tellen mee, zoals een goede vriendin zijn of een goede broer.

Dit proces noem ik ‘onderhandelen’ en er wordt heel, heel veel onderhandeld. Bedrijven weten dat ook en daarom biedt KLM je de mogelijkheid om te compenseren voor je vlucht door bomen te planten. Je weet niet of die bomen ook daadwerkelijk of op een duurzame manier worden geplant, maar deze mogelijkheid is fijn voor de morele rekensom. Maar terwijl we op de knop ‘Compenseren’ klikken, weten we dat er toch iets niet helemaal goed zit.

https://files.erasmusmagazine.nl/app/uploads/2020/11/19114747/Paper.Journal.10-875x656.png

Uit mijn onderzoek blijkt dat studenten wel degelijk met gewetenswroeging en een gevoel van onbehagen rondlopen, ondanks hun utilitaire redeneringen. We weten heus wel dat dit soort gedrag de catastrofale vernietiging van het milieu binnen de komende decennia niet gaat voorkomen. Wat wel gaat helpen zijn grootschalige veranderingen in het systeem, in de gemeenschap en in ons eigen gedrag. Om dat voor elkaar te krijgen, moeten we op elk niveau actief betrokken zijn. Mijn studenten zijn zich bewust van de gigantische kloof tussen de dingen die zij zelf kunnen veranderen en de grote, gezamenlijke veranderingen die moeten plaatsvinden en raken daar vaak van in paniek. Ik probeer die kloof te overbruggen door ze te laten zien dat ze de stap niet in één keer hoeven te maken: er zijn andere manieren die beginnen bij lokale gezamenlijke actie (een gedeelde tuin aanleggen of lid worden van een lokale groene partij bijvoorbeeld) en wereldwijde individuele actie (klimaatwetenschapper, klimaatjournalist of -filmmaker worden) en het makkelijker maken om de stap naar wereldwijde gezamenlijke actie te zetten. We hoeven niet allemaal in één dag in Greta te veranderen.

Buiten college geven

Weten op welke gebieden je betrokken kunt zijn, is niet genoeg. Het identiteitsprobleem moet echt worden opgelost. Mijn suggestie, in navolging van het werk van Susan Clayton, is om studenten te helpen te stoppen morele berekeningen te maken over het milieu. We moeten studenten helpen oprecht om de natuur te gaan geven. En dan heb ik het niet over genieten van de natuur als consument, maar de natuur gaan zien als iets waar wij zelf onderdeel van uitmaken en een betekenisvolle relatie mee kunnen opbouwen. Dat is voor veel van onze jonge stedelingen die nog nooit de handen in de aarde hebben gestoken heel moeilijk.

Een van de reviewers die over ons artikel schreef, vroeg zich af of studenten niet op slag depressief zouden worden als ze zien hoe slecht het met het klimaat is gesteld. Ik denk daar heel anders over. Ik laat me inspireren door bewegingen van inheemse groepen en hoe sterk hun identiteit is verbonden met hun omgeving, de kracht van hun milieuactivisme en hun inzet om veranderingen op ieder niveau door te voeren. Vaak worden hun stemmen niet gehoord, niet in de laatste plaats vanwege racistische vooroordelen (en in sommige gevallen verwoesting die naar genocide neigt, zoals in Brazilië). Maar hun protest dringt in sommige klimaatonderwijskringen door. Ik raad het boek As We Have Always Done van Leanne Simpson ten zeerste aan als je wilt lezen over de klimaatidentiteit en het activisme van inheemse groepen.

https://files.erasmusmagazine.nl/app/uploads/2020/11/19114905/Running-out-of-time-CLIMATE-656x875.png

Onze gesprekken over de verwoesting van het milieu moeten niet theoretisch blijven. We moeten ervoor zorgen dat onze studenten vaker naar het bos, de duinen, de hei en de prairies gaan. Ze moeten zich actief gaan bezighouden met het herstel van de natuur, planten met hun eigen handen opkweken en wilde dieren observeren. Initiatieven als Edible EUR zijn een goed begin, maar er zijn systematische veranderingen in de hele universiteit nodig. En als we toch niet meer binnen mogen samenkomen, waarom zetten we de colleges dan niet buiten voort, in plaats van de hele dag naar een beeldscherm te staren en de natuur nog verder uit het oog te verliezen? Als mijn ideeën over klimaatidentiteit juist zijn, dan is aan het werk gaan in de tuin geen vervanging van persoonlijke en politieke actie, maar een opstap.

Ginie Servant

https://www.erasmusmagazine.nl/2020/11/20/om-de-klimaatcrisis-aan-te-pakken-moeten-docenten-aan-de-slag-met-de-klimaatidentiteit-van-studenten/

84.27.139.36: /* Loopvuur */ (Natuurbrand – Wikipedia wijziging)

Loopvuur

← Oudere versie Versie van 13 nov 2020 12:55
Regel 55: Regel 55:
 
{{Zie hoofdartikel|Brandbestrijding}}
 
{{Zie hoofdartikel|Brandbestrijding}}
 
Een belangrijke factor bij de preventie van bosbranden is de aanwezigheid van droog [[Ondergroei|onderhout]]. Het al dan niet preventief verwijderen van deze ondergroei leidde in Californië tot felle polemieken.<ref>{{en}}{{Citeer web |url=https://climatechangedispatch.com/how-regulations-made-californias-fires-worse/ |titel=How Regulations Made California’s Fires Worse |auteur= |uitgever= |datum=18 januari 2018 |bezochtdatum=17 januari 2020 }}</ref> Ook bomen zoals [[eucalyptus]] die laag [[Vertakking|vertakken]], vergroten het risico.<ref name="dm16jan">{{Citeer web |url=https://www.demorgen.be/nieuws/nederlandse-vuuranalist-voorspelt-gedrag-van-australische-bosbranden-dit-seizoen-is-extreem~bcd6b566/ |titel=Nederlandse vuuranalist voorspelt gedrag van Australische bosbranden: ‘Dit seizoen is extreem’ |auteur= |uitgever=[[De Morgen]] |datum= 16 januari 2020|bezochtdatum=17 januari 2020 }}</ref> Ook het vrijmaken van [[brandgang]]en kan de verspreiding van het vuur indijken.
 
Een belangrijke factor bij de preventie van bosbranden is de aanwezigheid van droog [[Ondergroei|onderhout]]. Het al dan niet preventief verwijderen van deze ondergroei leidde in Californië tot felle polemieken.<ref>{{en}}{{Citeer web |url=https://climatechangedispatch.com/how-regulations-made-californias-fires-worse/ |titel=How Regulations Made California’s Fires Worse |auteur= |uitgever= |datum=18 januari 2018 |bezochtdatum=17 januari 2020 }}</ref> Ook bomen zoals [[eucalyptus]] die laag [[Vertakking|vertakken]], vergroten het risico.<ref name="dm16jan">{{Citeer web |url=https://www.demorgen.be/nieuws/nederlandse-vuuranalist-voorspelt-gedrag-van-australische-bosbranden-dit-seizoen-is-extreem~bcd6b566/ |titel=Nederlandse vuuranalist voorspelt gedrag van Australische bosbranden: ‘Dit seizoen is extreem’ |auteur= |uitgever=[[De Morgen]] |datum= 16 januari 2020|bezochtdatum=17 januari 2020 }}</ref> Ook het vrijmaken van [[brandgang]]en kan de verspreiding van het vuur indijken.
 
In landen die vaak te kampen hebben met grote natuurbranden, trachten “vuurgedragsanalisten” het verloop van de branden te voorspellen aan de hand van weer- en bodemgegevens.<ref name="dm16jan" />
 
   
 
== Voor- en nadelen van natuurbranden ==
 
== Voor- en nadelen van natuurbranden ==
https://nl.wikipedia.org/w/index.php?title=Natuurbrand&diff=57524923&oldid=prev

Column – Waterstof is niet ei van Columbus (Nieuwsblad Transport)

Soms lijkt het erop dat het klimaatprobleem snel en eenvoudig kan worden opgelost: gewoon overstappen op waterstof (H2). Maar is dit het ei van Columbus? Een waarschuwing is zeker op zijn plaats.

Ruim 25 jaar geleden promoveerde ik op een proefschrift dat handelde over mega-technologische innovaties die zouden kunnen bijdragen aan een duurzame transportsector. Eén van de behandelde cases betrof de introductie van de brandstofcel. Een brandstofcel zet waterstof om in elektriciteit voor bijvoorbeeld de aandrijving van elektrische auto’s, boten, treinen of heftrucks. Bij dit proces komt geen CO2 vrij. Wie wil dat niet?

Achteraf bezien, bleek waterstof en mobiliteit op dat moment geen gelukkige combinatie. De dreiging van klimaatverandering was al 10 jaar bekend, maar de dominantie van fossiele brandstoffen (ruim beschikbaar en goedkoop) maakte dat er bij zowel de overheid als het bedrijfsleven geen enkele belangstelling bestond voor een transitie naar elektrisch vervoer.

Hoe snel kan het tij keren? Zowel nationaal als internationaal is er momenteel ongekend veel aandacht voor de ontwikkelingen en verdere uitrol van waterstofinitiatieven. Het is ook inderdaad belangrijk om zo snel mogelijk een alternatief te introduceren voor fossiele brandstoffen als we zien welke effecten klimaatverandering teweegbrengt: bosbranden, uitstervende diersoorten, smeltende poolkappen en een stijgende zeespiegel. Iedereen is er inmiddels wel van overtuigd dat er wat moet gebeuren en waterstof kan daarbij een aantrekkelijk alternatief zijn. Waarom dan toch mijn voorzichtigheid?

Mijn eerste bedenking zit ’m in het feit dat waterstof een energiedrager is die eerst moet worden opgewekt. Er zijn twee soorten waterstof: groene waterstof, opgewekt met wind- of zonne-energie, en grijze waterstof. De grijze waterstof is opgewekt met aardgas en heeft als nadeel dat bij het inefficiënte omzettingsproces extra veel CO2 wordt uitgestoten. Het overgrote deel van de 8 miljard m³ waterstofgas die in Nederland wordt gebruikt in de chemische industrie, wordt op deze wijze geproduceerd. Wij willen nu de CO2 van grijze waterstof opvangen en in de bodem opslaan, maar dit is zeer kostbaar en nog nooit op grote schaal toegepast.

We moeten dus inzetten op groene waterstof. Nederland, koploper op het gebied van waterstofontwikkeling, legt daarom omvangrijke windmolenparken aan op zee. Afnemers van de groene energie zijn waterstoffabrieken van Nouryon (producent van chloor) of eindgebruikers als datacentra in de Eemshaven (Google) en de Kop van Noord-Holland (Microsoft) en de kunstmestfabriek Yara in Sluis. Dit zijn allen grootgebruikers die zogeheten PPA’s (inkoopovereenkomsten) hebben afgesloten met de windparken voor de afname van groene stroom. Voldoende beschikbaarheid van groene stroom (voor onder meer huishoudens) wordt daarmee een probleem. De productie die nu wordt voorbereid is lang niet genoeg om de huidige industriële vraag te dekken, laat staan voor nieuwe toepassingen. Verder liggen er nog grote uitdagingen in de leemtes in de wet- en regelgeving en in de vraag hoe de noodzakelijke schaalvergroting voor een significante kostenreductie te realiseren is.

De voordelen van groene waterstof zijn ook voor de transportsector evident. Gedacht moet worden aan zero-emissie transport in binnensteden of juist transport met een grote actieradius. Maar er zijn ook nadelen, want er zijn hoge kosten gemoeid met de aanschaf, de beschikbaarheid van vulpunten en de gebruikskosten omdat de energie-efficiëntie laag is. Onderzoek wijst uit dat de implementatie van waterstof daarom het meest kansrijk is als het in samenhang wordt geïntroduceerd met alternatieve energiedragers als batterijen, afgestemd op de specifieke toepassing.

Er moet dus nog een enorme slag worden gemaakt, waardoor het nog minstens 25 jaar zal duren voor waterstof grootschalig zal zijn ingevoerd in de industrie, het transport en bij huishoudens. Optimisme en hoop zijn altijd goed en ik onderschrijf het belang van (groene) waterstof. Maar de vraag is ook wat we tot die tijd gaan doen, want de klimaatdoelen voor 2030 raken steeds verder uit zicht. Nog eens 25 jaar wachten op waterstof als ei van Columbus (wat het niet is) kunnen we ons niet permitteren.

https://www.nieuwsbladtransport.nl/columns/2020/11/10/column-waterstof-is-niet-ei-van-columbus/