Rutte staat open voor ambitieus klimaatplan Urgenda over inzet waterstof, megawindmolens (NOS journaal)

Premier Rutte en VVD-staatssecretaris Yesilgöz van Klimaat staan open voor nieuwe plannen van de Nederlandse klimaatactiviste Marjan Minnesma. De directeur van klimaatorganisatie Urgenda heeft vandaag op het ministerie van Algemene Zaken een ambitieus plan gepresenteerd om binnen tien jaar grote stappen te maken voor een snelle afname van de uitstoot van broeikasgassen.

Minnesma wil bijvoorbeeld in tien jaar tijd staalfabriek Tata Steel, de oude hoogovens in IJmuiden, ombouwen tot een uitstootvrije staalfabriek op waterstof. De waterstof komt van mega-windmolens op zee en het project kan zo'n 4000 banen opleveren, zegt Minnesma.

Nu denkt het kabinet aan ondergrondse opslag van CO2, maar dat is erg duur. Minnersma stelt voor om dat plan los te laten en extra in te zetten op waterstof.

Tijdens het gesprek reageerden de twee VVD-bewindslieden positief op het project van Nederlands bekendste klimaatactivist, zeggen bronnen tegen de NOS. "Ik heb de indruk dat hij er welwillend naar keek," zei ook Minnesma na afloop. "Hij was niet negatief, dat is al een stap voorwaarts." Het is haar tweede gesprek met Rutte in een paar weken tijd.

Bosbranden, stijging zeespiegel

Rutte en Minnesma staan al jaren recht tegenover elkaar. Haar organisatie Urgenda sleepte het kabinet jaren geleden voor de rechter, omdat de regering veel te weinig zou doen om de burgers te beschermen tegen de opwarming van de aarde.

Het kabinet denkt dat er tot 2050 tijd is om klimaatmaatregelen te nemen. Dan is het volgens Urgenda veel te laat om hittegolven, droogte, bosbranden en de stijging van de zeespiegel te voorkomen. De aarde is dan al met meer dan 1,5 graden opgewarmd. "Dan gaat het zo hard met de klimaatverandering dat je onomkeerbare processen krijgt die je niet meer kunt terugdraaien. Dan schend je de mensenrechten", aldus Minnesma.

De rechter stelde Urgenda zes jaar geleden in het gelijk, en daarna nogmaals in hoger beroep. De Staat moet voldoen aan zijn zorgplicht voor de bescherming en verbetering van het leefmilieu. De rechter verplichtte het kabinet om ervoor te zorgen dat er eind 2020 25 procent minder broeikasgas zou worden uitgestoten dan in 1990.

Dit zijn de belangrijkste voorstellen van het klimaatplan dat vandaag op tafel lag:

Het plan heet Woman on the Moon, verwijzend naar de aanpak van de Amerikaanse president Kennedy. Hij wilde binnen tien jaar een mens op de maan, terwijl er op dat moment nog helemaal geen kennis voorhanden was om het te realiseren. Acht jaar later stond de eerste Amerikaan op de maan.

Het kabinet is op dit moment demissionair en zal de Minnesma-plannen hoogstwaarschijnlijk niet opnemen in de Prinsjesdagplannen voor 2022. Maar de gesprekken worden voortgezet. Op korte termijn gaat de Urgenda-directeur langs bij staatssecretaris Yesilgöz.

http://feeds.feedburner.com/~r/nosjournaal/~4/OMBsVTIMYLE

http://feeds.nos.nl/~r/nosjournaal/~3/OMBsVTIMYLE/2385353

Tweede Kamerverkiezingen 2021: wat willen de politieke partijen met… dieren? (Metronieuws)

https://www.metronieuws.nl/wp-content/uploads/2021/02/Esther-Ouwehand-verkiezingen.jpg

Voor de Tweede Kamerverkiezingen hebben de politieke partijen uitgebreide verkiezingsprogramma’s samengesteld. Metro filtert deze in een serie. Hoe staan de partijen tegenover thema’s als de coronacrisis, criminaliteit en werk? Deze keer: de dieren.

Eerder stelde Metro de nieuwe partijen en hun ideeën al voor. Zij doen op 17 maart voor het eerst aan de verkiezingen mee. In totaal kun je stemmen op 37 partijen.

Ideeën en beloften richting de verkiezingen

In deze serie van 9 gaan we in op verschillende thema’s van de politieke partijen die op dit moment in de Tweede Kamer zitten. In deze aflevering: wat zijn richting de verkiezingen de ideeën, beloften en/of opvallende punten over dieren? De partijen staan op de volgorde die je op 17 maart bij de verkiezingen ook op je stembiljet zult aantreffen.

1 VVD

Lijsttrekker: Mark Rutte. Het weiden van koeien en het bemesten van grond moet zonder vergunning mogelijk zijn. Voldoende ruimte voor onze vissers om te kunnen blijven vissen. Ook komt er ruimte voor nieuwe technieken en vormen van visserij. Een internationaal verbod op wildmarkten ter bescherming van de volksgezondheid. Hogere straffen voor dierenmishandeling en een levenslang verbod op het houden van dieren voor recidivisten. Een lijst opstellen van dieren die geschikt zijn als huisdier. Dieren die niet geschikt zijn als huisdieren en niet op deze lijst staan, mogen niet meer gehouden.

Het hele verkiezingsprogramma van de VVD vind je hier.

2 PVV

Lijsttrekker: Geert Wilders. Door de PVV is er een Dierenpolitie gekomen. De capaciteit daarvan wordt uitgebreid. Dierenmishandeling is een gruwel en moet hard worden bestraft. Niet alleen met hoge gevangenisstraffen, maar ook met een levenslang verbod om dieren te houden. Invoering Snoetje & Pluisje-wet: hiermee staan we 70-plussers met een laag inkomen financieel bij in de noodzakelijke medische behandeling van hun huisdier. Overal ligt halal-vlees in de schappen, afkomstig van ritueel geslachte dieren die zonder verdoving zijn doodgebloed. In een beschaafd westers land mag dit geen plaats hebben.

Het hele verkiezingsprogramma van de PVV vind je hier.

3 CDA

Lijsttrekker: Wopke Hoekstra. Wij zetten de modernisering en innovatie van de veehouderij voort, bijvoorbeeld door via stalaanpassingen emissies verder te beperken. Het is belangrijk dat de sector zelf deze innovatie omarmt om de duurzaamheid- en dierenwelzijn doelen te behalen. Nederland zonder boeren en vissers is als het Rijksmuseum zonder Rembrandts. We moeten zuinig op hen zijn, net als op de schilderijen.

Het hele verkiezingsprogramma van het CDA vind je hier.

4 D66

Lijsttrekker: Sigrid Kaag. Bij de bouw van nieuwe projecten en bij renovatieprojecten wordt actief rekening gehouden met de leefgebieden van dieren in en rondom gebouwen. Veel natuurgebieden in Nederland zijn van elkaar gescheiden in kleine en geïsoleerde gebieden. Dit brengt dier- en plantensoorten in gevaar. Leefgebieden moeten groter. Door dieren meer restproducten te voeren, zoals voedselresten, gewasresten en insecten, komt er meer grond beschikbaar om voeding voor menselijke consumptie te telen. We willen beter omgaan met dieren in de landbouw. D66 wil een eind maken aan de bio-industrie.

Het hele verkiezingsprogramma van D66 vind je hier.

5 GROENLINKS

Lijsttrekker: Jesse Klaver. GroenLinks wil naar een systeem waarin gezondheid van mensen en dieren het uitgangspunt is, schaalvergroting niet noodzakelijk is om te overleven. Dieren zijn geen productiemiddelen die ten dienste staan van de mens, maar levende wezens die ruimte en bescherming verdienen. Voor een toekomstbestendige landbouw moet de veestapel halveren. Transport van levende dieren mag niet langer dan vier uur duren en houders van dieren worden verplicht hun dieren te beschermen tegen hittestress. Dierenfokkers en -handelaren mogen alleen werken met een vergunning waarmee strikte gezondheidsvoorwaarden worden geborgd.

Het hele verkiezingsprogramma van GROENLINKS vind je hier.

6 SP

Lijsttrekker: Lilian Marijnissen. We stoppen met de bio-industrie. Weidegang wordt verplicht. Een stevige beperking van de veestapel is nodig om verdere milieu- en klimaatschade tegen te gaan. Door een importverbod voor elke soort bont maken we Nederland bontvrij.

Het hele verkiezingsprogramma van de SP vind je hier.

7 PvdA

Lijsttrekker: Lilianne Ploumen. Voor de vissen (en het milieu) willen we de oceanen plasticvrij maken. We verbeteren dierenwelzijn in Nederland. Subsidies voor de intensieve veehouderij en dieronvriendelijke ontwikkelingen zoals luchtwassers passen daar niet bij. Nertsenfokkerijen worden in Nederland per direct verboden. Het couperen van biggenstaarten tast het welzijn van biggen aan en stopt. Een verbod op de handel en tentoonstellen van honden en katten die in Nederland niet mogen gefokt.

Het hele verkiezingsprogramma van de PvdA vind je hier.

8 ChristenUnie

Lijsttrekker: Gert-Jan Segers. De ChristenUnie staat terughoudend tegenover chimeren: mengvormen van dierlijke en menselijke cellen waarmee mogelijk menselijke organen worden gekweekt in dieren. De verkoop en het gebruik van wensballonnen wordt verboden. Het risico op natuurbranden en het verstrikt raken van dieren wordt hiermee teruggedrongen. We voeren dierrechten in voor geiten en kalveren, zodat het mogelijk wordt een plafond in te stellen voor het houden van deze dieren. Daders van dierenmishandeling krijgen een houdverbod om te voorkomen dat ze opnieuw de fout ingaan.

Het hele verkiezingsprogramma van de ChristenUnie vind je hier.

9 Partij voor de Dieren

Lijsttrekker: Esther Ouwehand. Dieren hebben het recht om te leven naar hun aard. De mens laat de dieren met rust. Zo hebben we niet te maken met een overvloed aan infectieziekten. Een radicale krimp van het aantal dieren in de veehouderij is noodzakelijk om boeren, dieren en natuur te bevrijden uit een doodlopend landbouwsysteem. De bio-industrie is letterlijk ziekmakend, er moet zo snel mogelijk een einde aan komen. Met een meer plantaardige landbouw besparen we dieren onnoemelijk veel leed. Kies partij. Kies voor de dieren. Voor de planeet. Voor jezelf.

Het hele verkiezingsprogramma van de Partij voor de Dieren vind je hier.

10 50PLUS

Lijsttrekker: Liane den Haan. Gebruik van kunstmest en gif in de landbouw en antibiotica in de veehouderij moetsterk verminderd worden. Beperking van grootschalige intensieve veehouderij; stimulering van kleinschalige kwaliteitsbedrijven. De Nederlandse visserij moet meer steun krijgen tegen onredelijke Europese maatregelen.

Het hele verkiezingsprogramma van 50PLUS vind je hier.

11 SGP

Lijsttrekker: Kees van der Staaij. Met investeringsregelingen, omschakelvergoedingen en garantstellingen kunnen ondernemers ondersteund worden bij het nemen van milieu- en dierenwelzijnsmaatregelen en herinrichting van hun bedrijf. Dieren behoren tot Gods schepping en hebben een eigen intrinsieke waarde. We mogen ze gebruiken, maar zeker niet misbruiken. Het massaal doden van vee en vernietigen van vlees (om economische redenen) bij uitbraken van dierziekten mag nooit meer voorkomen. Nederland moet zich daarvoor inzetten in Brussel. Het aantal proefdieren moet echt omlaag. De veiligheid van mensen mag daar echter niet door in gevaar komen (dus investeren in alternatieven).

Het hele verkiezingsprogramma van de SGP vind je hier.

12 DENK

Lijsttrekker: Farid Azarkan. Verregaande maatregelen om de dierdichtheid en intensiviteit van de landbouw terug te dringen. Zo wordt het stikstofprobleem opgelost en kleinschaligere landbouw bewerkstelligd. Versterking van hoogwaardige natuurgebieden.

Het hele verkiezingsprogramma van DENK vind je hier.

13 Forum voor Democratie

Lijsttrekker: Thierry Baudet. Minder management en meer handhavers voor dierenwelzijn. Strenger straffen voor ernstige mishandeling / verwaarlozing van dieren. Aanpakken doorfokken van dieren met erfelijke aandoeningen. Bescherming boeren en veehouders tegen de wolf. De maximale gevangenisstraf voor het (ernstig) mishandelen of verwaarlozen van een dier moet worden verhoogd van drie naar vijf jaar. Dierenbeulen krijgen een levenslang verbod op het houden van dieren. Dieren die in omheind gebied leven, zoals de Oostvaardersplassen, laten verhongeren is niet aanvaardbaar.

Het hele verkiezingsprogramma van Forum voor Democratie vind je hier.

Tweede Kamerverkiezingen 2021: wat willen de politieke partijen met… de coronacrisis?

https://www.metronieuws.nl/in-het-nieuws/binnenland/2021/03/tweede-kamerverkiezingen-2021-wat-willen-de-politieke-partijen-met-dieren/

Brengt toespraak John Kerry op klimaattop de VS terug op het wereldtoneel? (NOS journaal)

Zal Amerika opnieuw, samen met de Europese Unie en China, de leiding nemen om klimaatverandering tegen te gaan? Mogelijk komt daar vandaag al meer duidelijkheid over, als de nieuwe Amerikaanse klimaatgezant John Kerry op een klimaattop spreekt die door Nederland is georganiseerd. Doel is het uitwisselen van ervaringen over hoe landen zich het kunnen weren tegen de gevolgen van klimaatverandering. Deze zogenoemde Climate Adaptation Summit is vanwege corona online.

Dat betekent dat sommige wereldleiders meedoen met een al eerder opgenomen statement, terwijl anderen wel live meepraten. Aan de top doen veel prominenten mee. Zoals de Duitse bondskanselier Angela Merkel, de Britse premier Boris Johnson, de Franse president Emmanuel Macron, Eurocommissaris Frans Timmermans, de Indiase premier Narendra Modi en de Chinese vicepremier Han Zheng.

Initiatiefnemer van de conferentie is demissionair minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat. Klimaatverandering brengt nieuwe uitdagingen met zich mee, zegt ze, zoals bosbranden, droogte en overstromingen. Het is volgens haar belangrijk om duidelijk te maken dat daar ook iets aan gedaan kan worden.

Dat kan bijvoorbeeld door de ontwikkeling van droogtebestendige gewassen, het planten van mangroves om te beschermen tegen zeespiegelstijging of het introduceren van vroegtijdige waarschuwingssystemen voor extreem weer. "Wat we willen laten zien is dat het echt beter is om op voorhand daarin te investeren. Want als je achteraf, nadat er een ramp is gebeurd moet gaan herbouwen, dan is dat wel zes tot zeven keer duurder."

Alle tijdzones

In een ruimte die is omgebouwd tot studio in Den Haag treden Van Nieuwenhuizen en premier Rutte op als gastheer. Eveneens in de studio zit Feike Sijbesma, oud-topman van DSM, die tegenwoordig betrokken is bij het in Nederland gevestigde Global Center on Adaptation. De conferentie start vanmiddag rond 14 uur en duurt 24 uur, zodat landen uit alle tijdzones mee kunnen doen.

In tegenstelling tot de reguliere klimaatconferenties, die aan het eind van elk jaar gehouden worden, doen nu ook bedrijven en non-gouvernementele organisaties (ngo's) mee. Ook het IMF en de Wereldbank zijn van de partij. Zij zullen naar verwachting bekendmaken hoe bij de financiering van toekomstige projecten rekening wordt gehouden met klimaateffecten.

Van Nieuwenhuizen erkent dat het klimaatprobleem er meer inhakt in armere landen. "Wij hebben in Nederland het geld voor een Deltafonds en om die dijken enzovoorts aan te pakken. Maar in veel landen is dat moeilijker. Daarom ben ik ook heel blij dat bijvoorbeeld het IMF en de Wereldbank meedoen. En ook zeggen: wij gaan meer van onze budgetten besteden aan het aanpassen aan het klimaat."

Goede voorbeelden

Het doel van de top is vooral het uitwisselen van ervaringen, zodat landen van elkaar kunnen leren. "We proberen dus de goede voorbeelden uit de hele wereld te laten zien", zegt Van Nieuwenhuizen. "En mensen hoop te geven dat het wel degelijk kan."

Afgelopen vrijdag werd duidelijk dat er veel meer geld nodig is om landen en gemeenschappen aan te passen aan de gevolgen van klimaatverandering. Uit een rapport van het Climate Center on Adaptation blijkt dat het om 300 miljard dollar gaat, vijf tot tien keer meer dan landen er tot nu toe voor uittrekken.

Het doel van de top is het opstellen van een actie-agenda voor de komende tien jaar. Wat minister Van Nieuwenhuizen betreft blijft het niet bij mooie woorden alleen. Juist het ervoor zorgen dat de plannen daadwerkelijk uitgevoerd worden, is wat haar betreft belangrijk.

Echte toppers

"Ik hoop het beeld mee te geven dat het politiek hoog op de agenda staat, want allerlei wereldleiders doen mee. Het wordt niet zo groot als destijds (de klimaatconferentie) in Parijs. Maar er zijn wel echt toppers bij, ook vanuit het bedrijfsleven, die meedoen. Dus hiermee zetten we het permanent op de agenda."

Later dit jaar vindt in Glasgow de reguliere klimaatconferentie plaats, die vorig jaar werd uitgesteld vanwege corona. Deze top wordt door experts als de belangrijkste gezien sinds die in Parijs uit 2015 omdat landen dit jaar hun uitstootdoelen verder moeten aanscherpen. De hoop is dat daardoor de afspraken uit Parijs, om de wereld niet verder te laten opwarmen dan ruim onder de twee graden en liefst anderhalve graad, dichterbij komen.

http://feeds.feedburner.com/~r/nosjournaal/~4/PFR6dxcg4go

http://feeds.nos.nl/~r/nosjournaal/~3/PFR6dxcg4go/2365898

Wissel Van Dissel (Joop)

https://joop.bnnvara.nl/content/uploads/2020/12/ANP-424797625-370x228.jpg

RIVM-directeur Jaap van Dissel komt dit jaar met regelmaat negatief in het nieuws. Zijn eigen RIVM heeft toegegeven dat hij de Tweede Kamer warme broodjes heeft verkocht over veilig onderwijs. Ook de suggestie dat verplegend personeel gebrek aan bescherming te danken heeft aan gebrek aan opleiding streek veel mensen tegen de haren in. Maar de voorzitter van het OMT diskwalificeerde zich al veel eerder.

Professor Van Dissel is de belichaming van het Nederlandse beleid van “maximale controle”. Deze in januari 2020 gekozen strategie werd achter de voordeur “gecontroleerd uitrazen” genoemd. De aanpak komt neer op het tolereren van vlotte verspreiding van het virus, zolang de gezondheidszorg maar toegankelijk blijft en de meest kwetsbare mensen afgeschermd worden van infectie. Mensen die Covid-19 gehad hebben bouwen immuniteit op. Zo ontstaat weerstand in de bevolking, wat op termijn hopelijk controlemaatregelen overbodig maakt.

Deze strategie heeft ons land al zo’n 20.000 doden doen betreuren door miljoenen mensen te laten besmetten. Zelfs de bescheiden beleidsdoelstellingen worden niet gehaald, nu voor de tweede keer ziekenhuizen vol liggen en ouderen in groten getale het leven laten. Het leger wordt ingeschakeld in de verpleeghuizen, en privéklinieken is gevraagd patiënten over te nemen. Een snelle blik op landen als Noorwegen, Nieuw-Zeeland of Zuid-Korea laat zien dat zoveel schade niet nodig is, en ook ons buurland Duitsland verloor relatief maar een fractie van het Nederlandse aantal doden.

De strategie van topwetenschapper Van Dissel is ook nooit wetenschappelijk geweest. Internationale virologen en epidemiologen hebben al vanaf februari in groten getale het verspreidingsbeleid veroordeeld omdat verspreiding teveel sterfte en andere gezondheidsschade veroorzaakt. Controle op een uitbraak bij een hoge infectiegraad is nooit geprobeerd, en dus ook nooit gelukt. Bij luchtweginfecties worden mensen zelden lang immuun, en viruscirculatie brengt mutaties die immuniteit kunnen overwinnen, of zelfs vaccins. Geen van deze wetenschappelijke inzichten was of is controversieel. Althans, in landen waar Van Dissel niet de pandemie-tsaar is.

Van Dissel draagt ook de verantwoordelijkheid voor de inrichting van het Outbreak Management. Hij koos in januari voor een eenzijdig team van vooral microbiologen, de toppers van de ziekenhuislaboratoria. Epidemiologen, economen, gedragswetenschappers of projectmanagementexperts werden niet uitgenodigd in het OMT-kernteam. Het OMT zelf is al een weeffout, want het vervult de rol van wetenschapsraad én van beleidsraad. De voorzitter is ook nog eens RIVM-directeur en stuurt zo de GGD-en aan qua tests, contactonderzoek en vaccinatie (allemaal reuzenprojecten die ook door bijvoorbeeld huisartsen, strijdkrachten of commerciële partijen gedaan hadden kunnen worden). En hij verdedigt het beleid dat het kabinet koos (met Van Dissel als “kompas waarop wij varen”) in de Tweede Kamer en de media. OMT-adviezen waren tot ver in 2020 slechts beschrijvingen van beslissingen die Van Dissel voorbereidde, ’s weekends met het kabinet afstemde en daarna in het OMT bekrachtigde.

De door Van Dissel in het OMT gezette microbiologen Ann Vossen, Jan Kluytmans en Marc Bonten hebben tot ver in de herfst de Covid-tests kunnen concentreren in de kleinere laboratoria van de ziekenhuizen, in plaats van grote commerciële laboratoria. Meerderen van hen hebben daar ook persoonlijk financieel van geprofiteerd. Ondertussen zijn de notulen van het OMT geheim en moeten de leden een geheimhoudingsverklaring tekenen. De minister houdt het RIVM en OMT uit de wind door in de zomer de Wet Openbaarheid Bestuur op te schorten en uiteindelijk in december met grotendeels zwarte pagina’s over de strategiekeuze op de proppen te komen.

Zo ontstond een ongekende concentratie van macht en middelen die goed projectmanagement, openheid en rekenschap onmogelijk maken. Zelfs als Van Dissel briljante strategiekeuzes maakt en begenadigd gezondheidsdiensten kan aansturen, is zoveel petten dragen teveel voor een mens, en falen ingebouwd. En een OMT van microbiologie-labmanagers onder de GGD-opperbaas is niet in staat de beste adviezen te geven voor ons land in zo’n complexe crisis, al zijn ze de besten in hun vak.

Ook heeft Van Dissel al meteen na de keuze (rond 20 januari 2020) om het virus niet te gaan stoppen een moeizame relatie met de waarheid opgebouwd. Zijn opmerkingen dat het virus niet naar Nederland zou komen “omdat er geen directe vlucht naar Wuhan is” klonk toen al even onwaarachtig als de bewering dat carnaval veilig was “omdat je het in kleine groepen viert”. Meerdere keren presenteerde Van Dissel grafieken in het parlement die met trucs lieten zien dat Nederland het relatief goed doet in deze coronacrisis.

Maar de grootste desinformatie betreft de combinatie van asymptomatische besmetting en aerosolen. In de Kamer vertelde Van Dissel dat hij besloot het virus uit te laten razen omdat de data uit China in januari wees op besmettingen die vooral door mensen die weinig tot geen klachten hebben, die dus door uitgeademde zwevende deeltjes ontstaan (want asymptomatische mensen hoesten niet). Omdat je daarom niet weet wie ziek is, is indammen van de uitbraak bijna onmogelijk, en omdat bijna iedereen nauwelijks ziek wordt, is uitrazen relatief onschadelijk. De ervaringen in andere landen toonden echter al gauw aan dat indammen van zo’n taai virus in de 21e eeuw wél kan, en ook dat dit een gevaarlijk virus is dat procenten van de bevolking doodt of zwaar beschadigt.

Van Dissel zat niet alleen fout met die keuze, hij heeft zelfs daarna structureel de rol van mensen zonder klachten en zwevende virusbolletjes ontkend. Al in februari wist de wereld dat mensen zonder klachten vaak infecties opleverden, en de 2 dagen voor het begin van symptomen juist de meest besmettelijke zijn. Het RIVM blijft hier tot op de dag van vandaag afstand houden van de wetenschap. Toen Van Dissel gevraagd werd waarom zei hij “als we asymptomatische besmetting erkennen moeten de restaurants dicht”.

Het patroon van ontkennen van wat hij heel goed wist zien we ook bij gezichtsmaskers en kinderen. In januari zei Van Dissel nog dat maskers kunnen helpen, vooral door mensen voorzichtiger te maken. Na zijn keuze voor het verspreidingsbeleid sloeg dat om naar “geen bewijs voor maskers” en “schijnveiligheid”. Het tegenwerken van maskers ging zelfs zo ver dat het RIVM op de dag dat Nederland eindelijk een maskerplicht kreeg nog de uitvoering probeerde te belemmeren. Kinderen zijn bij luchtweginfecties meestal de belangrijkste verspreiders en de afgelopen maanden waren scholen ook grote infectiehaarden. Maar Van Dissel beweert tot op de dag van vandaag dat kinderen en scholen een beperkte rol spelen in de verspreiding. Een rechtszaak was nodig om het RIVM daarin wat in beweging te krijgen.

De misleiding en desinformatie die in dit dossier vanuit het RIVM en haar directeur Van Dissel zijn gekomen komen niet uit de lucht vallen, en komen ook niet omdat onze overheid vol foute mensen zit. De goedbedoelde (maar goed onverstandige) keuze het griepdraaiboek van stal te halen betekent dat niet het virus het grootste probleem is, maar angst voor het virus. Als mensen massaal bang zijn gaan ze zich isoleren. Ook bij een extreme griepuitbraak kan dat grote schade aan de economie aanbrengen, bijvoorbeeld als elektriciteitscentrales uitvallen door gebrek aan paraat personeel.

Daarmee is het ontkennen van besmetting zonder klachten onderdeel van het beleid, en ruim sterfte en infecties tellen zeker niet. Dat “verontschuldigt” daarmee ook in zekere zin de desinformatie: bij een enorme crisis als deze is liegen goed te verdedigen als het de natie redt. In dit geval dient het helaas een onverstandige en overmoedige beleidskeuze. En zo ontstaat ook schade aan het vertrouwen in het RIVM, dat als verantwoordelijke voor het Rijksvaccinatieprogramma juist drijft op vertrouwen.

De OMT-voorzitter heeft zo ontegenzeggelijk een spoor van vernieling door de maatschappij getrokken. Alles wat hij als OMT-voorzitter en RIVM-directeur heeft gedaan valt onder de directe verantwoordelijkheid van de minister van Volksgezondheid, Hugo de Jonge. Die moet dan ook op een dag verantwoording afleggen over de strategiekeuze en alle schade die daaruit ontstond aan een op enig moment wakker geworden parlement.

Maar Van Dissel is zó bepalend voor het beleid dat hij toch alle kritische aandacht verdient. Zolang hij blijft zitten maakt een serieuze omschakeling in het beleid weinig kans. Zo’n omschakeling zou ook niet geloofwaardig zijn als Van Dissel die uitvoert. Want met de erkenning dat het beleid anders moet volgt de herkenning van de onnodige fouten en schade. Ook is het kabinet erg gevoelig voor politieke druk uit de samenleving, en dus is aantasting van de populariteit van Van Dissel een goede manier om het beleid te doen kantelen. Premier Rutte is politiek vergroeid met Van Dissel en zal hem niet vrijwillig dumpen, maar misschien dat de huidige politieke chaos en de dalende populariteit van het coronabeleid kansen bieden.

https://joop.bnnvara.nl/opinies/wissel-van-dissel

Hoe we de onzichtbare vijand met een hamer platslaan (Kennislink)

In de persconferenties van premier Rutte en minister De Jonge komen ontzettend veel metaforen en frames voorbij. Welke zijn succesvol en welke niet? Dragen ze bij aan de begrijpelijkheid? En kunnen we misschien nog wat leren van complottheorieën?

Persconferentie van premier Mark Rutte en minister Hugo de Jonge (VWS) op 17 november 2020: ‘Sinterklaas doet de inkopen alleen’/ ‘We wedden op zoveel mogelijk paarden’ (vaccins).

In maart was het virus nog met een ‘gevaarlijke opmars’ bezig, daarna werd het een ‘mammoettanker’, en nu hebben we een ‘grote hamer’ nodig om hem ‘plat te slaan’. Politici gebruiken allerlei metaforen in de communicatie over het coronavirus. Jaap de Jong, hoogleraar journalistiek en nieuwe media aan de Universiteit Leiden, kan er veel over vertellen. Voor het tijdschrift Onze Taal maakte hij een analyse van alle coronapersconferenties tot nu toe.

In die verzameling van 140 duizend woorden viel hem vooral op hoeveel variatie er is in het metafoorgebruik van de politici. Bovendien zag hij een ontwikkeling: werden we in het begin nog overvallen door een onzichtbare vijand, gedurende de coronacrisis kregen we steeds meer grip op de zaak. Althans, als we de frames mogen geloven.

Eerste golf: ‘intelligente lockdown’

Tijdens de eerste golf wisten we nog heel weinig over het virus, en dat zie je terug in de taal. Volgens De Jong gebruikten de sprekers in de eerste persconferenties daarom vooral oorlogs- en plaagmetaforen. Dat zijn veelgebruikte metaforen die je door kunt trekken tot een heel netwerk van gelijke woorden. Op dat moment ontstaat een frame. Het virus was een ‘onzichtbare vijand’, een ‘gevaarlijke tegenstander’ die bovendien menselijke eigenschappen krijgt toegekend: ‘Als we verslappen slaat het virus zijn slag’. Het is ook een virus dat zomaar over kan springen als je te dicht bij elkaar komt – als een plaag.

Dat oorlogsframe kom je ook veel tegen in andere landen, met name Frankrijk, Engeland en de Verenigde Staten. Opvallender was het frame van de ‘intelligente lockdown’, waarmee Nederland zich onderscheidde. De Jong: “Daarbij hoort het beeld van slimme Nederlanders. Dat is ook wat Rutte zegt in een van de eerste persconferenties: ‘Wij zijn een nuchter volkje. We zitten niet te wachten op symboolmaatregelen.’ En eind maart paait hij ons wanneer hij Nederlanders ‘volwassen trotse mensen’ noemt. Maar opvallend: na de zomer verdween het begrip ‘intelligente lockdown’, en ook de kwalificatie ‘slim’ hebben ze niet meer in de mond genomen.”

Zomerstop: reis- en watermetafoor

Wat De Jong ook opviel, was dat de premier graag metaforen gebruikt die passen bij de tijd van het jaar. In augustus zegt Rutte ‘ik hoop van harte dat het virus het rugzakje pakt en vertrekt, maar op dit moment wijst niets daarop’. En op 1 september: ‘het virus heeft geen paspoort; het gaat over alle grenzen heen’. Ook het frame van een bosbrand is populair in de zomer: het virus kan zomaar weer oplaaien. Minister De Jonge zegt: ‘We moeten het virus uitstampen waar het oppookt’.

In diezelfde zomer gebruikte De Jonge ook nog een oer-Hollandse metafoor, weet De Jong. Op 24 juni zegt hij: ‘vergelijk het met onze eeuwenlange strijd tegen het water, die heeft ons de reputatie gegeven de voeten droog te kunnen houden. Dat deden we door dijken te bouwen. Vandaag zijn wij samen die dijk die de tweede golf buiten de deur kan houden’. “Framing-technisch gezien is dat natuurlijk een hele mooie. Je weet: er hoeft maar één klein stukje door te breken en dan is het meteen gedaan. De boodschap is helder: je bent op je kleine plaatsje zelf verantwoordelijk voor je eigen gedrag – en dat heeft grote gevolgen.”

De metafoor van de hamer komt voort uit een beroemd geworden artikel van de Frans-Spaanse schrijver en onderzoeker Tomas Pueyo, De hamer en de dans, waarin hij zegt dat we het virus eerst zo hard mogelijk moeten raken, en in de periode die volgt het virus in bedwang moeten houden door te dansen: balanceren tussen economische- en gezondheidsmotieven. Op de vooravond van de strengere maatregelen werd hij hierover geïnterviewd bij EenVandaag.

Tweede golf: routekaart en gereedschapskist

Inmiddels zitten we in de tweede golf en wordt de indruk gewekt van controle over de situatie. “Die routekaart is ook al in de eerste golf genoemd, maar toen werd nog vooral de onzekere route benadrukt. Rutte zegt in maart: ‘er is geen tomtom die zegt waar de volgende straat precies is’ en ‘we varen op zicht’. Maar in oktober is die routekaart veel verder uitgewerkt, en verschijnen er uitgebreide schema’s in de kranten. Dus we zien een verschuiving van onzekerheid naar controle.”

In hetzelfde rijtje van controlemiddelen past het ‘coronadashboard’, de ‘gereedschapskist’ van de ‘man met de hamer’, zegt De Jong. Hij verwijst daarmee naar Rutte en zijn uitspraak op 20 oktober, de vooravond van de strengere maatregelen: ‘De hamer waarmee we het virus moeten platslaan, moet groot genoeg zijn om dat nu ook echt te bereiken’. “Daarmee zegt Rutte eigenlijk: het is nu klaar met de hamertjes tik en de kleine hamers. Strengere maatregelen zijn nu noodzakelijk.”

Begrijpelijke taal?

Naar aanleiding van de hamer-metafoor brak er een discussie los in de media of de taal van de politici wel duidelijk genoeg is. De Jong is het niet eens met die kritiek: “Mijn analyse is dat de persconferenties niet te moeilijk zijn. De zinnen zijn niet te lang en er is weinig jargon te horen. Als Rutte wel een term noemt als het ‘reproductiegetal r’ dan licht hij dat toe. Wel gaan ze nogal los met de creatieve uitdrukkingen, de metaforen. Daar hebben ze niet op bezuinigd.”

Is dat eigenlijk een probleem? Zijn die metaforen wel voor iedereen even begrijpelijk? De Jong ziet wel een risico voor laaggeletterden en migranten die de taal nog niet volledig beheersen. “Maar die discussie heb je ook altijd na de troonrede, en die ga je toch ook niet voorlezen in kleutertaal. Bovendien staat er na elke persconferentie een samenvatting in eenvoudige taal op rijksoverheid.nl.”

Rob Jetten, de fractievoorzitter van D66, herhaalde in een interview met RTL Nieuws over dividendbelasting in 2018 drie keer hetzelfde antwoord. Dat kwam hem op kritiek te staan over zijn manier van communiceren.
Publiek Domein

De Jong: “Ze doen iedere persconferentie wel hun best om één frame te kiezen, dat zowel in het verhaal van Rutte als De Jonge terugkomt. Dat is waarschijnlijk het werk van hun speechschrijvers. Bovendien moeten ze toch elke keer weer antwoord geven op dezelfde soort vragen. En je wilt niet als een Rob Jetten steeds het hetzelfde antwoord herhalen, want dan krijg je de bijnaam Robot Jetten. Je kunt er alles over zeggen, maar Rutte en De Jonge zijn wel creatief met taal.”

Niet elk frame is even succesvol

Sarah Gagestein – auteur van meerdere boeken over framing – vindt dat er ook wel iets te zeggen is voor één vaste metafoor. “Dan heb je tenminste één duidelijk verhaal. Bovendien waren niet alle frames die tot nu toe voorbijkwamen even sterk.” Gagestein adviseert bedrijven en organisaties in de manier waarop zij framing in kunnen zetten in hun communicatie. Ze dacht mee aan een advies voor het Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) over de coronacommunicatie. De kern was: vertel vooral wat je wél wilt dat mensen doen, en minder wat je niet wilt. “Als je tegen kinderen zegt ‘niet rennen op de gang’, dat gaan ze geheid rennen op de gang. Dat werkt niet alleen bij kinderen zo, het is hoe ieders brein werkt.”

En sommige metaforen werken beter dan andere. De routekaart die nu veel langskomt is bijvoorbeeld wel een sterke metafoor volgens Gagestein. “Je weet waar je naartoe gaat en dat je onderweg de route kunt aanpassen, door een kortere of veiligere route te nemen. Die metafoor heeft manoeuvreerruimte, je kunt er meerdere kanten mee op.” De oorlogsmetafoor vindt ze minder geschikt, dus ze is blij dat Nederland daarvan af is gestapt: “Het beeld van een vijand die we moeten verslaan komt niet echt binnen als het enige wat je kunt doen is thuis op de bank hangen en afwachten. En er komt natuurlijk helemaal geen beslissende eindstrijd. Het doet me iets te veel denken aan de ‘war on terror’ en de ‘war on drugs’, die we ook nooit hebben gewonnen. Hij is al met al best wel tricky, want hoe strijd je tegen een onzichtbare vijand? Dat kan mensen wanhopig maken, en dan haken ze af.”

Uitgelicht door de redactie

Geesteswetenschappen
Hoe kunnen we leren van discriminerende algoritmes?

Leren van complottheorieën

Dat er ook een groep mensen is die afhaakt, zagen we de afgelopen periode met protestacties in Den Haag en socialmedia-acties als #ikdoenietmeermee. Hoe kun je communicatie zo inzetten dat mensen niet afhaken? Gagestein benadrukt dat taal nu ook weer niet zo sturend is, dat het allesbepalend is (‘gelukkig niet’). Maar er schuilt wel een gevaar in het niet goed uitleggen van frames, want dan gaan mensen er hun eigen invulling aan geven. “Neem het ‘nieuwe normaal’, dat vind ik een typisch rookgordijn-woord: dat is voor iedereen wat anders. Voor veel mensen is het een schrikbeeld: het staat voor alle fijne dingen die ze niet meer mogen en die in hun ogen nooit meer terugkomen. Gezellig in een kring koffiedrinken of iemand die je lang niet gezien hebt, stevig in de armen vallen.”

Als je als politicus een frame gebruikt, moet je deze dus wel goed ‘uitpakken’, duidelijk de ingrediënten van het verhaal op tafel leggen. In die zin kunnen politici eigenlijk wel wat leren van complottheorieën, denkt Gagestein. “Die maken heel duidelijk gebruik van storytelling: je hebt een duidelijk issue, een slechterik – vaak de overheid – en een slachtoffer. Het zijn moderne sprookjes. Ik zeg niet dat je zulke sprookjes moet gaan vertellen. Maar wat je ervan kunt leren is dat je niet moet beginnen met die nuances, maar met een helder verhaal. En daar kan je dan de mitsen en maren aan vastplakken. Dan heb je meer kans dat het verhaal ook echt blijft hangen bij het grote publiek.”

https://www.nemokennislink.nl/publicaties/hoe-we-de-onzichtbare-vijand-met-een-hamer-platslaan/