Alleen Putten stemt tegen reorganisatieplan veiligheidsregio (De Puttenaer)

  • Donkersgoed Multimedia
Alleen Putten stemt tegen reorganisatieplan veiligheidsregio
15-01-2020, 16:32

PUTTEN De burgemeesters van de Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG) hebben woensdag gestemd over de reorganisatieplannen die ze zelf hadden opgesteld. Van de 22 gemeenten stemde alleen burgemeester Lambooij tegen het plan. Hij deed dit op uitdrukkelijk verzoek van de Puttense gemeenteraad.

De afgelopen tijd was er de nodige commotie over de plannen om te bezuinigen. Brandweer Putten zou hierbij een tankautospuit moeten inleveren. 

Komende maart moet er een nieuw spreiding- en dekkingsplan gereed zijn. Dan pas wordt duidelijk of Putten zijn tweede tankautospuit echt kwijtraakt. In de komende drie tot zes jaar wordt het nieuwe plan stapsgewijs ingevoerd. Mochten er in die periode problemen ontstaan, dan wil de VNOG kijken of en hoe het anders kan.

Hiermee kiest het bestuur voor een slagvaardiger organisatie, laat VNOG in een persbericht weten.

,,Berekend op hedendaagse en toekomstige veiligheidsrisico's, gebruikmakend van huidige en toekomstige technologie. Daarbij wordt nog meer de samenwerking gezocht met veiligheidsregio's in de buurt, ook grensoverschrijdend in Duitsland en is er een sterkere focus op risicobewustzijn en zelfredzaamheid van inwoners."

ÍNTENSIEF] Bestuursvoorzitter Ton Heerts: ,,De bestuursvergadering van vandaag was voor alle deelnemers intensief. Ik heb veel betrokkenheid gezien bij de burgemeesters en medewerkers. We hebben vandaag ruim de tijd genomen om de toekomstvisie te bespreken en ik ben voor de regio blij met het resultaat."

De VNOG is in Noord- en Oost-Gelderland de organisatie die bij een incident, crisissituatie of ramp nu en in de toekomst garant staat voor professionele hulpverlening aan de inwoners en bezoekers van de regio, van Harderwijk tot Winterswijk. Inzet materieel passend bij regio en ontwikkelingen In de visie voor de komende jaren laat de VNOG zich leiden door hedendaagse en toekomstige veiligheidsrisico's. Zo kent de regio veel natuur, agrarisch en recreatief gebied, worden er veel (grote) evenementen georganiseerd, herbergt het vele recreanten en telt het diverse zorginstanties. Daarnaast zal de regio steeds meer te maken krijgen met een toename van toeristen op het water en in de natuurgebieden, en de impact van de energietransitie en klimaatverandering (overstromingen en extreme droogte in natuurgebieden). De VNOG adviseert ook de 22 gemeenten in de regio bij veranderende regelgeving, zoals de nieuwe omgevingswet.

,,We moeten reëel zijn: de tijden zijn veranderd. Gebouwen, woningen en natuurgebied zijn in de loop der jaren steeds brandveiliger geworden. Ook is met de huidige technologische ontwikkelingen wat betreft het opsporen en bestrijden van incidenten steeds meer mogelijk", aldus Ton Heerts.

,,Dat betekent dat we kritischer moeten kijken naar de inzet van het huidig materieel. Er is minder rubber en metaal nodig en we moeten meer investeren op innovatie, vakbekwaamheid, risicobewustzijn en aandacht voor zelfredzaamheid", vult directeur Diemer Kransen aan. ,,Mooie voorbeelden van zelfredzaamheid uit onze regio hiervan zijn het trainen van burgerhulpverleners in Elburg en het project 'Leefsamen Achterhoek' met de slimme rookmelder met sensoren. Met dit project is zelfs een tweede plaats bij de 'European Fire Safety Award 2019' behaald. Wij willen dit soort projecten blijven uitvoeren."

Efficiëntere spreiding van materieel over de regio Naast investeren in zelfredzaamheid en risicobewustzijn bij inwoners en recreanten wil de VNOG investeren in goed opgeleide en getrainde medewerkers en vrijwilligers voor een optimale voorbereiding op de kernactiviteiten brand en hulpverlening. Hulpdiensten kunnen sneller en adequater optreden als zij over de juiste informatie beschikken, zoals een brandrisicoprofiel en inzicht in de beschikbare zorgcapaciteit. Daarom is de toekomstige inzet nog meer gericht op een sterke informatiepositie. Met efficiënt ingerichte hulpverleningsposten, die onderling nauw samenwerken lukt het om bij toekomstige incidenten, rampen of crises slagvaardiger en daadkrachtiger te kunnen optreden.

BETAALBAAR ,,Op dit moment staan bij aantal posten in de regio meerdere hulpvoertuigen die slechts een enkele keer op jaarbasis worden ingezet", licht Diemer Kransen, directeur van de VNOG toe. ,,Jaarlijks betaalt de samenleving het onderhoud en de afschrijving hiervan. Als bij een brand een tweede tankautospuit nodig is, wordt er met deze visie straks een beroep gedaan op omliggende kazernes. Met een efficiëntere spreiding van het materieel over de regio, zorgt de VNOG ervoor dat bij een brand een tweede voertuig altijd binnen de norm ter plaatse is. Dat doen wij verantwoord, volgens de wettelijke normen en houden de hulpverlening zo voor iedereen betaalbaar. Als veiligheidsregio kunnen wij het ons niet veroorloven te marchanderen met de veiligheid van onze inwoners en recreanten."

Naast een efficiëntere verspreiding van het materiaal schaft de veiligheidsregio voor bestrijden van natuurbranden 9 lichtere en wendbare voertuigen aan die in bosachtige gebieden en op heide beter en sneller uit de voeten kunnen dan de huidige zwaardere voertuigen. Financieel gezonde organisatie Aanleiding voor de toekomstvisie waren de oplopende kosten bij de veiligheidsregio. Bij ongewijzigd beleid zou het financieel tekort structureel oplopen. Kransen:

,,Dit vroeg om maatregelen en een andere visie in onze regio op hulpverlening bij brand, incidenten en crisissituaties om onze organisatie financieel gezond te houden. Maar zonder dat de veiligheid van onze inwoners en recreanten hierbij in het geding komt. We blijven immers doorgaan met het uitvoeren van onze primaire taken, namelijk het voorkomen en bestrijden van incidenten, rampen en crisis. We gaan daarbij verantwoord, innovatief en veilig aan de slag om de VNOG toekomstbestendig te maken."

Na het vaststellen van de toekomstvisie wordt deze uitgewerkt in een implementatieplan. Hierin worden de investeringen en besparingen opgenomen die de komende jaren gefaseerd worden uitgevoerd. De VNOG verwacht het implementatieplan eind januari te kunnen afronden waarna deze wordt verwerkt in de concept programmabegroting 2021- 2024. Deze wordt ter zienswijze voorgelegd bij de gemeenteraden, evenals het vierjarige regionale beleidsplan waarin de uitgangspunten uit de toekomstvisie worden geborgd. Hiermee is de toekomstvisie het fundament waarop de VNOG de komende jaren verder bouwt.

Pubble status:

https://deputtenaer.nl/lokaal/politiek/alleen-putten-stemt-tegen-reorganisatieplan-veiligheidsregio-675649

Karel Smouter @kcsmouter en Michael Rhebergen doorkruisen Oost-Nederland op de fiets: ‘Tien miljoen mensen wonen niet in de Randstad’ @vandefiets #rouveen #overijssel (Villamedia)

Hoe zou het nieuws eruit zien als je het niet benadert vanaf een redactie in Hilversum of Amsterdam? Met dat idee trekken journalist Karel Smouter en fotograaf Michael Rhebergen vanuit standplaats Deventer door Oost-Nederland op zoek naar onvertelde verhalen. Op de fiets.

Met een nog slaperig hoofd zwiept Michael Rhebergen de deur open en verwelkomt Villa­media in een kleine, spartaans ingerichte bouwkeet. Achterin een kaal stapelbed. Voorin een tafel met twee stoeltjes. Op de tafel een exemplaar van Susan Sontags ‘On photography’ naast een analoge camera, een laptop en een opschrijfboekje. Deze keet op een boerencamping in het Overijsselse Rouveen is voor een paar dagen de thuisbasis van Rhebergen en journalist Karel Smouter. Samen gaan ze deze dagen op zoek naar verhalen in de omgeving van Staphorst. Echt uitgerust is het duo niet. Rhebergen tikt met zijn knokkels tegen het plafond van golfplaten. De regen die er vannacht met bakken tegelijk op neerkwam, heeft ze wakker gehouden. Er is alleen een pot oploskoffie om het leed te verzachten.

Je moet, kortom, iets over hebben voor je journalistieke idealen. Voor Rhebergen en Smouter bestaan die eruit om in de haarvaten van de Nederlandse samenleving te geraken en te onderzoeken op welke verhalen je stuit als je nu eens níet het nieuws maakt vanachter je bureau in Amsterdam of Hilversum. Najaar 2018 lanceerden ze daarvoor het journalistieke project Vandefiets.nl. Sindsdien doorkruisen de mannen Oost-Nederland op de pedalen.

Exotisch fenomeen

‘Het is niet te overschatten hoe belangrijk lokale en regionale journalistiek is. Het is voor ons ook een voortdurende inspiratiebron, op zoek naar nieuwe verhalen en invalshoeken. Tegelijk willen we er niet mee concurreren: wij bedrijven regionale journalistiek voor een landelijk publiek. Het overgrote deel van de journalisten en redacties zit in de Randstad. Daar wordt het nieuws gemaakt. Terwijl tien miljoen mensen niet in de Randstad wonen’, becijfert Rhebergen, die zelf, net als Smouter, in Deventer woont. ‘Wij waren benieuwd hoe het nieuws eruit zou zien als het vanuit Oost-Nederland zou worden verteld.’

Smouter: ‘Wat je – even generaliserend – veel ziet is dat journalisten af en toe ergens geparachuteerd worden en er korte tijd rondlopen. Dat levert al gauw wat stereo­type, probleem gedreven stukken op. Krimp. Vergrijzing. Conservatisme. Ze schrijven eigenlijk op wat ze achter hun bureau in Amsterdam al dachten te zullen aantreffen.’ Het is een journalistiek mechanisme dat Smouter meer is gaan opvallen sinds hij een paar jaar geleden vanuit Amsterdam naar Deventer verhuisde. Daar hoorde hij van mensen op straat en ouders op het schoolplein dat ze media steeds vaker links lieten liggen. ‘“Het gaat toch niet over ons”, zeiden ze dan. “En als het al een keer over ons gaat, dan zijn we een exotisch fenomeen.”’

Ze hebben een punt, vindt Smouter. ‘Als je kijkt naar dossiers als de Oostvaardersplassen, Lelystad Airport of de gaswinning in Groningen, dan zijn die pas vrij laat onder de aandacht van landelijke media gekomen. Lelystad Airport is wat dat betreft nog het beste voorbeeld. Dat werd eigenlijk pas groot toen een RTL Nieuwslezer die op de Veluwe woont – Jan de Hoop – zich er tegen uitsprak. Ik snap wel dat je geen abonnement op NRC Handelsblad afsluit als je in Oost-Nederland woont. Het gaat er simpelweg te weinig over.’

Wat Smouter en Rhebergen met hun project onder de aandacht willen brengen, is wat ze zelf de ‘emancipatie van de periferie’ zijn gaan noemen. Smouter: ‘Van oudsher bestaat er in deze hoek van het land een Calimero-complex ten opzichte van de Randstad. Mensen hebben het gevoel dat er een kliek is van politici, beleidsmakers én media, die bepaalt hoe we moeten leven en hoe we onze tradities vormgeven. Maar wat je ziet is dat er steeds meer zelfbewustzijn optreedt. De periferie gaat zich emanciperen. Kijk alleen al naar die duizenden boeren die op hun trekkers de weg op gaan omdat ze het zat zijn te worden weggezet als milieuvervuilers.’

Smouter en Rhebergen proberen dat overkoepelende thema te vangen in kleine reportages, grote series en uiteindelijk een boek (werktitel: ‘Daar moeten ook mensen wonen’). Daarvoor zetten de freelancers, die naast dit project ook allebei hun eigen werkzaamheden hebben, één dag per week een groot kruis in hun agenda: op die dag gaan ze samen de fiets op. Daarnaast proberen ze eens per maand een paar dagen op rij vrij te maken om wat langer in een regio te blijven, zoals ze dat nu doen in Staphorst. Hun producties verkopen ze aan verschillende landelijke media. Zo maakten ze een serie over de ­Provinciale Statenverkiezingen voor De Correspondent en een over de Bible Belt voor NRC. Ook De Groene Amsterdammer behoort inmiddels tot hun opdrachtgevers.

Zijweggetjes
Maar waarom moet dat op de fiets, is de vraag, terwijl de miezer tegen de ramen slaat. De twee herenfietsen die het duo groen met paars heeft laten spuiten – de kleuren die je krijgt als je de Gelderse en Overijsselse vlaggen met elkaar kruist – staan te druipen naast de bouwkeet. ‘Het brengt je op plekken waar je met de auto niet komt’, zegt Rhebergen. ‘En dan signaleer je andere dingen. Dat alles hier heel netjes aangeharkt is bijvoorbeeld. En dat er overal vormen in de heggen zijn geknipt.’
Smouter: ‘Soms kom je op de fiets ook letterlijk verhalen tegen. Vorige week fietste ik voor mijn eigen lol over de heide toen ik een boswachter tegenkwam. Ik raakte met hem aan de praat toen hij zei dat je de hele wereldproblematiek – van stikstof tot bosbranden in ­Brazilië – kunt aflezen aan de staat van de heide. Dat is een verhaal. En het viel me op dat er steeds meer mais op het veld staat. Hoe komt dat? Waarom al die mais? Dat is iets wat je alleen ziet als je niet alleen de hoofdwegen, maar ook de zijweggetjes pakt.’

Wat ze ook merken – en dat hadden ze van tevoren niet bedacht – is dat de fietsen snel het ijs breken. Overal waar ze komen, hebben ze direct aanspraak. Op de pont, bij de burgemeester en zelfs bij onwillige bronnen blijkt de fiets ontwapenend te werken. Smouter: ‘De vorige keer dat we in Staphorst waren, gingen we langs bij een man die na twaalf jaar wethouder te zijn geweest voor de SGP, was overgestapt naar Forum voor Democratie. Hij stond niet te springen om daar met ons over te praten. Maar door die fietsen hadden we toch meteen een leuk praatje. Hij wilde weten waar ze vandaan kwamen en of het niet koud was. Fietsen zijn onschuldig. Mensen denken al snel: deze jongens zijn oké, want ze komen op de fiets.’
Rhebergen: ‘Maar het doel van het fietsen is vooral om langzaam het landschap door te kunnen gaan. In de hoop dat we af en toe verrast worden door wat we aantreffen.’

Ook in zijn fotografie neemt Rhebergen dat tragere tempo letterlijk. Hij fotografeert het liefst analoog. Voor ­Villamedia maakt hij deze ochtend dan ook een zelfportret met een analoge Yashika camera uit de ­jaren 60. Zodra er een waterig zonnetje doorbreekt, stelt hij de camera handmatig in en checkt zijn lichtmeter voor het beste resultaat. Hij kocht het apparaat een aantal jaar geleden op Marktplaats en is sindsdien verkocht aan het toestel. Hij houdt van het zachte, analoge beeld ten opzichte van de harde, heldere beelden die digitale foto­grafie oplevert. ‘En het dwingt je langzamer te werken en kritischer te kijken naar wat je ziet. Eén rolletje heeft simpelweg maar twaalf beelden.’

Als het rolletje vol is, de wolken weer voor de zon schuiven en de eerste druppels beginnen te vallen, werpen de twee een vertwijfelde blik op de fietsen. Uiteindelijk stappen ze bij de verslaggever in de auto richting het centrum van Staphorst.

Idealen
‘Dit project is een constante zoektocht naar een balans tussen ideaal en de werkelijkheid’, beredeneert ­Smouter even later pragmatisch, als er in Museum Staphorst een fatsoenlijke kop koffie voor hem wordt ingeschonken. ‘In het ideaalbeeld zitten we op de fiets en maken we langzaam verhalen die we van tevoren niet hebben uitgetekend. De werkelijkheid is ook dat je artikelen moet pitchen van tevoren, dat je afspraken moet maken met bronnen, de analoge fotografie soms moet verruilen voor digitale en…’ Hij grijnst: ‘Als het weer tegenzit wel eens moet uitwijken naar andere vervoersmiddelen.’

Dan serieus: ‘Je kunt daar heel verdrietig over doen. Maar uiteindelijk zijn die fiets en de analoge fotografie ook maar een middel en niet het doel. Dit soort journalistieke projecten blijft een precaire bezigheid – dat zullen meer freelancers kunnen beamen. Daarbij is de grootste uitdaging nog niet eens of we onze rekeningen wel betaald krijgen. Dat lukt allemaal nog wel en bovendien is geld niet de reden waarom ik journalist ben geworden. De uitdaging is vooral: hoe deel je slim je tijd in, zodat je het gezond houdt voor jezelf? Hoe zorg je ervoor dat je niet te veel gaat werken.’

Rhebergen: ‘Fietsen helpt daar trouwens wel bij.’

Smouter: ‘Gisteren zaten we van 9.00 tot 12.00 uur op de fiets. Dan kom je inderdaad heel fit aan.’

Rhebergen: ‘Fit, maar bezweet.’

Smouter: ‘Voordat we de burgemeester onder ogen durfden te komen, hebben we ons in het toilet nog even gefatsoeneerd.’

Of ze in de toekomst ook buiten de Gelderse en Overijsselse provinciegrenzen gaan fietsen, durven ze niet te zeggen. ‘Ik kan me best voorstellen dat we dit ook in andere delen van Nederland zouden kunnen doen. Maar dat is vooralsnog toekomstmuziek’, zegt Smouter. ‘In het gebied dat we nu bestrijken wonen ruim vier miljoen Nederlanders. Van Culemborg naar Winterswijk zit je anderhalf uur in de auto , en dan ben je nog steeds in dezelfde provincie. We zijn nog lang niet klaar.’
Rhebergen: ‘Misschien is dat wel weggelegd voor ­anderen.’

Smouter, geamuseerd: ‘Dat zou ik misschien nog wel leuker vinden; dat andere mensen het stokje overpakken.’

Gegadigden genoeg, zo denkt hij. ‘Ik zie onze generatie journalisten steeds vaker de stad uittrekken richting Amersfoort en verder omdat de Randstad voor journalisten onbetaalbaar wordt. Dat komt de journalistiek uiteindelijk alleen maar ten goede want het zorgt ervoor dat we minder in typische journalistenkringen blijven hangen. Wat dat betreft denk ik dat de wal het schip wel zal keren.’

https://www.villamedia.nl/artikel/karel-smouter-en-michael-rhebergen-doorkruisen-oost-nederland-op-de-fiets-tien-miljoen-mensen-wonen-niet-in-de-randstad

Harderwijk verliest mogelijk duikteam (Het Kontakt Ermelo)

  • Brandweerduikers zoeken naar slachtoffers nadat afgelopen winter een auto in de haven was beland.

    Harry Schipper
Harderwijk verliest mogelijk duikteam
06-11-2019, 06:20

HARDERWIJK Om de oplopende miljoenentekorten van de Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG) het hoofd te bieden, wordt het Harderwijkse brandweerduikteam mogelijk opgedoekt en krijgen Hierden en Harderwijk andere brandweerauto's.

Harry Schipper

Hierden houdt in de VNOG-voorstellen straks één 'combivoertuig' over. Dat is een tankautospuit die naast 'gewone' branden ook geschikt is voor natuurbranden. Het busje voor bijzondere calamiteiten, waaronder ongelukken met chemicaliën, blijft. Harderwijk levert een combivoertuig in en krijgt daarvoor in de plaats een (tweede) tankautospuit.

Ook in de andere gemeenten, met bij elkaar 56 brandweerposten, 347 beroepslui en 1355 vrijwilligers, dreigen forse maatregelen. Daaronder het 'inleveren' van zeventien blusauto's. Half januari hakken de 22 burgemeesters, die samen het algemeen bestuur van de VNOG vormen, de knoop door. De Harderwijkse raadsleden hebben stevige bedenkingen tegen de voorgenomen maatregelen.

KWIJTRAKEN Vooral het risico dat Harderwijk en directe (waterrijke)omgeving hun duikteam kwijtraken, zit ze hoog. Ook burgemeester Harm Jan van Schaik: "Met duiken zijn meer mensen gered dan bij woningbranden". Sommige raadsleden opperden daarom tijdens de commissievergadering Beleid Algemeen om desnoods maar op eigen kosten het duikteam hier in Harderwijk in stand te houden. Van Schaik hielp ze uit de droom: ,,Zo'n eigen 'privé-team' wordt door de VNOG-meldkamer niet gealarmeerd."

Het VNOG-bestuur wil in dit deel van haar werkgebied, dat zich uitstrekt tot de Achterhoek, hooguit één duikteam. Omdat er ook zo'n team in Heerde zit, moet er dus één verdwijnen. Overwogen wordt om in Apeldoorn – dat centraler op de Veluwe ligt – een professioneel duikteam te stationeren. ,,Zonde", zo menen nogal wat commissieleden. ,,Zo'n reorganisatie en beroepsteam kost handenvol geld, terwijl hier twee teams zijn gestationeerd met goed opgeleide en getrainde vrijwilligers die altijd paraat staan."

,,Stel dat hier een auto te water raakt", vroeg een ander zich af, ,,moeten we dan dertig minuten wachten totdat ze hier in Harderwijk zijn? Dat voelt niet goed." Het voorstel om in Harderwijk een tweede tankautospuit te plaatsen en het combivoertuig in Hierden te stationeren, doet bij Van Schaik de wenkbrauwen fronsen: ,,Wat doet dit met het huidige veiligheidsniveau", vraagt hij zich af. Hij wil vooral weten wat de gevolgen hiervan zijn van bijvoorbeeld een bosbrand nabij de woningen en verpleegcomplexen op Sonnevanck, het hoogspannings-verdeelstation en de hoogspanningsmasten van Liander en het nieuwgebouwde drinkwaterbergingscomplex van Vitens in de Harderwijker Bossen.

PREVENTIE Om met minder materieel toch overal veiligheid te garanderen, zet de VNOG in op meer preventie. Belangrijkste wapen daarbij is versterking van de informatievoorziening. Brandweerbemanningen en andere hulpverleners krijgen straks onderweg al veel gedetailleerder een beeld van de risico's van een locatie waar een brand woedt of zich een andere calamiteit of crisis voordoet.

Zowel in Harderwijk als Winterswijk wordt geëxperimenteerd met digitale kaarten waarop - nu nog per buurt – te zien is wat extra risico's oplevert en hoe daarmee omgesprongen moet worden. Verzorgingstehuizen en wooncomplexen waar ouderen wonen, krijgen hierin extra aandacht. Het experiment wordt in de nabije toekomst uitgerold naar de andere VNOG-gemeenten.

De VNOG wil ook dat de inwoners van steden en dorpen, maar ook medewerkers van instellingen en bedrijven leren wat ze precies kunnen doen om hun eigen veiligheid te vergroten. Bij voorbeeld door het plaatsen van moderne 'slimme' rookmelders. De afgelopen maanden zijn in alle 22 gemeenten voorlichtingsbijeenkomsten geweest. Momenteel worden alle zienswijzen en bedenkingen van de gemeenteraden verzameld. Op 16 januari neemt het algemeen bestuur van de VNOG vervolgens een definitief besluit. De VNOG laat een extern adviesbureau de voors en tegens onderzoeken van opheffing van het duikteam in Hattem of Harderwijk.

Pubble status:

https://hetkontaktermelo.nl/lokaal/maatschappelijk/harderwijk-verliest-mogelijk-duikteam-656674

Harderwijk verliest mogelijk duikteam (Het Kontakt Harderwijk)

  • Brandweerduikers zoeken naar slachtoffers nadat afgelopen winter een auto in de haven was beland.

    Harry Schipper
Harderwijk verliest mogelijk duikteam
06-11-2019, 06:20

HARDERWIJK Om de oplopende miljoenentekorten van de Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG) het hoofd te bieden, wordt het Harderwijkse brandweerduikteam mogelijk opgedoekt en krijgen Hierden en Harderwijk andere brandweerauto's.

Harry Schipper

Hierden houdt in de VNOG-voorstellen straks één 'combivoertuig' over. Dat is een tankautospuit die naast 'gewone' branden ook geschikt is voor natuurbranden. Het busje voor bijzondere calamiteiten, waaronder ongelukken met chemicaliën, blijft. Harderwijk levert een combivoertuig in en krijgt daarvoor in de plaats een (tweede) tankautospuit.

Ook in de andere gemeenten, met bij elkaar 56 brandweerposten, 347 beroepslui en 1355 vrijwilligers, dreigen forse maatregelen. Daaronder het 'inleveren' van zeventien blusauto's. Half januari hakken de 22 burgemeesters, die samen het algemeen bestuur van de VNOG vormen, de knoop door. De Harderwijkse raadsleden hebben stevige bedenkingen tegen de voorgenomen maatregelen.

KWIJTRAKEN Vooral het risico dat Harderwijk en directe (waterrijke)omgeving hun duikteam kwijtraken, zit ze hoog. Ook burgemeester Harm Jan van Schaik: "Met duiken zijn meer mensen gered dan bij woningbranden". Sommige raadsleden opperden daarom tijdens de commissievergadering Beleid Algemeen om desnoods maar op eigen kosten het duikteam hier in Harderwijk in stand te houden. Van Schaik hielp ze uit de droom: ,,Zo'n eigen 'privé-team' wordt door de VNOG-meldkamer niet gealarmeerd."

Het VNOG-bestuur wil in dit deel van haar werkgebied, dat zich uitstrekt tot de Achterhoek, hooguit één duikteam. Omdat er ook zo'n team in Heerde zit, moet er dus één verdwijnen. Overwogen wordt om in Apeldoorn – dat centraler op de Veluwe ligt – een professioneel duikteam te stationeren. ,,Zonde", zo menen nogal wat commissieleden. ,,Zo'n reorganisatie en beroepsteam kost handenvol geld, terwijl hier twee teams zijn gestationeerd met goed opgeleide en getrainde vrijwilligers die altijd paraat staan."

,,Stel dat hier een auto te water raakt", vroeg een ander zich af, ,,moeten we dan dertig minuten wachten totdat ze hier in Harderwijk zijn? Dat voelt niet goed." Het voorstel om in Harderwijk een tweede tankautospuit te plaatsen en het combivoertuig in Hierden te stationeren, doet bij Van Schaik de wenkbrauwen fronsen: ,,Wat doet dit met het huidige veiligheidsniveau", vraagt hij zich af. Hij wil vooral weten wat de gevolgen hiervan zijn van bijvoorbeeld een bosbrand nabij de woningen en verpleegcomplexen op Sonnevanck, het hoogspannings-verdeelstation en de hoogspanningsmasten van Liander en het nieuwgebouwde drinkwaterbergingscomplex van Vitens in de Harderwijker Bossen.

PREVENTIE Om met minder materieel toch overal veiligheid te garanderen, zet de VNOG in op meer preventie. Belangrijkste wapen daarbij is versterking van de informatievoorziening. Brandweerbemanningen en andere hulpverleners krijgen straks onderweg al veel gedetailleerder een beeld van de risico's van een locatie waar een brand woedt of zich een andere calamiteit of crisis voordoet.

Zowel in Harderwijk als Winterswijk wordt geëxperimenteerd met digitale kaarten waarop - nu nog per buurt – te zien is wat extra risico's oplevert en hoe daarmee omgesprongen moet worden. Verzorgingstehuizen en wooncomplexen waar ouderen wonen, krijgen hierin extra aandacht. Het experiment wordt in de nabije toekomst uitgerold naar de andere VNOG-gemeenten.

De VNOG wil ook dat de inwoners van steden en dorpen, maar ook medewerkers van instellingen en bedrijven leren wat ze precies kunnen doen om hun eigen veiligheid te vergroten. Bij voorbeeld door het plaatsen van moderne 'slimme' rookmelders. De afgelopen maanden zijn in alle 22 gemeenten voorlichtingsbijeenkomsten geweest. Momenteel worden alle zienswijzen en bedenkingen van de gemeenteraden verzameld. Op 16 januari neemt het algemeen bestuur van de VNOG vervolgens een definitief besluit. De VNOG laat een extern adviesbureau de voors en tegens onderzoeken van opheffing van het duikteam in Hattem of Harderwijk.

Pubble status:

https://hetkontaktharderwijk.nl/lokaal/maatschappelijk/harderwijk-verliest-mogelijk-duikteam-656671

Verhoogd risico op natuurbranden (Gemeente Winterswijk)

Voor de veiligheidsregio Noord- en Oost Gelderland is Natuurbrandrisico fase 2 afgegeven. Dit betekent dat er een verhoogd risico is op natuurbranden. Winterswijk valt binnen deze regio.

https://www.winterswijk.nl/Inwoners/Actueel/Nieuws/2019/Juli/Verhoogd_risico_op_natuurbranden